Tag: dnb

  • Buitenlandse Bedrijven Pompen 72 Miljard Euro In Nederlandse Economie

    Buitenlandse Bedrijven Pompen 72 Miljard Euro In Nederlandse Economie

    Na een periode van jarenlange desinvesteringen is de stroom van buitenlands kapitaal naar Nederland weer toegenomen, wat wijst op een hernieuwde interesse, al gaat een deel van het geld via Nederland weer naar elders.

    De Nederlandse economie heeft in de eerste zes maanden van 2026 een aanzienlijke impuls gekregen door buitenlandse directe investeringen. Buitenlandse bedrijven investeerden 72 miljard euro in het land, zo meldt De Nederlandsche Bank (DNB). Dit markeert een significante ommekeer na een periode van 2018 tot 2025, waarin de desinvesteringen het wonnen van de nieuwe kapitaalinstroom.

    De jarenlange daling van inkomende investeringen werd grotendeels toegeschreven aan nieuwe belastingmaatregelen. Deze maakten het voor internationale bedrijven minder aantrekkelijk om hun geldstromen via Nederland te laten lopen. Vooral Luxemburg en de Verenigde Staten, die samen goed waren voor meer dan 1.000 miljard euro aan teruggetrokken investeringen sinds 2018, werden genoemd als landen die hun kapitaal weghaalden. Daarmee vertegenwoordigden zij ruim 77 procent van de totale kapitaalonttrekkingen in deze periode.

    De huidige stijging van 72 miljard euro is echter geen garantie dat de Nederlandse economie er netto evenveel op vooruitgaat. DNB benadrukt dat een groot deel van deze investeringen ‘doorstroomkapitaal’ betreft. Dit betekent dat het geld via Nederlandse entiteiten naar andere landen wordt geleid, wat de internationale financiële verwevenheid van Nederland aantoont, maar niet per se directe economische groei voor het land genereert. Wij zien vooral dat Nederland zijn rol als kruispunt in de internationale financiële infrastructuur behoudt, ondanks pogingen om dit te reguleren.

    De Verenigde Staten en Duitsland zijn de belangrijkste bronnen van de recente kapitaalinstroom. Toch blijven Luxemburg en de VS, met een gezamenlijke investeringspositie van 990 miljard euro, de grootste investeerders in Nederland, naast het Verenigd Koninkrijk, Duitsland en Singapore. Het is een herinnering dat, hoewel de stroom in beweging is, de diepgewortelde financiële banden blijven bestaan.

    De wereldwijde directe investeringsstromen namen de afgelopen jaren toe, zo blijkt uit cijfers van UNCTAD. Maar Nederland zag de inkomende en uitgaande investeringen stagneren of dalen. Dit patroon wijst erop dat de fiscale prikkels en de positie van Special Purpose Entities (SPE’s), in de volksmond vaak ‘brievenbusfirma’s’ genoemd, een cruciale rol speelden in de aantrekkelijkheid van Nederland als investeringshub. De afname van investeringen in SPE’s is een direct gevolg van de gewijzigde fiscale wetgeving, die belastingontwijking moet tegengaan.

    De koers van Bitcoin, een belangrijke graadmeter voor het bredere financiële sentiment, staat vandaag op 73.105 euro, een daling van 3,6 procent over de laatste zeven dagen. Dit toont aan dat er ondanks de opleving van investeringen in Nederland nog steeds een zekere voorzichtigheid heerst op de globale markten, die zich manifesteert in de volatiliteit van digitale activa.

    Wat betekent dit nu?

    De hernieuwde instroom van buitenlandse investeringen in Nederland is een dubbelzijdig verhaal. Enerzijds bevestigt het de positie van Nederland als een cruciale internationale financiële hub, een rol die het land blijft spelen ondanks de eerdere terugtrekking van kapitaal. Anderzijds herinnert het aan de aard van veel van deze investeringen: doorstroomkapitaal dat de Nederlandse economie niet direct stimuleert. De DNB zal de ontwikkeling van deze geldstromen nauwlettend blijven volgen, zeker met het oog op eventuele verdere fiscale aanpassingen en de impact daarvan op de internationale bedrijvigheid.

  • DNB Waarschuwt Voor Risico’s Nu AI-Agenten Getokeniseerde Activa Verhandelen

    DNB Waarschuwt Voor Risico’s Nu AI-Agenten Getokeniseerde Activa Verhandelen

    De Europese Centrale Bank stapt in getokeniseerde effecten, wat de verschuiving naar geautomatiseerde financiële markten versnelt. De Nederlandse toezichthouder DNB benadrukt echter de juridische en operationele uitdagingen.

    Waar financiële instellingen tot nu toe AI vooral gebruikten voor advies, staat de sector aan de vooravond van een transitie waarin kunstmatige intelligentie zelfstandig acties onderneemt. Deze ontwikkeling, gecombineerd met de toenemende tokenisatie van activa, baart toezichthouders zorgen. Zo waarschuwde DNB-directeur Bas ter Weel op 16 september 2026 in Amsterdam dat de risico’s toenemen wanneer getokeniseerde financiën opschalen zonder voldoende interoperabiliteit, standaardisatie en waarborgen. Dit pleidooi volgt op de lancering van het Eurosysteem Pontes, een platform dat de afwikkeling van groothandelstransacties in getokeniseerde activa in centralebankgeld mogelijk maakt.

    De opmerkingen van Ter Weel, die benadrukte dat hij een mens is en geen AI-avatar, komen op een cruciaal moment. Vijf dagen na zijn toespraak, op 21 september 2026, werd Pontes operationeel. Dit initiatief van het Eurosysteem verbindt DLT-platforms van marktpartijen met de bestaande TARGET-diensten, waardoor de afwikkeling van getokeniseerde activa in centralebankgeld een praktische realiteit wordt. Wij zien hierin een duidelijk signaal dat de experimentele fase van tokenisatie in de financiële sector definitief voorbij is; de focus verschuift nu naar de implementatie en de bijbehorende juridische en toezichtrechtelijke kaders.

    AI Neemt Stuur Over In Financiële Transacties

    De verschuiving van adviserende AI naar AI-agents die zelfstandig handelen, brengt een reeks complexe vragen met zich mee, vooral op juridisch vlak. Een AI-agent is immers geen rechtssubject en kan onder het huidige recht geen partij zijn bij een transactie. Dit betekent dat de handelingen van een agent aan de bank moeten worden toegerekend, wat de vraag oproept binnen welk mandaat de agent opereert en wie verantwoordelijk is wanneer de agent buiten de vastgestelde grenzen treedt. De Bank for International Settlements (BIS) en de Bank of Canada onderzochten in een working paper uit 2025 al of een generatieve AI-agent intraday-liquiditeitsbeheer kon uitvoeren in een gesimuleerd wholesale-betalingssysteem. De agent gaf toen nog enkel advies, maar de stap naar zelfstandige uitvoering is technisch gezien klein.

