India en de Europese Unie hebben een akkoord bereikt over hogere staalimportquota voor 2024, wat de beschikbaarheid van staal op de Europese markt vergroot, hoewel importeurs nog steeds rekening moeten houden met de nieuwe CO2-grensheffing.
Wat betekent het voor Europese bedrijven die staal importeren dat India meer staal mag leveren aan de Europese Unie? Concreet kunnen importeurs in 2024 meer staal uit India importeren dan de eerder overeengekomen hoeveelheid. Dit akkoord komt er ondanks de introductie van een CO2-heffing aan de grens, de zogenaamde Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM), die vanaf volgend jaar definitief van kracht wordt in de EU.
De Europese Commissie heeft de importquota voor Indiaas staal voor het lopende jaar verhoogd. Dit betekent dat er minder importtarieven betaald hoeven te worden voor de extra volumes. De Indiase staalsector is hier al langer voor aan het lobbyen. Voor 2024 mag India bijna 1 miljoen ton staal meer exporteren naar Europa dan de eerdere beperking van 4,6 miljoen ton. Deze verhoging reageert op de vraag van Indiase staalproducenten, die de Europese markt als cruciaal zien voor hun export.
De verhoging van de importquota valt samen met de geleidelijke invoering van de CBAM, die als doel heeft om ‘koolstoflekkage’ tegen te gaan. Dit mechanisme dwingt importeurs om certificaten te kopen die de CO2-uitstoot van hun ingevoerde goederen dekken, vergelijkbaar met wat Europese producenten al betalen via het emissiehandelssysteem. Voor de Europese staalindustrie betekent dit een extra laag van complexiteit, aangezien ze enerzijds meer buitenlands staal zien binnenkomen, maar anderzijds ook te maken krijgen met de milieu-eisen die gelden voor alle import.
Wat betekent dit voor de staalmarkt?
De afspraken betekenen een dubbelzinnige situatie voor de Europese staalmarkt. Enerzijds zorgt de verhoging van de quota voor meer aanbod en mogelijk lagere prijzen, wat gunstig kan zijn voor afnemers. Anderzijds moeten importeurs zich voorbereiden op de financiële gevolgen van de CBAM. Wij zien vooral dat dit de druk op Europese staalproducenten vergroot. Zij moeten concurreren met een grotere importstroom, terwijl ze zelf ook investeren in schonere productiemethoden om aan de strenge Europese milieunormen te voldoen.
De CBAM-heffing, die in 2026 volledig van kracht wordt, zal naar verwachting een significante invloed hebben op de kostenstructuur van staalimport. Hoewel de quota nu verhoogd zijn, blijft het principe staan dat de CO2-uitstoot van geïmporteerd staal in rekening wordt gebracht. Dit kan op termijn leiden tot een verschuiving in de globale staalhandel, waarbij landen met lagere CO2-uitstootvoetafdrukken een concurrentievoordeel krijgen. Het is een delicate evenwichtsoefening voor de EU, die zowel haar klimaatdoelen wil bereiken als de markt stabiel wil houden.
Indiase sector onder druk
De Indiase staalindustrie, die voor een belangrijk deel afhankelijk is van export naar Europa, staat hiermee voor een uitdaging. Hoewel ze meer mogen leveren, zullen ze op termijn hun productieprocessen moeten verduurzamen om de extra kosten van de CO2-heffing te beperken. Analisten van Block #9 verwachten dat dit akkoord een voorbode is van verdere onderhandelingen. India stelt immers dat de CBAM oneerlijk is en mogelijk zelfs in strijd met de regels van de Wereldhandelsorganisatie. Wij volgen dit verder op, want de druk op de Indiase sector is groot om te investeren in groenere technologieën.
