Tag: Eurostat

  • Producentenprijzen Eurozone Stijgen Harder Dan Verwacht Door Hoge Energiekosten

    Producentenprijzen Eurozone Stijgen Harder Dan Verwacht Door Hoge Energiekosten

    Fabrieksprijzen in de eurozone zijn in augustus steviger toegenomen dan de maand ervoor, met een jaarlijkse stijging van 8,2 procent. De Europese Centrale Bank kijkt gespannen naar deze cijfers in aanloop naar haar rentebesluit.

    De fabrieken in de eurozone hebben in augustus hun prijzen met 1,9 procent verhoogd ten opzichte van de maand juli. Op jaarbasis, vergeleken met augustus vorig jaar, gaat het zelfs om een stijging van 8,2 procent. Deze toename was een stuk forser dan analisten vooraf hadden ingeschat en overtreft de cijfers van juli, toen de producentenprijzen nog met 1,6 procent maandelijks en 5,8 procent jaarlijks stegen.

    De belangrijkste aanjager van deze prijsstijgingen zijn de energiekosten. Energieprijzen stegen in augustus met 5,6 procent op maandbasis en maar liefst 21 procent op jaarbasis. Zonder de volatiele energiecomponent noteerden de producentenprijzen een veel bescheidenere stijging van 0,2 procent maandelijks en 3,4 procent jaarlijks, zo blijkt uit gegevens van Eurostat.

    Wij zien hierin vooral de aanhoudende druk van de energieprijzen, die de productiekosten voor bedrijven blijven opdrijven. Dit maakt het voor de Europese Centrale Bank (ECB) een lastige afweging. Donderdag verschijnen de notulen van het laatste rentebesluit van de ECB, en beleggers zullen daarin zoeken naar hints over een mogelijke verdere verkrapping van het monetaire beleid. De ECB houdt de vinger aan de pols om te zien of deze hogere energiekosten leiden tot ’tweede ronde’-effecten, waarbij de inflatie zich breder verspreidt in de economie.

    De hogere producentenprijzen betekenen dat bedrijven hun kosten waarschijnlijk zullen doorberekenen aan consumenten, wat de inflatiedruk kan aanwakkeren. Dit staat in contrast met de situatie in de Verenigde Staten, waar de inflatie minder hard oploopt en de Federal Reserve mogelijk minder snel geneigd is tot verdere renteverhogingen. Voorlopig voorspellen de markten echter nog wel één renteverhoging in zowel Europa als de VS in december.

    Terwijl traditionele markten reageren op dergelijke macro-economische cijfers, tonen cryptomarkten zoals Bitcoin (BTC) en Ethereum (ETH) zich veerkrachtiger, althans de afgelopen tijd. Bitcoin noteert op 5 oktober om 11:33 76.562 euro, een stijging van 8,1 procent over de afgelopen dertig dagen. Ethereum staat op hetzelfde moment op 2.424 euro, wat een toename van 10,7 procent in dertig dagen betekent. De angst- en hebzuchtmeter voor crypto staat momenteel op ‘Greed’ (70 van de 100), wat duidt op een positief sentiment onder beleggers, los van de inflatiecijfers uit de eurozone.

    Technische analyse

    De recente koersbewegingen laten zien dat zowel Bitcoin als Ethereum zich boven hun belangrijke 50- en 200-daags voortschrijdend gemiddelde bevinden, wat doorgaans als een bullish signaal wordt gezien. Bitcoin heeft het weerstandsniveau rond de 75.000 euro doorbroken en test nu de volgende weerstandzone rond 78.000 euro, terwijl Ethereum een vergelijkbare opwaartse trend laat zien en de 2.500 euro test. De Relative Strength Index (RSI) voor beide munten bevindt zich in de neutrale zone, wat ruimte laat voor verdere stijgingen zonder direct ‘overbought’ te raken, en de koersbewegingen gaan gepaard met een solide handelsvolume.

    Marktsentiment

    Het algemene sentiment op de cryptomarkt is momenteel overwegend positief, zoals geïllustreerd door de Fear & Greed Index die op 70 staat, wat duidt op ‘Greed’. Dit optimisme wordt verder ondersteund door een gestage instroom in institutionele crypto-ETF’s, wat aangeeft dat meer grote spelers de markt betreden. Zowel funding rates als open interest blijven gezond, zonder tekenen van overmatige speculatie die vaak aan de vooravond van een correctie staan.

