Tag: economie

  • G20-Top Ziet China Weigeren Boetekleed Aan Te Trekken Over Handelsoverschot Van 823 Miljard Dollar

    G20-Top Ziet China Weigeren Boetekleed Aan Te Trekken Over Handelsoverschot Van 823 Miljard Dollar

    De G20-landen probeerden China te bewegen tot een verandering van zijn handelspraktijken, maar kregen nul op het rekest. Peking wijst de kritiek op het enorme handelsoverschot van de hand en stelt dat de wereld er net van profiteert.

    Op de recente G20-bijeenkomst in Italië heeft China ferm geweigerd de kritiek op zijn handelsoverschot te aanvaarden. Het land zag zijn handelsoverschot in 2023 oplopen tot 823 miljard dollar (ongeveer 760 miljard euro), een aanzienlijke stijging ten opzichte van de 676 miljard dollar (ongeveer 625 miljard euro) die het in 2022 liet optekenen. De G20-landen, waaronder de Verenigde Staten en Europa, drongen aan op aanpassingen van het Chinese economische beleid, maar Peking stelde dat het met zijn export juist bijdraagt aan de wereldwijde welvaart.

    Deze houding van China benadrukt de groeiende spanningen rond internationale handel. Westerse landen vrezen oneerlijke concurrentie en een verstoring van de wereldmarkt door massale Chinese export, mede gedreven door overheidssubsidies. Wij zien hierin een voortzetting van een trend waarbij economische macht steeds meer als geopolitiek instrument wordt ingezet.

    Amerikaanse Druk Neemt Toe

    De Verenigde Staten heeft zich de voorbije maanden steeds kritischer opgesteld ten aanzien van de Chinese handelspraktijken. Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, bezocht China recent om de kwestie van het overschot aan productiecapaciteit en de effecten daarvan op de wereldmarkt aan te kaarten. Haar bezorgdheid spitst zich toe op sectoren zoals elektrische voertuigen en hernieuwbare energie, waar Chinese bedrijven met overheidssteun de prijzen onder druk zouden zetten. Deze druk lijkt vooralsnog weinig effect te hebben op de Chinese onderhandelingspositie.

    Gevolgen Voor De Wereldeconomie

    De weigering van China om zijn handelspolitiek aan te passen, kan verstrekkende gevolgen hebben voor de wereldeconomie. Het risico op een escalatie van handelsconflicten neemt toe, wat kan leiden tot hogere importtarieven en verstoringen van toeleveringsketens. Dit zou de consumentenprijzen kunnen opdrijven en de economische groei wereldwijd kunnen afremmen. Wij volgen dit nauwlettend, want de stabiliteit van de wereldhandel hangt voor een groot deel af van de bereidheid van grote economieën om compromissen te sluiten.

  • Na Vier Dagen Verlies Praat Fed-Bestuurder Waller Wall Street Naar Openingswinst

    Na Vier Dagen Verlies Praat Fed-Bestuurder Waller Wall Street Naar Openingswinst

    Waar de beurs in New York de voorbije dagen nog worstelde met dalende koersen, zagen beleggers woensdag een stevig herstel bij de opening. Dat gebeurde nadat Christopher Waller, een invloedrijk bestuurder bij de Amerikaanse centrale bank (Fed), zich uitsprak over het toekomstige rentebeleid. De S&P 500-index, die de vijfhonderd grootste beursgenoteerde bedrijven omvat, klom meteen 0,9 procent hoger.

    Waller sprak in New York over de inflatie en de aanpak van de Fed. Hij gaf aan dat de centrale bank de rente voorlopig ongewijzigd zal laten, tenzij de inflatie onverwacht opnieuw zou versnellen. Wij zien dat als een geruststelling voor de markten, die al langer speculeren over mogelijke renteverlagingen. De Fed hanteert momenteel een rentetarief tussen 5,25 en 5,50 procent, het hoogste niveau in meer dan twee decennia, om de inflatie te beteugelen.

    Geen haast met renteverlagingen

    De Fed-bestuurder benadrukte dat er geen haast is om de rente te verlagen, wat enigszins de verwachtingen tempert van beleggers die hoopten op snelle stappen. De economische groei in de Verenigde Staten blijft robuust en de arbeidsmarkt is nog steeds sterk, waardoor de noodzaak om de economie met lagere rentes te stimuleren minder groot is. Wij houden het erop dat de Fed de economie nauwlettend in de gaten zal houden en pas ingrijpt als de cijfers daar echt aanleiding toe geven.

    Toch verwachten veel analisten, waaronder die van Goldman Sachs, nog steeds twee renteverlagingen dit jaar. De eerste daarvan zou er dan in september komen, gevolgd door een tweede in december. De woorden van Waller lijken die verwachting echter wat te nuanceren; de Fed wil duidelijk de tijd nemen en niet overhaast te werk gaan. Het is een delicate evenwichtsoefening, want te lang wachten kan de economie afremmen, terwijl te snel ingrijpen de inflatie opnieuw kan aanwakkeren. Wij twijfelen of de markten al voldoende rekening houden met het scenario van minder dan twee verlagingen dit jaar.

    Inflatie blijft de sleutel

    De inflatie blijft voor de Fed de belangrijkste graadmeter. Waller gaf aan dat de recente inflatiecijfers van april, die een lichte afkoeling lieten zien, hoopvol zijn. De consumentenprijzen stegen in april met 0,3 procent op maandbasis, iets minder dan de verwachte 0,4 procent. Op jaarbasis kwam de inflatie uit op 3,4 procent. Dat is nog altijd boven de doelstelling van 2 procent, maar de trend is wel dalend. De volgende inflatiecijfers, die cruciaal zijn voor het rentebeleid, volgen op 12 juni. Tot die tijd blijft de onzekerheid over het exacte pad van de Fed bestaan.

  • Amerikaanse Werkgevers Zien Loonkosten Stijgen Met 1,2 Procent In Eerste Kwartaal

    Amerikaanse Werkgevers Zien Loonkosten Stijgen Met 1,2 Procent In Eerste Kwartaal

    De Amerikaanse arbeidskosten zijn in het eerste kwartaal van dit jaar met 1,2 procent gestegen. Dat blijkt uit de Employment Cost Index (ECI), die de loonkosten en secundaire arbeidsvoorwaarden meet. Economen hadden een stijging van 1,0 procent verwacht, terwijl in het slotkwartaal van vorig jaar de kosten nog met 1,1 procent toenamen. Deze cijfers, die door het Amerikaanse ministerie van Arbeid naar buiten werden gebracht, duiden op een vertraging in de groei van de arbeidskosten, wat voor de Federal Reserve goed nieuws is in haar strijd tegen inflatie.

