Tag: beleggen

  • Virtus Newfleet ETF Daalt Naar 25,57 Dollar, Waar De Relatieve Sterkte Index ‘Oversold’ Aangeeft

    Virtus Newfleet ETF Daalt Naar 25,57 Dollar, Waar De Relatieve Sterkte Index ‘Oversold’ Aangeeft

    De Virtus Newfleet Short Duration Core Plus Bond ETF (SDCP) heeft op 23 maart 2026 een aanzienlijke daling gekend, wat de aandacht trekt van analisten die zoeken naar koopkansen na zware verkoopdruk.

    De Virtus Newfleet Short Duration Core Plus Bond ETF (SDCP) is op 23 maart 2026 in een zogeheten ‘oversold’ gebied beland. Dit gebeurde nadat de koers van de ETF daalde tot een dieptepunt van 25,57 dollar per aandeel, een markering die beleggers vaak zien als een potentieel kantelpunt.

    De status van ‘oversold’ wordt bepaald aan de hand van de Relative Strength Index (RSI), een technische indicator die het momentum meet op een schaal van nul tot honderd. Voor de SDCP-ETF zakte deze index naar 29,1, wat wijst op een sterke verkoopdruk. Ter vergelijking: de bredere S&P 500-index noteert een RSI van 39,9. Een RSI onder de dertig wordt doorgaans gezien als een signaal dat een aandeel of ETF oververkocht is.

    Zware Verkoopdruk Op SDCP

    De koers van de Virtus Newfleet Short Duration Core Plus Bond ETF heeft de laatste tijd een flinke duik genomen. Dit recente dieptepunt van 25,57 dollar per aandeel is tevens het laagste punt in het 52-weekse bereik van de ETF, die eerder een piek van 27,06 dollar kende. Op de dag van de melding stond de ETF ongeveer 0,5 procent lager. Wij zien dit als een duidelijke indicatie dat beleggers massaal hun posities hebben afgebouwd, wat de vraag doet rijzen of de markt hierin is doorgeslagen.

    De daling van SDCP contrasteert met de algemene stemming op de cryptomarkt, waar bijvoorbeeld Bitcoin vandaag, 18 september om 02:03, een marktwaarde van 1,34 biljoen euro heeft en in de afgelopen 30 dagen nog met 18,3 procent steeg. Dit onderstreept dat de verkoopdruk op de SDCP specifiek is en niet een brede markttrend volgt. De technische analyse suggereert dat de recente verkoopgolf mogelijk zijn hoogtepunt heeft bereikt en dat een ommekeer op til kan zijn.

    Kansen Voor ‘Bullish’ Beleggers?

    Voor beleggers met een ‘bullish’ visie, die dus geloven in een koersstijging, kan de huidige RSI-stand van 29,1 een uitnodigend signaal zijn. Het kan er namelijk op wijzen dat de recente, zware verkoopdruk zichzelf uitput. Dit opent potentieel de deur voor nieuwe instapmomenten voor wie gelooft in een herstel van de ETF. De onderliggende waarde van deze obligatie-ETF blijft een factor om in de gaten te houden, zeker gezien de volatiliteit in de huidige economische omgeving.

    Een dergelijke ‘oversold’-situatie betekent echter niet automatisch een directe koersstijging. Het is een indicator die de aandacht vestigt op een extreme beweging. Of de ETF daadwerkelijk zal herstellen, hangt af van een veelheid aan factoren, waaronder de ontwikkeling van de obligatiemarkten en het algemene beleggerssentiment. Het blijft afwachten of deze technische indicator ook daadwerkelijk een bodem markeert.

  • Vue Overweegt Beursgang Van Bijna Twee Miljard Euro, Bioscoopsector Herstelt

    Vue Overweegt Beursgang Van Bijna Twee Miljard Euro, Bioscoopsector Herstelt

    De bioscoopketen Vue, de grootste in Europa in private handen, kijkt naar een notering aan de Londense beurs. Dit komt na een periode van flink herstel voor de sector en zou een welkome opsteker zijn voor de Britse aandelenmarkt.

    De Europese bioscoopketen Vue, onder meer actief in Nederland met twintig vestigingen, overweegt een beursgang in Londen. De waardering van het bedrijf zou daarbij rond de 1,5 miljard pond liggen, wat neerkomt op ongeveer 1,76 miljard euro. Dit nieuws volgt op een recordzomer aan de bioscoopkassa’s, een teken dat de sector weer op adem komt na een zware periode.

    Volgens topman Tim Richards heeft de bioscoopwereld ‘zes jaar hel’ achter de rug, gekenmerkt door lockdowns en stakingen in Hollywood die de filmproductie lamlegden. Nu de zalen weer volstromen met succesvolle releases, ziet Richards de sector eindelijk terugkeren naar het niveau van voor de pandemie. Dit herstel biedt de investeerders, die de keten vier jaar geleden na een schuldenruil overnamen, de kans om uit te stappen via een beursgang of onderhandse verkoop.

    Welkome opsteker voor Londen

    Een definitief besluit over de beursgang wordt binnen enkele weken verwacht. Het doel is om het proces voor het einde van tweeëntwintig zesentwintig te starten en volgend jaar al naar de beurs te trekken. Wij zien hierin vooral een signaal dat de Londense beurs hongerig is naar nieuwe noteringen. De Britse aandelenmarkt heeft immers de afgelopen tijd veel beursgangen zien uitstellen of bedrijven zien uitwijken naar andere beurzen, wat de aantrekkingskracht van Londen als financieel centrum onder druk zette. Een succesvolle beursgang van een grote speler als Vue zou dan ook een welkome injectie van vertrouwen betekenen.

    Herstel van de entertainmentsector

    Het voorgenomen IPO-plan van Vue staat niet los van een bredere trend. De entertainmentsector, waartoe ook digitale activa behoren, toont steeds meer tekenen van herstel. Denk bijvoorbeeld aan de cryptomarkt, waar Bitcoin op 18 september om 08:01 uur noteerde op 67.442 euro, een stijging van 20,5 procent over de afgelopen dertig dagen. Hoewel dit uiteraard een heel ander speelveld is, wijst het wel op een groeiend consumentenvertrouwen en een bereidheid om te investeren in vrijetijdsbesteding en nieuwe technologieën. De bioscoopketen probeert met deze beursgang van dat hernieuwde optimisme te profiteren.

    De komende weken zullen uitwijzen of Vue de stap naar de beurs daadwerkelijk zet en of de investeerders het beoogde bedrag van bijna twee miljard euro kunnen realiseren. Een eventuele beursgang zou zeker en vast een belangrijke test zijn voor het vertrouwen van beleggers in de traditionele entertainmentsector.

  • Mueller Water Products En Marsh & McLennan Zakken In Koers, Zijn ‘Oversold’

    Mueller Water Products En Marsh & McLennan Zakken In Koers, Zijn ‘Oversold’

    Twee dividendbedrijven, Mueller Water Products en Marsh & McLennan Companies, bereikten donderdag een ‘oversold’ status volgens de Relative Strength Index (RSI). Dit kan duiden op een koopkans voor beleggers.