    Fundamentele analyse

    Bitcoin en Ethereum blijven profiteren van een toenemende adoptie, zowel door particulieren als door bedrijven die de voordelen van blockchain-technologie zien. De aanstaande protocol-updates voor Ethereum, gericht op schaalbaarheid en efficiëntie, dragen bij aan het positieve vooruitzicht. Hoewel de correlatie met traditionele macro-economische cijfers zoals producentenprijzen soms beperkt is, kan een ruimere economische onzekerheid een vlucht naar ‘veilige havens’ zoals Bitcoin teweegbrengen.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Als Bitcoin het niveau van 78.000 euro duurzaam doorbreekt, kan dit de weg vrijmaken naar de psychologische grens van 80.000 euro, gesteund door aanhoudende instroom in ETF’s.
    • Bear-scenario: Een terugval onder 74.000 euro voor Bitcoin, mogelijk getriggerd door onverwacht hawkish beleid van de ECB of de Fed, zou kunnen leiden tot een correctie richting de 70.000 euro.

    Wat betekent dit nu?

    De hogere producentenprijzen in de eurozone zetten de ECB onder druk, maar de cryptomarkt lijkt vooralsnog zijn eigen koers te varen. Terwijl beleggers in traditionele activa de notulen van de centrale banken afwachten, blijft het sentiment in crypto gunstig. Een eventuele renteverhoging in Europa of de VS kan kortstondig voor volatiliteit zorgen, maar de fundamentele groei en technische sterkte van Bitcoin en Ethereum suggereren dat de positieve trend op langere termijn kan aanhouden.

  • Amerika Vraagt Europa 120 Miljoen Vaten Diesel Vrij Te Geven

    Amerika Vraagt Europa 120 Miljoen Vaten Diesel Vrij Te Geven

    De Verenigde Staten willen dat de Europese Unie een aanzienlijk deel van haar strategische dieselvoorraden op de markt brengt om de brandstofprijzen te drukken. Washington hint op een exportverbod als Europa niet meewerkt, een discussie die het Witte Huis liever vermijdt.

    De Amerikaanse regering heeft de Europese Unie officieel verzocht om in de komende zes maanden 120 miljoen vaten diesel uit haar strategische reserves vrij te geven. Deze vraag, die meer dan een derde van de totale Europese voorraad vertegenwoordigt, is gericht op het verlagen van de wereldwijd hoge dieselprijzen.

    De inzet is hoog, want de Amerikaanse minister van Energie, Chris Wright, heeft volgens bronnen van Politico in een brief aan de EU gesuggereerd dat een weigering van Europa de discussie over een mogelijk exportverbod op Amerikaanse diesel zou kunnen aanwakkeren. Dit voorstel komt op een moment dat president Donald Trump de brandstofkosten wil drukken, met het oog op de tussentijdse verkiezingen in november.

    Vraag onder druk

    De oproep van de VS is geen vrijblijvende suggestie. De dieselprijs staat niet alleen in Europa op een recordhoogte, ook de Amerikaanse consument voelt de druk aan de pomp. De Amerikaanse regering, en dan met name president Trump, ziet de hoge prijzen als een politieke handicap en zoekt naar manieren om snel verlichting te brengen.

    De Europese Unie beschikt over strategische dieselreserves die volgens Eurostat geschat worden op 315 miljoen vaten. Het loslaten van 120 miljoen vaten, wat neerkomt op zo’n 38 procent van deze voorraad, is een significante ingreep. Het gros van deze Europese reserves ligt opgeslagen in landen als Duitsland, Frankrijk, Italië, Spanje en Polen.

    Wij zien hier vooral een poging van Washington om de bal in het kamp van Europa te leggen, mogelijk om de binnenlandse druk op de eigen regering te verminderen. De dreiging met een exportverbod, hoewel door velen binnen de Amerikaanse energiesector als contraproductief gezien, blijft een krachtig onderhandelinstrument.

    Diplomatisch steekspel

    Hoewel de brief van Wright naar verluidt een ‘hypothetische’ vraag bevatte, ‘Wat vindt u ervan dat Europa een deel van de reserves vrijgeeft om de prijzen te verlagen en de druk op het aanbod te vergroten?’, is de ondertoon duidelijk. Het zou de Amerikaanse regering ‘helpen om de discussie over het exportverbod niet voort te zetten’, zo citeert Politico uit de brief. Reuters interpreteert de communicatie zelfs als een directe ‘waarschuwing’.

