Tag: Export

  • Chinese Industrie Productie Stijgt Met 4,6 Procent, Economie Herstelt Zich

    Chinese Industrie Productie Stijgt Met 4,6 Procent, Economie Herstelt Zich

    De industriële productie van China heeft in oktober de verwachtingen overtroffen, een teken dat de economie van het land verder herstelt. Vooral de verkoop van consumentengoederen en investeringen in vaste activa vertonen een sterke groei.

    De Chinese industriële productie heeft in oktober een groei van 4,6 procent op jaarbasis laten zien. Dit cijfer overtreft de analistenverwachtingen, die gemiddeld op 4,4 procent lagen, en ligt ook hoger dan de 4,5 procent groei die in september werd genoteerd. Deze toename duidt op een verdere stabilisering en herstel van de op één na grootste economie ter wereld.

    Naast de industriële productie lieten ook andere belangrijke economische indicatoren positieve ontwikkelingen zien. De detailhandelsverkopen, een belangrijke graadmeter voor de consumentenbestedingen, stegen met 7,6 procent in oktober, na een groei van 5,5 procent in september. Ook de investeringen in vaste activa kenden een lichte toename van 2,9 procent in de eerste tien maanden van dit jaar.

    Groei Boven Verwachting

    De groei van de Chinese industriële productie is de sterkste sinds april van dit jaar en markeert de derde opeenvolgende maand van versnelling. Het feit dat de cijfers de verwachtingen overtreffen, wijst erop dat de stimuleringsmaatregelen van de overheid hun vruchten beginnen af te werpen. Wij zien vooral dat de interne vraag, met name naar consumentengoederen, een belangrijke drijfveer is voor dit herstel.

    De Chinese economie heeft het afgelopen jaar te kampen gehad met uitdagingen zoals een vastgoedcrisis en zwakke wereldwijde vraag. De recente cijfers bieden echter hoop. De groei van 4,6 procent is een solide prestatie, zeker gezien de mondiale economische tegenwind. Ter vergelijking: de industriële productie in de Eurozone kromp in september met 1,1 procent op jaarbasis, wat de relatieve kracht van de Chinese cijfers benadrukt.

    Export En Werkloosheid

    De Chinese export, een andere cruciale pijler van de economie, keerde in oktober onverwacht terug naar groei, met een stijging van 0,5 procent op jaarbasis. Dit is een welkome ommekeer na zes opeenvolgende maanden van dalingen. De stedelijke werkloosheid bleef stabiel op 5,0 procent, wat betekent dat de arbeidsmarkt een zekere mate van veerkracht behoudt.

    Al deze cijfers samen geven een positiever beeld van de Chinese economie dan eerder werd gevreesd. Wij denken dat dit een signaal is dat de bodem van de economische vertraging wellicht bereikt is. De vraag blijft of dit momentum kan worden vastgehouden, zeker nu de vastgoedsector nog steeds met uitdagingen kampt en de mondiale economische vooruitzichten onzeker blijven.

  • USDA Verhoogt Wereldwijde Tarwevoorraden Met 3 Miljoen Ton, Koers Zakt Weg

    USDA Verhoogt Wereldwijde Tarwevoorraden Met 3 Miljoen Ton, Koers Zakt Weg

    Het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) heeft zijn prognose voor de wereldwijde tarwevoorraden fors opgetrokken, wat de prijzen voor de graansoort onder druk zet. De export vanuit Rusland en Oekraïne valt weliswaar lager uit, maar dat wordt ruimschoots gecompenseerd door hogere productie in andere landen.

    De verwachting voor de wereldwijde tarwevoorraden is door het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) naar boven bijgesteld. Voor het seizoen 2026/2027 verwacht het USDA nu 276,29 miljoen ton tarwe in voorraad, een toename van 3,04 miljoen ton ten opzichte van de vorige inschatting. Deze bijstelling zorgde vrijdag meteen voor druk op de tarweprijzen op de termijnmarkten in Chicago, Kansas City en Minneapolis, waar contracten met tientallen centen daalden.

    De verhoging van de voorraadprognose komt er ondanks een neerwaartse bijstelling van de export vanuit de Zwarte Zee-regio. De USDA verwacht dat Rusland en Oekraïne samen 4 miljoen ton minder tarwe zullen uitvoeren dan eerder gedacht. Dit wordt echter ruimschoots gecompenseerd door een hogere productie in andere belangrijke graanlanden. Australië zal naar verwachting 3 miljoen ton extra leveren, terwijl Canada 1 miljoen ton meer op de markt brengt.

    Exportcijfers vallen tegen

    Terwijl de wereldwijde voorraden stijgen, vallen de exportverkopen van Amerikaanse tarwe tegen. De meest recente cijfers, die met een dag vertraging werden gepubliceerd door een feestdag, toonden aan dat de verkoop in de week die eindigde op 3 september slechts 194.233 ton bedroeg. Dit is aanzienlijk minder dan de 250.000 tot 500.000 ton die analisten hadden verwacht. Het cijfer ligt bovendien 37,64 procent lager dan vorig jaar in dezelfde week, en 36,39 procent onder het gemiddelde van de afgelopen vier weken. Wij zien hierin een duidelijk signaal dat de vraag naar Amerikaanse tarwe voorlopig achterblijft, mogelijk door de toegenomen concurrentie van andere grote exporteurs.

    De reactie op de markten was duidelijk: de decembercontracten voor zachte rode wintertarwe (SRW) in Chicago daalden met 16 cent, terwijl harde rode wintertarwe (HRW) in Kansas City een verlies van 20,25 cent noteerde. De spring wheat in Minneapolis daalde met 17,5 cent voor de decembercontracten. Dit toont aan dat de hogere voorraden, gecombineerd met de zwakke exportcijfers, de prijsgevoelige markt domineren.

    Varkensvlees onder druk

    Niet alleen tarwe, ook varkensvlees staat onder druk. De termijncontracten voor magere varkens (lean hogs) daalden vrijdag eveneens, met verliezen tussen 92 cent en 1,17 dollar per contract. De nationale basisprijs voor varkensvlees in de VS werd vrijdag zelfs niet gerapporteerd door een gebrek aan handel. De exportverkoop van Amerikaans varkensvlees toonde in de week tot 3 september een driewekelijks dieptepunt van 27.435 ton. Dit contrasteert met de zendingen, die met 30.187 ton een vierweeks hoogtepunt bereikten.