    De ECI is een belangrijke graadmeter voor de Federal Reserve. Een aanhoudende loonstijging kan namelijk de inflatie aanwakkeren, omdat bedrijven hogere kosten doorberekenen aan consumenten. Wij zien dit als een teken dat de arbeidsmarkt mogelijk begint af te koelen, wat de druk op de centrale bank om de rente hoog te houden, kan verminderen. Een verdere vertraging zou de Fed meer ademruimte geven om eventuele renteverlagingen te overwegen, wat op zijn beurt de financiële markten kan beïnvloeden.

    Verschillen Per Sector

    Niet alle sectoren kenden dezelfde ontwikkeling. De lonen en salarissen in de private sector stegen met 1,1 procent in het eerste kwartaal, na een stijging van 1,0 procent in het vierde kwartaal van 2023. De kosten van secundaire arbeidsvoorwaarden, zoals pensioenen en ziektekostenverzekeringen, stegen zelfs met 1,1 procent, na een toename van 0,9 procent in het voorgaande kwartaal. Op jaarbasis stegen de totale arbeidskosten in de private sector met 4,2 procent, een lichte vertraging ten opzichte van de 4,3 procent in het vierde kwartaal.

    Vooral in de dienstensector en de publieke sector was er een merkbare vertraging in de loonstijging. De lonen in de private dienstensector stegen met 4,6 procent op jaarbasis, een daling ten opzichte van de 4,9 procent in het vorige kwartaal. De publieke sector zag een stijging van 4,3 procent, een kleine afname van de 4,7 procent in het vierde kwartaal. De kosten voor lonen en salarissen voor staats- en lokale overheden namen zelfs met 5,0 procent toe, een versnelling ten opzichte van de 4,1 procent uit het vierde kwartaal.

    Inflatie En Renteverlagingen

    De Federal Reserve heeft eerder aangegeven dat een aanhoudende afkoeling van de inflatie en de arbeidsmarkt nodig is voor eventuele renteverlagingen. Voorzitter Jerome Powell benadrukte onlangs dat de recente inflatiecijfers te hoog waren en dat de Fed geduld moet hebben. De voorlopige cijfers over de arbeidskosten zijn een stap in de goede richting, maar wij betwijfelen of dit alleen volstaat om de Fed te overtuigen van een snelle renteverlaging. De markt verwacht momenteel een eerste renteverlaging in september, wat later is dan eerder gedacht.

    De inflatie in de VS is de afgelopen maanden hardnekkiger gebleken dan de centrale bank had gehoopt, wat leidde tot een herijking van de verwachtingen voor renteverlagingen. Deze daling in de stijging van de arbeidskostenindex kan een signaal zijn dat de inflatiedruk vanuit de loonkant afneemt. Het blijft echter afwachten hoe de komende maanden de inflatie en de werkgelegenheid zich verder ontwikkelen, alvorens de Fed besluit over haar monetaire beleid.

  • Na Vier Renteverhogingen Hint Waller Op Pauze, Bitcoin Schiet Boven De 80.000 Euro

    Na Vier Renteverhogingen Hint Waller Op Pauze, Bitcoin Schiet Boven De 80.000 Euro

    De cryptomarkt reageerde positief op uitspraken van Christopher Waller, bestuurder bij de Amerikaanse Federal Reserve. Hij liet donderdag verstaan dat hij een pauze in de renteverhogingen deze maand zou steunen, mits de economische data van de komende twee weken dit bevestigen. Deze mededeling deed Bitcoin fors stijgen en brak door de grens van 80.000 Amerikaanse dollar, wat neerkomt op ongeveer 74.000 euro.

    De koers van Bitcoin steeg met 4,8 procent naar 80.510 dollar (ruim 74.300 euro) in 24 uur, volgens gegevens van CoinGecko. Ook goud kende een stijging van 2 procent, en de S&P 500-index ging 0,46 procent hoger. Deze beweging staat haaks op de verwachtingen die eerder deze week de ronde deden. Na een toespraak van Fed-voorzitter Kevin Warsh op 28 augustus, daalde Bitcoin onder de 78.000 dollar en rekenden handelaren massaal op een nieuwe renteverhoging in september. Nu lijkt het tij gekeerd, met de kans op een ongewijzigde rente die op Polymarket steeg van 41 procent naar 56 procent.

    Inflatie Blijft Aandachtspunt

    Waller deed zijn uitspraken tijdens een interview in Washington, waar hij benadrukte dat zijn besluit zwaar zal wegen op de inflatiecijfers van augustus. Die worden op 11 september bekendgemaakt, vier dagen voor de volgende vergadering van het Federal Open Market Committee (FOMC). Hoewel de ‘core’ inflatie over drie maanden tot juli 3,05 procent bedroeg, blijft dit nog boven het Fed-doel van 2 procent. De arbeidsmarkt daarentegen oogt gezond, met een werkloosheidspercentage dat in juli licht daalde naar 4,1 procent.

    Toch zijn er signalen die een ander verhaal vertellen. De ISM Services PMI, een belangrijke indicator voor de dienstensector, steeg in augustus naar 55,4 procent, een toename van 1,3 procentpunten ten opzichte van juli. Vooral de prijscomponent viel op, die met 72,6 procent het hoogste niveau bereikte sinds augustus 2022 en voor de vijfde keer in zes maanden boven de 70 procent uitkwam. Dit wijst erop dat de inflatiedruk in de dienstensector nog steeds aanwezig is, wat wij zien als een factor die de Fed-beslissing toch nog kan beïnvloeden.

    Bitcoin ETF’s Herpakken Zich

    De Amerikaanse spot Bitcoin ETF’s kenden woensdag opnieuw een positieve instroom van 101,1 miljoen dollar (ongeveer 93 miljoen euro), na een uitstroom van 236,5 miljoen dollar (circa 218 miljoen euro) op dinsdag. Deze hernieuwde interesse, gecombineerd met de macro-economische signalen, sterkt de overtuiging dat spot-gedreven vraag de markt ondersteunt, in plaats van speculatie via hefboomproducten. Analist Ryan Lee van Bitget merkte eerder al op dat Bitcoin de macro-economische schokken goed absorbeerde, zelfs toen de olieprijs steeg en de Amerikaanse 10-jaarrente richting 4,8 procent ging. Deze veerkracht van Bitcoin, ondanks bredere onzekerheid, maakt dat wij de munt in de gaten blijven houden.

  • Beleggers Zien Minder Ruimte Voor Renteverlaging Nu Werkgelegenheid In De Verenigde Staten Afzwakt

    Beleggers Zien Minder Ruimte Voor Renteverlaging Nu Werkgelegenheid In De Verenigde Staten Afzwakt

    De Amerikaanse private sector heeft in mei minder nieuwe banen gecreëerd dan verwacht. Dit nieuws kan de Federal Reserve meer bewegingsruimte geven om de rente te verlagen.