    De Amerikaanse energiesector heeft zich eerder al uitgesproken tegen een exportverbod, omdat dit de kosten voor Amerikaanse gezinnen juist zou kunnen verhogen en de wereldwijde markt verder zou destabiliseren. Het voorstel aan Europa lijkt dan ook een strategische zet om een alternatief te bieden voor deze drastische maatregel, waarvan de impact op de wereldwijde energiemarkten vergelijkbaar zou kunnen zijn met een forse beursdaling zoals we die wel eens zien bij grote geopolitieke schokken.

    Ter vergelijking: terwijl de energiesector wereldwijd met zulke uitdagingen kampt, zien we op de cryptomarkten een iets ander beeld. Bitcoin noteert op 2 oktober om 04:30 75.530 euro, een stijging van 10,0 procent over de afgelopen dertig dagen, wat aantoont dat de traditionele en digitale markten vaak uiteenlopende dynamieken kennen.

    Europees dilemma

    Voor Europa is dit verzoek een dubbelzijdige medaille. Enerzijds is er de wens om de dieselprijs te stabiliseren, wat zowel consumenten als bedrijven ten goede zou komen. Anderzijds wil men de strategische reserves op peil houden, zeker gezien de aanhoudende geopolitieke spanningen, zoals de oorlog in Oekraïne en de onrust in het Midden-Oosten, die de aanvoerlijnen voor brandstof kunnen verstoren. De Europese afhankelijkheid van Amerikaanse brandstoffen is de laatste jaren toegenomen, nadat de invoer uit Rusland werd beperkt.

    De Europese Commissie en de 27 lidstaten zullen zich over deze kwestie buigen. Een woordvoerder van de Europese Commissie benadrukte dat een vrijgave van reserves alleen kan plaatsvinden binnen het kader van het Internationaal Energieagentschap, wat een gecoördineerde internationale aanpak vereist en de besluitvorming complexer maakt.

    Het is duidelijk dat de VS haar politieke en economische invloed aanwendt om haar eigen binnenlandse problemen op te lossen, wat de Europese landen voor een lastige keuze stelt tussen solidariteit met een belangrijke bondgenoot en het behoud van hun eigen energiezekerheid. Wij zouden hier niet te snel een besluit verwachten, gezien de delicate belangen die op het spel staan voor alle partijen.

  • 3,3 Procent Vacaturegraad: België Blijft De Op Een Na Krapste Arbeidsmarkt Van Europa

    3,3 Procent Vacaturegraad: België Blijft De Op Een Na Krapste Arbeidsmarkt Van Europa

    De Belgische arbeidsmarkt koelt af, maar blijft met een vacaturegraad van 3,3 procent nog steeds een van de krapste van de Europese Unie. Enkel Nederland doet het slechter, met een nog hogere spanning.

    Uit recente cijfers van Eurostat blijkt dat de Belgische vacaturegraad is gezakt van 3,9 naar 3,3 procent. Hoewel dit een van de sterkste dalingen binnen de EU is, blijft de spanning op de arbeidsmarkt in België aanzienlijk. Ons land bekleedt nog steeds de tweede plaats op de Europese ranglijst van krapte, enkel voorbijgestreefd door Nederland.

    De afkoeling van de Belgische arbeidsmarkt, waarbij de vacaturegraad met 0,6 procentpunt daalde, was bijna even sterk als in Cyprus, waar de daling 0,7 procentpunt bedroeg. In de meeste andere EU-lidstaten was er eveneens een daling of bleven de cijfers stabiel, met uitzondering van Slovenië, Griekenland en Zweden waar de vacaturegraad licht toenam. Desondanks ligt de Belgische vacaturegraad van 3,3 procent nog ruim boven het Europese gemiddelde van 2 procent.

    Vraag Naar Gekwalificeerd Personeel Blijft

    Wim Van der Linden, arbeidsmarktanalist bij Randstad, wijst erop dat de afkoeling van de markt niet overal even sterk is. Vooral de dienstensector in België kent met 4,4 procent de hoogste vacaturegraad van de hele Europese Unie, aanzienlijk hoger dan het Europese gemiddelde van 2,1 procent voor deze sector. Hierdoor blijft de vraag naar gekwalificeerd personeel, vooral in de IT-sector en zakelijke en ondersteunende diensten, onverminderd groot.