    Deze autonomie van AI-agents raakt de kern van de financiële verslaggeving en het toezicht. Een voorbeeld hiervan is een treasury-agent die maximaal 15 miljoen euro in een bepaalde activacategorie mag beleggen. Als de agent op basis van marktdata een getokeniseerd instrument aanschaft dat juridisch anders gestructureerd blijkt dan het verwacht, kan dit tot grote problemen leiden. De transactie kan technisch correct zijn uitgevoerd, maar het onderliggende oordeel was onjuist. Het transactieregister op de blockchain bewijst enkel de technische uitvoering, niet de juridische validiteit. De analyse van de economische functie, juridische kwalificatie, financiële verslaggeving en fiscale behandeling moet daarom nauwkeurig op elkaar aansluiten. Een fout in een vroege schakel kan immers doorwerken in alle volgende geautomatiseerde stappen.

    ECB Omarmt Getokeniseerde Effecten

    Een significante stap in de richting van getokeniseerde financiën is de aankondiging van de Europese Centrale Bank (ECB) op de dag van de Pontes-lancering. De ECB bereidt zich voor om een klein deel van haar eigen beleggingsportefeuille, die losstaat van het monetaire beleid, in getokeniseerde effecten te beleggen. Het gaat hierbij om in euro luidende effecten van centrale en regionale overheden in het eurogebied, agentschappen en Europese supranationale instellingen. Deze transacties zullen via Pontes in centralebankgeld worden afgewikkeld. De ECB wil hiermee zelf ervaring opdoen met de volledige beleggingscyclus van getokeniseerde effecten, van uitvoering tot portefeuillebeheer. Dit duidt erop dat de acceptatie van getokeniseerde activa door centrale banken een kwestie van tijd is.

    Deze ontwikkeling van de ECB is een krachtige indicator voor de verdere adoptie van tokenisatie. Voor de cryptomarkt, waar Bitcoin (BTC) op 25 september om 07:30 74.006 euro noteerde, een stijging van 8,9 procent over zeven dagen, en Ethereum (ETH) 2.355 euro, een stijging van 8,1 procent in dezelfde periode, betekent dit een verdere validatie van de onderliggende technologie. De Fear & Greed Index stond op 71 van 100 (‘Greed’), wat de positieve stemming in de markt weerspiegelt. Hoewel de beleggingen van de ECB in getokeniseerde effecten nog beperkt zijn en geen directe invloed hebben op de koersen van cryptomunten, geven ze wel aan dat de institutionele interesse en acceptatie van DLT-gebaseerde activa gestaag groeit. Wij verwachten dat dit op termijn een bredere toepassing en mogelijk ook een grotere vraag naar infrastructuurgerelateerde crypto-oplossingen zal stimuleren.

    Juridische Paradox: Meer Automatisering, Meer Nood Aan Controle

    Project Agorá, een samenwerking tussen de BIS, zeven centrale banken en meer dan veertig financiële instellingen, toonde in mei 2026 al aan dat getokeniseerde centralebankreserves en commerciële bankdeposito’s op een programmeerbaar platform atomair kunnen worden afgewikkeld. De juridische analyse van dit project concludeerde dat tokenisatie de juridische kwalificatie van deze activa niet verandert, enkel de technische representatie. Dit lijkt vanzelfsprekend, maar is cruciaal voor de acceptatie van getokeniseerde activa. Een AI-agent die een token technisch kan identificeren, weet daarmee nog niet welke rechten en verplichtingen eraan verbonden zijn of welk juridisch en toezichtrechtelijk kader van toepassing is. Denk hierbij aan MiFID II of MiCA, afhankelijk van de aard van het actief.

    De paradox die Ter Weel benoemt, is dat naarmate meer onderdelen van de transactieketen worden geautomatiseerd, een heldere juridische en bestuurlijke toerekening juist belangrijker wordt. AI-gestuurde systemen kunnen beslissingen voorbereiden en uitvoeren, tokens maken activa programmeerbaar, en smart contracts kunnen transacties afwikkelen. Echter, geen van deze technologieën bepaalt op zichzelf de economische functie van een positie, de juridische rechten en verplichtingen, of de wijze waarop deze moet worden verantwoord. De menselijke rol verschuift daardoor van transactionele controle naar het bepalen van het kader waarbinnen de AI-agent mag opereren. Een human in the loop is niet voldoende als de menselijke goedkeuring een formaliteit wordt; de beheersingsvraag ligt in de betrouwbaarheid van het kader zelf.

    Beheersing Vóór Opschaling

    Ter Weel waarschuwt dat de risico’s toenemen wanneer getokeniseerde financiën opschalen zonder voldoende interoperabiliteit, standaardisatie en waarborgen. Tegelijkertijd erkent hij dat de omvang van DLT-gebaseerde activa nog relatief klein is. Juist in deze fase, zolang de volumes beperkt zijn, is er ruimte om de beheersing en de nodige kaders in te richten voordat de technologie op grotere schaal wordt toegepast. De volgende fase van getokeniseerde financiële markten draait dus niet alleen om programmeerbare activa en geld, maar ook om de vraag hoe oordeel, mandaat en verantwoordelijkheid al in de infrastructuur worden ingebouwd. Dit om ervoor te zorgen dat machines, ongeacht hun autonomie, binnen de gestelde juridische en ethische grenzen blijven opereren. De uitdaging ligt in het anticiperen op de implicaties van deze technologische vooruitgang, nog voordat deze volledig is doorgebroken.

  • Lagarde Zinspeelt Op Vroegtijdig Vertrek Bij ECB, Opvolging Komt In Zicht

    Lagarde Zinspeelt Op Vroegtijdig Vertrek Bij ECB, Opvolging Komt In Zicht

    De president van de Europese Centrale Bank, Christine Lagarde, laat de deur op een kier voor een vertrek vóór 2027. Dit wakkert de speculatie aan over mogelijke opvolgers, waaronder de Nederlandse Klaas Knot.

    Tijdens een interview met de Ierse omroep RTE heeft Christine Lagarde, voorzitter van de Europese Centrale Bank (ECB), onlangs gehint op een mogelijk vroegtijdig vertrek. Haar ambtstermijn loopt officieel tot oktober 2027, maar op de vraag of ze die volledig zou uitzitten, antwoordde ze met een veelzeggende: “We zullen zien.” Deze uitspraak komt kort nadat Lagarde aankondigde in januari haar memoires te zullen publiceren, wat de speculatie over haar toekomst verder aanwakkert.

    De financiële markten en de politieke arena volgen deze ontwikkelingen nauwlettend. Een vroegtijdig vertrek van een sleutelfiguur als Lagarde kan de koersen beïnvloeden, al zien we op dit moment geen directe paniek. Bitcoin noteert vandaag, 19 september om 06:31, nog steeds 70.613 euro, een stijging van 5,1 procent in de afgelopen 24 uur, terwijl Ethereum een vergelijkbare stijging van 6,2 procent laat zien. Wij zien vooral dat de onzekerheid over de leiding van de ECB kan leiden tot een afwachtende houding bij beleggers, zeker als het gaat om langetermijnbeslissingen die de euro beïnvloeden.