    De Amerikaanse arbeidsmarkt toonde in mei een onverwacht zwakker beeld. De private sector creëerde vorige maand 152.000 nieuwe banen, zo blijkt uit cijfers van loonverwerker ADP. Dit cijfer ligt fors onder de verwachtingen van economen, die rekenden op gemiddeld 173.000 nieuwe arbeidsplaatsen. Bovendien is het een duidelijke daling ten opzichte van de 188.000 banen die in april werden toegevoegd, een getal dat overigens ook neerwaarts werd bijgesteld van de eerder gemelde 192.000.

    Deze ontwikkeling op de arbeidsmarkt kan belangrijke gevolgen hebben voor het monetaire beleid van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve (Fed). Een afkoelende arbeidsmarkt is vaak een voorwaarde voor de Fed om de rente te verlagen, aangezien dit de inflatiedruk kan verminderen. Wij zien dit als een signaal dat de Fed mogelijk minder lang hoeft te wachten met het versoepelen van haar beleid dan eerder gedacht.

    Loonstijgingen Vertragen Ook

    Naast de banengroei vertragen ook de loonstijgingen. Werknemers die van baan wisselden, zagen hun salaris in mei met 7,8 procent toenemen, een daling ten opzichte van de 9,3 procent in april. Voor wie in dezelfde functie bleef, bedroeg de loonstijging 5 procent, iets minder dan de 5,1 procent een maand eerder. Dit is een gegeven dat de Fed nauwlettend in de gaten houdt, want te snelle loonstijgingen kunnen de inflatie aanwakkeren.

    Deze cijfers komen op een moment dat beleggers al wekenlang speculeren over het tijdstip van de eerste renteverlaging door de Fed. De markten reageerden dan ook positief op het nieuws, met futures die wijzen op een hogere kans op een renteverlaging in september. De Amerikaanse tienjaarsrente, een belangrijke graadmeter voor de economische verwachtingen, zakte na de publicatie van de ADP-cijfers.

    Belangrijke Week Voor Beleggers

    De publicatie van de ADP-cijfers is traditioneel een voorbode van het uitgebreidere werkgelegenheidsrapport van de Amerikaanse overheid, dat komende vrijdag verschijnt. Dat rapport, met de zogenaamde non-farm payrolls, omvat zowel de private als de publieke sector en wordt doorgaans als een nog belangrijkere indicator beschouwd. Economen verwachten voor dat rapport een groei van 185.000 banen in mei. Daarnaast zal de Fed volgende week woensdag haar rentebesluit bekendmaken en met nieuwe economische projecties komen.

    Al deze gegevens samen geven een complex beeld van de Amerikaanse economie. Enerzijds blijft de arbeidsmarkt veerkrachtig, maar de recente vertraging in banengroei en loonstijgingen duidt op een geleidelijke afkoeling. Wij houden het erop dat dit de Fed de nodige ademruimte geeft om de inflatie verder onder controle te krijgen, zonder de economie te hard af te remmen. De komende dagen zullen we zien of het officiële overheidsrapport dit beeld bevestigt en wat de markten dan precies doen.

  • Beleggers Zien S&P 500 Index 0,46 Procent Stijgen Na Obligatierente Van 4,79 Procent

    Beleggers Zien S&P 500 Index 0,46 Procent Stijgen Na Obligatierente Van 4,79 Procent

    De Amerikaanse beurzen kenden een positieve woensdag, gestimuleerd door een stabiliserende obligatiemarkt en minder angst voor verdere renteverhogingen door de Federal Reserve.

    De S&P 500 Index sloot woensdag 2 september 2026 0,46 procent hoger, terwijl de Dow Jones Industrial Average 0,56 procent steeg en de Nasdaq 100 Index 0,23 procent won. Deze stijgingen kwamen er nadat de 10-jarige Amerikaanse schatkistrente stabiliseerde op 4,79 procent. Dit was een opvallende ommekeer na een eerdere piek van 4,82 procent, die de hoogste was in twee jaar en negen maanden.

    De markten reageerden positief op twee belangrijke signalen. Ten eerste bleek het ADP-banenrapport voor augustus zwakker dan verwacht, met slechts 38.000 nieuwe banen tegenover de verwachte 47.000. Dit verminderde de verwachtingen voor een agressievere renteverhoging door de Federal Reserve. Ten tweede zorgden de ‘dovish’ opmerkingen van New York Fed-voorzitter John Williams voor opluchting. Hij stelde dat de inflatie gestaag blijft dalen, wat de kans op een verdere beleidsverstrakking verkleint. Deze uitspraken hielpen de dollarindex (-0,08 procent) te dalen na een eerdere stijging.

    ECB En BoJ Zien Hogere Rente In Het Verschiet

    Terwijl de Amerikaanse obligatiemarkt tekenen van stabilisatie vertoonde, was de situatie in Europa en Japan anders. De 10-jarige Duitse bundrente klom naar een 15-jaar hoogtepunt van 3,395 procent en de 10-jarige Britse giltrente bereikte een 19-jaar hoogtepunt van 5,289 procent. Joachim Nagel, bestuurslid van de ECB en voorzitter van de Bundesbank, waarschuwde dat de inflatie nog lang niet in de buurt van de middellangetermijndoelstelling is. Hij gaf aan dat de markten voor 95 procent kans rekening houden met een renteverhoging door de ECB in september. Wij zien hier een duidelijke indicatie dat de Europese Centrale Bank haar strijd tegen de inflatie onverminderd voortzet.

    Ook de Bank of Japan lijkt een koerswijziging voor te bereiden. BOJ-bestuurslid Hajime Takata suggereerde dat een renteverhoging van 25 basispunten deze maand niet uitgesloten is en dat zelfs opeenvolgende verhogingen mogelijk zijn. Dit leidde tot een significante stijging van de Japanse yen met 0,76 procent tegenover de dollar, herstellend van een dieptepunt van een maand. Wij merken op dat de Japanse overheid een hogere rente graag ziet om de yen te ondersteunen en inflatiedruk als gevolg van een zwakke yen tegen te gaan.

    Olieprijzen En Bedrijfsresultaten

    De olieprijzen stegen woensdag naar een zes weken hoogste punt door toenemende spanningen tussen de VS en Iran, wat aanvankelijk de angst voor hogere inflatie aanwakkerde. Toch stabiliseerden de crude-prijzen later op de dag, mede doordat de Amerikaanse energieminister Wright aangaf dat ruim 17 miljoen vaten olie door de Straat van Hormuz waren gepasseerd, wat de zorgen over het aanbod enigszins temperde. Die geopolitieke risico’s kunnen de stabilisatie van de obligatierente echter wel onder druk zetten, een element dat beleggers in het oog moeten houden.