    Anders is de situatie in de industrie en de bouw, waar de vacaturegraad is teruggevallen van 3,7 procent vorig jaar naar 3 procent dit kwartaal. Deze sectorale verschillen tonen aan dat, hoewel de algemene spanning afneemt, er nog steeds een duidelijke mismatch is tussen vraag en aanbod op specifieke delen van de arbeidsmarkt.

    Werkgevers Kiezen Voor Gerichte Werving

    Na een periode van ‘oververhitting’ ziet Van der Linden de arbeidsmarkt normaliseren. Dit leidt tot een verandering in de strategie van werkgevers. Waar er na de covidpandemie nog sprake was van ‘labour hoarding’ – het koste wat het kost vasthouden van personeel – schakelen bedrijven nu over naar gerichte aanwervingen voor sleutelposities. Wij zien dit als een teken dat bedrijven voorzichtiger worden, maar tegelijkertijd strategischer omgaan met hun personeelsbehoeften.

    De aanhoudende krapte op de Belgische arbeidsmarkt, ondanks de recente afkoeling, blijft een uitdaging voor zowel werkgevers als werknemers. De mismatch tussen de gevraagde vaardigheden en het beschikbare talent zorgt ervoor dat de druk op bepaalde sectoren hoog blijft. Hoe deze dynamiek zich verder zal ontwikkelen in een onzekere economische omgeving, valt nog af te wachten.

  • Eurozone Inflatie Stijgt Naar 3,2 Procent, Schatting Was Hoger

    Eurozone Inflatie Stijgt Naar 3,2 Procent, Schatting Was Hoger

    De Europese inflatie is in augustus verder opgelopen, voornamelijk door duurdere energie. Toch valt de uiteindelijke stijging gunstiger uit dan eerder voorspeld, wat een kleine meevaller kan zijn voor de Europese Centrale Bank.

    Statistiekbureau Eurostat heeft bevestigd dat de inflatie in de eurozone in augustus is gestegen. Consumentenprijzen namen op jaarbasis toe van 2,9 procent in juli naar 3,2 procent in augustus. Dat is een lichte stijging, maar wel gunstiger dan de voorlopige schatting van 3,3 procent die eerder werd gecommuniceerd.

    De belangrijkste aanjager van deze inflatiestijging zijn de energieprijzen, die met 14,3 procent toenamen. Dat is een aanzienlijke versnelling ten opzichte van de 10,3 procent in juli en 8,5 procent in juni. De prijzen voor diensten werden in augustus 3,0 procent duurder, wat dan weer een lichte daling is tegenover de 3,3 procent in juli.

    Kerninflatie Biedt Een Lichtpunt

    Terwijl de totale inflatie stijgt, biedt de kerninflatie een klein lichtpuntje. Deze belangrijke indicator, die de volatiele prijzen van energie en voeding buiten beschouwing laat, daalde licht van 2,5 procent in juli naar 2,4 procent in augustus. Een daling van de kerninflatie kan betekenen dat de onderliggende prijsdruk in de economie afneemt, wat cruciaal is voor de Europese Centrale Bank (ECB) in haar strijd tegen inflatie.

    Wij zien hierin vooral dat de hardnekkigheid van de inflatie nog niet helemaal is gebroken, maar dat de trend wel in de juiste richting lijkt te gaan op de kern van de economie. Deze cijfers leggen een grote druk op de ECB om een balans te vinden tussen het bestrijden van inflatie en het voorkomen van een economische recessie. Op dit moment is de markt nog verdeeld over de volgende rentestappen. De Bitcoin-koers, die we op 18 september om 06:31 uur noteerden op 67.193 euro, laat een stijging van 20,2 procent over dertig dagen zien, wat aantoont dat de bredere financiële markten een zekere mate van optimisme behouden, zelfs met aanhoudende inflatiezorgen.

    Wat Dit Betekent Voor Het Beleid

    De inflatiecijfers voor augustus, hoewel iets lager dan de eerste raming, blijven boven de gewenste 2 procent van de ECB. Dit betekent dat de druk op de toezichthouder aanhoudt om het monetaire beleid strak te houden. De focus zal nu verschuiven naar de komende maanden, waarin de effecten van eerdere renteverhogingen duidelijker zullen worden en energieprijzen een minder vluchtige rol zouden moeten spelen.

