Tag: energiekosten

  • Producentenprijzen Eurozone Stijgen Harder Dan Verwacht Door Hoge Energiekosten

    Producentenprijzen Eurozone Stijgen Harder Dan Verwacht Door Hoge Energiekosten

    Fabrieksprijzen in de eurozone zijn in augustus steviger toegenomen dan de maand ervoor, met een jaarlijkse stijging van 8,2 procent. De Europese Centrale Bank kijkt gespannen naar deze cijfers in aanloop naar haar rentebesluit.

    De fabrieken in de eurozone hebben in augustus hun prijzen met 1,9 procent verhoogd ten opzichte van de maand juli. Op jaarbasis, vergeleken met augustus vorig jaar, gaat het zelfs om een stijging van 8,2 procent. Deze toename was een stuk forser dan analisten vooraf hadden ingeschat en overtreft de cijfers van juli, toen de producentenprijzen nog met 1,6 procent maandelijks en 5,8 procent jaarlijks stegen.

    De belangrijkste aanjager van deze prijsstijgingen zijn de energiekosten. Energieprijzen stegen in augustus met 5,6 procent op maandbasis en maar liefst 21 procent op jaarbasis. Zonder de volatiele energiecomponent noteerden de producentenprijzen een veel bescheidenere stijging van 0,2 procent maandelijks en 3,4 procent jaarlijks, zo blijkt uit gegevens van Eurostat.

    Wij zien hierin vooral de aanhoudende druk van de energieprijzen, die de productiekosten voor bedrijven blijven opdrijven. Dit maakt het voor de Europese Centrale Bank (ECB) een lastige afweging. Donderdag verschijnen de notulen van het laatste rentebesluit van de ECB, en beleggers zullen daarin zoeken naar hints over een mogelijke verdere verkrapping van het monetaire beleid. De ECB houdt de vinger aan de pols om te zien of deze hogere energiekosten leiden tot ’tweede ronde’-effecten, waarbij de inflatie zich breder verspreidt in de economie.

    De hogere producentenprijzen betekenen dat bedrijven hun kosten waarschijnlijk zullen doorberekenen aan consumenten, wat de inflatiedruk kan aanwakkeren. Dit staat in contrast met de situatie in de Verenigde Staten, waar de inflatie minder hard oploopt en de Federal Reserve mogelijk minder snel geneigd is tot verdere renteverhogingen. Voorlopig voorspellen de markten echter nog wel één renteverhoging in zowel Europa als de VS in december.

    Terwijl traditionele markten reageren op dergelijke macro-economische cijfers, tonen cryptomarkten zoals Bitcoin (BTC) en Ethereum (ETH) zich veerkrachtiger, althans de afgelopen tijd. Bitcoin noteert op 5 oktober om 11:33 76.562 euro, een stijging van 8,1 procent over de afgelopen dertig dagen. Ethereum staat op hetzelfde moment op 2.424 euro, wat een toename van 10,7 procent in dertig dagen betekent. De angst- en hebzuchtmeter voor crypto staat momenteel op ‘Greed’ (70 van de 100), wat duidt op een positief sentiment onder beleggers, los van de inflatiecijfers uit de eurozone.

    Technische analyse

    De recente koersbewegingen laten zien dat zowel Bitcoin als Ethereum zich boven hun belangrijke 50- en 200-daags voortschrijdend gemiddelde bevinden, wat doorgaans als een bullish signaal wordt gezien. Bitcoin heeft het weerstandsniveau rond de 75.000 euro doorbroken en test nu de volgende weerstandzone rond 78.000 euro, terwijl Ethereum een vergelijkbare opwaartse trend laat zien en de 2.500 euro test. De Relative Strength Index (RSI) voor beide munten bevindt zich in de neutrale zone, wat ruimte laat voor verdere stijgingen zonder direct ‘overbought’ te raken, en de koersbewegingen gaan gepaard met een solide handelsvolume.

    Marktsentiment

    Het algemene sentiment op de cryptomarkt is momenteel overwegend positief, zoals geïllustreerd door de Fear & Greed Index die op 70 staat, wat duidt op ‘Greed’. Dit optimisme wordt verder ondersteund door een gestage instroom in institutionele crypto-ETF’s, wat aangeeft dat meer grote spelers de markt betreden. Zowel funding rates als open interest blijven gezond, zonder tekenen van overmatige speculatie die vaak aan de vooravond van een correctie staan.