    Klaas Knot Een Serieuze Kandidaat

    Met de deur op een kier voor Lagarde’s vertrek, komt de zoektocht naar een opvolger in een stroomversnelling. Klaas Knot, voormalig president van De Nederlandsche Bank (DNB), wordt nadrukkelijk genoemd als potentiële kandidaat. Persbureau Reuters meldde eerder deze week dat Frankrijk hem steunt voor het ECB-presidentschap, zij het onder voorwaarde dat een andere invloedrijke functie, die van hoofdeconoom, naar een Franse kandidaat gaat. De huidige hoofdeconoom, Philip Lane, ziet zijn termijn in mei volgend jaar aflopen.

    Knot staat bekend om zijn nuchtere aanpak en stabiliteit, wat in de huidige economische omstandigheden een belangrijke eigenschap is. Toch is hij niet de enige in de race; Pablo Hernández de Cos, voormalig president van de Spaanse centrale bank, wordt gezien als zijn voornaamste concurrent. De strijd om de hoogste zetel bij de ECB belooft dus spannend te worden en zal ongetwijfeld gepaard gaan met de nodige politieke onderhandelingen tussen de lidstaten.

    Wat Betekent Dit Voor De ECB?

    Lagarde, die in 2019 de leiding nam over de ECB na haar periode bij het Internationaal Monetair Fonds (IMF), heeft de centrale bank door een turbulente periode geleid, gekenmerkt door hoge inflatie en renteverhogingen. Haar vertrek zou de ECB voor een nieuwe uitdaging stellen, zeker gezien de aanhoudende economische onzekerheid in de eurozone. Het is cruciaal dat een eventuele overgang soepel verloopt, om de stabiliteit van de Europese financiële markten te waarborgen.

    Wij twijfelen of de ECB zich een langdurige periode van onzekerheid aan de top kan veroorloven, gezien de complexe macro-economische situatie in Europa. Een snelle en weloverwogen opvolging zou de voorkeur genieten om het vertrouwen van de markten te behouden. De komende maanden zullen uitwijzen of Lagarde haar termijn inderdaad niet uitzit en wie dan de belangrijke taak krijgt om het monetaire beleid van de eurozone verder vorm te geven.

  • Nederlandsche Bank Schrapte 290 Banen Om Kosten Met 70 Miljoen Euro Te Verlagen

    Nederlandsche Bank Schrapte 290 Banen Om Kosten Met 70 Miljoen Euro Te Verlagen

    De Nederlandsche Bank (DNB) gaat de komende jaren 290 arbeidsplaatsen schrappen. Dat aantal vertegenwoordigt ongeveer 12 procent van het huidige personeelsbestand van de centrale bank en moet leiden tot een kostenbesparing van ruim 70 miljoen euro.

    De Nederlandse centrale bank, De Nederlandsche Bank (DNB), heeft aangekondigd dat ze de komende jaren 290 arbeidsplaatsen gaat schrappen. Deze ingreep, die neerkomt op ongeveer 12 procent van het totale personeelsbestand van circa 2.380 fte, moet de kosten structureel verlagen. De toezichthouder verwacht hiermee ruim 70 miljoen euro te besparen.

    De reorganisatie is een reactie op de aanzienlijke stijging van de DNB-begroting sinds 2020, die intussen 576 miljoen euro bedraagt. Hogere loonkosten, de renovatie van het kantoor en inflatie hebben hieraan bijgedragen. DNB wil vermijden dat de begroting in 2030 boven het huidige niveau uitkomt, zelfs met verdere verwachte stijgingen van lonen en prijzen. We zien dat financiële instellingen, ook in de publieke sector, steeds scherper op de kosten letten in een periode van economische onzekerheid.

    Verliezen en herstel in zicht

    De kostenmaatregelen komen op een moment dat DNB financieel onder druk staat. De centrale bank leed de afgelopen jaren voor het eerst sinds 1931 verlies. Dat was vooral het gevolg van de hogere rente, waardoor DNB meer moest betalen aan banken die geld bij haar aanhielden. Tegelijkertijd leverden de obligaties die DNB eerder massaal had opgekocht minder op. Dit toont aan hoe de monetaire politiek en de rentestanden direct invloed hebben op de balans van zelfs een centrale bank.

    Toch verwachten we dat de financiële resultaten de komende jaren verbeteren. Volgens de huidige prognoses keert de centrale bank vanaf 2028 terug naar winst. Medewerkers die door de reorganisatie worden geraakt, zijn reeds ingelicht. Het is de bedoeling dat een groot deel van de banen via natuurlijk verloop verdwijnt, maar gedwongen ontslagen worden niet uitgesloten. Dit is een ingrijpende beslissing die, hoewel begrijpelijk vanuit kostenperspectief, voor de betrokken medewerkers veel onzekerheid met zich meebrengt.

    Impact op diverse afdelingen

    De personeelsreductie zal voelbaar zijn op verschillende afdelingen binnen DNB. Onder meer de afdelingen IT, financiën, HR en communicatie worden getroffen. Dit betekent dat de efficiëntieslag breed wordt doorgevoerd, wat een diepgaande impact kan hebben op de dagelijkse werking en de interne processen van de bank. Het is een duidelijke indicatie dat de digitalisering en automatisering ook bij centrale banken steeds meer terrein winnen, wat vaak hand in hand gaat met personeelsreductie op ondersteunende afdelingen.

    De aankondiging van deze reorganisatie volgt op eerdere signalen eind vorig jaar, toen DNB al plannen aankondigde om 10 procent op de begroting te besparen. De nu gecommuniceerde details bevestigen de ernst van de situatie en de vastberadenheid om de financiële huishouding op orde te krijgen.

  • Nederlandse Centrale Bank Verplaatst 86 Ton Goud, De Crisisparaatheid Verhoogt Daarmee

    Nederlandse Centrale Bank Verplaatst 86 Ton Goud, De Crisisparaatheid Verhoogt Daarmee

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft in alle stilte een aanzienlijk deel van haar goudvoorraad verplaatst. Tussen maart en augustus van dit jaar werd maar liefst 86 ton goud, ter waarde van ongeveer 10,1 miljard euro, overgebracht vanuit de Verenigde Staten en Canada naar de kluizen in Londen. De centrale bank verklaart de operatie door een groeiende geopolitieke onrust en de wens om beter voorbereid te zijn op ernstige crisissituaties.

    Deze ingreep betekent dat ruim een kwart van de totale Nederlandse goudreserve die in Noord-Amerika lag, nu in het Verenigd Koninkrijk ligt. De DNB benadrukt dat Londen een cruciale handelsplek is voor fysiek goud, wat de verhandelbaarheid van de reserves in noodsituaties moet verbeteren. In New York en Ottawa zou het goud volgens de bank minder direct inzetbaar zijn, wat een directe aanleiding vormde voor de verhuizing.