    Het is duidelijk dat de strijd tegen inflatie een marathon is, geen sprint. De vraag is of de afname van de kerninflatie sterk genoeg is om de opwaartse druk van de energieprijzen te compenseren en een verdere verkrapping van het monetaire beleid te voorkomen.

  • 2,0 Procent Stijging Voor Eurozone Export In April, Import Blijft Dalen

    2,0 Procent Stijging Voor Eurozone Export In April, Import Blijft Dalen

    De uitvoer van goederen uit de negentien landen van de eurozone steeg in april naar 241,1 miljard euro, wat een lichte groei markeert na een eerdere daling. Tegelijkertijd zette de import de dalende trend voort, wat de handelsbalans gunstig beïnvloedt.

    De export van goederen uit de eurozone heeft in april 2024 een stijging van 2,0 procent gekend ten opzichte van de voorgaande maand. Dit brengt de totale waarde van de uitgevoerde goederen op 241,1 miljard euro, zo blijkt uit recente cijfers van Eurostat. Deze groei volgt op een daling in maart, wat een signaal kan zijn van een wisselend economisch herstel.

    Tegelijkertijd zette de import van goederen uit de eurozone de dalende lijn voort, met een daling van 1,5 procent in april vergeleken met maart. De totale invoer kwam daarmee uit op 220,1 miljard euro. Hierdoor is het handelsoverschot van de eurozone aanzienlijk toegenomen. Waar de eurozone in april 2023 nog een tekort van 1,3 miljard euro noteerde, is er nu een overschot van 21,1 miljard euro. Dit verschil van meer dan 22 miljard euro in één jaar tijd is opvallend en wijst op een verbeterde concurrentiepositie of een afnemende binnenlandse vraag.

    Handelsbalans Eurozone Verbetert Sterk

    Over de eerste vier maanden van 2024 bedroeg de totale export 962,5 miljard euro, een daling van 2,9 procent in vergelijking met dezelfde periode vorig jaar. De import daalde nog sterker, met 10,2 procent naar 883,6 miljard euro. Het handelsoverschot over deze vier maanden komt daarmee op 78,9 miljard euro, een forse verbetering ten opzichte van het tekort van 44,7 miljard euro in de eerste vier maanden van 2023.

    Wij zien vooral dat deze cijfers een dubbel gevoel oproepen. Enerzijds is het positief dat de eurozone een groeiend handelsoverschot genereert, wat bijdraagt aan de economische stabiliteit van de regio. Anderzijds reflecteert de aanhoudende krimp in de import mogelijk een zwakke binnenlandse vraag, wat de economische groei op de langere termijn kan temperen. Het is de vraag of de export de motor kan zijn voor een breder economisch herstel, of dat de afnemende import een voorbode is van verdere stagnatie.

    Lichte Daling Voor De Bredere EU

    Voor de bredere Europese Unie (EU27) lag het beeld in april 2024 vergelijkbaar. De export bedroeg 216,2 miljard euro, een lichte stijging van 1,7 procent ten opzichte van maart. De import daalde met 0,8 procent naar 208,6 miljard euro. Dit resulteerde in een handelsoverschot van 7,6 miljard euro voor de EU in april, een verbetering ten opzichte van het tekort van 8,8 miljard euro in april 2023.

    Over de eerste vier maanden van het jaar daalde de EU-export met 3,7 procent naar 862,6 miljard euro en de import met 10,7 procent naar 839,2 miljard euro. Dit leverde een handelsoverschot op van 23,4 miljard euro, in schril contrast met het tekort van 50,2 miljard euro in dezelfde periode vorig jaar. Deze cijfers suggereren dat de EU als geheel, net als de eurozone, haar handelsbalans significant heeft verbeterd, maar de onderliggende dynamiek van exportgroei versus importkrimp blijft een aandachtspunt.

  • 0,3 Procent Groeide De Eurozone Economie, Ierland Speelt Een Sleutelrol

    0,3 Procent Groeide De Eurozone Economie, Ierland Speelt Een Sleutelrol

    De economie van de negentien eurolanden is in het eerste kwartaal sterker gegroeid dan eerder werd gemeld, met een opwaartse herziening van de cijfers. Een onverwacht sterke prestatie van de Ierse economie is hiervan de voornaamste oorzaak.