    De wekelijkse slachtingen van varkens in de VS blijven achter. Door een feestdag eerder in de week bedroeg het totaal aantal slachtingen tot en met donderdag 1,458 miljoen dieren, aanzienlijk minder dan in dezelfde week vorig jaar. Hoewel de uitsnijwaarde van varkensvlees licht steeg, zien we dat de zwakke export en lagere slachtcijfers voorlopig geen opwaartse impuls geven aan de prijzen.

  • USDA Rapporteert Meer Soja En Minder Katoen, Toch Dalen De Prijzen Vrijdag

    USDA Rapporteert Meer Soja En Minder Katoen, Toch Dalen De Prijzen Vrijdag

    De Amerikaanse landbouwdienst (USDA) publiceerde vrijdag nieuwe oogstramingen voor katoen en sojabonen, met opvallende verschuivingen. Hoewel de katoenproductie daalt en de sojaboonproductie stijgt, reageerden de termijnmarkten onverwacht met prijsdalingen voor beide grondstoffen, alsook voor varkensvlees.

    De termijncontracten voor katoen, sojabonen en varkensvlees sloten de handelsdag van vrijdag 11 september 2026 af met prijsdalingen. Dit gebeurde ondanks nieuwe cijfers van de Amerikaanse landbouwdienst (USDA) die een gemengd beeld schetsten van de productie. Bij katoen was er een verwachte daling, terwijl de sojaproductie juist omhoog ging. Toch zagen we bij alle drie de grondstoffen een neerwaartse trend op de termijnmarkten.

    De katoentermijncontracten verloren tussen de 14 en 226 punten, met name de voorste contracten. Dit komt nadat de USDA de verwachte opbrengst voor katoen met 22 pond per acre verlaagde naar 776 pond per acre. De totale productie werd hierdoor met 410.000 balen naar beneden bijgesteld, tot 13,2 miljoen balen. Ook de voorraden voor het nieuwe oogstjaar werden met 400.000 balen teruggebracht tot 3,6 miljoen balen. Ondanks deze krapper wordende aanbodzijde, wat normaal een opwaarts effect op de prijs zou hebben, zetten de prijzen hun daling in.

    Sojabonenproductie Stijgt

    Bij sojabonen zagen we het tegenovergestelde: de USDA verhoogde de opbrengstprognose met 0,1 bushel per acre naar 52,8 bushel per acre. De totale productieprognose steeg met 16 miljoen bushels tot 4,535 miljard bushels, mede door een toename van het geoogste areaal met 100.000 acres. Toch gingen de sojabooncontracten op vrijdag tussen de 21 en 35,75 cent omlaag. De exportdata lieten een netto annulering zien van 175.309 ton voor de oude oogst, wat de markt mogelijk heeft verrast en bijdroeg aan de prijsdruk.

    De varkensprijzen daalden eveneens, met termijncontracten die tussen de 72 cent en 1,62 dollar verloren. De nationale basisprijs voor varkens van de USDA daalde met 1,48 dollar tot 85,38 dollar per eenheid op vrijdagmiddag. De CME Lean Hog Index, een benchmark voor de varkensmarkt, zakte ook met 57 cent naar 88,22 dollar op 9 september. De wekelijkse exportverkopen van varkensvlees kwamen uit op 27.435 ton voor 2026, het laagste niveau in drie weken, wat de druk op de prijzen verder opvoerde.

    Risico-Afkeer Op De Markten

    Deze brede daling van de grondstofprijzen, vaak in strijd met de fundamentele aanbod- en vraagcijfers van de USDA, wijst erop dat beleggers vooral risico’s wilden afbouwen aan het einde van de week. De dollarindex steeg licht, terwijl de olieprijzen daalden, factoren die doorgaans een negatieve invloed hebben op de grondstoffenmarkten. Wij zien vooral dat het ‘sell the fact’-principe hier speelde: de markten hadden mogelijk al ingeprijsd wat ze verwachtten van de USDA-rapporten, en na de publicatie volgde een winstneming. Dit benadrukt de complexiteit van de agrarische termijnmarkten, waar niet alleen aanbod en vraag, maar ook bredere marktsentimenten een grote rol spelen.

    Het is nu afwachten of de prijzen begin volgende week stabiliseren, of dat deze risico-afkeer aanhoudt. De reactie van de markten op de verse cijfers van de USDA is altijd een moment van de waarheid voor handelaren in agrarische grondstoffen.

  • 35,6 Miljard Euro Aan Export: Italië Haalt Verenigde Staten In Voor Nederland

    35,6 Miljard Euro Aan Export: Italië Haalt Verenigde Staten In Voor Nederland

    De Nederlandse goederenexport naar Italië is in 2023 fors gegroeid, waardoor het Zuid-Europese land nu de vijfde plek inneemt in de lijst van belangrijkste bestemmingen, voor de Verenigde Staten. Dit toont een verschuiving in de handelsrelaties van Nederland.

    De Nederlandse goederenexport naar Italië kende in 2023 een opmerkelijke stijging. Met een groei van 13 procent bereikte de totale exportwaarde 35,6 miljard euro. Dit cijfer is significant, aangezien het Italië voor het eerst sinds lange tijd boven de Verenigde Staten plaatst als vijfde belangrijkste exportbestemming voor Nederland.

    De export naar de Verenigde Staten daalde vorig jaar met 10 procent en kwam uit op 34,7 miljard euro. De export naar Italië overtreft die naar de VS daarmee met bijna een miljard euro. Deze verschuiving is opvallend, want traditioneel gezien behoorden de VS tot de top vijf van exportlanden voor Nederland. Wij zien hierin vooral een teken van de toenemende integratie en het economische gewicht van de interne Europese markt, ondanks de wereldwijde handelsbetrekkingen die Nederland onderhoudt.

    Chemische Producten En Machines Populairst

    De groei van de export naar Italië is vooral te danken aan een sterke toename in de vraag naar chemische producten en machines. Deze sectoren zagen hun exportwaarde aanzienlijk stijgen, wat de algehele groei van 13 procent verklaart. Specifiek ging het om een stijging van 24 procent voor chemische producten en 19 procent voor machines. Tegelijkertijd daalde de export van minerale brandstoffen met 18 procent, wat mogelijk te maken heeft met schommelende energieprijzen en een veranderende vraag.