    De aandelen van Mueller Water Products Inc. en Marsh & McLennan Companies Inc. kenden donderdag 17 september een flinke koersdaling, waardoor ze als ‘oversold’ worden beschouwd. Een analyse van Dividend Channel, via BNK Invest, toont aan dat de Relative Strength Index (RSI) van Mueller Water Products daalde naar 25,7, terwijl Marsh & McLennan een RSI van 29,2 liet optekenen. Een RSI onder de 30 wijst er doorgaans op dat een aandeel mogelijk ondergewaardeerd is na een periode van zware verkoop.

    Deze dalingen zijn opmerkelijk, gezien beide bedrijven bekendstaan om hun sterke fundamenten en aantrekkelijke waarderingen binnen het universum van dividendbedrijven. Mueller Water Products behoort tot de top 25 procent van de door Dividend Channel geanalyseerde dividendbedrijven, terwijl Marsh & McLennan Companies zelfs tot de top 10 procent behoort. Voor beleggers die geïnteresseerd zijn in dividenduitkeringen, kan zo’n ‘oversold’ positie een interessant instapmoment vormen, omdat een lagere koers doorgaans een hoger dividendrendement oplevert.

    Dividendrendement Loopt Op

    Mueller Water Products noteerde donderdag een jaarlijks dividend van 0,28 dollar per aandeel, wat neerkomt op een rendement van 1,23 procent op basis van een recente koers van 22,74 dollar. De koers van Mueller Water Products daalde zelfs tot 21,77 dollar per aandeel. Marsh & McLennan Companies, actief in verzekeringen en adviesdiensten, biedt een jaarlijks dividend van 3,96 dollar per aandeel, wat een rendement van 2,24 procent vertegenwoordigt bij een koers van 176,76 dollar. De aandelen van Marsh & McLennan zakten tot 173,26 dollar.

    De gemiddelde RSI van de dividendbedrijven die Dividend Channel volgt, ligt momenteel op 43,4. Dit contrasteert sterk met de lagere waarden van Mueller Water Products en Marsh & McLennan. Wij zien zo’n afwijking als een signaal dat de recente verkoopdruk bij deze twee aandelen relatief groot was. De vraag is echter of deze daling een tijdelijke correctie is of het begin van een langere neerwaartse trend, iets wat je als belegger zeker en vast nader wil onderzoeken.

    Wat Betekent ‘Oversold’?

    De Relative Strength Index is een veelgebruikte technische indicator die de snelheid en verandering van koersbewegingen meet. Een waarde onder de 30 suggereert dat een aandeel oververkocht is en mogelijk rijp is voor een opwaartse correctie. Dit is echter geen garantie. Wij zouden hier niet zomaar op afgaan zonder ook de fundamentele analyse van het bedrijf te bekijken, zoals de dividendgeschiedenis en toekomstige winstverwachtingen.

    Ter vergelijking, de bredere cryptomarkt beweegt zich momenteel anders. Bitcoin (BTC) noteert op 18 september om 02:32 uur 66.444 euro, na een stijging van 18,3 procent over de afgelopen dertig dagen. Ethereum (ETH) staat op 2.123 euro, met een stijging van 28,0 procent in dezelfde periode. Deze cijfers tonen aan dat, hoewel de aandelenmarkt zijn eigen dynamiek heeft, er elders op de financiële markten een opwaartse trend zichtbaar is.

  • Vier Bedrijven Keren Dividend Uit, Al Blijft Het Rendement Achter Op De Verwachting

    Vier Bedrijven Keren Dividend Uit, Al Blijft Het Rendement Achter Op De Verwachting

    Verschillende preferente aandelen van Gabelli en Gladstone gaan rond 21 september 2026 ex-dividend. Hoewel beleggers een uitbetaling ontvangen, ligt het rendement van deze aandelen vaak onder het sectorgemiddelde.

    Beleggers in preferente aandelen van Gabelli Global Utility & Income Trust (GLU.PRA), Gabelli Dividend & Income Trust (GDV.PRH), Gladstone Land Corp (LANDP) en Gladstone Commercial Corp (GOODO) mogen zich opmaken voor een dividenduitkering. Deze vier fondsen zullen op 21 september 2026 ex-dividend noteren. De uitbetalingen variëren van 0,125 dollar per maand voor Gladstone-fondsen tot 0,475 dollar per kwartaal voor Gabelli Global Utility & Income Trust.

    De aankondiging leidt echter niet tot euforie, want de verwachte rendementen van deze preferente aandelen liggen steevast onder het gemiddelde van hun respectievelijke categorieën. Zo biedt Gabelli Global Utility & Income Trust Series A een geannualiseerd rendement van ongeveer 3,76 procent, terwijl het gemiddelde in de categorie van ETF’s en Closed-End Funds 6,69 procent bedraagt. Bij Gladstone Land Corp, actief in vastgoed, ligt het geannualiseerde rendement van 7,48 procent eveneens onder het sectorgemiddelde van 8,29 procent.

    Waarom het dividendrendement achterblijft

    Het is een terugkerend beeld: preferente aandelen bieden een vaste dividenduitkering, wat stabiliteit kan geven in een volatielere markt. Toch zien we dat de huidige rendementen vaak niet kunnen tippen aan het bredere marktgemiddelde. Dit kan te maken hebben met de specifieke aard van deze fondsen, zoals de focus op nutsbedrijven of vastgoed, sectoren die doorgaans als stabieler, maar ook als minder groei-intensief worden beschouwd.

    Bij Gabelli Dividend & Income Trust Series H (GDV.PRH) bedraagt het geannualiseerde rendement 6,49 procent, net onder het gemiddelde van 6,69 procent voor preferente aandelen in ETF’s en CEFs. Gladstone Commercial Corp Series B (GOODO) biedt een geannualiseerd rendement van 7,45 procent, wat ook lager is dan het gemiddelde van 8,29 procent in de vastgoedsector. Dit alles toont aan dat beleggers die op zoek zijn naar hogere opbrengsten, verder moeten kijken dan enkel de dividenduitkering.

    Wat dit betekent voor de beleggers

    Wanneer een aandeel ex-dividend gaat, betekent dit dat kopers vanaf die datum geen recht meer hebben op het aangekondigde dividend. De koers van het aandeel daalt dan doorgaans met een vergelijkbaar percentage als het dividendbedrag. Zo zal de koers van GLU.PRA naar verwachting met 0,94 procent dalen na de ex-dividenddatum, wat overeenkomt met de kwartaaluitkering van 0,475 dollar per aandeel, op een recente koers van 50,50 dollar.

    Wij zien hier vooral een bevestiging dat preferente aandelen, hoewel ze een zekere inkomensstroom bieden, niet altijd de meest lucratieve optie zijn voor wie een bovengemiddeld rendement nastreeft. De afweging tussen stabiliteit en potentieel hogere opbrengsten blijft een constante voor beleggers. De koers van Bitcoin daalde de afgelopen zeven dagen licht met 0,2 procent, maar steeg over de laatste dertig dagen met 19,0 procent en noteert op 18 september om 04:01 66.796 euro, wat aantoont hoe dynamisch andere markten kunnen zijn.