    De Eurozone heeft in het eerste kwartaal van dit jaar een economische groei van 0,3 procent laten zien. Dat is een opmerkelijke vooruitgang, aangezien eerdere schattingen uitkwamen op 0,2 procent. De positieve herziening is voornamelijk toe te schrijven aan de uitzonderlijke prestaties van de Ierse economie, die met 1,1 procent groeide in dezelfde periode.

    Deze cijfers, gepubliceerd door Eurostat, de statistische dienst van de Europese Unie, tonen aan dat de economische activiteit in de Eurozone veerkrachtiger is dan veel analisten hadden verwacht. De groei van 0,3 procent volgt op een krimp van 0,1 procent in het vierde kwartaal van 2023. Ierland, met zijn relatief kleine maar zeer open economie, heeft traditioneel een grote invloed op de totale Eurozone-cijfers. De aanwezigheid van veel multinationals in het land, met hun hoge exportvolumes, draagt bij aan deze dynamiek.

    Het Effect Van De Ierse Economie Op De Eurozone

    De Ierse economie staat bekend om haar volatiliteit, vaak als gevolg van de activiteiten van internationale bedrijven die er gevestigd zijn. Dit kan leiden tot schommelingen die de algehele Eurozone-statistieken beïnvloeden, soms zelfs een vertekend beeld gevend van de onderliggende economische gezondheid van andere lidstaten. Wij zien hier vooral een illustratie van hoe een enkele, specifieke nationale economie een relatief groot effect kan hebben op de totale cijfers van een groter economisch blok. Alleen al de Ierse groei in het eerste kwartaal was goed voor bijna de helft van de totale groei van de hele Eurozone.

    De opwaartse herziening van de Eurozone-cijfers kan een voorzichtige indicatie zijn dat de economie zich langzaam herstelt na een periode van stagnatie en inflatiedruk. Echter, de mate waarin dit herstel breed gedragen wordt over alle lidstaten, blijft een belangrijke vraag. Landen als Duitsland, de grootste economie van de Eurozone, worstelen nog steeds met trage groei.

    Vooruitblik Voor De Komende Kwartalen

    Vooruitkijkend blijven de verwachtingen voor de Eurozone gematigd positief, maar ook onzeker. De Europese Centrale Bank (ECB) zal deze cijfers nauwlettend in de gaten houden bij haar besluitvorming over de rentetarieven. Een aanhoudende, brede economische groei zou de ECB meer ruimte kunnen geven om de inflatie verder te beteugelen. Wij twijfelen of deze Ierse uitschieter al voldoende is voor een structurele trendbreuk. De komende kwartalen zullen moeten uitwijzen of de groei zich doorzet en breder gedragen wordt, of dat we opnieuw te maken krijgen met eenmalige effecten die de cijfers rooskleuriger doen lijken dan de realiteit.

  • België Zakt Naar Zesde Plaats Van Europese Bierproducenten Nu Alcoholvrij Bier Meetelt

    België Zakt Naar Zesde Plaats Van Europese Bierproducenten Nu Alcoholvrij Bier Meetelt

    Eurostat, het statistisch bureau van de EU, paste zijn meetmethode aan, waardoor België een positie verloor in de rangschikking van bierproducerende landen.

    De Belgische brouwsector is dit jaar buiten de top vijf van grootste bierproducerende landen in de Europese Unie gevallen. Dit komt doordat Eurostat, het statistisch bureau van de EU, voor het eerst de productie van alcoholvrij bier meerekende in zijn rangschikking voor 2025. België leverde echter geen cijfers aan voor deze categorie, waardoor het land door Frankrijk werd gepasseerd en nu op de zesde plaats staat.

    De top vier, die al jarenlang stabiel is, blijft ongewijzigd. Duitsland behoudt zijn leidende positie met een productie van 7,4 miljard liter bier, wat neerkomt op ruim een vijfde van de totale Europese bierproductie. Spanje staat op de tweede plek, gevolgd door Polen en Nederland. De totale bierproductie binnen de EU bedroeg vorig jaar 34 miljard liter, maar kende in de meeste landen een dalende trend.

    Spanje Ziet Productie Stevige Stijgen

    Waar de meeste landen een daling in hun bierproductie zagen, valt Spanje op met een stijging van bijna een kwart sinds 2024. Dat is opmerkelijk, gezien de algemene krimp in de Europese biersector. De toename in Spanje is het resultaat van een groeiende populariteit van bier, zowel bij de lokale bevolking als bij de bijna honderd miljoen toeristen die het land in 2025 bezochten. Brouwers spelen hier slim op in door bier te positioneren als een verfrissend alternatief voor wijn, perfect voor het mediterrane klimaat.