    Goudvoorraad Verspreid Over Vier Locaties

    Met deze verplaatsing is de spreiding van het Nederlandse goud aanzienlijk gewijzigd. Waar voorheen 31,3 procent van de totale voorraad in New York lag, is dat nu gedaald naar 18,5 procent. De voorraad in Canada zakte van 19,7 procent naar eveneens 18,5 procent. Londen huisvest nu bijna een derde van de Nederlandse goudschat, precies 32,1 procent. De rest van de 612,4 ton goud, die eind 2025 een waarde had van 72,2 miljard euro, ligt in Zeist, Nederland (30,8 procent).

    De DNB verklaart dat een evenwichtigere spreiding van de goudvoorraad over Noord-Amerika, het Verenigd Koninkrijk en Nederland helpt om risico’s te spreiden. Het is niet de eerste keer dat Nederland zijn goudreserves herschikt; in 2014 haalde de bank al een deel van haar goud terug uit de VS, om een evenwichtigere verdeling te creëren. De huidige beweging, waarbij het goud van de VS en Canada naar Londen verhuist, past in die langetermijnstrategie van risicobeheer en crisisparaatheid.

    Zorgen Over Amerikaanse Invloed

    Deze goudverhuizing is opmerkelijk, gezien eerdere uitspraken van de DNB. De centrale bank uitte eerder al zorgen over de verharde relatie tussen Europa en de Verenigde Staten, vooral sinds de terugkeer van Donald Trump in het Witte Huis. De DNB waarschuwde toen dat de VS het Nederlandse betalingsverkeer potentieel zou kunnen stilleggen en pleitte al langer voor minder afhankelijkheid van de Verenigde Staten. Hoewel de bank destijds nog aangaf zich geen zorgen te maken over een mogelijke gijzeling van de goudvoorraad door de VS, wijst de huidige verplaatsing toch op een strategische heroverweging.

    België heeft overigens een vergelijkbare aanpak. De Nationale Bank van België, die een totale goudreserve van 227 ton beheert, heeft het grootste deel daarvan opgeslagen bij de Bank of England in Londen. Een kleiner deel ligt in Canada en bij de Bank voor Internationale Betalingen in Bazel. Die keuze heeft ook een historische reden: Londen is een belangrijke goudmarkt en het spreiden van reserves in het buitenland biedt een buffer in tijden van oorlog of andere nationale crises. Een pragmatische keuze dus, die nu ook Nederland expliciet maakt.

  • DNB Laat Miljarden Euro’s Aan Bankkapitaal Vrij Door Schrappen Hypotheekregel

    DNB Laat Miljarden Euro’s Aan Bankkapitaal Vrij Door Schrappen Hypotheekregel

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten de minimumvloer voor de risicoweging van hypotheekleningen niet te verlengen. Deze maatregel, die banken verplichtte extra kapitaal aan te houden, loopt eind november 2026 definitief af. Hierdoor komt naar schatting 3 miljard euro vrij bij Nederlandse banken, geld dat ze kunnen inzetten voor investeringen, overnames of uitkeringen aan aandeelhouders.

    Vanaf 1 december 2026 krijgen Nederlandse banken aanzienlijk meer financiële speelruimte. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft namelijk besloten om de ‘458-maatregel’ niet te verlengen. Deze regel, die sinds januari 2022 van kracht was en tweemaal werd verlengd, verplichtte banken met interne modellen een ondergrens aan te houden voor de risicoweging van hun hypotheekportefeuille. Het schrappen van deze minimumvloer maakt naar schatting 3 miljard euro aan kapitaal vrij voor de sector.

    De maatregel diende als een schokdemper voor de Nederlandse huizenmarkt, waar banken veel hypotheken op hun balans hebben en huizenkopers relatief weinig eigen geld inleggen. DNB wilde zo voorkomen dat banken te weinig kapitaal zouden reserveren voor eventuele klappen op de huizenmarkt. Nu acht de toezichthouder deze extra buffer niet langer noodzakelijk. De huizenprijzen en lonen zijn de afgelopen jaren gestegen en de mogelijkheden voor aflossingsvrije hypotheken zijn ingeperkt. Volgens DNB zijn de systeemrisico’s geleidelijk afgenomen en zijn banken minder kwetsbaar geworden voor een correctie.

    Vrijgekomen Kapitaal En De Grote Spelers

    De exacte hoeveelheid vrijgekomen kapitaal varieert per schatting. DNB spreekt zelf over ongeveer 3 miljard euro voor de hele sector, terwijl een analyse van het FD uitkomt op ruim 4,5 miljard euro. Een groot deel hiervan komt ten goede aan de grootste banken. Zo kan ABN AMRO rekenen op ongeveer 1 miljard euro extra kapitaal, en ING op circa 500 miljoen euro. Van Lanschot Kempen ziet zo’n 70 miljoen euro vrijkomen. Kleinere banken zoals ASN en Triodos profiteren niet van deze wijziging.

    Rabobank, de marktleider in Nederland, is de grootste begunstigde van de maatregel. Anders dan beursgenoteerde concurrenten, ervaart de coöperatieve bank minder druk van beleggers om kapitaal uit te keren. Dit betekent dat Rabobank de extra miljarden op de balans zou kunnen laten staan. Een bankenadviseur merkte tegenover het FD op dat dit een moment kan zijn voor Rabobank om na te denken over overnames, iets waar al langer over gesproken wordt.

    Geen Vrijbrief, Wel Meer Ruimte

    De grootbanken benadrukken dat het vrijgekomen kapitaal niet automatisch naar aandeelhouders vloeit. Het kan ook worden ingezet voor investeringen in de bedrijfsvoering. De banken zijn eensgezind positief over het besluit, omdat het speelveld nu gelijker wordt met concurrenten zoals verzekeraars, die nooit aan deze vloer gebonden waren.

    Toch is de ruimte mogelijk van tijdelijke aard. Door de Europese bankenregels van Basel IV zullen banken hun buffers de komende jaren waarschijnlijk weer moeten ophogen. Europa wil dat banken meer kapitaal aanhouden, ook als de kredietrisico’s beter zijn, als een soort veiligheidsnet. Een nieuwe, plotselinge hap uit de buffers wordt echter niet verwacht, aangezien de invoering gefaseerd verloopt en dat kapitaal al gereserveerd zou moeten zijn.

    DNB blijft de hypotheekmarkt nauwlettend volgen. De contracyclische kapitaalbuffer van 2 procent blijft staan en de toezichthouder zal het systeemrisico en de risicogewichten op hypotheekportefeuilles blijven monitoren. Mocht de situatie verslechteren, dan kan de schokdemper opnieuw worden ingevoerd. De vrijval is dus ruimte, maar geen vrijbrief voor onbezonnen handelen.

  • De Nederlandsche Bank Stelt Handhaving Scheiding Banken- En Handelsboek Uit Tot Eind 2029

    De Nederlandsche Bank Stelt Handhaving Scheiding Banken- En Handelsboek Uit Tot Eind 2029

    De Nederlandsche Bank (DNB) zal tot eind 2029 geen prioriteit geven aan toezicht en handhaving rond de scheiding tussen het bankenboek en het handelsboek. Deze beslissing volgt een recente aanbeveling van de Europese Bankenautoriteit (EBA).

