Tag: Financiële Planning

  • Oudedagsverplichting Omzetten Naar Lijfrente Biedt DGA’s Meer Flexibiliteit

    Oudedagsverplichting Omzetten Naar Lijfrente Biedt DGA’s Meer Flexibiliteit

    Directeur-grootaandeelhouders die hun pensioen in eigen beheer omzetten naar een bancaire lijfrente, krijgen meer zeggenschap over de uitkeringen dan bij een oudedagsverplichting. Dit kan al vijf jaar voor de AOW-leeftijd starten, of juist later en met een kortere looptijd.

    Directeur-grootaandeelhouders (DGA’s) die nog een oudedagsverplichting (ODV) op de balans van hun vennootschap hebben staan, kunnen meer keuzevrijheid krijgen door deze om te zetten naar een bancaire lijfrente. Waar een ODV relatief strikte regels kent voor het uitkeringsmoment en de looptijd, biedt een lijfrente meer soepelheid. Vooral voor DGA’s die hun uitkeringspatroon willen afstemmen op hun persoonlijke financiële situatie, kan deze stap interessant zijn.

    De mogelijkheid om pensioen in eigen beheer op te bouwen, werd op 1 juli 2017 door de Nederlandse overheid afgeschaft. Veel DGA’s kozen er toen voor om hun opgebouwde pensioen om te zetten in een ODV, die als een schuld op de balans van hun BV komt te staan. Deze ODV moet uiterlijk twee maanden na het bereiken van de AOW-leeftijd beginnen met uitkeren, en heeft een vaste looptijd van twintig jaar. Vroeger beginnen mag, maar niet eerder dan vijf jaar voor de AOW-leeftijd, en dan wordt de looptijd verlengd.

    Vaste kaders en flexibele alternatieven

    De ODV-regeling is rigide. Een DGA die niet voldoet aan de eisen voor de ingangsdatum of de looptijd, riskeert dat de fiscus de waarde van de ODV in één keer belast, inclusief 20 procent revisierente. Dit gebrek aan flexibiliteit maakt de ODV minder aantrekkelijk voor veel DGA’s die hun vermogen anders willen inzetten. Evi van Lanschot benadrukt dat een bancaire lijfrente op dat vlak meer ademruimte biedt. Een lijfrente mag bijvoorbeeld al tien jaar voor de AOW-leeftijd uitkeren, en hoeft pas binnen vijf jaar na de AOW-leeftijd te starten. Ook de looptijd is flexibeler; een minimale looptijd van vijf jaar is mogelijk, in plaats van de vaste twintig jaar van de ODV.

    Het omzetten van een ODV naar een lijfrente kan geheel of gedeeltelijk. Zelfs een ODV die al uitkeert, kan nog worden afgestort, al gelden dan strengere voorwaarden. Dan moet de volledige ODV worden afgestort en is voorafgaande goedkeuring van de Belastingdienst vereist. De Belastingdienst staat ook aanpassingen toe als een BV te weinig vermogen heeft om de ODV af te storten, mits dit komt door reële ondernemingsverliezen en de BV daarna wordt geliquideerd. Dit toont aan dat de fiscus wel degelijk oog heeft voor uitzonderlijke omstandigheden, maar de basisregel blijft dat een ODV een langetermijnverplichting is met beperkte speelruimte.

    Meer keuze en minder administratie

    De grotere flexibiliteit van een lijfrente betekent dat DGA’s de uitkeringen beter kunnen afstemmen op hun individuele behoeften. Zo is het mogelijk om meerdere lijfrenten te combineren, bijvoorbeeld om in de eerste jaren na de AOW-leeftijd een hogere uitkering te ontvangen en later een lagere. De jaarlijkse uitkeringen uit een tijdelijke oudedagslijfrente mogen in 2026 niet meer bedragen dan 27.192 euro. Een bijkomend voordeel is de mogelijkheid om na de omzetting de BV op te heffen, wat de administratieve lasten en de fiscale situatie aanzienlijk kan vereenvoudigen. Dit is een niet te onderschatten pluspunt voor ondernemers die na een lange carrière hun financiën willen stroomlijnen.