    De Verenigde Staten blijft weliswaar een belangrijke handelspartner, maar de daling van de export daarheen is voornamelijk toe te schrijven aan minder uitvoer van brandstoffen, gespecialiseerde machines en medicijnen. Dit illustreert hoe conjuncturele schommelingen en specifieke sectorale ontwikkelingen de handelsstromen kunnen beïnvloeden. Voor Nederlandse bedrijven die veel exporteren, betekent dit een herbezinning op hun afzetmarkten en het potentieel binnen Europa.

    Duitsland Blijft Grootste Handelspartner

    Ondanks de opkomst van Italië blijft Duitsland veruit de grootste exportbestemming voor Nederland. De totale export naar onze oosterburen bedroeg vorig jaar maar liefst 139,3 miljard euro. België volgt op de tweede plaats met 69,9 miljard euro, gevolgd door Frankrijk met 49,9 miljard euro en het Verenigd Koninkrijk met 42,9 miljard euro. Deze top vier is al jaren stabiel en onderstreept het belang van de directe buurlanden en de nabijheid voor de Nederlandse economie.

    Het is interessant om te zien hoe de dynamiek binnen de Europese Unie de handelsbalans beïnvloedt. De toegenomen handel met Italië kan duiden op een sterkere economische groei aldaar, of op een verschuiving in de productieketens binnen Europa. Hoe deze trend zich verder ontwikkelt, en of de VS haar positie weer zal verstevigen, dat zullen de komende kwartalen moeten uitwijzen.

  • Trump Wil Importtarief Van 10 Procent Op Canada, Ottawa Zoekt Handelsbanden Met Europa

    Trump Wil Importtarief Van 10 Procent Op Canada, Ottawa Zoekt Handelsbanden Met Europa

    De Amerikaanse presidentskandidaat Donald Trump wil een invoerheffing van 10 procent op alle Canadese goederen. Canada reageert door de dialoog met de Europese Unie te intensiveren, wat de trans-Atlantische handelsstromen kan verschuiven.

    De retoriek van Donald Trump, de Republikeinse presidentskandidaat in de Verenigde Staten, krijgt concrete gevolgen voor de internationale handel. Trump dreigt ermee een tarief van 10 procent op alle Canadese goederen in te voeren als hij opnieuw president wordt. Dit agressieve handelsbeleid zet Canada ertoe aan om de handelsrelaties met de Europese Unie te verstevigen, zo meldt Nu.nl.

    De Canadese regering, onder leiding van premier Justin Trudeau, heeft de dialoog met Brussel al geïntensiveerd. Canada en de EU werken immers al samen onder de paraplu van het Comprehensive Economic and Trade Agreement (CETA), een vrijhandelsakkoord dat in 2017 van kracht werd. Een hernieuwde focus op dit akkoord kan de Canadese economie een broodnodige buffer bieden tegen potentiële Amerikaanse handelssancties.

    Trump’s ‘Amerika Eerst’-beleid

    Het voorstel van Trump om een algemeen tarief van 10 procent in te voeren, en zelfs 60 procent op Chinese goederen, past in zijn ‘Amerika Eerst’-strategie. Dit beleid, gekenmerkt door protectionistische maatregelen, was ook tijdens zijn vorige ambtstermijn een belangrijke pijler. Destijds leidde het tot de heronderhandeling van de Noord-Amerikaanse Vrijhandelsovereenkomst (NAFTA), die werd vervangen door het USMCA-akkoord. Wij zien vooral dat Trumps dreigementen een directe invloed hebben op de handelsstrategieën van landen als Canada, die zich genoodzaakt zien om hun exportmarkten te diversifiëren om minder afhankelijk te zijn van de grillen van de Amerikaanse politiek.

    Voor Canada, dat ongeveer driekwart van zijn export naar de Verenigde Staten stuurt, is de potentiële impact van deze tarieven aanzienlijk. Een heffing van 10 procent zou de kosten voor Canadese bedrijven drastisch verhogen en hun concurrentiepositie op de Amerikaanse markt ernstig schaden. Dat kan leiden tot lagere winstmarges en mogelijk zelfs tot een daling van de exportvolumes naar hun belangrijkste handelspartner.

    Strategische Verschuiving Naar Europa

    De reactie van Canada toont aan dat landen zich voorbereiden op een mogelijke terugkeer van Trumps protectionisme. Door de banden met de EU aan te halen, probeert Ottawa zijn economische kwetsbaarheid te verminderen. CETA, dat de meeste douanerechten tussen Canada en de EU afschaft, zou hierbij een cruciale rol kunnen spelen door Canadese producten een preferentiële toegang tot de Europese markt te garanderen.

    Deze strategische verschuiving zou ook voor de Europese Unie interessant kunnen zijn. Een sterkere handelsrelatie met Canada kan de EU helpen om haar eigen toeleveringsketens te diversifiëren en de afhankelijkheid van andere grote economieën te verminderen. Het is afwachten of de dreigementen van Trump daadwerkelijk in beleid worden omgezet en hoe de wereldwijde handelsstromen zich dan zullen aanpassen.

  • Canadese Boycot Duwt Export Amerikaanse Sterke Drank Met 63 Procent Omlaag

    Canadese Boycot Duwt Export Amerikaanse Sterke Drank Met 63 Procent Omlaag

    De aanhoudende boycot van Amerikaanse alcohol door Canadese provincies heeft de verkoop van sterke drank over de grens fors doen krimpen. Vooral kleinere producenten in de Verenigde Staten ervaren grote problemen, nu een van hun belangrijkste afzetmarkten is weggevallen.

    De verkoop van Amerikaanse sterke drank aan Canada is in het afgelopen jaar met maar liefst 63 procent gedaald. Dat blijkt uit cijfers van de Distilled Spirits Council of the United States. De drastische krimp is een direct gevolg van de Canadese alcoholboycot, die Amerikaanse distilleerderijen, en dan vooral de kleinere, hard treft.

    Verschillende Canadese provincies, waaronder Saskatchewan en Ontario, voerden in 2025 een boycot van Amerikaanse alcohol in. Dit was een reactie op de voortdurende Amerikaanse kritiek op het Canadese handelsbeleid en de soevereiniteit. Sommige provincies legden importtaksen van 50 procent op, terwijl andere de verkoop van resterende Amerikaanse voorraden zelfs verboden.