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten om de handhaving van de regels rond de scheiding tussen het bankenboek en het handelsboek uit te stellen tot eind 2029. Dit betekent dat de toezichthouder de komende jaren geen prioriteit zal geven aan maatregelen op dit vlak. De stap komt er na een oproep van de Europese Bankenautoriteit (EBA) aan alle Europese toezichthouders om tijdelijk terughoudend te zijn met handhaving.

    De aanleiding voor dit uitstel is de herziene invoering van de ‘Fundamental Review of the Trading Book’ (FRTB), een Europees raamwerk dat de marktrisico’s bij banken moet aanpakken. Volgens de EBA kan de huidige implementatie van deze regels leiden tot onnodige operationele complexiteit en juridische onzekerheid voor de financiële instellingen. Door de handhaving tijdelijk op te schorten, willen de toezichthouders ruimte creëren om deze knelpunten aan te pakken.

    Banken Moeten Zich Blijven Voorbereiden

    Hoewel DNB de aanbeveling van de EBA overneemt voor de kredietinstellingen die rechtstreeks onder haar toezicht vallen, benadrukt de bank dat dit geen vrijgeleide is voor banken om de implementatie van de FRTB-regels stop te zetten. Integendeel, DNB verwacht dat banken zich onverminderd blijven voorbereiden op de volledige invoering van het marktrisicoraamwerk.

    Wij zien dit als een pragmatische zet. Het geeft banken de ademruimte die ze nodig hebben om de nieuwe, complexe regelgeving correct te implementeren, zonder meteen met sancties geconfronteerd te worden bij de eerste kinderziektes. Tegelijkertijd blijft de druk om te moderniseren en de risico’s beter te beheren wel degelijk aanwezig.

    Waarom Deze Scheiding Belangrijk Is

    De scheiding tussen het bankenboek en het handelsboek is cruciaal voor het beheer van risico’s binnen banken. Het bankenboek bevat activa en passiva die banken aanhouden voor de lange termijn, zoals leningen en spaargeld. Het handelsboek daarentegen omvat posities die banken aanhouden voor de korte termijn, met als doel winst te maken uit koersbewegingen, zoals derivaten en obligaties.

    Een duidelijke scheiding en adequate risicobeheersing voor beide boeken moet voorkomen dat risico’s uit het volatiele handelsboek de stabiliteit van het bankenboek — en daarmee de spaartegoeden van klanten — in gevaar brengen. De FRTB-regels zijn ontworpen om de kapitaalvereisten voor marktrisico’s te verfijnen en te verhogen, wat de veerkracht van banken moet verbeteren. Het uitstel van handhaving geeft de sector de tijd om deze belangrijke veranderingen zorgvuldig door te voeren.

  • Steven Maijoor Verlaat DNB Voor Internationale Topfunctie

    Steven Maijoor Verlaat DNB Voor Internationale Topfunctie

    De Nederlandsche Bank (DNB) verliest een belangrijke figuur. Steven Maijoor, die er het toezicht op banken leidde, maakt de overstap naar de IFRS Foundation.

    Een belangrijke stoel bij De Nederlandsche Bank (DNB) komt vrij. Steven Maijoor, de man die sinds 2024 aan het roer stond van het bankentoezicht, neemt op 1 maart 2027 afscheid van de Nederlandse centrale bank. Hij trekt de wijde wereld in om voorzitter te worden van de Trustees van de IFRS Foundation. Dat is toch wel een stevige carrièreswitch, niet?

    Maijoor was sinds 2021 al lid van de directie van DNB en had een breed takenpakket. Hij was niet alleen verantwoordelijk voor het toezicht op banken, maar ook voor het beleid errond en de juridische kant van de zaak. Daarnaast vertegenwoordigde hij DNB in diverse Europese en internationale toezichtsorganen, waaronder de Supervisory Board van de Europese Centrale Bank. Geen kleine speler dus, die Maijoor. Zijn vertrek betekent dat DNB een ervaren kracht verliest die de afgelopen jaren een cruciale rol speelde in het versterken van het financiële toezicht.

    Van DNB naar wereldwijde standaarden

    De IFRS Foundation, zijn nieuwe werkgever, is geen onbekende naam in de financiële wereld. Deze stichting is verantwoordelijk voor de International Financial Reporting Standards (IFRS), zeg maar de wereldwijde boekhoudregels die beursgenoteerde bedrijven moeten volgen. Denk aan hoe bedrijven hun winsten en verliezen rapporteren, hun activa waarderen en hun schulden presenteren. Een cruciale rol dus voor de transparantie en vergelijkbaarheid van financiële informatie over de hele wereld. Maijoor zal daar als voorzitter van de Trustees een belangrijke stem krijgen in hoe die standaarden zich verder ontwikkelen en worden toegepast. Een nieuwe fase in zijn carrière, zoals hij het zelf omschrijft, waarbij hij zich wil focussen op bestuurlijke toezichthoudende functies.

    Binnen DNB klinkt er alom waardering voor zijn bijdrage. Martin van Rijn, voorzitter van de Raad van Commissarissen, benadrukt Maijoors brede ervaring, gezag en internationale netwerk. Volgens hem heeft Maijoor een belangrijke rol gespeeld in de ontwikkeling van het toezicht. Ook DNB-president Olaf Sleijpen looft zijn deskundigheid en toewijding. De zoektocht naar een opvolger is ondertussen gestart. Het zal geen sinecure zijn om iemand te vinden met een gelijkaardig profiel en netwerk, zeker gezien de steeds complexere wereld van financieel toezicht en de opkomst van nieuwe technologieën zoals crypto. Wie de fakkel zal overnemen, maakt DNB later bekend. Het is duidelijk dat Maijoor een stevige erfenis achterlaat.

  • De Nederlandsche Bank Kiest Voor Europese Cloud Via IT-Divisie Van Lidl-Eigenaar

    De Nederlandsche Bank Kiest Voor Europese Cloud Via IT-Divisie Van Lidl-Eigenaar

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten om samen te werken met Schwarz Digits, de IT-tak van de Duitse Schwarz Gruppe, het moederbedrijf van supermarktketen Lidl. Dit is een belangrijke stap voor DNB om hun afhankelijkheid van Amerikaanse technologiebedrijven te verminderen. Hoewel DNB het contract niet publiekelijk heeft bevestigd, hebben ze via een woordvoerder laten weten dat bij elke nieuwe stap naar de cloud expliciet rekening wordt gehouden met geopolitieke risico’s.

    De Nederlandsche Bank neemt eigen waarschuwingen ter harte

    Deze stap is opmerkelijk aangezien DNB zelf jarenlang gewaarschuwd heeft voor de risico’s van cloudconcentratie in de financiële sector. Ondanks deze waarschuwingen was DNB grotendeels afhankelijk van Amerikaanse dienstverleners. In februari gaf DNB aan dat de Nederlandse financiële sector minder afhankelijk moet worden van grote Amerikaanse bedrijven zoals Amazon, Microsoft en Google.