    Wij zien hierin vooral de wens van DGA’s weerspiegeld om controle te behouden over hun vermogen, zelfs na hun actieve loopbaan. De starre aard van de ODV botst met de realiteit van veranderende levensfases en financiële behoeften. De mogelijkheid om een ODV af te storten in een bancaire lijfrente biedt een welkome ontsnapping aan deze fiscale kaders, en geeft ondernemers de kans om hun pensioeninkomen dynamisch aan te passen. Denk bijvoorbeeld aan de keuze tussen een bancaire lijfrente, waarbij het resterende bedrag bij overlijden naar erfgenamen gaat, of een verzekeringslijfrente, waar het geld bij een verzekeraar kan blijven. Die keuzevrijheid is veel waard.

    Wat betekent dit nu?

    De optie om een oudedagsverplichting om te zetten naar een bancaire lijfrente biedt DGA’s een aanzienlijke verhoging van de flexibiliteit in hun pensioenplanning. Door de vaste kaders van de ODV te verlaten, kunnen zij de start en duur van hun uitkeringen beter afstemmen op persoonlijke omstandigheden, wat meer maatwerk mogelijk maakt. Dit kan leiden tot een efficiënter beheer van het pensioenvermogen en de BV-structuur, en een aanzienlijke vereenvoudiging van de administratie.

  • Hogere Rentetarieven, Goedkoper Pensioen: Minder Kapitaal Nodig Voor Levenslang Inkomen

    Hogere Rentetarieven, Goedkoper Pensioen: Minder Kapitaal Nodig Voor Levenslang Inkomen

    Terwijl stijgende rentes vaak als negatief worden gezien voor beleggingsportefeuilles, bieden ze een onverwacht voordeel voor wie een gegarandeerd pensioeninkomen wil veiligstellen.

    Wie vandaag een gegarandeerd levenslang pensioeninkomen wil aankopen, heeft daar minder kapitaal voor nodig dan in periodes met lagere rentetarieven. Dit onverwachte voordeel van de huidige hoge rentes wordt belicht door columnist Mark Hulbert van MarketWatch. Het betekent dat individuen potentieel minder geld opzij moeten zetten om hun gewenste levensstandaard tijdens hun pensioen te behouden.

    Hulbert stelt dat er een ruw evenwicht bestaat tussen de aandelenmarkt, rentetarieven en de kosten voor het verwerven van een gegarandeerd levenslang inkomen. Hoewel hogere rentes doorgaans een negatieve impact hebben op aandelen- en obligatieportefeuilles, verlagen ze tegelijkertijd de prijs van annuïteiten en andere instrumenten voor een vast pensioeninkomen. Dit maakt het dus goedkoper om eenzelfde maandelijks bedrag te verzekeren, zelfs wanneer de waarde van beleggingen daalt.

    De uitbetalingstarieven van annuïteiten zijn nauw verbonden met de rentestanden. Toen de rentes laag waren, waren ook de uitbetalingen uit annuïteiten beperkt. Nu de rentes gestegen zijn, is het maandelijkse inkomen dat met eenzelfde inleg kan worden gekocht aanzienlijk hoger. Wij zien vooral dat dit een verschuiving teweegbrengt in de pensioenplanning, waarbij traditionele spaarders die zekerheid zoeken, nu meer waar voor hun geld krijgen.

    Mark Hulbert illustreert dit met een voorbeeld: een belegger met een portefeuille van 100.000 dollar (ongeveer 93.700 euro) in aandelen van de Dow Jones Industrial Average zag zijn kapitaal in twee maanden tijd dalen tot 93.700 dollar (ongeveer 87.800 euro) door een daling van 6,3 procent. Ondanks dit verlies kon deze belegger met het resterende bedrag eenzelfde maandelijks gegarandeerd inkomen uit een annuïteit verwerven als voordien, dankzij de gestegen uitbetalingstarieven. Dit wijst erop dat de negatieve impact op de portefeuille gecompenseerd kan worden door gunstigere voorwaarden voor het omzetten van kapitaal in inkomen.

    Een soortgelijk effect is te zien bij TIPS-ladders (Treasury Inflation-Protected Securities). Volgens het platform TIPSLadder.com kon men twee maanden geleden met 100.000 dollar een inflatiegecorrigeerd pensioeninkomen van 408 dollar per maand vastzetten. Vandaag, met hogere rentes, levert dezelfde investering 433 dollar per maand op. Zelfs als de initiële beleggingsportefeuille is gekrompen, kan het uiteindelijke gegarandeerde inkomen dus stabiel blijven of zelfs toenemen, wat de koopkracht op lange termijn ten goede komt. Ter vergelijking: Bitcoin noteert vandaag, 2 oktober om 03:30, 75.271 euro, wat een stijging van 9,5 procent over de afgelopen dertig dagen vertegenwoordigt. Deze volatiliteit staat in schril contrast met de stabiliteit die hogere rentes nu bieden voor een gegarandeerd pensioeninkomen.