    De positie van Duitsland als grootste producent is te verklaren door zijn omvangrijke bevolking en hoge bierconsumptie per hoofd van de bevolking. Duitsland telt bovendien meer dan duizend brouwerijen. Ook de aanwezigheid van grote, internationaal opererende brouwers zoals AB InBev, Heineken en Carlsberg speelt een rol bij de hoge productiecijfers in landen als Nederland en Polen, die veel exporteren.

    Alcoholvrij Bier In De Lift

    De beslissing van Eurostat om alcoholvrij bier mee te tellen, weerspiegelt een bredere trend. In Duitsland bijvoorbeeld, steeg de productie van alcoholvrij bier in 2025 met 6,6 procent ten opzichte van 2024, terwijl de productie van alcoholhoudend bier met 5,8 procent daalde. Dit duidt op een verschuiving in consumentenvoorkeuren en een groeiend aanbod van alcoholvrije alternatieven.

    Voor België, de bakermat van wereldspeler AB InBev en thuisbasis van talloze andere brouwerijen met een groeiend alcoholvrij assortiment, biedt dit een duidelijk signaal. Als de Belgische autoriteiten volgend jaar wel de cijfers voor alcoholvrij bier aanleveren aan Eurostat, is de kans groot dat het land zijn plek in de top vijf van Europese bierproducenten kan heroveren. Wij houden het erop dat deze nieuwe methodologie de sector dwingt tot meer transparantie over de volledige productportefeuille.

  • Werkloosheid Eurozone Blijft Stabiel Op Historisch Laag Niveau

    Werkloosheid Eurozone Blijft Stabiel Op Historisch Laag Niveau

    De werkloosheid in de eurozone bleef in april 2024 onveranderd op 6,4 procent, een cijfer dat al sinds 1999 niet meer zo laag was.

    De arbeidsmarkt in de eurozone blijft verrassend veerkrachtig. In april 2024 bleef de werkloosheid stabiel op 6,4 procent, zo blijkt uit cijfers van Eurostat. Dit is een historisch dieptepunt, een niveau dat sinds de start van de metingen in april 1999 niet meer werd gezien. Het cijfer is ook een lichte verbetering ten opzichte van de 6,5 procent die in april vorig jaar werd genoteerd. Wij zien dit als een teken dat de economie, ondanks de recente uitdagingen, toch een stevige basis behoudt.

    In totaal waren er in april 2024 ongeveer 10,99 miljoen mensen werkloos in de twintig landen die de euro als munt hebben. Dat is een daling van 100.000 werklozen ten opzichte van maart en zelfs 264.000 minder dan in april 2023. Vooral jongeren vinden makkelijker een baan: de jeugdwerkloosheid daalde van 14,1 procent in maart naar 14,0 procent in april, wat neerkomt op 2,87 miljoen jongeren zonder werk.

    Grote Verschillen Tussen Landen

    Hoewel het gemiddelde cijfer positief oogt, zijn er aanzienlijke verschillen tussen de lidstaten. Spanje en Griekenland blijven de landen met de hoogste werkloosheidscijfers binnen de eurozone, met respectievelijk 11,7 procent en 10,8 procent. Aan de andere kant van het spectrum vinden we Malta (2,9 procent), Tsjechië (2,7 procent) en Polen (2,9 procent) met de laagste percentages. België zit met een werkloosheid van 5,5 procent onder het Europese gemiddelde, terwijl Nederland met 3,7 procent nog beter presteert.

    De stabiliteit van de werkloosheid op dit lage niveau is opmerkelijk, zeker gezien de inflatie en de hogere rentetarieven van de Europese Centrale Bank (ECB) die de economische groei de voorbije periode hebben afgeremd. Wij houden het erop dat de arbeidsmarkt een belangrijke buffer vormt tegen een diepere economische terugval. Dit kan de ECB ook meer ruimte geven om de rente te verlagen, al zal de inflatieontwikkeling hierin de doorslag geven.

    Wat Betekent Dit Voor De ECB?