    De toenemende geopolitieke druk

    De verslechterde relatie tussen de VS en Europa heeft de zoektocht naar Europese cloudoplossingen versneld. Er is een toenemende angst dat de VS in een escalerend conflict de toegang tot Amerikaanse diensten kan blokkeren, wat gevolgen kan hebben voor kritieke processen zoals betalingsverkeer.

    Schwarz Digits presenteert zichzelf als een van de weinige Europese partijen die de schaal en investeringsbereidheid heeft om serieus te concurreren met de Amerikaanse hyperscalers. Samen met andere Duitse bedrijven zoals Deutsche Telekom en SAP werkt Schwarz aan een breder Europees IT-alternatief. Toch blijft de vraag of Europese cloudoplossingen al volledig klaar zijn voor de zwaarste eisen.

    Vraag & Antwoord

    Waarom heeft De Nederlandsche Bank gekozen voor Schwarz Digits?
    DNB heeft gekozen voor Schwarz Digits om hun afhankelijkheid van Amerikaanse technologiebedrijven te verminderen. De bank houdt bij elke nieuwe stap naar de cloud expliciet rekening met geopolitieke risico’s.

    Wat zijn de risico’s van cloudconcentratie in de financiële sector?
    Een te grote afhankelijkheid van enkele grote spelers, zoals Amerikaanse bedrijven Amazon, Microsoft en Google, kan leiden tot kwetsbaarheid bij geopolitieke conflicten. In het verleden zijn er situaties geweest waarbij de toegang tot Amerikaanse diensten werd geblokkeerd, met gevolgen voor kritieke processen zoals betalingsverkeer.

    Zijn Europese cloudoplossingen al klaar voor de zwaarste eisen?
    Het is nog onduidelijk of Europese cloudoplossingen al volledig klaar zijn voor de zwaarste eisen. Er zijn experimenten gaande, maar deze hebben tot nu toe te maken gehad met storingen en kinderziektes.

  • Strijd Tegen Discriminatie: Banken Boeken Vooruitgang, Maar Uitdagingen Blijven

    Strijd Tegen Discriminatie: Banken Boeken Vooruitgang, Maar Uitdagingen Blijven

    In het afgelopen jaar hebben banken belangrijke vorderingen gemaakt in de strijd tegen discriminatie. Dit is de conclusie van De Nederlandsche Bank (DNB) in hun recente rapport getiteld ‘Bewust Discriminatie Tegengaan’. De toezichthouder ziet deze resultaten als een duidelijke bevestiging van de gekozen richting in de sector. Tegelijkertijd benadrukken zowel DNB als de banken de volgende grote uitdaging: het aanpakken van indirecte discriminatie, een complex en hardnekkig probleem dat voortdurende aandacht vereist.

    Reacties op de bevindingen van DNB

    De Nederlandse Vereniging van Banken (NVB) reageert positief op de bevindingen van DNB. De verbeteringsmaatregelen, die de sector begin 2024 aankondigde om ervaringen met discriminatie aan te pakken, lijken effectief te zijn. De erkenning hiervan door de toezichthouder wordt gezien als belangrijke ondersteuning.

    “Banken waarderen de erkenning van DNB dat de verbetermaatregelen die sinds vorig jaar zijn ingevoerd, effectief zijn”, aldus NVB-voorzitter Medy van der Laan. “Dit geeft banken een positieve impuls om de strijd tegen discriminatie voort te zetten.”

    Concreet zichtbare vooruitgang

    Volgens het DNB-rapport is de vooruitgang op verschillende gebieden concreet zichtbaar. Waar een jaar geleden nog veel tekortkomingen werden vastgesteld, is het thema nu sterker verankerd in de organisaties. Zo ligt het eigenaarschap op directieniveau en heeft een derde van de banken een bestuurder aangesteld die verantwoordelijk is voor dit onderwerp.

    Ondanks de geboekte vooruitgang blijft indirecte discriminatie een hardnekkige uitdaging. Zowel DNB als de banken erkennen dat het risico op indirecte discriminatie het moeilijkst is om aan te pakken. De NVB voegt hieraan toe dat indirecte discriminatie kan ontstaan wanneer wetten die op het eerste gezicht neutraal lijken, in de praktijk nadelig kunnen uitvallen voor specifieke groepen.

    Als voorbeeld wordt de sanctiewetgeving genoemd, die mensen die vaak transacties doen met bepaalde landen onevenredig kan treffen. De banken roepen beleidsmakers en politici dan ook op om discriminatie bij de implementatie van dergelijke wet- en regelgeving te voorkomen.

    In de betaalsector is de aanpak van discriminatierisico’s nog in de beginfase. Hoewel ze iets verder zijn dan de banken een jaar geleden, hebben ze nog veel te doen. Het meest opvallende verschil is dat geen van de onderzochte betaaldienstverleners een risicoanalyse heeft uitgevoerd naar het risico op discriminatie binnen hun Wwft- en Sw-processen.

    Voortdurende inzet van de banken

    De banken blijven zich inzetten om discriminatie verder terug te dringen. Ze werken momenteel aan duidelijke, gezamenlijke principes over hoe ze discriminatie kunnen tegengaan bij de toepassing van de Wwft en de Sanctiewet. Het doel is om deze afspraken in het eerste kwartaal van 2026 vast te stellen. De focus ligt duidelijk op de toekomst. Van der Laan benadrukt dat de aanpak van indirecte discriminatie de aandacht van iedereen vereist. Met gezamenlijke inspanning en transparantie wil de sector verder bijdragen aan een inclusieve financiële sector.

    Vraag & Antwoord

    Wat zijn de belangrijkste bevindingen van het DNB-rapport over discriminatie bij banken?
    Het rapport van de DNB stelt dat banken belangrijke stappen hebben gezet in de bestrijding van discriminatie. Het thema is nu sterker verankerd in de organisaties en er is duidelijke vooruitgang geboekt.

    Wat is de volgende grote uitdaging voor banken volgens DNB?
    De volgende grote uitdaging is de bestrijding van indirecte discriminatie. Dit is een complex en hardnekkig probleem dat constante aandacht vereist.

    Wat is de huidige status van de betaalsector in de aanpak van discriminatierisico’s?
    De aanpak van discriminatierisico’s in de betaalsector bevindt zich nog in de beginfase. Geen van de onderzochte betaaldienstverleners heeft een risicoanalyse uitgevoerd naar het risico op discriminatie binnen hun Wwft- en Sw-processen.

  • Voormalig DNB Hoofd Toezicht Steffie Schwillens Maakt Carrièreswitch Naar Ing

    Voormalig DNB Hoofd Toezicht Steffie Schwillens Maakt Carrièreswitch Naar Ing

    Steffie Schwillens maakt de overstap van De Nederlandsche Bank naar ING, na daar vijftien jaar te hebben gewerkt. In haar meest recente rol bij De Nederlandsche Bank was Schwillens als Hoofd Toezicht Financieel-Economische Criminaliteit verantwoordelijk voor het integriteitstoezicht op banken.