    Dit fenomeen betekent dat spaarders en toekomstige gepensioneerden die voorheen worstelden met extreem lage rentes en moeite hadden om voldoende inkomen te genereren uit veilige beleggingen, nu een aantrekkelijker alternatief hebben. De stijging van de rentetarieven heeft de dynamiek voor pensioenplanning fundamenteel veranderd, en biedt nu meer mogelijkheden om met minder risico een stabiel inkomen te genereren.

    Wat betekent dit nu?

    De verschuiving in rentetarieven biedt een concreet voordeel voor wie op zoek is naar een gegarandeerd pensioeninkomen. Hoewel de waarde van risicovollere activa zoals aandelen en cryptomunten kan fluctueren – Bitcoin steeg de afgelopen maand bijvoorbeeld met 9,5 procent – kunnen hogere rentes de onzekerheid voor een stabiele pensioenuitkering aanzienlijk verminderen. Het afdekken van levenslange inkomensrisico’s is daardoor betaalbaarder geworden, waardoor je met hetzelfde startkapitaal een hoger maandelijks bedrag kunt veiligstellen, of met minder kapitaal hetzelfde bedrag. Dit geeft pensioenplanners meer flexibiliteit en zekerheid, wat een belangrijke overweging kan zijn in de huidige volatiele marktomgeving.

  • Financiële Planners Raden Diversificatie Aan Nu Amerikaanse Obligatierendementen Stijgen

    Financiële Planners Raden Diversificatie Aan Nu Amerikaanse Obligatierendementen Stijgen

    Nu de rente op Amerikaanse staatsobligaties vijf procent of meer bedraagt, overwegen steeds meer beleggers vastrentende waarden voor hun portefeuille. Experts waarschuwen echter voor de risico’s van een te eenzijdige aanpak.

    De rendementen op Amerikaanse staatsobligaties zijn de voorbije weken gestegen tot boven de vijf procent voor looptijden van vijf jaar en langer. Ook kortere looptijden leveren al hogere rentes op: een éénjarige Treasury bill noteerde recent een rendement van 4,55 procent, terwijl een driejarige obligatie 4,99 procent opbracht. Deze ontwikkeling, die de voorbije vijf jaar gestaag is opgebouwd vanuit de lage niveaus van de pandemie, zorgt voor een hernieuwde interesse in vastrentende waarden, vooral bij beleggers die zich voorbereiden op hun pensioen.

    Toch waarschuwen financiële planners dat beleggers die volledig inzetten op langetermijnobligaties kwetsbaar zijn voor inflatie en renteschommelingen. Een gegarandeerd jaarlijks inkomen van 110.000 euro op basis van twee miljoen euro aan obligaties mag dan aantrekkelijk klinken, de koopkracht kan door inflatie in twintig jaar tijd aanzienlijk worden uitgehold. Sean Lovinson, oprichter van Purpose Built, merkt op dat een nominaal rendement van 5,5 procent nu comfortabel aanvoelt, maar dat “compounding inflation” op de lange termijn de levensstijl stilletjes kan uithollen.

    Wij zien vooral dat de huidige rentestanden een strategische afweging vragen. De verleiding is groot om de hoge rentes op lange termijn vast te zetten, maar dat kan leiden tot een gebrek aan liquiditeit bij onverwachte uitgaven. Bovendien, als de rente verder zou stijgen, verliest een langetermijnobligatie in waarde op de secundaire markt. Mel Mattison, een financieel planner, gelooft dan weer niet dat de economie langdurig rentes van zes of zeven procent kan dragen, wat volgens hem tot een recessie en dalende rendementen zou leiden. Wij twijfelen of dergelijke uitspraken de werkelijkheid voldoende dekken, aangezien de economische situatie volop in beweging blijft.