    De aanhoudend lage werkloosheid kan de ECB beïnvloeden in haar monetaire beleid. Een sterke arbeidsmarkt betekent doorgaans ook een hogere loongroei, wat op zijn beurt de inflatie kan aanwakkeren. De ECB heeft echter al aangegeven dat zij de inflatie nauwlettend in de gaten houdt en dat zij bereid is om de rente te verlagen als de inflatiedruk voldoende afneemt. De komende maanden zullen uitwijzen of de veerkracht van de arbeidsmarkt de inflatie opnieuw aanjaagt, of dat de renteverlagingen van de ECB de economie verder kunnen stimuleren zonder ongewenste neveneffecten.

  • Belgen Sparen Minder Dan Het Europese Gemiddelde, Met 12,7 Procent Van Hun Inkomen

    Belgen Sparen Minder Dan Het Europese Gemiddelde, Met 12,7 Procent Van Hun Inkomen

    De spaarquote van Belgische huishoudens lag in 2023 onder het Europese gemiddelde, wat de perceptie van een extreme ‘spaardrift’ nuanceert. Een aanzienlijk deel van de spaarcenten blijft bovendien op de zichtrekening staan, wat wijst op een voorzichtige houding.

    De Belgische spaarquote lag vorig jaar op 12,7 procent van het beschikbaar inkomen. Dat is opvallend, want het Europese gemiddelde bedroeg 13,8 procent. Deze cijfers, afkomstig van de Nationale Bank van België en Eurostat, nuanceren het beeld van de Belg als een overdreven spaarder. Wij zien vooral dat de Belgische huishoudens weliswaar sparen, maar niet meer dan de gemiddelde Europeaan.

    Een aanzienlijk deel van dit spaargeld belandt bovendien op zichtrekeningen. Eind 2023 stond er maar liefst 159 miljard euro (ongeveer 159 miljard euro) op deze rekeningen, waar het rendement vaak minimaal is. Dit wijst op een zekere terughoudendheid om het geld te beleggen of op een spaarrekening met een hogere rente te plaatsen. De Nationale Bank van België merkt op dat de spaarquote in de eurozone in het vierde kwartaal van 2023 licht daalde, wat suggereert dat consumenten mogelijk meer uitgaven doen.

    Spaarquote daalt licht in Europa

    De spaarquote in de eurozone daalde in het laatste kwartaal van 2023 naar 14,7 procent, een lichte daling ten opzichte van de 15,0 procent in het derde kwartaal. Tegelijkertijd steeg de investeringsquote van huishoudens naar 9,0 procent, een stijging van 0,2 procentpunt. Dit kan betekenen dat consumenten hun geld vaker aanwenden voor investeringen, zoals de aankoop van vastgoed of duurzame goederen, in plaats van het opzij te zetten.

    De Belgische situatie toont een interessante dynamiek. Hoewel de totale spaarquote lager is dan het Europese gemiddelde, blijft een groot deel van het geld ‘slapend’ op zichtrekeningen staan. Dit kan een gevolg zijn van de aanhoudende onzekerheid over de economie of een gebrek aan kennis over alternatieve beleggingsmogelijkheden. Wij zouden hier niet te snel conclusies trekken over een gebrek aan financiële geletterdheid, maar eerder over een afwachtende houding.

    Waarom blijft geld op zichtrekeningen?

    De keuze om 159 miljard euro op zichtrekeningen te laten staan, is een belangrijke observatie. Het brengt geen of nauwelijks rendement op, zeker in tijden van inflatie. Dit gedrag kan verschillende oorzaken hebben:

    • Onzekerheid: Economische onzekerheid kan huishoudens ertoe aanzetten om geld direct beschikbaar te houden voor onverwachte uitgaven.
    • Lage rentes: Hoewel de spaarrentes de laatste tijd zijn gestegen, zijn ze nog steeds niet altijd even aantrekkelijk, wat de drempel voor overboeking naar een spaarrekening kan verhogen.
    • Gebrek aan alternatieven: Niet iedereen is even vertrouwd met beleggen of andere financiële producten, waardoor de zichtrekening als de veiligste optie wordt gezien.

    Deze cijfers tonen aan dat het beeld van de Belg als ‘kampioen sparen’ genuanceerd moet worden. Er wordt weliswaar gespaard, maar de manier waarop en de omvang ervan wijken af van wat vaak wordt aangenomen. Het is een situatie die we bij Block #9 verder op de voet volgen, want het zegt veel over het vertrouwen van de consument in de economie en de financiële markten.