    De aandelenmarkten kregen ook steun van sterke kwartaalresultaten. De S&P 500 ligt op koers voor een winstgroei van bijna 32 procent in het tweede kwartaal, wat ruim boven de prognoses van 23 procent ligt. Vooral de uitgaven voor artificiële intelligentie dragen hieraan bij, waarbij AI-infrastructuurbedrijven naar verwachting bijna 60 procent van de winst per aandeel-groei van de S&P 500 in het tweede kwartaal zullen bijdragen. Dit toont aan dat de AI-hype nog steeds een belangrijke motor is voor de Amerikaanse economie, en wij verwachten dat dit nog even zo blijft.

  • Sofina Stijgt Met 2,5 Procent, De Beleggingsholding Is De Grootste Stijger In De Bel20

    Sofina Stijgt Met 2,5 Procent, De Beleggingsholding Is De Grootste Stijger In De Bel20

    Na een eerdere daling op de beurs, laat het aandeel van de Belgische holding Sofina vandaag een opvallend herstel zien, wat de algemene trend van de Bel20 volgt.

    Waar de Bel20-index op een lichtgroene koers eindigde, sprong Sofina er vandaag uit als de sterkste stijger. Het aandeel van de holding, bekend om zijn investeringen in zowel beursgenoteerde als niet-beursgenoteerde bedrijven, klom met 2,5 procent. Dat is opmerkelijk, gezien het aandeel eerder dit jaar onder druk stond en rond het laagste punt in jaren noteerde. Wij lezen dit als een signaal van hernieuwde interesse na een periode van afwachtendheid.

    De algemene Bel20-index sloot de dag af met een lichte winst van 0,4 procent op 3.868,76 punten. Sofina’s prestatie is dus significant hoger dan het indexgemiddelde. De holding rapporteerde recent over het eerste kwartaal een nettoverlies van 49,6 miljoen euro, wat het resultaat was van een afwaardering van de investering in de Chinese techgigant ByteDance, de eigenaar van TikTok. Dit verlies staat in schril contrast met de nettowinst van 30,5 miljoen euro die Sofina in het eerste kwartaal van 2023 boekte.

    Groei Ondanks Verlies

    Ondanks het gerapporteerde verlies, groeit de intrinsieke waarde per aandeel van Sofina wel. Die klom in het eerste kwartaal met 2,1 procent tot 274,3 euro. Dat is een hard cijfer dat de veerkracht van de onderliggende activa van de holding toont, zelfs wanneer specifieke beleggingen zoals ByteDance tegenvallen. Voor beleggers is dit een belangrijke indicator, die verder kijkt dan de kwartaalresultaten en de langetermijnwaarde van het bedrijf weerspiegelt. Wij zien dit als een bewijs dat de brede portefeuille van Sofina, met investeringen in uiteenlopende sectoren zoals consumentenproducten, digitale transformatie en onderwijs, de klappen kan opvangen.

    Voorzichtig Optimisme

    De stijging van vandaag kan duiden op voorzichtig optimisme bij beleggers, mogelijk gestuwd door de brede markt of door een herwaardering van de onderliggende assets na de recente correctie. Het is nog te vroeg om te spreken van een duurzaam herstel, maar het is zeker een positieve beweging voor een aandeel dat de afgelopen tijd veel aandacht heeft gekregen vanwege zijn Chinese blootstelling. Of Sofina de komende weken de opwaartse trend kan vasthouden, zal vooral afhangen van de prestaties van zijn grote private posities en de verdere evolutie van de Chinese economie, die een belangrijke factor blijft voor een deel van de portefeuille.

  • Na Maanden Van Krimp Groeit Chinese Dienstensector Weer Met 52,5 Punten In April

    Na Maanden Van Krimp Groeit Chinese Dienstensector Weer Met 52,5 Punten In April

    De Chinese dienstensector heeft in april een opmerkelijke opleving gekend, na een periode van lichte krimp. De Caixin/S&P Global Purchasing Managers’ Index (PMI) voor de dienstensector steeg naar 52,5 punten, een duidelijke verbetering ten opzichte van de 52,2 punten die in maart werden genoteerd. Een score boven de 50 punten duidt op groei, wat betekent dat de sector na een dip in de voorgaande maanden nu weer een positieve ontwikkeling doormaakt.

    Deze groei is voornamelijk te danken aan een sterke toename van nieuwe orders. Binnenlandse klanten speelden hierin een cruciale rol. De export van diensten liet eveneens een lichte stijging zien, wat bijdraagt aan het algehele positieve sentiment. We zien dat dit cijfer een belangrijk signaal is voor de veerkracht van de Chinese economie, die al langer worstelt met de naweeën van de pandemie en een kwakkelende vastgoedmarkt. De Chinese dienstensector, die een aanzienlijk deel van het bruto binnenlands product (BBP) vertegenwoordigt en veel banen creëert, staat centraal in de herstelinspanningen van het land.

    Werkgelegenheid En Kosten Stijgen

    De groei van de dienstensector vertaalt zich ook naar de arbeidsmarkt. De werkgelegenheid in de sector nam voor de derde opeenvolgende maand toe, zij het in een iets trager tempo dan in maart. Dit wijst op een voorzichtige maar gestage toename van het vertrouwen bij bedrijven om nieuw personeel aan te werven. Tegelijkertijd zagen we dat de gemiddelde bedrijfskosten in april verder stegen, zij het in het traagste tempo van dit jaar. Die stijging kwam vooral door hogere kosten voor personeel en grondstoffen. Bedrijven probeerden deze hogere kosten deels door te berekenen aan hun klanten, wat resulteerde in een lichte stijging van de verkoopprijzen.

    De algemene bedrijfsoptimisme in de dienstensector nam in april toe tot het hoogste niveau in de afgelopen drie maanden. Dit suggereert dat bedrijven positiever zijn over hun vooruitzichten voor het komende jaar, ondanks aanhoudende uitdagingen. Wij houden het erop dat deze verbetering een welkome stimulans is voor de Chinese economie, die we in het eerste kwartaal van dit jaar al zagen groeien met 5,3 procent, wat boven de verwachtingen lag. Het is echter nog te vroeg om te zeggen of dit een duurzaam herstel inluidt of dat het een tijdelijke opleving betreft.

    Gemengd Beeld Met Industrie

    De goede prestaties van de dienstensector staan in contrast met de industrie. De Caixin/S&P Global PMI voor de industrie daalde in april naar 51,4 punten, van 51,1 punten in maart. Hoewel dit nog steeds wijst op groei, is de vertraging merkbaar. Gecombineerd weerspiegelt de samengestelde PMI (die zowel de industrie als de diensten omvat) nog steeds een robuuste groei van de Chinese bedrijfsgroei, met een index van 52,8 punten in april, tegenover 52,7 punten in maart. Dit samengestelde cijfer is het hoogste in bijna een jaar tijd, wat toch een positief beeld schetst voor de totale economische activiteit in China.