    Vooruitblik op de markt

    De dividenduitkeringen voor deze fondsen liggen vast, maar de brede marktomstandigheden kunnen de perceptie van deze rendementen sterk beïnvloeden. De vraag blijft of beleggers de komende maanden meer waarde zullen hechten aan de relatieve stabiliteit van preferente aandelen, zelfs met een lager rendement, of dat ze toch de voorkeur zullen geven aan activa met een hoger groeipotentieel, maar ook meer risico. De afweging tussen een zekere inkomstenstroom en de kans op kapitaalgroei blijft een delicate evenwichtsoefening.

  • Vier Aandelen En Een ETF Komen In ‘Oversold’ Gebied, Wat Dit Betekent

    Vier Aandelen En Een ETF Komen In ‘Oversold’ Gebied, Wat Dit Betekent

    Verschillende aandelen en een ETF hebben de afgelopen dagen een Relative Strength Index (RSI) onder de 30 genoteerd, wat wijst op zware verkoopdruk en mogelijk een koersherstel op de korte termijn. Dit kan kansen bieden voor de tactische belegger.

    De aandelenmarkten worden regelmatig geanalyseerd met technische indicatoren om de stemming van beleggers te peilen. Een van de meest gebruikte tools is de Relative Strength Index (RSI), die de momentum van een aandeel meet op een schaal van nul tot honderd. Een RSI-waarde onder de dertig duidt op een ‘oversold’ situatie, wat betekent dat het aandeel mogelijk te veel en te snel is verkocht en er een kans is op een koersherstel.

    De afgelopen dagen zijn verschillende Amerikaanse aandelen en een ETF in dit ‘oversold’ gebied terechtgekomen. Het gaat onder meer om CTO Realty Growth Inc. (RSI 29,3, koers 20,39 euro), Axos Financial Inc. (RSI 28,4, koers 65,58 euro), Boeing Co. (RSI 27,6, koers 183,16 euro) en Cadre Holdings Inc. (RSI 27,5, koers 31,70 euro). Ook de Leverage Shares 2X Long BA Daily ETF (RSI 27,6, koers 9,92 euro), die de koers van Boeing tweemaal hefboomt, bevindt zich in dit territorium.

    Zware Verkoopdruk: Een Kans Voor De Belegger?

    Deze lage RSI-waarden, variërend van 24,8 tot 29,3, contrasteren sterk met de algemene markt. De S&P 500 ETF, een graadmeter voor de brede Amerikaanse aandelenmarkt, heeft op de momenten van deze individuele ‘oversold’-meldingen een RSI van tussen 42,4 en 50,8 laten zien. Dit impliceert dat de verkoopdruk op deze specifieke aandelen en de ETF significant zwaarder was dan gemiddeld op de markt.

    De verkoopgolf die deze bedrijven en de ETF heeft getroffen, lijkt zijn hoogtepunt te naderen. Wij zien dit als een mogelijke indicatie dat de zwaarste neerwaartse beweging achter de rug is, wat de deur kan openen voor een opwaartse correctie. Zoals de legendarische belegger Warren Buffett ooit zei: “Wees angstig wanneer anderen hebzuchtig zijn, en hebzuchtig wanneer anderen angstig zijn.” Deze uitspraak wordt vaak aangehaald bij extreem lage RSI-waarden.

    Wat Betekent Dit Voor Jou Als Belegger?

    Voor de Belgische of Nederlandse belegger die een positie in Amerikaanse aandelen of ETF’s overweegt, kunnen deze ‘oversold’ signalen een interessante invalshoek bieden. Het betekent echter niet dat een koersherstel gegarandeerd is. Technische indicatoren zoals de RSI zijn momentopnames en moeten altijd in een bredere context van fundamentele analyse en marktomstandigheden worden geplaatst.

    Neem bijvoorbeeld het aandeel Boeing. De koers is recent gedaald tot 183,16 euro, wat fors onder het 52-week hoogtepunt van 235,93 euro ligt. Tegelijkertijd noteert Bitcoin (BTC) vandaag, 18 september om 02:01, 66.580 euro, met een stijging van 18,3 procent over de afgelopen dertig dagen. Deze vergelijking toont aan hoe verschillend individuele activa kunnen presteren, zelfs in een volatielere markt dan traditionele aandelen.

    Scenario’s En Valkuilen

    Twee scenario’s zijn nu het meest realistisch. Enerzijds kan de uitputting van de verkoopdruk leiden tot een ‘bounce’, waarbij de koers snel herstelt door een combinatie van koopjesjagers en ‘short covering’. Dit scenario zou de tactische belegger die op zoek is naar kortetermijnwinsten kunnen aantrekken. Anderzijds is het mogelijk dat de fundamentele redenen achter de verkoopdruk sterker zijn dan de technische indicatoren suggereren. In dat geval kan de koers nog verder dalen, ondanks de lage RSI.

    Een belangrijke valkuil is om blind te varen op één indicator. Hoewel een lage RSI een signaal is, is het geen koopadvies. We zouden hier niet zomaar een aankoop doen zonder een grondige analyse van de bedrijfsresultaten, de vooruitzichten voor de sector en de algemene economische situatie. Zeker in het geval van de Leverage Shares 2X Long BA Daily ETF, die een hefboomfactor van twee heeft, zijn de risico’s bij verdere dalingen navenant groter.

    Uiteindelijk moeten beleggers zelf de afweging maken tussen de potentiële kansen en de inherente risico’s. Een lage RSI kan een interessant startpunt zijn voor verder onderzoek, maar het is zeker geen eindpunt.

  • Bahl & Gaynor Income Growth ETF Valt Onder 30 RSI-Punten, Handel Nu Op 35,70 Dollar

    Bahl & Gaynor Income Growth ETF Valt Onder 30 RSI-Punten, Handel Nu Op 35,70 Dollar

    De Bahl & Gaynor Income Growth ETF (BGIG) bevindt zich nu in ‘oversold’ gebied, wat voor sommige beleggers een signaal kan zijn.

    De Bahl & Gaynor Income Growth ETF (BGIG) is op woensdag 16 september 2026 technisch oversold geraakt. De Relative Strength Index (RSI) van het fonds zakte naar 29,8 punten, waarmee het onder de cruciale drempel van 30 viel. Op dat moment handelde het aandeel voor 35,70 dollar per stuk, na een daling van ongeveer 1 procent die dag.

    Een RSI-waarde onder de 30 wordt binnen de technische analyse gezien als een teken dat een aandeel of fonds te veel verkocht is, wat in theorie kan duiden op een naderende prijsherstel. Het fonds wisselde op woensdag van eigenaar voor prijzen zo laag als 35,625 dollar. Ter vergelijking: de RSI van de brede S&P 500 index stond op 42,6, duidelijk boven de oversold-grens.

    Wat Betekent Oversold?

    De Relative Strength Index meet de snelheid en de verandering van prijsbewegingen. Het is een ‘momentum oscillator’ die varieert tussen nul en honderd. Traditioneel interpreteren analisten een RSI van 70 of hoger als ‘overbought’ (mogelijk overgewaardeerd en klaar voor een daling), en een RSI van 30 of lager als ‘oversold’ (mogelijk ondergewaardeerd en rijp voor een stijging).