    Fundamentele analyse

    Bitcoin en Ethereum blijven profiteren van een toenemende adoptie, zowel door particulieren als door bedrijven die de voordelen van blockchain-technologie zien. De aanstaande protocol-updates voor Ethereum, gericht op schaalbaarheid en efficiëntie, dragen bij aan het positieve vooruitzicht. Hoewel de correlatie met traditionele macro-economische cijfers zoals producentenprijzen soms beperkt is, kan een ruimere economische onzekerheid een vlucht naar ‘veilige havens’ zoals Bitcoin teweegbrengen.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Als Bitcoin het niveau van 78.000 euro duurzaam doorbreekt, kan dit de weg vrijmaken naar de psychologische grens van 80.000 euro, gesteund door aanhoudende instroom in ETF’s.
    • Bear-scenario: Een terugval onder 74.000 euro voor Bitcoin, mogelijk getriggerd door onverwacht hawkish beleid van de ECB of de Fed, zou kunnen leiden tot een correctie richting de 70.000 euro.

    Wat betekent dit nu?

    De hogere producentenprijzen in de eurozone zetten de ECB onder druk, maar de cryptomarkt lijkt vooralsnog zijn eigen koers te varen. Terwijl beleggers in traditionele activa de notulen van de centrale banken afwachten, blijft het sentiment in crypto gunstig. Een eventuele renteverhoging in Europa of de VS kan kortstondig voor volatiliteit zorgen, maar de fundamentele groei en technische sterkte van Bitcoin en Ethereum suggereren dat de positieve trend op langere termijn kan aanhouden.

  • Noodfonds Energie Opent Met 193 Miljoen Euro Budget, Maar Lost Energiearmoede Niet Op

    Noodfonds Energie Opent Met 193 Miljoen Euro Budget, Maar Lost Energiearmoede Niet Op

    Vanaf 4 januari kunnen huishoudens in Nederland opnieuw een beroep doen op het Noodfonds Energie, dat dit jaar 193 miljoen euro beschikbaar stelt. Hoewel de regeling ruimer is opgezet, zijn experts kritisch over de structurele oplossing van energiearmoede.

    Vanaf 4 januari kunnen Nederlandse huishoudens met een laag inkomen en een hoge energierekening weer aankloppen bij het Noodfonds Energie. De regeling loopt tot en met 7 mei en heeft een budget van 193 miljoen euro, ruim drie keer meer dan vorig jaar. De overheid verwacht hiermee ongeveer 500.000 huishoudens te kunnen ondersteunen. De uitbetalingen variëren van 120 tot 1.800 euro per huishouden, gespreid over twaalf maanden.

    Deze ronde van het noodfonds is breder toegankelijk dan voorheen. Zo kunnen nu ook studenten en huishoudens met blokverwarming of een aansluiting op een warmtenet een aanvraag indienen. Daarnaast is de aanvraagprocedure vereenvoudigd, met onder meer de mogelijkheid voor een papieren aanvraag en een langere indieningstermijn van vier maanden. Dit is een directe reactie op eerdere kritiek van de Nationale Ombudsman, die de procedure vorig jaar als ‘oneerlijk’ bestempelde vanwege de digitale drempels.

    Tijdelijke pleister op de wonde

    Ondanks de verbeteringen en het grotere budget blijven experts kritisch. Zij zien het noodfonds als een tijdelijke noodmaatregel die de kern van het probleem, de ‘verborgen energiearmoede’, niet aanpakt. TNO-onderzoeker Peter Mulder wijst erop dat veel huishoudens met een laag inkomen bewust de verwarming nauwelijks aanzetten om kosten te besparen. Hierdoor blijft hun energierekening laag, waardoor ze buiten de boot vallen bij regelingen die juist kijken naar hoge energiekosten. Zoals Peter Mulder aangeeft: “Hun energierekening blijft zo laag, maar dat betekent wel dat ze in de winter in de kou zitten.”

    De gemiddelde tegemoetkoming van 360 euro per huishouden die minister Hans Vijlbrief verwacht, schiet voor veel mensen tekort. Vorig jaar kwamen arme huishoudens met hoge energiekosten gemiddeld zo’n 600 euro per jaar tekort. Directeur Marieke Vollering van Energiebank Nederland benadrukt dat deze groep dagelijks moet kiezen tussen koken of stoken. Wij zien vooral dat een hogere uitkering per aanvrager mogelijk meer zoden aan de dijk zou zetten, in plaats van de focus te leggen op een breder bereik met een lager gemiddeld bedrag.