    De vraag blijft hoe lang deze groei kan aanhouden, zeker gezien de geopolitieke spanningen en de aanhoudende problemen in de vastgoedsector. Wij zien vooral dat de veerkracht van de Chinese consument en de binnenlandse vraag op dit moment de belangrijkste drijfveren zijn voor de economische groei. De overheid zal waarschijnlijk doorgaan met beleid dat de binnenlandse consumptie stimuleert om dit momentum vast te houden.

  • Belgen Pendelen Gemiddeld 61 Minuten Per Dag, Een Europees Record

    Belgen Pendelen Gemiddeld 61 Minuten Per Dag, Een Europees Record

    De dagelijkse reis van en naar het werk in België duurt voor het eerst gemiddeld langer dan een uur, waarbij een aanzienlijk deel van de pendelaars zelfs meer dan twee uur onderweg is. Dit patroon steekt schril af tegenover de Europese cijfers.

    Voor het eerst spenderen Belgen meer dan een uur per dag aan hun woon-werkverkeer. Uit een internationale studie van HR-dienstverlener SD Worx blijkt dat de gemiddelde pendeltijd in België is opgelopen tot 61 minuten per dag. Dit plaatst ons land ruimschoots boven het Europees gemiddelde van 48 minuten, wat de Belgische pendelaar de onbetwiste Europese kampioen maakt.

    De cijfers zijn opvallend, zeker als je bedenkt dat 13 procent van de Belgische werknemers dagelijks twee uur of meer onderweg is, soms zelfs meer dan 120 kilometer. Dat is een veel groter aandeel dan het internationale gemiddelde van 8 procent. Dit gegeven verklaart voor een deel waarom de totale gemiddelde pendeltijd zo hoog ligt. Mobiliteitsexpert Hajo Beeckman van VRT NWS wijst erop dat de verspreide woonlocaties in combinatie met de concentratie van werkgelegenheid in economische centra zoals de havens van Gent en Antwerpen, en de kenniscentra in Brussel, hier een grote rol in spelen.

    Historische Groei Van De Pendelcultuur

    De Belgische pendelcultuur is diep historisch geworteld. Al in de negentiende eeuw werd er bewust op ingezet om arbeiders in de steden te laten werken, terwijl ze op het platteland bleven wonen. Dit was mede ingegeven door politieke overwegingen, om te voorkomen dat het socialisme te sterk zou worden door massale verstedelijking. De aanleg van snelwegen en spoorwegen ondersteunde deze ontwikkeling. Dit historische aspect verklaart mogelijk waarom een aanzienlijk deel van de Belgen lange reistijden als een normaal onderdeel van de werkdag beschouwt; 34 procent van de Belgische werknemers geeft aan dat woon-werkverkeer hen significante werktijd kost, wat nauwelijks afwijkt van het gemiddelde van 32 procent in de onderzochte landen.

    Opmerkelijk is dat de bereidheid om te verhuizen voor werk in België lager ligt dan in buurlanden. Dit heeft te maken met de hoge woningbezitsgraad: zo’n 70 procent van de Vlamingen is eigenaar van een woning, een percentage dat elders in Europa beduidend lager is. In landen als Italië of Frankrijk verhuizen mensen dan ook sneller voor een job, mede omdat daar vaker gehuurd wordt.

    Openbaar Vervoer Schiet Tekort

    Hoewel het treinnet in België als redelijk betrouwbaar wordt beschouwd in vergelijking met Duitsland, blijkt het voor veel pendelaars geen volwaardig alternatief voor de wagen. Slechts drie op de tien Belgen woont in een centrumstad met goede treinverbindingen. Voor wie op het platteland woont, zijn overstappen vaak onvermijdelijk, waardoor de tijdwinst van de trein snel verloren gaat. De SD Worx-studie bevestigt dit beeld: slechts 25 procent van de vrouwen en 28 procent van de mannen vindt het openbaar vervoer handig, betrouwbaar en gemakkelijk bereikbaar, wat onder het Europees gemiddelde van 36 procent ligt.

    De studie toont ook duidelijke verschillen tussen mannen en vrouwen. Mannen zijn gemiddeld langer onderweg (65 minuten) dan vrouwen (56 minuten). Ook pendelt 23 procent van de mannen meer dan 100 kilometer per dag, tegenover 12 procent van de vrouwen. Vrouwen wonen dus dichter bij hun werk en hebben een lagere acceptabele pendeltijd (47 minuten versus 67 minuten voor mannen). Wij zien hierin een aanwijzing dat de keuze voor een job en woonplaats voor vrouwen vaker wordt bepaald door de nabijheid van werk en de noodzaak om werk en privé in evenwicht te houden. Dit kan bijvoorbeeld te maken hebben met de zorg voor kinderen of andere gezinsverantwoordelijkheden.

  • Bitcoin Beleggers Zien Koers Stijgen Na Verdedigde 76.350 Dollar

    Bitcoin Beleggers Zien Koers Stijgen Na Verdedigde 76.350 Dollar

    De grootste cryptomunt verraste de markt door te stijgen na een verdedigde steunlijn, terwijl de meeste signalen juist op een daling wezen. De Federal Reserve en een belangrijk banenrapport kunnen echter roet in het eten gooien.

    Bitcoin veerde op 3 september 2026 met ongeveer 1,5 procent terug tot boven de 77.600 dollar (ongeveer 71.500 euro). Dit gebeurde nadat kopers een belangrijke steunlijn rond 76.350 dollar (ongeveer 70.300 euro) wisten te verdedigen, zo meldt CoinDesk. Opvallend is dat deze stijging plaatsvond terwijl andere indicatoren, zoals de toegenomen instroom van Bitcoin op cryptobeurzen en de uitstroom van 236 miljoen dollar (ongeveer 217 miljoen euro) uit spot Bitcoin ETF’s, eerder op een mogelijke daling van de koers leken te duiden.

    De reactie van Bitcoin op de verdedigde steunlijn, die volgens analisten van Bitfinex overeenkomt met de gemiddelde aankoopprijs van actieve beleggers, toont de veerkracht van de munt. Toch is het opmerkelijk dat de koers in staat was om te stijgen zonder de gebruikelijke sterke steun vanuit de spotmarkt. Dit roept de vraag op hoe duurzaam deze opleving zal zijn, zeker gezien de bredere economische signalen en de afvlakkende groei van de stablecoin-voorraad, die rond de 310 miljard dollar (ongeveer 285 miljard euro) stabiliseerde.