    Wij zien vooral dat dit een zuiver technisch signaal is. Hoewel een oversold-status beleggers kan aanzetten tot het zoeken naar koopkansen, garandeert het geenszins een onmiddellijk herstel. De fundamentele waarde van het fonds en de bredere marktomstandigheden blijven cruciaal voor elke beleggingsbeslissing, zeker nu de koers van de ETF nog steeds boven zijn 52-weekse dieptepunt van 31,5199 dollar ligt.

    Kansen Of Verdere Daling?

    De 52-weekse piek van de BGIG ETF bedraagt 37,73 dollar. De huidige koers van 35,70 dollar ligt dus nog een stuk onder dit hoogtepunt. Een bullish belegger zou de huidige RSI van 29,8 kunnen interpreteren als een teken dat de recente verkoopdruk aan het uitdoven is en zou kunnen overwegen om instapmomenten te zoeken. Echter, we weten nog niet of deze technische indicator ook daadwerkelijk zal leiden tot een koersomkeer, of dat de daling zich doorzet.

    Het blijft afwachten hoe de markt reageert op deze oversold-status en of de ETF de komende dagen of weken een herstel zal inzetten. Een dergelijk technisch signaal kan een beginpunt zijn voor verdere analyse, maar nooit een op zichzelf staande koopaanbeveling.

  • Beleggers Zien Bahl & Gaynor Dividend ETF Dalen Tot Oversold Niveau

    Beleggers Zien Bahl & Gaynor Dividend ETF Dalen Tot Oversold Niveau

    Het Bahl & Gaynor Dividend ETF (BGDV) heeft woensdag een belangrijk technisch signaal afgegeven, wat volgens analisten kan duiden op een naderend keerpunt voor de koers.

    Wie de koers van het Bahl & Gaynor Dividend ETF (BGDV) volgt, heeft woensdag een opmerkelijk signaal gezien. Het fonds, dat zich richt op dividendaandelen, is op 16 september 2026 in ‘oversold’ gebied terechtgekomen. Dit betekent dat de Relative Strength Index (RSI), een technische indicator die het momentum van een aandeel meet, onder de grens van 30 is gezakt. Concreet bereikte de RSI van BGDV een waarde van 29,1, terwijl een waarde onder de 30 doorgaans als oversold wordt beschouwd.

    Deze ontwikkeling bij BGDV contrasteert met de bredere markt, aangezien de RSI van de S&P 500 momenteel op 42,6 staat, wat duidt op een neutraler sentiment. Een ‘oversold’ status suggereert dat de recente verkoopdruk mogelijk zijn hoogtepunt heeft bereikt en dat het aandeel ondergewaardeerd zou kunnen zijn op korte termijn. Voor beleggers kan dit een teken zijn om naar instapmomenten te kijken, hoewel Block #9 altijd benadrukt dat dit geen garantie biedt voor toekomstige prestaties.

    Wat Betekent Dit Voor BGDV?

    De status van ‘oversold’ is een technisch signaal dat aanduidt dat een effect mogelijk te snel of te hard is gedaald, en daardoor toe is aan een correctie omhoog. Wij zien dit als een potentiële kans voor contrarian beleggers die op zoek zijn naar activa die uit de gratie zijn gevallen. De koers van BGDV noteerde woensdag 30,08 dollar per aandeel, een daling van ongeveer 0,3 procent op de dag zelf.

    Het laagste punt van BGDV in de afgelopen 52 weken was 26,31 dollar, terwijl het hoogste punt op 31,97 dollar lag. De huidige koers van 30,08 dollar ligt dus dichter bij het 52-weekse hoogtepunt dan bij het dieptepunt, wat de recente verkoopdruk nog opvallender maakt. Een daling tot onder de 30 RSI is geen alledaags fenomeen voor een dividendfonds, dat doorgaans als stabieler wordt beschouwd dan groeiaandelen.

    Kansen Of Aanhoudende Zorgen?

    De hamvraag is of de recente daling van BGDV een tijdelijke terugval is, of een voorbode van aanhoudende zwakte. Dividend-ETF’s zoals BGDV trekken vaak beleggers aan die op zoek zijn naar stabiele inkomsten en minder volatiliteit. Een ‘oversold’ status kan dan extra aandacht trekken, omdat het de perceptie van waarde creëert. Wij zouden hier echter niet automatisch van uitgaan dat een onmiddellijke koersstijging volgt. De algemene marktomstandigheden en de specifieke prestaties van de onderliggende bedrijven in het fonds zullen uiteindelijk de richting bepalen.

    De komende dagen zullen uitwijzen of de ‘oversold’ status van BGDV inderdaad resulteert in een herstel, of dat de verkoopdruk aanhoudt. Beleggers doen er goed aan om naast technische indicatoren ook de fundamentele analyse van het fonds en de bredere economische context in de gaten te houden.

  • BEL 20 Start Hoger Na Sterke Cijfers NXP

    BEL 20 Start Hoger Na Sterke Cijfers NXP

    De Brusselse beursindex opent de dag met een verwachte stijging, voornamelijk dankzij de goede resultaten van de Nederlandse chipfabrikant NXP.

    De BEL 20-index opent de handelsdag met een verwachte stijging van 0,7 procent, wat de Brusselse beurs een positieve start geeft. Deze vooruitzichten zijn grotendeels te danken aan de goede prestaties van NXP Semiconductors, een belangrijke speler in de technologie- en halfgeleidersector.

    NXP, de Nederlandse chipfabrikant, maakte voorbeurs sterke kwartaalresultaten bekend. Het bedrijf rapporteerde een omzet die de verwachtingen overtrof en gaf ook een positieve vooruitblik voor het huidige kwartaal. Deze cijfers werden goed ontvangen door beleggers en zorgen voor een optimistische stemming op de markt, die zich vertaalt in de pre-market indicaties voor de BEL 20.

    NXP Trekt De Index Omhoog

    De prestaties van NXP tonen aan hoe zwaar individuele zwaargewichten kunnen wegen op het sentiment van een nationale index. Als een van de grote namen in de chipindustrie heeft NXP een aanzienlijke impact op technologiegerelateerde fondsen, die op hun beurt vaak een belangrijke component zijn van bredere indices zoals de BEL 20. Wij zien vooral dat de technologische sector, en specifiek de halfgeleiderproducenten, momenteel een cruciale rol spelen in het aanjagen van de economische groei, gedreven door de vraag naar AI en geavanceerde elektronica.

    De positieve start van de BEL 20 volgt op een periode van wisselende prestaties op de Europese markten. Hoewel de meeste indices de afgelopen weken een opwaartse trend lieten zien, blijven ze gevoelig voor macro-economische cijfers en bedrijfsspecifiek nieuws. De sterke resultaten van NXP kunnen een impuls geven aan het vertrouwen van beleggers, niet alleen in de technologiesector maar ook in de bredere economie.

    Wat Dit Betekent Voor De Beurs

    Voor de Belgische belegger is de stijging van de BEL 20 een welkome ontwikkeling. Het toont aan dat er nog steeds groeimogelijkheden zijn binnen de index, zelfs als deze voornamelijk worden aangevoerd door niet-Belgische bedrijven die erin genoteerd staan. De invloed van NXP’s succes onderstreept het internationale karakter van de BEL 20, die een mix is van Belgische en internationale bedrijven met een sterke aanwezigheid in de Benelux.