    Eerder in haar carrière heeft ze ook een bestuursfunctie bekleed bij het pensioenfonds van de toezichthouder en fungeerde ze als beleidsadviseur, gespecialiseerd in businessmodellen en strategische thema’s.

    Belangrijke rol in risicobeheer bij ING

    In haar nieuwe rol bij ING zal Schwillens verantwoordelijk zijn voor het beheer en de controle van niet-financiële risico’s en de bijbehorende wet- en regelgeving. Hierbij kan gedacht worden aan risico’s verbonden aan cybercriminaliteit, fraude, witwaspraktijken en duurzaamheidsvraagstukken.

    Schwillens krijgt tevens de leiding over de toekomstgerichte NFR-strategie (Non Financial Risk), met als doel het beheersen en mitigeren van opkomende risico’s.

    Vraag & Antwoord

    Waar heeft Steffie Schwillens eerder gewerkt voor haar aanstelling bij ING?
    Schwillens heeft 15 jaar bij De Nederlandsche Bank gewerkt, waar ze haar laatste functie bekleedde als Hoofd Toezicht Financieel-Economische Criminaliteit.

    Wat zijn de verantwoordelijkheden van Schwillens in haar nieuwe rol bij ING?
    Schwillens zal verantwoordelijk zijn voor het beheer en de controle van niet-financiële risico’s en de bijbehorende wet- en regelgeving bij ING. Ook zal ze de toekomstgerichte NFR-strategie leiden.

    Wat houdt de NFR-strategie in?
    De NFR-strategie, of de Non Financial Risk strategie, is gericht op het beheersen en mitigeren van opkomende risico’s die niet direct financieel van aard zijn, zoals cybercriminaliteit en duurzaamheidsvraagstukken.

  • DNB Benadrukt Praktijkvoorbeelden In Bijgewerkte Good Practices Sira

    DNB Benadrukt Praktijkvoorbeelden In Bijgewerkte Good Practices Sira

    SIRA (Systematische IntegriteitsRisico Analyse) is een gestructureerde methode die wordt ingezet om integriteitsrisico’s binnen een organisatie te identificeren, te analyseren, te beheersen en regelmatig te controleren.

    Waarom de Good Practices SIRA is herzien

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft een herziene versie van de Good Practices SIRA gepresenteerd, ter vervanging van de oude versie uit 2015. Het doel van deze herziening is het bieden van meer duidelijkheid, met de focus op een risicogebaseerde aanpak. Financiële instellingen kunnen aan de hand van deze bijgewerkte richtlijnen inzicht krijgen in hoe andere instellingen aan hun wettelijke verplichtingen voldoen met betrekking tot SIRA.

    Het uiteindelijke doel is om meer inzicht te krijgen in mogelijke integriteitsrisico’s, zoals witwassen, financiering van terrorisme, fraude en corruptie. Door deze risico’s effectief te beheersen, kan een organisatie voldoen aan de wet- en regelgeving en een integere bedrijfsvoering garanderen.

    Wat de herziene Good Practices SIRA biedt

    De herziene Good Practices SIRA biedt ten opzichte van de oude versie meer goede praktijkvoorbeelden van hoe integriteitsrisico’s kunnen worden geïdentificeerd en geanalyseerd. Daarnaast besteedt het bijgewerkte beleid ook aandacht aan het beheersen van integriteitsrisico’s en het monitoren van zowel de risico’s als de effectiviteit van de beheersmaatregelen.

    Vraag & Antwoord

    Wat is het doel van de herziene Good Practices SIRA?
    Het doel van de herziene Good Practices SIRA is om meer duidelijkheid te bieden, met een focus op een risicogebaseerde benadering. Het laat financiële instellingen zien hoe andere organisaties voldoen aan hun wettelijke verplichtingen met betrekking tot SIRA.

    Wat zijn de belangrijkste veranderingen in de herziene Good Practices SIRA?
    De herziene versie biedt meer praktijkvoorbeelden van hoe integriteitsrisico’s geïdentificeerd en geanalyseerd kunnen worden. Daarnaast besteedt deze versie ook aandacht aan het beheersen en monitoren van integriteitsrisico’s.

    Waarom is het belangrijk voor financiële instellingen om de herziene Good Practices SIRA te volgen?
    Door de herziene Good Practices SIRA te volgen, kunnen financiële instellingen mogelijke integriteitsrisico’s beter identificeren, analyseren, beheersen en monitoren. Dit stelt hen in staat om aan de wet- en regelgeving te voldoen en een integere bedrijfsvoering te waarborgen.

  • Bunq Krijgt Hoge Boete Vanwege ‘Serieuze Tekortkomingen’ In Antiwitwascontroles

    Bunq Krijgt Hoge Boete Vanwege ‘Serieuze Tekortkomingen’ In Antiwitwascontroles

    Uit een studie van de toezichthouder is gebleken dat Bunq tekortschoot in het opvolgen van waarschuwingen uit haar transactiemonitoringssysteem. Hierdoor werden aanwijzingen van mogelijke financiële misdrijven onvoldoende of niet onderzocht.

    Bovendien kon de online bank niet voldoende verklaren waarom transacties met vergelijkbare kenmerken in sommige gevallen wel en in andere gevallen niet bij FIU-Nederland werden gemeld. Dit bracht het risico met zich mee dat ongebruikelijke transacties te laat of helemaal niet werden opgemerkt en niet of niet op tijd werden gemeld.

    DNB concludeert dat Bunq onvoldoende inzicht had

    In totaal concludeert de Nederlandsche Bank (DNB) dat Bunq onvoldoende inzicht had in zowel haar klanten als hun transacties. “Banken spelen een cruciale rol in de bestrijding van ontwrichtende criminaliteit vanwege hun unieke toegang tot financiële informatie en transactiestromen,” onderstreept DNB. “Het is daarom van cruciaal belang dat ze effectieve antiwitwascontroles uitvoeren om de financiële sector schoon te houden.”

    De boete van € 2,6 miljoen werd al in mei opgelegd. Bunq tekende drie dagen later, op 9 mei, beroep aan. De bezwaartermijn loopt nog steeds. Een woordvoerder legt uit aan NU.nl dat Bunq haar rol als poortwachter serieus neemt en voortdurend verbeteringen aanbrengt. “We kijken dan ook met vertrouwen uit naar de rechtszaak over deze kwestie.”

    Tweede boete voor Bunq

    Dit is al de tweede boete die Bunq heeft gekregen voor een vergelijkbare reden. De online bank vocht de vorige boete aan en werd in oktober 2022 deels in het gelijk gesteld door het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBb).

    Het College oordeelde destijds dat DNB niet kon aantonen dat de screeningsmethode van Bunq (met behulp van AI) in strijd was met de wet, en evenmin dat de online bank tekortschoot in het monitoren van particuliere klanten.