    Concurrentie Neemt Toe

    Brian Facquet, voorzitter van de New York State Distillers Guild en eigenaar van Do Good-distillerij, bevestigt de impact. Hoewel zijn eigen bedrijf niet naar Canada exporteert, hoort hij van collega’s dat de situatie nijpend is, zeker in staten die grenzen aan Canada. Canada was voorheen een van de grootste afnemers van Amerikaanse sterke drank. Nu die markt grotendeels is weggevallen, moeten de grotere Amerikaanse producenten hun producten elders kwijt. Wij zien vooral dat dit leidt tot een toegenomen concurrentie op de Amerikaanse thuismarkt, wat het voor kleinere spelers nog moeilijker maakt om hun plek in de winkelschappen te veroveren. Wij twijfelen of de Canadese consument hier op lange termijn beter van wordt, gezien de dalende keuze.

    Facquet vertelt over een bedrijf dat al een grote bestelling voor Québec had gebotteld en verpakt, toen de deal op het laatste moment werd geannuleerd. Voor een klein bedrijf zonder groot kapitaal is zo’n tegenslag vaak fataal. Naast de boycot hebben distilleerderijen ook te maken met gestegen kosten voor ingrediënten en personeel sinds de coronacrisis. Bovendien maken Canadese producenten steeds vaker ‘American style’-dranken, en neemt de algemene alcoholconsumptie af.

    Sluipende Onzekerheid

    Het gevolg is dat verschillende distilleerderijen de deuren moeten sluiten. Facquet hoopt dat er snel een oplossing komt voor de handelsoorlog. Hij benadrukt dat hij geen controle heeft over economisch beleid, maar enkel zijn bedrijf wil redden. Wij zien dat dit soort maatregelen aan beide zijden van de grens onzekerheid creëren voor ondernemers, waardoor investeringen en groei in de sector onder druk komen te staan. De vraag is dan ook wanneer de ‘volwassenen’ in de politiek weer samenkomen om tot een werkbaar compromis te komen.

  • Europa Ziet Chinese Prijzenoorlog Autosector Aankomen, Waarschuwt Audi-CEO

    Europa Ziet Chinese Prijzenoorlog Autosector Aankomen, Waarschuwt Audi-CEO

    Volgens topman Gernot Döllner van Audi exporteert China zijn overcapaciteit naar Europa, nu de Chinese automarkt met 4 miljoen verkochte exemplaren krimpt terwijl de export van Chinese wagens naar 5 miljoen stijgt.

    De Chinese prijzenoorlog in de autosector heeft Europa inmiddels bereikt, zo waarschuwt Gernot Döllner, de CEO van de Duitse autofabrikant Audi. Hij stelt dat China zijn binnenlandse problemen, met name de overcapaciteit in de autoproductie, nu naar de Europese markten exporteert.

    Deze ontwikkeling hangt samen met een opmerkelijke verschuiving in de Chinese automarkt. De verkoop van auto’s in China zelf krimpt met een substantieel aantal van 4 miljoen exemplaren. Tegelijkertijd groeit de export van Chinese auto’s daarbuiten fors, tot een totaal van 5 miljoen wagens.

    Wij zien vooral dat deze dynamiek een grote uitdaging vormt voor Europese autofabrikanten zoals Audi. De Chinese concurrentie, vaak met lagere prijzen, zet de marges onder druk en dwingt gevestigde spelers om hun strategieën te herzien. De dreiging van een extra heffing op Chinese elektrische auto’s in Europa, waarover gesproken wordt, zal volgens Döllner de Europese industrie niet afdoende redden.

    Groei Chinese export toont verschuiving

    De enorme groei van de Chinese auto-export is een direct gevolg van de overproductie en de intensieve prijzenoorlog op de thuismarkt. Chinese fabrikanten, gesteund door overheidsbeleid en technologische voorsprong in elektrische voertuigen, zoeken nu nieuwe afzetmarkten om hun productiecapaciteit te benutten.

    Deze situatie is bijzonder nijpend voor Europa, waar de automarkt al te maken heeft met strenge emissienormen en de transitie naar elektrisch rijden. De concurrentie uit China dwingt Europese merken tot snellere innovatie en kostenreductie, wat voor sommige merken een existentiële vraag kan worden. De Chinese automarkt is met een jaarlijkse verkoop van tientallen miljoenen voertuigen, een van de grootste ter wereld. Een krimp van 4 miljoen verkochte exemplaren is daarmee een significante indicator van de druk die Chinese fabrikanten ervaren.

    Impact op Europese consument en industrie

    Voor de Europese consument betekent de Chinese prijzenoorlog potentieel goedkopere elektrische auto’s, wat de adoptie van EV’s kan versnellen. De keerzijde is echter de druk op de werkgelegenheid en de winstgevendheid van de traditionele Europese auto-industrie. Europese merken moeten niet alleen concurreren op prijs, maar ook op technologie en design.

    De uitspraak van Döllner onderstreept de noodzaak voor een gecoördineerde Europese respons op deze economische verschuiving. Of dit leidt tot verdere protectionistische maatregelen of tot een versnelde transformatie van de Europese auto-industrie, zal de komende tijd moeten blijken.

  • Duitse Export Daalt In Juli Met 0,9 Procent, Eerste Daling Sinds Najaar 2022

    Duitse Export Daalt In Juli Met 0,9 Procent, Eerste Daling Sinds Najaar 2022

    De Duitse uitvoer heeft in juli een onverwachte terugval gekend, wat vragen oproept over de veerkracht van de grootste economie van Europa te midden van wereldwijde handelsspanningen.

    De Duitse export, traditioneel een motor van de Europese economie, is in juli onverwacht gedaald. Volgens het Duitse federale statistiekbureau Destatis kromp de uitvoer met 0,9 procent ten opzichte van de maand ervoor. Dit is de eerste krimp sinds oktober 2022 en een tegenvaller na de lichte groei in de voorgaande maanden.

    De daling was groter dan de 0,5 procent die analisten gemiddeld hadden verwacht. Tegelijkertijd daalde ook de import, zij het minder sterk, met 0,1 procent. Dit heeft geresulteerd in een handelsurplus van 15,9 miljard euro, wat lager is dan de 18,7 miljard euro in juni, maar nog steeds een solide cijfer.