    We zullen de komende dagen zien of dit positieve momentum aanhoudt en of andere bedrijven in de BEL 20 de trend kunnen volgen met eveneens sterke kwartaalcijfers. Het is duidelijk dat de technologiesector een motor blijft voor beurskoersen, en de vraag is of dit een duurzame opwaartse beweging in gang zet voor de gehele index.

  • LVMH En Hermès Stijgen Sinds Januari Tegen De Dalende Markt In

    LVMH En Hermès Stijgen Sinds Januari Tegen De Dalende Markt In

    Terwijl de brede aandelenmarkt met krimp te kampen heeft, presteren luxemerken als LVMH en Hermès uitzonderlijk goed. De strategie van schaarste blijkt een effectief wapen tegen economische tegenwind, waardoor deze aandelen een veilige haven vormen voor beleggers.

    Sinds de start van het jaar hebben luxemerken de brede aandelenmarkt achter zich gelaten. Vooral grote namen zoals LVMH en Hermès lieten een sterke groei zien, terwijl de algemene markt kampte met krimp. Dit opvallende verschil toont aan dat schaarste, in plaats van massaproductie, een cruciaal concurrentiewapen is voor deze merken.

    De strategie van het beperken van de beschikbaarheid, oftewel schaarste creëren, zorgt ervoor dat de vraag naar luxeartikelen hoog blijft. Dit stelt de merken in staat om de prijzen te verhogen zonder dat dit ten koste gaat van de verkoopvolumes. Wij zien hier vooral een bewijs dat een sterke merkidentiteit en exclusiviteit een krachtige buffer vormen tegen economische onzekerheid, iets wat veel andere sectoren missen in volatiele tijden.

    Schaarste Als Troef Voor Prijszetting

    Luxehuizen zoals Chanel en Hermès zijn meesters in het beheersen van hun aanbod. Het aantal tassen dat bijvoorbeeld Hermès per jaar produceert, is beperkt, wat de exclusiviteit en de waardedaling op de tweedehandsmarkt tegengaat. Het effect is dat deze producten vaak meer waard worden, zelfs nadat ze gekocht zijn. Hierdoor zijn de aandelen van deze bedrijven minder gevoelig voor inflatie en hogere rentes, wat ze aantrekkelijk maakt voor beleggers die op zoek zijn naar stabiliteit.

    De prijselasticiteit van luxeartikelen is laag: zelfs bij prijsverhogingen blijft de vraag robuust. Dit komt deels doordat de doelgroep, vaak vermogende consumenten, minder direct getroffen wordt door economische schommelingen. Het gaat niet alleen om het product zelf, maar om de status en het gevoel van exclusiviteit dat ermee gepaard gaat. Wij denken dat dit een belangrijke reden is waarom deze bedrijven stelselmatig beter presteren in tijden van economische onrust.

    Groei In Moeilijke Omstandigheden

    Terwijl veel bedrijven hun omzet zien stagneren of dalen, blijven luxebedrijven groeien. LVMH, de grootste speler in de sector met meer dan 75 merken, behaalde een omzet van 86,2 miljard euro in het boekjaar 2023, een stijging van 13 procent ten opzichte van het voorgaande jaar. Hermès rapporteerde een omzet van 13,4 miljard euro, een toename van 16 procent.

    Deze cijfers staan in schril contrast met de prestaties van de bredere markt, waar veel bedrijven moeite hebben om positieve groeicijfers te tonen. De focus op een select publiek en het vermogen om een aura van exclusiviteit te handhaven, maakt luxemerken veerkrachtig. Het is een sector die een eigen economische logica volgt, waar de traditionele regels van vraag en aanbod anders spelen. Wij zien dit als een voortzetting van een trend die al langer zichtbaar is, maar die in de huidige marktcontext extra opvalt.

  • Drie Effecten Breken Boven Belangrijk Koersgemiddelde, Wat Betekent Dit Voor Beleggers

    Drie Effecten Breken Boven Belangrijk Koersgemiddelde, Wat Betekent Dit Voor Beleggers

    Mettler-Toledo International, ResMed Inc. en de KraneShares SSE STAR Market 50 Index ETF hebben recent een cruciale technische drempel overschreden, wat een positieve wending in hun koerspatronen aangeeft.

    Verschillende aandelen en een beursgenoteerd fonds (ETF) hebben de afgelopen periode een belangrijke technische indicator doorbroken: het 200-daags voortschrijdend gemiddelde. Zo steeg de koers van Mettler-Toledo International (MTD) op tien juli 2025 met 2,7 procent tot 1.255,92 dollar, waarmee het zijn 200-daags gemiddelde van 1.241,20 dollar overschreed. Eerder, op drie maart 2023, gebeurde iets gelijkaardigs met ResMed Inc. (RMD), waarvan de koers met 1,9 procent steeg tot 220,37 dollar, voorbij het gemiddelde van 219,64 dollar. En de KraneShares SSE STAR Market 50 Index ETF (KSTR) doorbrak op vijftien september 2026 zijn gemiddelde van 22,38 dollar met een stijging van 1,5 procent tot 22,64 dollar.

    Deze beweging wordt in de technische analyse beschouwd als een ‘bullish cross’, een positief signaal dat de weg kan effenen voor verdere koersstijgingen. Het 200-daags voortschrijdend gemiddelde is een veelgebruikte graadmeter voor de langetermijntrend van een aandeel. Wanneer de koers van een effect hierboven stijgt, duidt dit vaak op een verschuiving van een neerwaartse naar een opwaartse trend, of de bevestiging van een bestaande stijgende lijn. Het is een van de eenvoudigste, maar ook meest invloedrijke indicatoren voor veel beleggers.

    De Kracht Van Het 200-Daags Gemiddelde

    De betekenis van het 200-daags voortschrijdend gemiddelde gaat verder dan een simpele lijn op een grafiek. Het is een psychologische drempel voor heel wat beleggers. Grote institutionele partijen en algoritmes monitoren deze lijn nauwlettend. Een doorbraak kan daardoor een kettingreactie veroorzaken, waarbij meer kooporders worden geactiveerd en de koers verder omhoog wordt gestuwd. De drie effecten die nu deze grens overschreden, bevonden zich in de periode voorafgaand aan de doorbraak onder dit gemiddelde of net ertegenaan.

    Voor ResMed, een bedrijf gespecialiseerd in medische apparatuur, betekent de doorbraak dat de aandelenkoers, die in de 52 weken voor de doorbraak een dieptepunt van 189,40 dollar kende, een sterk herstel liet zien. De piek in diezelfde periode lag op 262,38 dollar. Mettler-Toledo International, een fabrikant van precisie-instrumenten, zag zijn koers in de 52 weken voor de doorbraak variëren tussen 946,69 dollar en 1.546,93 dollar. De recente stijging, die het 200-daags gemiddelde doorbrak, wijst op een nieuwe impuls in een sector die gevoelig is voor economische cycli. De KraneShares SSE STAR Market 50 Index ETF, die Chinese technologieaandelen volgt, overschreed zijn gemiddelde na een jaar waarin de koers schommelde tussen 17,23 dollar en 32,54 dollar, wat de hernieuwde interesse in de Chinese techsector onderstreept.