    Waarom het fonds later opent

    Het Noodfonds Energie opent later dan oorspronkelijk gepland. Dit is een bewuste keuze van het kabinet, omdat verwacht wordt dat de energietarieven vanaf 1 januari verder zullen stijgen. Door de aanvraagperiode pas op 4 januari te starten, kunnen deze hogere tarieven worden meegenomen in de beoordeling, waardoor huishoudens mogelijk aanspraak kunnen maken op een hogere tegemoetkoming. Deze aanpak kan leiden tot een effectievere ondersteuning voor degenen die het het hardst nodig hebben, al blijft het een reactie op de gevolgen en niet op de oorzaken van de stijgende energiekosten.

    De context van de stijgende energiekosten is complex. Wereldwijde gebeurtenissen, zoals de oorlog in het Midden-Oosten, drijven de energierekening verder op. Terwijl de angst-en-hebzuchtmeter in de cryptomarkt op 29 september om 15:32 nog op 73 stond (Greed), wat duidt op een positief sentiment onder beleggers, ervaren veel huishoudens juist een toenemende financiële druk. Deze kloof tussen de financiële markten en de dagelijkse realiteit van veel burgers is opvallend.

    Wat betekent dit nu?

    Het Noodfonds Energie biedt dit jaar een welkome verlichting voor een grotere groep huishoudens. De verbeterde toegankelijkheid en het hogere budget zijn positieve stappen. Echter, wij houden het erop dat de fundamentele kwestie van energiearmoede en de structurele aanpak daarvan nog onvoldoende aandacht krijgen. Het blijft een tijdelijke pleister op een diepere wond, die vraagt om langetermijnoplossingen. De discussie over structurele maatregelen en het actief opsporen van kwetsbare huishoudens zal onverminderd doorgaan.

  • Vanaf 2027 Betaalt Een Gemiddeld Huishouden 89 Euro Meer Voor Het Nederlandse Stroomnet

    Vanaf 2027 Betaalt Een Gemiddeld Huishouden 89 Euro Meer Voor Het Nederlandse Stroomnet

    De kosten voor het onderhoud en beheer van het stroom- en gasnet in Nederland zullen volgend jaar flink toenemen, vooral door de enorme investeringen in de energietransitie.

    Waar huishoudens tot nu toe de kosten voor het stroomnet gestaag zagen stijgen, komt daar in 2027 een aanzienlijke versnelling in. De Nederlandse toezichthouder ACM heeft een prognose vrijgegeven waaruit blijkt dat de gemiddelde huishoudens volgend jaar 89 euro meer kwijt zullen zijn aan hun energienet dan dit jaar. Dat is een stijging van bijna 20 procent, wat nog bovenop de verwachte hogere kosten voor gas en elektriciteit zelf komt.

    Deze forse toename weerspiegelt de gigantische investeringen die Nederlandse netbeheerders, zoals Liander en Stedin, moeten doen. Nederland wil immers meer huizen bouwen en minder afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen, wat betekent dat er extra kabels en transformatorstations nodig zijn voor nieuwe wijken en windparken op zee. Volgens de ACM zijn deze investeringen noodzakelijk, en worden ze via de transporttarieven doorberekend aan zowel huishoudens als bedrijven.

    Investeringen Schieten Omhoog

    De kosten voor de verbouwing van het stroomnet nemen de komende jaren alleen maar toe. In 2023 investeerden de netbeheerders nog iets meer dan 6 miljard euro in het stroomnet. Dit jaar wordt verwacht dat dit bedrag al verdubbeld is, en tegen 2028 zou het zelfs boven de 16 miljard euro per jaar kunnen uitkomen. Dat is een stijging van ruim 160 procent ten opzichte van de investeringen van vorig jaar, wat de schaal van de uitdaging duidelijk maakt.

    Toch verwachten de netbeheerders zelf dat de jaarlijkse stijging na 2027 zal afvlakken tot 5 à 7 procent per jaar. De uitzonderlijk hoge stijging voor volgend jaar komt deels doordat eerdere netuitbreidingen duurder uitvielen dan verwacht. Bovendien hanteert de ACM een nieuwe rekenmethode die netbeheerders sneller vergoedt en hen beter in staat stelt in te spelen op onzekere kosten. Wij zien hierin een poging om de netbeheerders financieel gezond te houden, wat essentieel is voor de broodnodige energietransitie, al komt de rekening wel direct bij de consument terecht.

    Flexibele Tarieven Op Komst

    Niet alle netbeheerders verhogen hun tarieven even sterk. Liander, een van de grootste spelers, verhoogt de kosten met 23 procent, terwijl kleinere partijen zoals Coteq hun tarieven gelijk houden of zelfs licht verlagen. Dit verschil kan te maken hebben met de lokale infrastructuur en de specifieke investeringsbehoeften in hun verzorgingsgebieden.