    Wij zien vooral dat deze cijfers de aanhoudende onzekerheid over de economische vooruitzichten van Duitsland bevestigen. De Duitse industrie heeft het al langer moeilijk, mede door de hoge energieprijzen en de afnemende vraag uit belangrijke afzetmarkten zoals China. Deze daling van de export toont aan dat de druk op de productiesector blijft toenemen.

    Daling Richting China En VS

    De export naar China, een cruciale handelspartner, daalde in juli met 4,6 procent. Ook de uitvoer naar de Verenigde Staten, een andere belangrijke markt, liet een terugval zien van 6,1 procent. De export naar landen binnen de Europese Unie bleef vrijwel stabiel, met een lichte daling van 0,7 procent.

    Deze cijfers bevestigen dat de mondiale vraag naar Duitse producten onder druk staat. De afkoelende Chinese economie en de aanhoudende inflatie in de VS lijken hun tol te eisen van de exporteurs. Het is een uitdaging voor de Duitse overheid om hier een antwoord op te vinden, zeker nu de economie al kampt met een technische recessie.

    Wat Betekent Dit Voor De Duitse Economie?

    De Duitse economie is de grootste van de eurozone en een belangrijke graadmeter voor de algehele Europese economische gezondheid. Een aanhoudende zwakte in de export kan verdere druk leggen op de werkgelegenheid en investeringen in het land. Wij twijfelen of de interne consumptie voldoende kan compenseren voor de externe tegenslagen, vooral gezien de nog steeds hoge inflatie in Europa.

    De vraag blijft hoe lang deze trend aanhoudt. Economen zullen nauwlettend in de gaten houden of de export zich in de komende maanden kan herstellen, of dat dit het begin is van een diepere en langdurige vertraging voor de Duitse en mogelijk ook de bredere Europese economie.

  • Chinese Export Klimt Onverwacht Met 7,6 Procent In Mei

    Chinese Export Klimt Onverwacht Met 7,6 Procent In Mei

    De Chinese export deed het in mei beter dan verwacht, wat een opsteker is voor de economie van het land. De import steeg minder hard, wat vragen oproept over de binnenlandse vraag.

    De export van China is in mei 2024 met 7,6 procent gestegen ten opzichte van een jaar eerder. Dat blijkt uit cijfers die de Chinese douane heeft gepubliceerd. Economen hadden een minder forse groei verwacht, namelijk van gemiddeld 5,7 procent.

    Deze onverwachte stijging is een welkome meevaller voor de Chinese economie, die de laatste tijd worstelde met een zwakke binnenlandse vraag en spanningen op de vastgoedmarkt. De exportcijfers van april lieten nog een bescheiden groei van 1,5 procent zien, wat deze meireeks extra opvallend maakt. Wij zien hierin een teken dat de wereldwijde vraag naar Chinese producten, ondanks geopolitieke fricties, standhoudt of zelfs aantrekt.

    Import blijft achter

    De importcijfers van mei stegen minder hard dan de export, namelijk met 1,8 procent. Dit is eveneens lager dan de door analisten verwachte 4,2 procent. Het verschil tussen export en import resulteerde in een handelsoverschot van 82,6 miljard dollar (ongeveer 76 miljard euro), een aanzienlijke toename ten opzichte van het handelsoverschot van 72,4 miljard dollar (ongeveer 66,5 miljard euro) in april.

    Dit suggereert dat de binnenlandse vraag in China nog steeds niet op volle toeren draait. Terwijl de export de economie een duwtje in de rug geeft, blijft de consumptie in eigen land een aandachtspunt. De Chinese overheid heeft de afgelopen tijd verschillende maatregelen genomen om de binnenlandse economie te stimuleren, waaronder steun voor de vastgoedsector en investeringen in infrastructuur.

    Impact op de markten

    De Chinese CSI 300-index, die de prestaties van de 300 grootste beursgenoteerde bedrijven in China volgt, liet een wisselend beeld zien rond de publicatie van deze cijfers. Hoewel sterke exportcijfers doorgaans positief zijn voor beursgenoteerde bedrijven, blijft de onzekerheid rond de binnenlandse economie en de aanhoudende spanningen met handelspartners de stemming beïnvloeden. De stijgende export kan de winstmarges van exportgerichte bedrijven verbeteren, maar de zwakke importgroei kan druk blijven uitoefenen op bedrijven die afhankelijk zijn van de binnenlandse consumptie.

    Het is duidelijk dat de Chinese economie een complex samenspel is van internationale handel en binnenlandse dynamiek. De vraag blijft hoe lang de exportmotor de zwakkere binnenlandse vraag kan compenseren.

  • China Richt Zich Steeds Meer Op Eigen Markt, Exports Dalen Met Bijna 5 Procent

    China Richt Zich Steeds Meer Op Eigen Markt, Exports Dalen Met Bijna 5 Procent

    De Chinese economie ondergaat een fundamentele verschuiving: minder afhankelijk van export, meer gericht op de binnenlandse markt en technologische innovatie. Dat heeft verregaande gevolgen voor internationale handel en toeleveringsketens.

    De Chinese economie, lang de ‘fabriek van de wereld’, transformeert in een snel tempo. Waar het land voorheen vooral bekendstond om zijn massale export van goederen, zien we nu een duidelijke beweging naar een focus op de eigen binnenlandse markt en een grotere rol in mondiale netwerken, zo analyseert Trends.be. Deze koerswijziging heeft al concrete gevolgen: de Chinese export kromp vorig jaar met 4,6 procent, een opvallende daling die de nieuwe economische realiteit onderstreept.

    Deze verschuiving is geen toeval, maar een bewuste strategie. De Chinese overheid stuurt al langer aan op meer zelfredzaamheid en een grotere rol voor binnenlandse consumptie. Het land wil minder kwetsbaar zijn voor geopolitieke spanningen en externe schokken, en tegelijkertijd zijn eigen technologische sectoren versterken. Dit zien wij als een signaal dat China, in plaats van de productielijn van anderen, steeds meer de architect van zijn eigen economische toekomst wordt.