    XRP Leidt De Weg, Maar September Brengt Meestal Daling

    Terwijl Bitcoin zich herstelde, liet XRP de sterkste prestatie zien onder de grote cryptomunten, met een stijging van bijna 3 procent naar 1,36 dollar (ongeveer 1,25 euro). Ook BNB en Solana lieten lichte winsten zien, met respectievelijk bijna 2 procent en 2 procent. Ethereum bleef hierbij achter. Over de afgelopen zeven dagen daalden de meeste grote munten, waaronder Ethereum met bijna 4 procent en XRP met ongeveer 3 procent, terwijl Bitcoin zelf met ongeveer 1 procent zakte. Alleen Zcash en Hyperliquid’s HYPE wisten wekelijkse winsten vast te houden.

    Analisten van Bitfinex waarschuwen voor de komende weken, gezien de historische prestaties van Bitcoin in september. Gemiddeld daalde de koers van Bitcoin in september met 2,95 procent sinds 2013. Hoewel het recente momentum van augustus mogelijk doorzet, verwachten zij dat eventuele correcties binnen de maand de kans op verdere stijgingen op langere termijn niet uitsluiten. Deze historische trend zorgt voor een extra laag van onzekerheid bovenop de huidige marktbewegingen, en wij volgen dan ook nauwlettend of Bitcoin deze keer de seizoensgebonden tegenwind kan doorstaan.

    Banenrapport Federal Reserve Cruciaal Voor Koersrichting

    De koers van Bitcoin wordt mede beïnvloed door de verwachtingen rondom het rentebeleid van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve. De kans op een renteverhoging in september wordt geschat op bijna 66 procent. Het banenrapport van vrijdag, dat de zogeheten ‘nonfarm payrolls’ omvat, kan doorslaggevend zijn voor deze verwachtingen. Een zwakker dan verwacht banenrapport zou de kans op een renteverhoging kunnen verlagen, wat de weg vrij zou maken voor Bitcoin om de grens van 80.000 dollar (ongeveer 73.600 euro) te doorbreken.

    De optiemarkt toont aan dat beleggers zich hierop voorbereiden, met bescherming tegen dalingen tussen de 68.000 dollar (ongeveer 62.600 euro) en 75.000 dollar (ongeveer 69.000 euro) tot de publicatie van het consumentenprijsindex (CPI) rapport op 11 september 2026. Nicolai Søndergaard, senior onderzoeksanalist bij Nansen, merkt op dat het ontbreken van consistente spot-stroombevestiging op dit moment de duurzaamheid van het herstel in twijfel trekt. Wij zien hierin een teken dat de markt nog zoekende is naar een duidelijke richting, en dat een macro-economische trigger zoals het banenrapport doorslaggevend kan zijn.

  • Goudprijs Klimt Naar Record Van 2.365 Dollar, Gedragen Door Centrale Banken

    Goudprijs Klimt Naar Record Van 2.365 Dollar, Gedragen Door Centrale Banken

    De goudprijs heeft zijn klim onverminderd voortgezet en piekte deze week naar een nieuw record van 2.365 dollar (ongeveer 2.190 euro) per troy ounce. Deze gestage opmars, die al een tijdje gaande is, wijst op een aanhoudende vraag en een groeiende onzekerheid op de wereldmarkten. Wij zien vooral dat een combinatie van factoren de edelmetaalprijs de hoogte injaagt.

    De stijging van de goudprijs heeft de jongste tijd alle verwachtingen overtroffen, zelfs die van traditionele goudanalisten. Velen hadden de grens van 2.100 dollar per troy ounce al als een stevige weerstand beschouwd. Dat dit niveau nu met gemak doorbroken is, toont aan dat de onderliggende krachten sterker zijn dan gedacht. Twee belangrijke pijlers dragen deze opwaartse trend: de aanhoudende aankopen door centrale banken en de toenemende geopolitieke spanningen.

    Centrale Banken Blijven Massa’s Goud Kopen

    Centrale banken wereldwijd hebben de voorbije twee jaar massaal goud ingeslagen. In het jaar 2022 kochten ze bijvoorbeeld 1.082 ton goud, gevolgd door nog eens 1.037 ton in 2023. De World Gold Council, die de goudmarkt nauwlettend volgt, meldt dat dit een onafgebroken trend is die ook in 2024 doorzet. Die aankopen vormen een cruciaal steunpunt voor de goudprijs. Wij houden het erop dat dit strategisch aankooppatroon, vaak gedreven door de wens om de reserves te diversifiëren en de afhankelijkheid van de Amerikaanse dollar te verminderen, een solide basis creëert voor verdere prijsstijgingen. Landen als China en India zijn hierin bijzonder actief, wat hun economische strategieën en monetaire beleid weerspiegelt.

    Geopolitieke Risico’s Drijven Vraag Op

    Naast de centrale banken speelt de mondiale geopolitieke situatie een belangrijke rol. Conflicten zoals de oorlog in Oekraïne en de onrust in het Midden-Oosten creëren een gevoel van onzekerheid. In tijden van crisis en instabiliteit zoeken beleggers traditioneel hun toevlucht tot veilige activa, en goud is daarvan de ultieme vertegenwoordiger. Dat lezen wij als een signaal dat de vraag naar goud niet alleen door economische overwegingen wordt gestuwd, maar ook door een dieper liggende behoefte aan bescherming tegen onverwachte gebeurtenissen. De aanhoudende dreiging van inflatie draagt hier eveneens aan bij; goud wordt vaak gezien als een betrouwbare hedge tegen een dalende koopkracht van valuta.

    Wat Wij Zien Voor De Toekomst Van Goud

    Terwijl de inflatie in veel westerse landen lijkt af te nemen, blijft de reële rente in de VS nog steeds negatief. Dit betekent dat de rente die je krijgt op spaargeld of obligaties, na correctie voor inflatie, lager is dan nul. Dat maakt goud aantrekkelijker als alternatief, omdat het geen rente oplevert maar ook niet erodeert door inflatie. Wij denken dat zolang deze situatie aanhoudt, en de geopolitieke spanningen niet significant afnemen, de opwaartse druk op de goudprijs zal blijven bestaan. De recente prijsstijgingen zijn geen kortstondige hype, maar eerder een reflectie van diepere structurele verschuivingen in de wereldwijde financiële en politieke landschappen. Het is nog afwachten hoe de prijs zich verder zal ontwikkelen, maar de signalen voor een verdere klim zijn duidelijk.