    Korte Termijn Impuls Of Lange Termijn Trend?

    Wij zien dit soort bewegingen vooral als een bevestiging van het momentum dat zich in de markt aan het vormen is. Het is zelden een op zichzelf staande gebeurtenis; meestal volgt het op positief nieuws of een algemeen verbeterd sentiment in de sector. De vraag is echter of deze doorbraak een kortstondige impuls is, gedreven door automatische kooporders, of het begin van een duurzame opwaartse trend. De geschiedenis leert ons dat niet elke doorbraak van het 200-daags gemiddelde uitmondt in een langdurige bullmarkt. Vaak zijn er meerdere factoren nodig, zoals sterke bedrijfscijfers, macro-economische meewind of innovatieve productlanceringen, om de koers blijvend boven dit gemiddelde te houden. Een terugval onder het gemiddelde zou de bullish thesis snel tenietdoen, wat de noodzaak van een breder positief sentiment benadrukt.

    Voor de Belgische of Nederlandse belegger die deze effecten in portefeuille heeft, of overweegt te kopen, is het van belang om deze technische signalen in een bredere context te plaatsen. ResMed’s focus op slaapapneu en ademhalingszorg maakt het minder cyclisch dan veel andere bedrijven, en de groeiende vergrijzing kan een structurele rugwind bieden. Mettler-Toledo profiteert van de toenemende vraag naar laboratoriumapparatuur en industriële weegsystemen, sectoren die robuust blijken. De KraneShares ETF biedt dan weer blootstelling aan de Chinese technologiemarkt, die na recente regulerende ingrepen tekenen van stabilisatie vertoont. Dit kan aantrekkelijk zijn voor beleggers die geloven in een heropleving van de Chinese economie.

    Wat Nu? Twee Realistische Scenario’s

    Twee realistische scenario’s dienen zich nu aan. Het eerste is dat de recente doorbraak van het 200-daags voortschrijdend gemiddelde een bevestiging is van een groeiend positief sentiment. Dit zou kunnen leiden tot verdere koersstijgingen, aangewakkerd door zowel technische indicatoren als fundamentele verbeteringen. In dit scenario zouden beleggers die nu instappen profiteren van de beginfase van een nieuwe opwaartse cyclus. De momentumhandelaren zullen hier hun voordeel mee doen.

    Het tweede scenario is dat de doorbraak een tijdelijke opleving is, veroorzaakt door een korte termijn sentiment of technische factoren, zonder voldoende fundamentele onderbouwing om duurzaam te zijn. Dit zou betekenen dat de koers na een korte stijging weer onder het 200-daags gemiddelde zakt, wat dan juist een verkoopsignaal zou zijn. Dit is vooral een risico als er geen ander, concreet positief nieuws volgt. Wij houden het erop dat de huidige marktomstandigheden, met een voorzichtige heropleving van de wereldeconomie, de kans op het eerste scenario vergroten, al blijft waakzaamheid geboden. Want zoals altijd kan een koersbeweging twee kanten op gaan. Wij twijfelen of deze beweging een ‘game changer’ is op de lange termijn, zonder verdere positieve katalysatoren.

  • Goudprijs Reageert Nauwelijks Op Inflatiecijfers, Vertrouwen In Fed Wordt Crucialer

    Goudprijs Reageert Nauwelijks Op Inflatiecijfers, Vertrouwen In Fed Wordt Crucialer

    De traditionele correlatie tussen goud en inflatie lijkt te verschuiven nu de edelmetaalprijs stabiel blijft, zelfs na hogere dan verwachte inflatie. Analisten zien hierin een diepere boodschap over het marktsentiment rond de Amerikaanse centrale bank.

    De goudprijs toonde zich onverwacht veerkrachtig na de publicatie van de Amerikaanse inflatiecijfers vorige week. Hoewel de consumentenprijsindex (CPI) voor augustus een stijging van 0,4 procent liet zien en de jaarlijkse inflatie op 3,4 procent bleef, daalde de goudprijs slechts met 0,34 procent. Dit ondanks dat de kerninflatie, exclusief voedsel en energie, met 0,3 procent meer steeg dan verwacht, wat de kans op een renteverhoging door de Federal Reserve (Fed) opdreef tot boven de 80 procent.

    De algemene consensus is doorgaans dat goud een bescherming biedt tegen inflatie. Wanneer inflatie stijgt, en daarmee de koopkracht van valuta afneemt, zoeken beleggers vaak hun toevlucht in edelmetalen. De recente stabiliteit van goud bij een hogere inflatie dan verwacht, suggereert een verandering in de factoren die de goudprijs bepalen. Wij zien vooral dat het vertrouwen in de Federal Reserve en haar vermogen om inflatie te bestrijden een steeds belangrijkere rol speelt dan de inflatie zelf.

    Fed’s geloofwaardigheid in de weegschaal

    Volgens Naeem Aslam, hoofd beleggingen bij Zaye Capital Markets, weegt goud de geloofwaardigheid van de Fed af tegen de traditionele drijfveren van inflatie en rentetarieven. Dit betekent dat de markt niet alleen kijkt naar de cijfers, maar ook naar de vastberadenheid van de centrale bank om de inflatie te beheersen. Een zwakke reactie van goud op inflatie zou kunnen duiden op een gebrek aan vertrouwen in de Fed om haar monetaire beleid effectief te handhaven.

    Historisch gezien heeft goud vaak geprofiteerd van onzekerheid en angst in de markt. Het feit dat de prijs niet sterk daalt bij een hogere kans op renteverhogingen – wat doorgaans negatief is voor goud omdat het geen rente oplevert – is opvallend. Het suggereert dat beleggers meer waarde hechten aan de stabiliteit die een daadkrachtige Fed kan bieden, zelfs als die stabiliteit gepaard gaat met hogere rentes.

    Wat de obligatiemarkt ons vertelt

    De belangrijkste indicator voor de goudprijs zal volgens Aslam de obligatiemarkt zijn. De reactie van de obligatiemarkt weerspiegelt het geloof van beleggers in de resolutie van de Fed om inflatie te bestrijden. Als beleggers geloven dat de Fed de inflatie onder controle kan houden, kan de aantrekkingskracht van goud als inflatiehedge afnemen. Dit is een subtiele, maar belangrijke verschuiving in de dynamiek van de goudmarkt.

    De Amerikaanse 10-jarige obligatierente staat momenteel op 5,014 procent, terwijl de 2-jarige rente 4,665 procent bedraagt. Deze cijfers tonen aan dat er wel degelijk beweging is in de obligatiemarkt, wat de geloofwaardigheid van de Fed direct beïnvloedt. Wij zullen hier de komende tijd scherp op blijven letten: een sterke obligatiemarkt die vertrouwen uitstraalt in de Fed, zou voor goud een teken kunnen zijn dat zijn rol als inflatiehedge minder dominant wordt, en zijn rol als veilige haven in algemene onzekerheid belangrijker blijft.