    Nieuwe Industriële Revolutie

    De nadruk ligt nu op hoogwaardige technologie en innovatie. Sectoren als elektrische voertuigen, hernieuwbare energie en geavanceerde machines krijgen prioriteit. China is niet langer enkel de plek waar goedkoop geproduceerd wordt; het land investeert massaal in onderzoek en ontwikkeling. In 2022 gaf China 2,8 procent van zijn bruto binnenlands product (bbp) uit aan R&D. Dat is een aanzienlijke stijging ten opzichte van de 0,6 procent in het jaar 2000 en toont de ambitie om de mondiale leider te worden in sleuteltechnologieën.

    Deze focus op hightech en binnenlandse vraag staat in schril contrast met de situatie van twintig jaar geleden, toen China vooral een assemblagehub was. Het land wil nu zijn eigen waardeketen beheersen en minder afhankelijk zijn van import. Dat kan leiden tot meer concurrentie op de wereldmarkt voor geavanceerde producten, maar ook tot nieuwe samenwerkingsmogelijkheden voor bedrijven die willen profiteren van China’s innovatiekracht.

    Gevolgen Voor De Wereldhandel

    De impact van deze Chinese transformatie is voelbaar over de hele wereld. Westerse bedrijven die hun toeleveringsketens decennia lang op China baseerden, moeten nu alternatieven zoeken, of zich aanpassen aan de veranderende Chinese prioriteiten. De dalende exportcijfers en de groeiende binnenlandse focus wijzen op een minder globalistische Chinese economie. Voor bedrijven die zich richten op de Chinese consument, liggen er wel degelijk kansen, gezien de toenemende koopkracht en de groeiende vraag naar kwalitatieve producten en diensten.

    De Chinese economie, met een bbp van ruim 17 biljoen euro, blijft een reus, maar de manier waarop die reus beweegt, verandert. Wij houden het erop dat deze verschuiving niet zomaar een trend is, maar een structurele verandering die de komende jaren de internationale economie zal blijven vormen. Het is een delicate evenwichtsoefening voor de rest van de wereld om hierop in te spelen zonder achterop te geraken.

  • 200 Miljoen Euro Aan Braziliaanse Producten Komt Europa Niet Meer Binnen

    200 Miljoen Euro Aan Braziliaanse Producten Komt Europa Niet Meer Binnen

    De Europese Unie heeft besloten vanaf augustus geen dierlijke producten meer te importeren uit Brazilië die met antibiotica zijn behandeld. Deze maatregel raakt een aanzienlijk deel van de Braziliaanse export naar Europa, een impact van bijna 200 miljoen euro op jaarbasis.

    De Europese Unie heeft de import van dierlijke producten uit Brazilië aan banden gelegd. Vanaf 1 augustus 2024 mogen producten die afkomstig zijn van dieren behandeld met antibiotica niet meer de Europese markt op. Dit besluit, dat de Europese Commissie al eerder in februari van dit jaar had genomen, volgt op zorgen over antibioticaresistentie en heeft een aanzienlijke financiële impact: de Braziliaanse vleesindustrie verliest er jaarlijks bijna 200 miljoen euro aan exportinkomsten mee naar Europa.

    De maatregel treft specifiek vlees, zuivel en eieren die afkomstig zijn van dieren die behandeld zijn met antibiotica die cruciaal zijn voor de menselijke geneeskunde, zoals fluoroquinolonen en polymyxinen. De EU wil hiermee voorkomen dat bacteriën resistent worden tegen deze belangrijke medicijnen, een wereldwijde zorg voor de volksgezondheid. Brazilië is een belangrijke leverancier van dierlijke producten aan Europa, en wij zien deze stap dan ook als een duidelijk signaal dat de EU de lat hoger legt voor importeurs.

    Veehouderij Onder De Loep

    De beslissing is niet uit het niets gekomen. Al jarenlang probeert de Europese Unie het gebruik van antibiotica in de veehouderij terug te dringen, zowel binnen de eigen grenzen als bij importpartners. De Europese Commissie had Brazilië in 2021 al gewaarschuwd en een termijn gesteld om de regels aan te passen. Het feit dat dit nu tot een importverbod leidt, suggereert dat de geboden oplossingen vanuit Braziliaanse zijde niet voldoende waren om de Europese zorgen weg te nemen. Wij merken op dat dit de derde keer is dat de EU een dergelijk importverbod instelt tegen een land, na eerdere maatregelen tegen China en Vietnam.

    Dit is een gevoelig punt voor Brazilië, dat vorig jaar voor 5,6 miljard euro aan landbouwproducten exporteerde naar de EU. Hoewel het verbod zich richt op een deel van de totale export, is een bedrag van 200 miljoen euro zeker geen te verwaarlozen post. Het toont aan hoe serieus de EU de kwestie van antibioticaresistentie neemt, en hoe dit kan leiden tot concrete handelsbarrières wanneer landen niet voldoen aan de gestelde normen.

    Wat Dit Betekent Voor De Handel

    De Braziliaanse exporteurs, verenigd in de ABPA (Braziliaanse Vereniging van Dierlijke Producten), hebben laten weten dat ze het betreuren dat er geen compromis is bereikt. Ze wijzen erop dat de getroffen producten voldoen aan de internationale normen van de Codex Alimentarius, een referentie binnen de Wereldhandelsorganisatie. Echter, de EU hanteert strengere normen als het gaat om antibioticaresistentie, mede gestuurd door een sterk maatschappelijk en politiek draagvlak binnen Europa.

    Voor de Europese consument betekent dit in de eerste plaats een garantie dat geïmporteerd vlees, zuivel en eieren aan hoge standaarden voldoen. Het kan op termijn ook leiden tot een verschuiving in de handelsstromen, waarbij Brazilië mogelijk naar andere markten moet uitwijken voor de producten die niet meer naar Europa mogen. Wij volgen deze ontwikkeling verder op, vooral hoe dit de bredere discussie over duurzaamheid en voedselveiligheid in de internationale handel zal beïnvloeden.

  • Amerikaans Handelstekort Stijgt In April Met 8,7 Procent Tot 74,6 Miljard Dollar

    Amerikaans Handelstekort Stijgt In April Met 8,7 Procent Tot 74,6 Miljard Dollar

    De Verenigde Staten importeren weer significant meer dan ze exporteren, wat wijst op een veerkrachtige binnenlandse vraag, maar ook op toenemende druk op de dollar en een afnemend vertrouwen in de globale economie.