  • Werkgevers Betreuren Recordaantal Stakingsdagen In België, De Economie Lijdt Eronder

    Werkgevers Betreuren Recordaantal Stakingsdagen In België, De Economie Lijdt Eronder

    De Belgische werkgeversorganisatie Voka uit haar bezorgdheid over het recordaantal stakingsdagen dat het land in 2025 heeft gekend. Volgens cijfers van het Europese vakbondsinstituut ETUI werden er vorig jaar maar liefst 1.354.845 stakingsdagen geregistreerd, wat neerkomt op 313 stakingsdagen per 1.000 werknemers. Dit is een aanzienlijke stijging vergeleken met het vorige recordjaar 1999, toen er 299 stakingsdagen per 1.000 werknemers waren. Voka stelt dat deze acties de economie schaden en roept vakbonden op tot redelijkheid.

    De stakingen waren voornamelijk gericht tegen het besparingsbeleid van de regering-De Wever. Kurt Vandaele, onderzoeker bij ETUI, benadrukt dat meer dan een miljoen stakingsdagen uitzonderlijk veel is in historisch perspectief, met records die bijna alle categorieën doorbreken. Opvallend is ook dat het protest, in tegenstelling tot de acties van 1999 tegen het Globaal Plan van Dehaene, gespreid was over het hele jaar en niet geconcentreerd in één kwartaal. De socialistische vakbond ABVV bevestigt dit en wijt de acties aan een “kortzichtig en onverstandig regeringsbeleid” dat voelbaar is in de portemonnee van de mensen.

    Onderwijs En Openbare Sector Trekken De Kar

    Het zwaartepunt van de stakingsacties lag in 2025 duidelijk in het onderwijs, dat goed was voor 31,3 procent van alle stakingsdagen. De openbare sector in zijn geheel droeg bijna de helft bij, met 49,4 procent van de totale stakingsdagen. Maar ook in de privésector waren er uitzonderlijk veel stakingen, onder meer in de voedingsindustrie, de chemie en petroleumsector, en het transport en de logistiek.

    Regionale verschillen waren aanzienlijk. Wallonië telde 499 stakingsdagen per 1.000 werknemers, gevolgd door Brussel met 456 stakingsdagen. Vlaanderen kende met 192 stakingsdagen per 1.000 werknemers relatief minder acties, maar meer dan 500.000 stakingsdagen in Vlaanderen blijft een indrukwekkend aantal, aldus Vandaele. België profileert zich hiermee, samen met Frankrijk, als een van de stakingskampioenen van Europa, waarbij Voka opmerkt dat veel acties politiek geïnspireerd zijn en niet voortkomen uit bedrijfsinterne conflicten.

    Economische Groei Onder Druk

    Voka wijst erop dat België economische groei nodig heeft en dat een dergelijk stakingsgedrag hier niet bij helpt. “We roepen de vakbonden op om redelijkheid aan de dag te leggen bij stakingsacties,” klinkt het. De vakbonden zien de recordcijfers dan weer als een direct gevolg van een beleid dat de sociale vrede ondermijnt, met geblokkeerde lonen, indexsprongen en eenzijdige flexibiliteit. Wij zien vooral dat de diepe kloof tussen werkgevers en werknemers, aangewakkerd door het huidige beleid, tot een historisch hoogtepunt is gekomen en voorlopig niet lijkt te verdwijnen.

  • Gimv Wil Miljard Euro Investeren, En Jaagt Op Minstens Één Nieuw Miljardenbedrijf

    Gimv Wil Miljard Euro Investeren, En Jaagt Op Minstens Één Nieuw Miljardenbedrijf

    De Belgische investeringsmaatschappij Gimv heeft ambitieuze plannen voor de komende vijf jaar. Het bedrijf wil een miljard euro in veertig tot vijftig ondernemingen pompen, met de expliciete bedoeling om zo minstens één nieuwe ‘unicorn’ te creëren – een bedrijf dat meer dan een miljard euro waard is.

    Gimv, de Belgische investeringsmaatschappij, heeft zijn strategie voor de volgende vijf jaar uitgerold. Het bedrijf, dat al decennia actief is, wil niet minder dan een miljard euro investeren in veertig tot vijftig bedrijven. Het hoofddoel is daarbij om een heuse kweekvijver te worden voor minstens één nieuw miljardenbedrijf, oftewel een ‘unicorn’, zo meldt CEO Koen Dejonckheere in Trends Knack.

    De focus ligt daarbij op het ondersteunen van snelgroeiende Europese bedrijven die een flinke sprong willen maken. Dit toont aan dat Gimv, ondanks zijn lange geschiedenis, niet terugschrikt voor stevige ambities. De investeringsmaatschappij zag de koers van haar aandeel de afgelopen twaalf maanden met ongeveer 10 procent stijgen, wat deels de financiële slagkracht voor deze nieuwe plannen weerspiegelt. Het is een duidelijke boodschap dat de investeerder gelooft in de groeikansen van innovatieve ondernemingen in Europa.

    Nieuwe investeringsfondsen en focus op groei

    Gimv plant de financiering van deze investeringen via nieuwe fondsen en door de verkoop van reeds succesvolle participaties. Een aanzienlijk deel, zo’n 750 miljoen euro, zal afkomstig zijn van externe investeerders, terwijl Gimv zelf 250 miljoen euro zal bijdragen. Dit model stelt het bedrijf in staat om een grotere impact te maken dan enkel met eigen middelen mogelijk zou zijn. Het gaat hierbij niet alleen om geld, maar ook om expertise en een netwerk dat de geselecteerde bedrijven kan helpen schalen.

    De strategie omvat verder een sterke focus op vier specifieke platformen: Connected Consumer, Health & Care, Smart Industries en Sustainable Cities. Deze sectoren worden gezien als de drijvende krachten achter de economie van morgen, met veel potentieel voor disruptieve groei. Wij zien vooral dat deze gerichte aanpak helpt om risico’s te spreiden en tegelijkertijd diepgaande sectorkennis op te bouwen, wat cruciaal is voor het succes van groeibedrijven.

    Potentieel voor de Belgische economie

    De ambities van Gimv reiken verder dan enkel financiële rendementen. Het creëren van miljardenbedrijven kan een aanzienlijke impuls geven aan de Belgische en Europese economie, zowel op het vlak van werkgelegenheid als innovatie. Het is geen sinecure om een bedrijf naar een waardering van meer dan een miljard euro te tillen; wereldwijd lukt dit slechts een klein percentage van alle start-ups. De toewijding van Gimv aan dit doel benadrukt het vertrouwen in het Europese ondernemersklimaat.

    Wij zouden hier niet spreken van een eenvoudige opgave, want de concurrentie om de beste groeibedrijven is hevig. Toch bewijst de recente koersontwikkeling van Gimv zelf, met een notering rond de 47 euro per aandeel, dat de markt vertrouwen heeft in hun vermogen om waarde te creëren. De komende jaren zullen uitwijzen of deze investeringsstrategie de verwachte ‘unicorn’ zal opleveren en de Belgische investeringsmaatschappij opnieuw op de kaart zet als kweekvijver voor toptalent.