  • Gold.com Betaalt Op 28 September Kwartaaldividend Van 0,19 Euro Per Aandeel Uit

    Gold.com Betaalt Op 28 September Kwartaaldividend Van 0,19 Euro Per Aandeel Uit

    Aandeelhouders van Gold.com Inc, het bedrijf achter de website Gold.com, kunnen zich voorbereiden op een kwartaaldividend. Op 16 september 2026 noteert het aandeel ex-dividend, wat betekent dat kopers vanaf die datum geen recht meer hebben op de uitkering van 0,20 dollar per aandeel, ofwel ongeveer 0,19 euro.

    Wie investeert in fysiek goud kent Gold.com Inc waarschijnlijk, het bedrijf achter de gelijknamige website. Zij kondigen aan dat ze op 28 september 2026 een kwartaaldividend van 0,20 dollar per aandeel uitbetalen aan hun aandeelhouders. Dat komt neer op ongeveer 0,19 euro per aandeel, gebaseerd op de huidige wisselkoers.

    De belangrijke datum voor beleggers is 16 september 2026. Op die dag zal het aandeel Gold.com (ticker GOLD) ex-dividend noteren op de beurs. Dit betekent concreet dat wie na de sluiting van de beurs op 15 september 2026 aandelen koopt, geen recht meer heeft op dit specifieke dividend. De uitkering zelf volgt twaalf dagen later, op 28 september.

    Dividendrendement van 1,64 procent

    Het aangekondigde dividend van 0,20 dollar per aandeel vertegenwoordigt, bij een recente koers van 48,81 dollar, een direct dividendrendement van ongeveer 0,41 procent voor dit kwartaal. Op jaarbasis, als we dit kwartaaldividend extrapoleren, komt het geschatte rendement uit op 1,64 procent. Dit is een percentage dat we vergelijkbaar zien met sommige traditionele beleggingen, al is het belangrijk te onthouden dat dividenden niet gegarandeerd zijn en kunnen variëren.

    De koers van Gold.com Inc schommelt de voorbije periode behoorlijk. De laagste koers in de laatste 52 weken lag op 23 dollar per aandeel, terwijl de piek 66,70 dollar bedroeg. Met een recente slotkoers van 48,07 dollar, die dinsdag nog met zo’n 3,1 procent steeg, zit het aandeel ergens in het midden van die bandbreedte. Wij zien vooral dat de dividenduitkering een teken is van financiële stabiliteit van het bedrijf, wat een zeker comfort kan bieden in een volatiele markt.

    De rol van Gold.com in ETF’s

    Gold.com Inc is ook een onderdeel van de Towle Value ETF, een beursgenoteerd fonds dat investeert in waardeaandelen. Binnen die ETF maakt Gold.com 3,06 procent van de portefeuille uit. Dit toont aan dat professionele fondsbeheerders het aandeel opnemen in hun gespreide portefeuilles, wat kan duiden op een zekere waardering voor de onderliggende activa en bedrijfsvoering.

    De dividenduitkering volgt een consistent patroon dat het bedrijf al langer hanteert, wat vertrouwen kan wekken bij beleggers die op zoek zijn naar regelmatige inkomsten uit hun aandelenbezit. Of deze consistentie ook in de toekomst gehandhaafd blijft, zal de tijd moeten uitwijzen.

  • 2,98 Biljoen Euro Aan Halfgeleiders: Bank Of America Ziet De Markt Verdubbelen Tegen 2030

    2,98 Biljoen Euro Aan Halfgeleiders: Bank Of America Ziet De Markt Verdubbelen Tegen 2030

    Ondanks zorgen over een mogelijke vertraging in de AI-sector, voorspelt een vooraanstaande analist van Bank of America een explosieve groei voor de halfgeleidermarkt, gedreven door geheugenchips en datacenters.

    Terwijl beleggers de mogelijke gevolgen van een afnemende groei in artificiële intelligentie (AI) afwegen, is één analist bijzonder optimistisch over de langetermijnvooruitzichten voor de halfgeleiderindustrie. Vivek Arya van Bank of America verwacht dat de totale markt voor halfgeleiders tegen het einde van dit decennium, in 2030, zal uitgroeien tot maar liefst 3,2 biljoen dollar, wat neerkomt op ongeveer 2,98 biljoen euro.

    Deze voorspelling is een aanzienlijke stijging ten opzichte van de verwachte 1,7 biljoen dollar (ongeveer 1,58 biljoen euro) voor dit jaar. De groei wordt volgens Arya vooral getrokken door een sterke vraag naar geheugenchips en datacenters, aangevuld met een herstel in de automobiel- en industriële sectoren. Wij zien hierin een duidelijk signaal dat de onderliggende vraag naar rekenkracht, ondanks kortetermijperikelen, structureel blijft toenemen.

    Geen Tekenen Van Vertraging In Vraag

    Arya merkt op dat er “geen tekenen van vertraging” zijn in klantenorders, langetermijnovereenkomsten, leveringsverplichtingen en chipprijzen. Dit druist in tegen de vrees van sommige beleggers dat AI-bedrijven zoals Anthropic en OpenAI minder zullen investeren in hardware en infrastructuur als de training van hun grote taalmodellen vertraagt.

    De analist van BofA benadrukt dat volgend jaar al “volledig volgeboekt en gecontracteerd” is voor leveranciers van rekenkracht, netwerkcomponenten en geheugenchips. Ook 2028 zou “krap” blijven, wat duidt op een aanhoudende sterke vraag die de productiecapaciteit op de proef stelt. Dit geeft bedrijven in de sector, vooral de makers van geavanceerde machines voor chipfabricage, een sterke onderhandelingspositie en voorspelbare inkomstenstromen voor de komende jaren.

    Wie Kan Het Meest Profiteren?

    In de nabije toekomst verwacht Arya dat de chipsector “bandbreedtegebonden” blijft, wat betekent dat de koersen waarschijnlijk niet significant zullen stijgen of dalen. Macro-economische trends en de aankomende Amerikaanse tussentijdse verkiezingen spelen hierbij een rol. Binnen dit klimaat voorspelt hij “grotere veerkracht” voor producenten van AI- en analoge chips, en voor netwerkleveranciers.

    Wanneer het momentum in de chipsector weer aantrekt, ziet Arya Micron Technology, Intel en halfgeleider-apparatuurfabrikanten Lam Research en Applied Materials als de bedrijven die het voortouw kunnen nemen. Vooral “tekorten aan geheugenchips en prijsinflatie” zijn volgens hem cruciale factoren voor verdere groei. De PHLX Semiconductor Index (SOX) is dit jaar al met ongeveer 58 procent gestegen, maar ondanks deze sterke prestatie blijven halfgeleideraandelen relatief aantrekkelijk geprijsd ten opzichte van hun groeipotentieel, zeker vergeleken met de bredere S&P 500-index. Wij zien hierin een kans voor beleggers die bereid zijn om voorbij de huidige onzekerheid te kijken en in te zetten op de fundamentele groei van digitalisering en AI.

  • Eversource Energy Duikt Onder Kritische RSI-Grens Van 30, Waar Analisten Een Keerpunt Zien

    Eversource Energy Duikt Onder Kritische RSI-Grens Van 30, Waar Analisten Een Keerpunt Zien

    Na een recente daling is het aandeel van de Amerikaanse energieleverancier Eversource Energy (ES) woensdag in ‘oversold’-gebied beland. De Relative Strength Index (RSI) van het aandeel zakte tot 29,7, wat volgens technische analisten een teken kan zijn van een naderende bodem.