    Het Amerikaanse handelstekort is in april stevig opgelopen. De import van goederen en diensten overtrof de export met 74,6 miljard dollar, wat neerkomt op een stijging van 8,7 procent ten opzichte van maart. Toen bedroeg het tekort nog 68,6 miljard dollar (omgerekend ongeveer 63 miljard euro). Dit is het grootste maandelijkse tekort sinds oktober 2022, zo blijkt uit cijfers van het Amerikaanse ministerie van Handel. De voorbije maanden leek er nog een lichte verbetering in zicht, met een handelstekort dat in februari en maart stabiliseerde, maar die trend is nu doorbroken.

    Vooral de import van goederen klom fors, met 2,5 procent naar 265,5 miljard dollar (ongeveer 244 miljard euro). De Verenigde Staten voerden met name meer industriële benodigdheden, auto’s en consumentengoederen in. Dit wijst op een aanhoudend sterke binnenlandse vraag en een veerkrachtige Amerikaanse consument, die ondanks de hogere rentevoeten bereid blijft om te spenderen. Aan de exportzijde zagen we een bescheiden toename van 0,5 procent naar 190,9 miljard dollar (ongeveer 175 miljard euro), gedreven door hogere verkopen van industriële benodigdheden en diensten.

    Spanningen Met China en Handelsrelaties

    De verschuiving in de handelsbalans is deels te verklaren door de economische dynamiek tussen de VS en zijn belangrijkste handelspartners. De import vanuit China nam in april met 14,8 procent toe, terwijl de export naar China met 3,7 procent daalde. Die cijfers laten zien dat de handelsspanningen tussen beide grootmachten, ondanks retoriek en protectionistische maatregelen zoals importheffingen, de economische verwevenheid niet fundamenteel doorbreken. Integendeel, de Amerikaanse consument blijft gretig Chinese producten afnemen, wat de druk op de binnenlandse industrie potentieel verhoogt. Wij zien hierin vooral de aanhoudende zoektocht naar efficiëntie en lagere productiekosten, ondanks de politieke wil om toeleveringsketens te ‘reshoring’ of te ‘friendshoring’.

    Implicaties voor de Dollar en Rentevoeten

    Een aanhoudend groot handelstekort kan gevolgen hebben voor de dollar en de monetaire politiek van de Federal Reserve. Een land dat meer importeert dan exporteert, moet het verschil financieren, vaak door buitenlands kapitaal aan te trekken. Dit kan op termijn de druk op de dollar vergroten. Bovendien kan de sterke importvraag, hoewel een teken van economische kracht, bijdragen aan aanhoudende inflatoire druk, wat de Fed ertoe zou kunnen aanzetten om de rente langer hoog te houden. De financiële markten kijken dan ook met argusogen naar deze cijfers, die een belangrijke indicator zijn voor de algehele gezondheid van de Amerikaanse economie en haar relatie met de rest van de wereld. Het is een delicate balans tussen een sterke binnenlandse economie en het vermijden van een te grote afhankelijkheid van buitenlandse producten.

  • G20-Top Ziet China Weigeren Boetekleed Aan Te Trekken Over Handelsoverschot Van 823 Miljard Dollar

    G20-Top Ziet China Weigeren Boetekleed Aan Te Trekken Over Handelsoverschot Van 823 Miljard Dollar

    De G20-landen probeerden China te bewegen tot een verandering van zijn handelspraktijken, maar kregen nul op het rekest. Peking wijst de kritiek op het enorme handelsoverschot van de hand en stelt dat de wereld er net van profiteert.

    Op de recente G20-bijeenkomst in Italië heeft China ferm geweigerd de kritiek op zijn handelsoverschot te aanvaarden. Het land zag zijn handelsoverschot in 2023 oplopen tot 823 miljard dollar (ongeveer 760 miljard euro), een aanzienlijke stijging ten opzichte van de 676 miljard dollar (ongeveer 625 miljard euro) die het in 2022 liet optekenen. De G20-landen, waaronder de Verenigde Staten en Europa, drongen aan op aanpassingen van het Chinese economische beleid, maar Peking stelde dat het met zijn export juist bijdraagt aan de wereldwijde welvaart.

    Deze houding van China benadrukt de groeiende spanningen rond internationale handel. Westerse landen vrezen oneerlijke concurrentie en een verstoring van de wereldmarkt door massale Chinese export, mede gedreven door overheidssubsidies. Wij zien hierin een voortzetting van een trend waarbij economische macht steeds meer als geopolitiek instrument wordt ingezet.

    Amerikaanse Druk Neemt Toe

    De Verenigde Staten heeft zich de voorbije maanden steeds kritischer opgesteld ten aanzien van de Chinese handelspraktijken. Janet Yellen, de Amerikaanse minister van Financiën, bezocht China recent om de kwestie van het overschot aan productiecapaciteit en de effecten daarvan op de wereldmarkt aan te kaarten. Haar bezorgdheid spitst zich toe op sectoren zoals elektrische voertuigen en hernieuwbare energie, waar Chinese bedrijven met overheidssteun de prijzen onder druk zouden zetten. Deze druk lijkt vooralsnog weinig effect te hebben op de Chinese onderhandelingspositie.

    Gevolgen Voor De Wereldeconomie

    De weigering van China om zijn handelspolitiek aan te passen, kan verstrekkende gevolgen hebben voor de wereldeconomie. Het risico op een escalatie van handelsconflicten neemt toe, wat kan leiden tot hogere importtarieven en verstoringen van toeleveringsketens. Dit zou de consumentenprijzen kunnen opdrijven en de economische groei wereldwijd kunnen afremmen. Wij volgen dit nauwlettend, want de stabiliteit van de wereldhandel hangt voor een groot deel af van de bereidheid van grote economieën om compromissen te sluiten.

  • Sojabonen, Katoen En Maïs Stijgen Eind Augustus, Tarwe Daalt Licht

    Sojabonen, Katoen En Maïs Stijgen Eind Augustus, Tarwe Daalt Licht

    De Amerikaanse landbouwmarkten sloten augustus 2026 af met gemengde resultaten: sojabonen, katoen en maïs zagen hun prijzen stijgen, terwijl tarwe een lichte daling kende. De wisselende weersomstandigheden en exportcijfers beïnvloedden de oogstverwachtingen.