    Om de pieken op het stroomnet te verminderen en verdere investeringen te beperken, willen de netbeheerders vanaf 2029 werken met een flexibeler tariefsysteem. Dit betekent dat het dan uitmaakt op welk moment van de dag je stroom verbruikt, vergelijkbaar met dal- en piekuren voor stroomlevering. Zo hoopt men de vraag beter te spreiden en de druk op het net te verlichten, wat op termijn de kostenstijging mogelijk kan temperen. Het is een delicate balans tussen noodzakelijke investeringen en de betaalbaarheid voor de burger, een vraagstuk dat uiteindelijk bij de politiek lijkt te landen.

  • Nederlandse Planbureaus Zien Nauwelijks Daling Energiekosten Door Nieuwe EU-Klimaatregels

    Nederlandse Planbureaus Zien Nauwelijks Daling Energiekosten Door Nieuwe EU-Klimaatregels

    De Europese Unie wil de industrie ontlasten door de regels voor CO2-uitstoot te versoepelen, maar een gezamenlijk rapport van het CPB en PBL toont aan dat de impact op energiekosten minimaal is. Wel verwachten de planbureaus een aanzienlijke toename van de CO2-uitstoot.

    De Europese Commissie stelde in juli een versoepeling voor van de klimaatregels om de concurrentiepositie van Europese bedrijven te verbeteren. De belangrijkste aanpassing betreft het systeem van CO2-rechten, waarbij bedrijven langer de tijd en meer hulp krijgen om hun uitstoot te verminderen. Klimaatcommissaris Wopke Hoekstra wil onder meer het tempo verlagen waarmee het aantal beschikbare emissierechten naar nul wordt teruggebracht. Dit moet de prijzen voor die rechten doen dalen, en zo de energiekosten voor de industrie drukken.

    Echter, een gezamenlijk rapport van het Nederlandse Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) laat een ander beeld zien. Volgens hun berekeningen zullen de prijzen van de CO2-rechten inderdaad met ruim een tiende dalen dankzij Hoekstra’s plannen. Dit vertaalt zich echter in een minimale besparing voor bedrijven: slechts 2 euro per megawattuur gas. Een druppel op een hete plaat, als je weet dat de marktprijs voor diezelfde hoeveelheid gas momenteel ruim 70 euro bedraagt. Dit lezen wij als een signaal dat de voorgestelde maatregelen de kern van het energieprobleem niet aanpakken, aangezien de impact op de totale energiefactuur van bedrijven te verwaarlozen is.

    Forse Toename CO2-uitstoot Verwacht

    De geringe kostendaling staat in schril contrast met de verwachte impact op het klimaat. Het CPB en PBL waarschuwen dat Hoekstra’s voorstellen de CO2-uitstoot in de EU de komende 25 jaar fors zullen doen toenemen. Het rapport raamt een netto toename van de uitstoot die meer dan elf keer de jaarlijkse uitstoot van Nederland bedraagt. Dit cijfer is gebaseerd op een ruwe doorrekening van de maatregelen die direct invloed hebben op de prijs van de emissierechten. Andere plannen van Hoekstra, zoals extra steun voor verduurzaming, zijn hierin niet meegenomen omdat ze de prijs van de rechten niet wezenlijk veranderen.

    Deze bevindingen suggereren dat de Europese Unie een moeilijke afweging maakt tussen economische concurrentiekracht en klimaatambities. Wij zien vooral dat het versoepelen van klimaatregels een dure manier is om een klein verschil te maken op het vlak van energiekosten, met grote ecologische gevolgen. De milieuorganisaties reageerden dan ook fel op de plannen van Hoekstra in juli, en bestempelden ze als een onaanvaardbare afzwakking van de klimaatdoelen. Ook binnen het bedrijfsleven waren de reacties verdeeld; sommigen zagen het als een stap in de goede richting, terwijl de Europese koepel voor de chemische industrie (Cefic) stelde dat de plannen tekortschieten om de oplopende CO2-kosten aan te pakken.

    Effectievere Oplossingen Liggen elders

    CPB-onderzoeker Herman Vollebergh benadrukt dat de plannen de energiekosten wel drukken, maar te weinig om de meeste bedrijven echt te helpen. De daling valt bovendien in het niet bij de gestegen olie- en gasprijzen, mede door geopolitieke spanningen. Om energie goedkoper te maken, zouden andere middelen effectiever zijn. Vollebergh noemt specifiek het verlagen van de energiebelasting, vooral op stroom, als een maatregel die bedrijven meer zou helpen. Dit toont aan dat er wellicht efficiëntere wegen zijn om de industriële energiekosten te beheersen zonder de klimaatdoelstellingen significant te compromitteren.