    Eversource Energy (ES), de Amerikaanse energieleverancier, zag zijn aandelenkoers woensdag verder dalen tot een niveau dat als ‘oversold’ wordt beschouwd. De Relative Strength Index (RSI), een belangrijke indicator voor technische analyse die het momentum van een aandeel meet, daalde naar 29,7. Een RSI onder de 30 wordt traditioneel gezien als een signaal dat een aandeel te veel is verkocht en mogelijk aan een herstel toe is.

    De daling naar dit niveau komt na een periode van stevige verkoopdruk. Het aandeel handelde woensdag op een dieptepunt van 59,88 dollar, terwijl de 52-weekse piek op 69,01 dollar lag. Dit impliceert dat de koers in het afgelopen jaar ruim 13 procent is gedaald vanaf zijn hoogtepunt, en ongeveer 3 procent op de dag van de meting.

    Wij zien vooral dat deze beweging de aandacht trekt van beleggers die op zoek zijn naar potentiële instapmomenten. De energieaandelen in bredere zin, zoals gemeten door Energy Stock Channel, hebben momenteel een gemiddelde RSI van 53,3. Dit maakt de diepe duik van Eversource Energy des te opvallender en kan duiden op een overreactie van de markt.

    Wat Een Lage RSI Betekent

    De RSI is een momentumindicator die de snelheid en verandering van prijsbewegingen meet. De waarde varieert van 0 tot 100:

    • Oversold: Een RSI onder de 30 suggereert dat het aandeel mogelijk ondergewaardeerd is of dat de verkoopgolf zijn piek heeft bereikt.
    • Overbought: Een RSI boven de 70 duidt erop dat een aandeel mogelijk overgewaardeerd is en een correctie kan ondergaan.

    Voor Eversource Energy betekent de stand van 29,7 dat de verkoopdruk in de afgelopen periode uitzonderlijk sterk was. Dit kan voor sommige ‘contrarian’ beleggers een teken zijn om te overwegen om in te stappen, in de verwachting dat de koers op korte termijn kan herstellen.

    Breedere Context En Vooruitzichten

    Terwijl de RSI van Eversource Energy zo laag staat, tonen grondstoffen zoals WTI Crude Oil en Henry Hub Natural Gas een RSI van respectievelijk 54,8 en 54,9, wat een meer neutrale tot licht positieve stemming aangeeft in de bredere energiemarkt. Dit kan een indicatie zijn dat de specifieke daling van Eversource Energy meer te maken heeft met bedrijfsspecifieke factoren of sectorale dynamiek binnen de nutssector, dan met een algemene energiedip. De 3-2-1 Crack Spread, een indicator voor raffinagemarges, staat zelfs op 82,4, wat duidt op een sterke vraag in dat segment.

    De komende dagen zullen uitwijzen of deze ‘oversold’ status daadwerkelijk een keerpunt inluidt voor Eversource Energy. Een dergelijke lage RSI kan een katalysator zijn voor een opwaartse correctie, maar het is geen garantie. Wij zullen de evolutie van de koers en de markt verder opvolgen, zeker nu de koers dicht bij zijn 52-weekse dieptepunt van 52,09 dollar komt.

  • 42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    Een onderzoek van ING toont aan dat Nederlandse huishoudens aanzienlijk meer geld op de bank laten staan dan hun Europese buren en beleggen vaker uitsluiten, ondanks de lagere rendementen.

    Waar de meeste Europeanen steeds meer de weg naar beleggingen vinden, blijken Nederlandse huishoudens een buitenbeentje. Uit een recent onderzoek van ING, gecombineerd met data over spaar- en beleggingsgedrag, blijkt dat een opvallend grote groep Nederlanders beleggen categorisch uitsluit. Maar liefst 42 procent van de Nederlandse huishoudens wil absoluut niet beleggen, tegenover een gemiddelde van zo’n 30 procent in de rest van Europa.

    Deze terughoudendheid is opmerkelijk, zeker gezien de politieke druk vanuit het Draghi-rapport en de Europese Centrale Bank (ECB) om spaargeld meer naar de reële economie te leiden. De ECB ziet meer beleggingen door huishoudens als een stimulans voor innovatie en groei. ING, dat uiteraard zelf belang heeft bij meer beleggende klanten, legt met deze cijfers de vinger op een pijnlijke wonde: nergens in Europa sluiten zo veel huishoudens beleggen uit.

    Waarom Nederland Anders Spaart

    De Nederlandse afkeer van beleggen lijkt minder cultureel en meer institutioneel bepaald te zijn. Nederlanders zijn weliswaar vermogend, vaak via pensioenfondsen, maar houden juist minder liquide beleggingen aan. Gemiddeld beschikken ze over ongeveer 25.000 euro aan liquide beleggingen, terwijl het Europese gemiddelde 43.000 euro bedraagt. Ons sterke pensioenstelsel neemt voor velen een deel van de noodzaak weg: 29 procent van de Nederlanders vindt beleggen overbodig voor later, vergeleken met 22 procent elders in Europa.

    Daarnaast injecteren veel Nederlanders hun spaargeld in de eigen woning. Het fiscaal aantrekkelijker aflossen op een hypotheek dan beleggen speelt daarin een belangrijke rol. Ook zit een aanzienlijk deel van het Nederlandse vermogen in niet-beursgenoteerde bedrijven. Al deze factoren zorgen ervoor dat relatief weinig geld de weg naar de beurs vindt. Dat is een gemiste kans, want tussen 2002 en 2025 leverden bankrekeningen gemiddeld 1,2 procent per jaar op, beleggingsfondsen 4,2 procent en beursgenoteerde aandelen zelfs 6 procent.

    Beleggen Gelijkstellen Met Gokken

    De beeldvorming rond beleggen speelt ook een grote rol. De helft van de Nederlanders noemt risicoaversie als reden, en 44 procent ziet beleggen als gokken in een casino, een plek waar de uitkomst willekeurig is en het huis altijd wint. Nog eens 39 procent wijst op een gebrek aan kennis. Dit staat haaks op de vuistregels die volgens ING-hoofdeconoom Marieke Blom weinig kennis vereisen: beleg alleen geld dat je jaren kunt missen, spreid in producten met lage kosten en blijf ervan af als de beurs tegenzit. Toch voelt een derde van de Nederlanders de neiging om uit te stappen bij slechts 10 procent verlies.

    Toch zien we een voorzichtige kentering. In heel Europa daalde het aandeel van geld op bankrekeningen in 2025 tot 62 procent van het liquide vermogen, het laagste sinds 2008. In Nederland gaat dat trager, met banktegoeden die nog steeds 76 procent van het liquide vermogen uitmaken, maar de richting is dezelfde. De jongste generatie, tussen 25 en 34 jaar, belegt bijna even vaak als leeftijdsgenoten elders. Wij zien daarin een signaal dat de reflex om enkel te sparen stilaan doorbroken wordt, zeker als landen zoals Zweden en binnenkort Duitsland met fiscale prikkels het beleggen aantrekkelijker maken.