    Het CBb oordeelde echter wel dat Bunq onvoldoende onderzoek deed naar de aard van het werk waarmee hun klanten geld verdienden. Ook werd geconcludeerd dat er onvoldoende aandacht werd besteed aan klanten met een prominente publieke functie.

    Vraag & Antwoord

    Waarom heeft Bunq de boete ontvangen?
    Bunq heeft de boete ontvangen omdat ze tekortschoot in het opvolgen van waarschuwingen uit haar transactiemonitoringssysteem en onvoldoende onderzoek deed naar de aard van het werk waarmee hun klanten geld verdienden. Dit resulteerde in onvoldoende antiwitwascontroles.

    Welke gevolgen kan dit hebben voor Bunq?
    Het ontvangen van zo’n boete kan de reputatie van Bunq schaden en mogelijk leiden tot strengere regelgeving en toezicht van de toezichthouders.

    Wat heeft Bunq gedaan na het ontvangen van de boete?
    Bunq tekende beroep aan tegen de boete en gaf aan haar rol als poortwachter serieus te nemen en voortdurend verbeteringen aan te brengen in haar antiwitwascontroles.

  • DNB Oordeeld Onrechtmatig: Cryptobedrijven Mogelijk Gecompenseerd Voor Toezichtkosten

    DNB Oordeeld Onrechtmatig: Cryptobedrijven Mogelijk Gecompenseerd Voor Toezichtkosten

    Het College van Beroep voor het bedrijfsleven (CBp), het hoogste bestuursrechtelijke college, heeft geoordeeld dat De Nederlandse Bank (DNB) in 2020 en 2021 onrechtmatig handelde door de kosten voor onder andere registratieaanvragen collectief door te rekenen aan alle cryptobedrijven. Volgens het CBp hadden deze kosten uitsluitend toegerekend mogen worden aan de betreffende partijen.

    Hoewel de betwiste bedragen relatief klein zijn, heeft de uitspraak een principieel karakter. De rechter bevestigde dat DNB de toezichtkosten niet collectief mocht doorberekenen, aangezien cryptobedrijven formeel alleen een registratieverplichting hebben en geen volledige vergunningsplicht.

    Hiermee volgt de rechter de argumentatie van de sector, die al langer ontevreden is over de hoogte en verdeling van de toezichtkosten.

    Grotere kwestie in behandeling bij Europees Hof van Justitie

    Een meer cruciale vraag wordt momenteel beoordeeld door het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg. Deze vraag betreft de reikwijdte van het witwastoezicht van DNB in 2021.

    Cryptobedrijven beweren dat ze in de praktijk te maken kregen met een vergunningsregime, inclusief uitgebreide controles van klanten en bedrijven, terwijl de Europese richtlijn alleen een registratieplicht voorschrijft. Als het Hof deze redenering volgt, kan DNB mogelijk verplicht worden om miljoenen euro’s aan toezichtkosten over meerdere jaren terug te betalen.

    De toezichtkosten hebben zich voor veel cryptobedrijven ontpopt als een zware last. In 2021 bedroegen de gezamenlijke kosten €1,7 miljoen, waardoor de rekening per bedrijf al snel meer dan honderdduizend euro bedroeg. Voor kleinere spelers bleek deze last onhoudbaar, met als gevolg dat zij de markt hebben verlaten. Het witwastoezicht is inmiddels overgedragen aan de Autoriteit Financiële Markten.

    Vraag & Antwoord

    Wat was de uitspraak van het College van Beroep voor het bedrijfsleven over de toezichtkosten?
    Het College oordeelde dat DNB de toezichtkosten niet collectief mocht doorberekenen aan alle cryptobedrijven, maar dat deze kosten alleen toegerekend hadden mogen worden aan de betreffende partijen.

    Waar ligt nu het belangrijkste vraagstuk?
    Het belangrijkste vraagstuk ligt nu bij het Hof van Justitie van de Europese Unie in Luxemburg. Zij beoordelen of het witwastoezicht van DNB in 2021 te verstrekkend was.

    Wat kan het gevolg zijn als het Hof van Justitie de redenering van de cryptobedrijven volgt?
    Als het Hof deze redenering volgt, kan DNB mogelijk verplicht worden om miljoenen euro’s aan toezichtkosten over meerdere jaren terug te betalen.

  • 92% Nederlanders Steunen Voortbestaan Contant Geld Ondanks Digitaliserende Economie

    92% Nederlanders Steunen Voortbestaan Contant Geld Ondanks Digitaliserende Economie

    De blijvende rol van contant geld in een digitaliserende wereld

    In het huidige tijdperk van toenemende digitalisering en de lopende discussie over de mogelijke introductie van een digitale euro, lijkt het belang van munten en bankbiljetten af te nemen. De afgelopen jaren is het aantal contante betalingen aan de kassa drastisch gedaald. Desondanks blijkt uit recent onderzoek van De Nederlandsche Bank (DNB) dat de steun voor het voortbestaan van contant geld onverminderd groot is.

    Een overweldigende 92% van de Nederlandse bevolking acht het belangrijk tot zeer belangrijk dat contant geld blijft bestaan. Het is opmerkelijk dat deze overtuiging nauwelijks tot niet afhankelijk is van individueel betaalgedrag: zelfs van de groep die aangeeft bijna nooit contant te betalen, vindt 78% het behoud ervan cruciaal.

    Onderliggende redenen voor de steun aan contant geld

    Volgens DNB zijn er diverse redenen voor deze brede steun. Keuzevrijheid wordt beschouwd als een groot goed, evenals de privacy die contante betalingen bieden en het gevoel van controle over de persoonlijke uitgaven.

    Daarnaast zien veel Nederlanders contant geld als een essentiële back-up voor situaties waarin elektronisch betalen niet mogelijk is, zoals bij een grootschalige pinstoring of stroomuitval.

    De publieke functie van contant geld

    De resultaten van het onderzoek versterken het standpunt van DNB dat contant geld een belangrijke publieke functie vervult. Als onderdeel van het ‘Pact Contant Geld’ werken DNB, banken en andere partijen samen om ervoor te zorgen dat contant geld goed beschikbaar en bruikbaar blijft voor iedereen in de samenleving.

    Vraag & Antwoord:

    Steunen Nederlanders het voortbestaan van contant geld?
    Ja, ondanks de toename van digitale betalingen, blijkt uit onderzoek van DNB dat 92% van de Nederlanders het voortbestaan van contant geld belangrijk tot zeer belangrijk vindt.

    Wat zijn de belangrijkste redenen voor de steun aan contant geld?
    De belangrijkste redenen voor deze steun zijn de keuzevrijheid, de privacy die contante betalingen bieden en het gevoel van controle over de eigen uitgaven. Bovendien zien veel Nederlanders contant geld als een essentiële back-up voor situaties waarin elektronisch betalen niet mogelijk is.

    Wat doet DNB om contant geld beschikbaar en bruikbaar te houden?
    DNB werkt samen met banken en andere partijen in het ‘Pact Contant Geld’. Het doel van dit pact is om ervoor te zorgen dat contant geld goed beschikbaar en bruikbaar blijft voor iedereen in de samenleving.