    De plannen van Hoekstra zullen naar verwachting nog flink onderhandeld worden in Brussel. Gezien de verdeeldheid onder de lidstaten en de kritiek die er nu al is, lijkt het onwaarschijnlijk dat de voorstellen in hun huidige vorm de eindstreep halen. Sommige landen overwegen zelfs om het hele systeem van CO2-rechten te schrappen of te pauzeren, wat de complexiteit van de situatie nog verder onderstreept.

  • Energiekosten Dwingen Tether Tot Beëindiging Bitcoin Mijnbouw In Uruguay

    Energiekosten Dwingen Tether Tot Beëindiging Bitcoin Mijnbouw In Uruguay

    Tether, de uitgever van de enorme stabiliteitsmunteenheid USDT, heeft besloten zijn Bitcoin-mijnbouwactiviteiten in Uruguay stop te zetten. Deze beslissing staat niet op zichzelf; ze is een reactie op de stijgende energieprijzen die de winstgevendheid van hun operaties ernstig onder druk zetten.

    Volgens lokale media heeft Tether aan het ministerie van Arbeid en Sociale Zekerheid in Uruguay bevestigd dat het 30 van zijn 38 werknemers in het land ontslaat. Onduidelijk blijft of deze beslissing ook gevolgen heeft voor hun bredere strategie in de regio.

    Toch is het belangrijk om het grotere plaatje in overweging te nemen. Tether, dat in oktober een winst van 10 miljard dollar rapporteerde voor de eerste drie kwartalen van 2025, heeft ambities om de grootste Bitcoin-mijnwerker ter wereld te worden, zoals CEO Paolo Ardoino heeft aangegeven. Het maakt strategische stappen, maar deze recente afbouw in Uruguay illustreert de uitdagingen die gepaard gaan met energie-intensievere activiteiten.

    In september werden er al berichten verspreid over een geschil tussen Tether en de Uruguayaanse overheidsenergiebedrijf UTE, dat naar verluidt een schuld van 5 miljoen dollar betrof. Gezien de hoge energiekosten in het land, zal Tether zijn operationele basis op zoek moeten naar meer kosteneffectieve oplossingen.

    Tether’s USDT is de meest verhandelde digitale munt, met een marktwaarde van maar liefst 184,4 miljard dollar. Het fungeert als een digitale dollar, met reserves die de stabiliteit van de 1:1-pariteit met de Amerikaanse dollar waarborgen. Dit maakt de munt cruciaal voor handelaren die snel in en uit digitale transacties willen stappen, zoals Bitcoin-aankopen. Het gebruik van USDT biedt traders de mogelijkheid om hun posities te beheren met een laag risico op volatiliteit.

    De focus op Latijns-Amerika werd versterkt toen Tether in januari naar het Bitcoin-vriendelijke El Salvador verhuisde en in maart een meerderheidsbelang verwierf in Adecoagro, een landbouwbedrijf in de regio. De vraag naar goedkope energie in Zuid-Amerikaanse landen blijft een interessante factor voor Bitcoin-mijnbouwers, gezien de grote energiebehoefte van datacenterinfrastructuren.

    De afbouw van de activiteiten in Uruguay en de strategische keuzes die Tether maakt, hebben niet alleen gevolgen voor hun bedrijfsvoering, maar vormen ook een interessante casus voor investeerders. Hoe zal de mythische zoektocht naar goedkope energie de bitcoinprijzen beïnvloeden? En wat betekent dit voor de toekomst van Tether als speler in de crypto-markt?

    Vraag & Antwoord

    Waarom stopt Tether zijn Bitcoin-mijnbouw in Uruguay?
    Tether sluit zijn operaties in Uruguay vanwege hoge energieprijzen die de winstgevendheid onder druk zetten.

    Wat is de impact van het ontslag van personeel op Tether’s activiteiten?
    Het ontslag van het meeste personeel in Uruguay wijst op een strategische heroverweging en kan toekomstige expansieplannen in de regio beïnvloeden.

    Hoe belangrijk is USDT in de huidige cryptomarkt?
    Als de meest verhandelde digitale munt biedt USDT traders de benodigde stabiliteit om effectief in de volatiele crypto-markt te opereren, waardoor het een cruciale speler blijft.