    De laatste handelsdagen van augustus 2026 brachten een gevarieerd beeld op de Amerikaanse landbouwmarkten. Sojabonen, katoen en maïs sloten de maand af met prijsstijgingen, terwijl tarwe een lichte daling liet optekenen. De oogstcondities en exportcijfers speelden hierbij een belangrijke rol.

    Sojabonen En Maïs Zien Prijzen Stijgen

    Sojabonen lieten een stevige prestatie zien, met contracten die stabiel tot 7 dollarcent hoger sloten. De nationale gemiddelde contante prijs voor sojabonen steeg met een kwart cent naar 12,535 dollar (ongeveer 11,50 euro) per bushel. Ondanks deze stijging daalden de conditiebeoordelingen van de Amerikaanse sojaboonoogst met 2 procentpunten tot 58 procent ‘goed tot uitstekend’. De Brugler500-index, die de oogstconditie meet, zakte met 4 punten naar 353.

    De maïsprijzen volgden een gelijkaardig patroon, met stijgingen van 1 tot 3,5 dollarcent. De nationale gemiddelde contante prijs voor maïs klom met 3,5 cent naar 4,935 dollar (ongeveer 4,53 euro) per bushel. De conditiebeoordelingen van de maïsoogst bleven stabiel op 47 procent ‘goed tot uitstekend’, al verschoof een deel van de ‘uitstekende’ beoordelingen naar ‘goed’. De export van maïs toonde een robuust beeld, met 1,496 miljoen metrische ton (ongeveer 58,9 miljoen bushels) verscheept in de week tot 27 augustus, een stijging van 13,11 procent ten opzichte van de week ervoor. De totale export voor het marketingjaar lag 25,14 procent hoger dan vorig jaar.

    Katoen In De Lift, Tarwe Onder Druk

    Ook katoen kende een sterke afsluiting van augustus, met termijncontracten die 170 tot 180 punten stegen. De conditiebeoordelingen voor de Amerikaanse katoenoogst verbeterden met 2 procentpunten tot 39 procent ‘goed tot uitstekend’. De Brugler500-index daalde echter met 2 punten naar 302, wat wijst op een toename van ‘slecht tot zeer slecht’ beoordeelde gewassen. De Cotlook A Index, een belangrijke internationale referentie, steeg op 28 augustus met 300 punten naar 101,30 dollarcent (ongeveer 0,93 euro) per pond.

    Tarwe daarentegen had het moeilijker. De Chicago SRW-contracten verloren 3,75 tot 10,25 dollarcent. De exportinspecties lieten zien dat de tarweverschepingen in de week tot 27 augustus 430.925 metrische ton (ongeveer 15,83 miljoen bushels) bedroegen, wat 46,46 procent lager was dan in dezelfde week vorig jaar. De totale export voor het marketingjaar lag 28,4 procent onder het niveau van vorig jaar. Een lichtpuntje was de vooruitgang in de oogst van lentetarwe, waarvan 77 procent geoogst was tegen zondag, 9 procentpunten sneller dan het normale tempo.

    De gemengde resultaten aan het einde van augustus 2026 tonen aan hoe gevoelig de landbouwmarkten zijn voor zowel weersomstandigheden als de wereldwijde vraag. Wij volgen dit verder op, want de impact van deze schommelingen kan zich nog verder laten voelen in de komende maanden.

  • Belgische Economie Groeit Met 0,3 Procent, Stagnatie In Tweede Kwartaal

    Belgische Economie Groeit Met 0,3 Procent, Stagnatie In Tweede Kwartaal

    De Belgische economie kende een bescheiden groei van 0,3 procent in het tweede kwartaal van dit jaar, een vertraging ten opzichte van de voorgaande periode. Vooral de binnenlandse vraag en investeringen hielden de groei overeind, terwijl de export afzwakte.

    De Belgische economie heeft in het tweede kwartaal van 2024 een groei van 0,3 procent laten optekenen. Dat is een lichte vertraging ten opzichte van het eerste kwartaal, toen de groei nog 0,4 procent bedroeg. Deze cijfers, gepubliceerd door Trends-Knack, wijzen op een stagnatie van de economische activiteit in ons land.

    De motor achter deze groei was voornamelijk de binnenlandse vraag, die een toename van 0,4 procent liet zien. Ook de bedrijfsinvesteringen droegen positief bij, met een stijging van 0,6 procent. Dit suggereert dat bedrijven nog steeds bereid zijn om te investeren, ondanks de bredere economische onzekerheid. De overheidsconsumptie kende eveneens een lichte stijging van 0,1 procent.

    Export Zakt Weg

    Wat opvalt in de cijfers is de zwakkere prestatie van de export. De Belgische uitvoer daalde met 0,2 procent in het tweede kwartaal, terwijl de invoer met 0,1 procent toenam. Dit resulteerde in een negatieve bijdrage van de netto-export aan de totale economische groei. De afzwakkende internationale handel kan een teken zijn van een bredere economische vertraging in Europa en daarbuiten, wat ook de Belgische open economie raakt.

    De industrie kende een moeilijke periode, met een krimp van 0,5 procent. De bouwsector bleef stabiel met een groei van 0,1 procent. De dienstensector, die een groot deel van de Belgische economie uitmaakt, bleef de belangrijkste groeimotor met een toename van 0,5 procent. Dit toont aan dat de Belgische economie veerkracht toont in de dienstverlening, maar dat de productie en handel onder druk staan.

    Vooruitzichten Blijven Onzeker

    Hoewel de Belgische economie nog steeds groeit, wijst de stagnatie in het tweede kwartaal op een afnemend momentum. Wij zien vooral dat de internationale context een steeds grotere rol speelt in de prestaties van onze economie. De inflatie, de hoge energieprijzen en de geopolitieke spanningen blijven factoren die de vooruitzichten onzeker maken.

    De Nationale Bank van België had eerder al een groeiprognose van 1,2 procent voor heel 2024 afgegeven. Of deze prognose haalbaar blijft, zal afhangen van de verdere ontwikkeling van de binnenlandse vraag en de evolutie van de internationale handel. Wij volgen dit verder op, want een aanhoudende stagnatie kan de arbeidsmarkt en de overheidsfinanciën onder druk zetten.