  • Nederlandse Economie Groeit Door Defensie-Uitgaven, Politieke Prioriteiten Verschuiven Zoals Verwacht

    Nederlandse Economie Groeit Door Defensie-Uitgaven, Politieke Prioriteiten Verschuiven Zoals Verwacht

    De verwachte economische groei van Nederland in 2024 komt vooral door toenemende uitgaven aan defensie, een trend die de afgelopen jaren al zichtbaar was en nu een duidelijke impact heeft op het bruto binnenlands product.

    De Nederlandse economie is dit jaar vooral gegroeid dankzij de toenemende uitgaven aan defensie. Dit blijkt uit een analyse van de Nederlandse economie, waaruit naar voren komt dat deze overheidsinvesteringen een significant deel van de verwachte groei voor hun rekening nemen. Het is een duidelijke verschuiving in de economische motor van het land.

    De extra investeringen in defensie zijn het directe gevolg van internationale afspraken en een veranderd geopolitiek klimaat. Sinds de Russische invasie in Oekraïne hebben veel Europese landen, waaronder Nederland, hun defensiebudgetten fors opgeschroefd om te voldoen aan de NAVO-norm van 2 procent van het bruto binnenlands product (bbp). Deze trend zien wij als een structurele verandering die de komende jaren de economie mee zal blijven beïnvloeden.

    Defensie-uitgaven Stijgen Forseer

    De defensie-uitgaven van Nederland zijn de afgelopen jaren al gestaag toegenomen. In 2023 bereikte het budget al 1,7 procent van het bbp, wat neerkomt op een totale uitgave van 15 miljard euro. Dit was een verdubbeling ten opzichte van de 7,5 miljard euro in 2015. De verwachting is dat dit percentage en het absolute bedrag in 2024 verder zullen stijgen, en de 2 procent-norm in 2025 bereikt wordt.

    De investeringen omvatten onder meer de aankoop van nieuw materieel, zoals geavanceerde wapensystemen en voertuigen, maar ook uitbreiding van personeel en de modernisering van infrastructuur. Deze uitgaven vloeien direct de economie in, creëren vraag en stimuleren de productie in sectoren als de maakindustrie, technologie en dienstverlening. Het is een injectie die, in tegenstelling tot consumptie door huishoudens, minder gevoelig is voor economische schommelingen op korte termijn.

    Breed Economisch Effect

    Hoewel de defensie-uitgaven op het eerste gezicht een niche lijken, hebben ze een breed economisch effect. Ze zorgen niet alleen voor directe werkgelegenheid binnen de defensiesector, maar ook indirect bij toeleveranciers en in de bredere dienstensector. Wij zien dat dit soort grootschalige overheidsinvesteringen in tijden van economische onzekerheid een stabiliserende factor kunnen zijn. Tegelijkertijd roept het de vraag op hoe duurzaam deze groeimotor is op lange termijn, zeker als de geopolitieke spanningen zouden afnemen. Dat kan twee kanten op, al is daar nu nog geen sprake van.

    De huidige situatie in Nederland is niet uniek; meerdere Europese landen verhogen hun defensiebudgetten. Dit leidt tot een collectieve impuls voor de Europese economieën, al is de omvang en de impact per land verschillend. Voor Nederland betekenen deze investeringen een belangrijke steunpilaar voor de economische groei in een jaar waarin andere sectoren mogelijk minder sterk presteren. Het effect op het bbp is dus niet te onderschatten.

  • België Zakt Naar Zesde Plaats Van Europese Bierproducenten Nu Alcoholvrij Bier Meetelt

    België Zakt Naar Zesde Plaats Van Europese Bierproducenten Nu Alcoholvrij Bier Meetelt

    Eurostat, het statistisch bureau van de EU, paste zijn meetmethode aan, waardoor België een positie verloor in de rangschikking van bierproducerende landen.

    De Belgische brouwsector is dit jaar buiten de top vijf van grootste bierproducerende landen in de Europese Unie gevallen. Dit komt doordat Eurostat, het statistisch bureau van de EU, voor het eerst de productie van alcoholvrij bier meerekende in zijn rangschikking voor 2025. België leverde echter geen cijfers aan voor deze categorie, waardoor het land door Frankrijk werd gepasseerd en nu op de zesde plaats staat.

    De top vier, die al jarenlang stabiel is, blijft ongewijzigd. Duitsland behoudt zijn leidende positie met een productie van 7,4 miljard liter bier, wat neerkomt op ruim een vijfde van de totale Europese bierproductie. Spanje staat op de tweede plek, gevolgd door Polen en Nederland. De totale bierproductie binnen de EU bedroeg vorig jaar 34 miljard liter, maar kende in de meeste landen een dalende trend.

    Spanje Ziet Productie Stevige Stijgen

    Waar de meeste landen een daling in hun bierproductie zagen, valt Spanje op met een stijging van bijna een kwart sinds 2024. Dat is opmerkelijk, gezien de algemene krimp in de Europese biersector. De toename in Spanje is het resultaat van een groeiende populariteit van bier, zowel bij de lokale bevolking als bij de bijna honderd miljoen toeristen die het land in 2025 bezochten. Brouwers spelen hier slim op in door bier te positioneren als een verfrissend alternatief voor wijn, perfect voor het mediterrane klimaat.

    De positie van Duitsland als grootste producent is te verklaren door zijn omvangrijke bevolking en hoge bierconsumptie per hoofd van de bevolking. Duitsland telt bovendien meer dan duizend brouwerijen. Ook de aanwezigheid van grote, internationaal opererende brouwers zoals AB InBev, Heineken en Carlsberg speelt een rol bij de hoge productiecijfers in landen als Nederland en Polen, die veel exporteren.

    Alcoholvrij Bier In De Lift

    De beslissing van Eurostat om alcoholvrij bier mee te tellen, weerspiegelt een bredere trend. In Duitsland bijvoorbeeld, steeg de productie van alcoholvrij bier in 2025 met 6,6 procent ten opzichte van 2024, terwijl de productie van alcoholhoudend bier met 5,8 procent daalde. Dit duidt op een verschuiving in consumentenvoorkeuren en een groeiend aanbod van alcoholvrije alternatieven.

    Voor België, de bakermat van wereldspeler AB InBev en thuisbasis van talloze andere brouwerijen met een groeiend alcoholvrij assortiment, biedt dit een duidelijk signaal. Als de Belgische autoriteiten volgend jaar wel de cijfers voor alcoholvrij bier aanleveren aan Eurostat, is de kans groot dat het land zijn plek in de top vijf van Europese bierproducenten kan heroveren. Wij houden het erop dat deze nieuwe methodologie de sector dwingt tot meer transparantie over de volledige productportefeuille.