    Een doordachte obligatiestrategie is daarom cruciaal, waarbij diversificatie een sleutelrol speelt. Financiële experts adviseren om te kijken naar de liquiditeitsbehoeften, de belastingschijf en de risicotolerantie. Kortlopende obligaties, met een looptijd van drie tot vijf jaar, zijn een populaire keuze onder vermogensbeheerders. Deze bieden de mogelijkheid om van de hogere rentes te profiteren en tegelijkertijd liquiditeit te behouden, aangezien de obligaties op pari waarde aflopen.

    Een andere veelgebruikte strategie is de ‘obligatieladder’, een portefeuille met staatsobligaties met uiteenlopende looptijden, bijvoorbeeld van één tot twintig jaar. Vincent DeCrow van RISE Investments legt uit dat dit een vergelijkbaar inkomensvoordeel oplevert, maar tegelijkertijd de risico’s van looptijd, liquiditeit en inflatie vermindert. Naarmate obligaties aflopen, komt er kapitaal vrij dat opnieuw kan worden geïnvesteerd tegen mogelijk hogere rentes. Daarnaast bieden ‘Treasury Inflation-Protected Securities’ (TIPS) en ‘Series I savings bonds’ (I-Bonds) bescherming tegen inflatie, doordat hun hoofdsom automatisch wordt aangepast aan de consumentenprijsindex.

    Het is ook belangrijk om aandelen niet volledig te negeren. Zelfs met een uitgekiende obligatiestrategie is een portefeuille die volledig uit vastrentende waarden bestaat, een risico, ongeacht de leeftijd van de belegger. Een evenwichtige portefeuille, bijvoorbeeld vijftig procent vastrentende waarden en vijftig procent aandelen, kan een goede start zijn voor gepensioneerden. De groeimogelijkheden van aandelen kunnen dienen als een extra inflatiehedge en bieden bovendien fiscale voordelen als de belegger in een hogere belastingschijf zit. Ook cryptomunten zoals Bitcoin (BTC), die op 1 oktober om 05:02 noteerde aan 73.696 euro, een stijging van 6,5 procent over de voorbije dertig dagen, kunnen een diversificatie-element zijn, al zijn ze van een totaal andere risicocategorie dan obligaties.

    Technische analyse

    De algemene trend voor obligatierendementen is stijgend, waarbij de 10-jarige Amerikaanse staatsobligatie recent een rendement van 5,290 procent noteerde. Dit niveau ligt significant boven het 200-daags voortschrijdend gemiddelde, wat duidt op een sterke bullish trend in de rentemarkt. De RSI voor obligatieprijzen, die omgekeerd correleert met rendementen, beweegt zich in de oversold-regio, wat historisch gezien kan leiden tot een tijdelijke stabilisatie of lichte correctie in rendementen. Het hoge handelsvolume bevestigt de sterke interesse en beweging in de markt.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment is overwegend optimistisch, gestuwd door de hogere rendementen die obligaties bieden. De algemene Fear & Greed Index voor de cryptomarkt staat op 74 van 100, wat duidt op ‘Greed’. Hoewel deze index specifiek voor crypto is, reflecteert het een bredere risicobereidheid in de markt, waarbij beleggers op zoek zijn naar rendement. De instroom in vastrentende ETF’s is toegenomen, wat de groeiende interesse in obligaties onderstreept.

    Fundamentele analyse

    De stijgende obligatierendementen worden gedreven door de verwachting van aanhoudend hogere rentetarieven door centrale banken en aanhoudende inflatiedruk. De robuuste Amerikaanse economie draagt bij aan deze verwachting, wat de vraag naar veilige havens zoals staatsobligaties, zelfs met een relatief hoger risico op rentestijgingen, in stand houdt. De correlatie met de bredere markt is duidelijk: wanneer obligaties aantrekkelijker worden, kan dit kapitaal onttrekken aan risicovollere activa, zoals sommige aandelen of cryptomunten.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Indien de inflatie langer aanhoudt dan verwacht en centrale banken de rentetarieven verder verhogen, zullen de rendementen op obligaties verder stijgen, wat een aantrekkelijke inkomstenstroom biedt voor nieuwe beleggingen.
    • Bear-scenario: Een onverwacht snelle daling van de inflatie of een recessie zou de vraag naar obligaties kunnen doen toenemen, waardoor de rendementen dalen en de waarde van bestaande obligaties met vaste, lagere coupons afneemt.

    Wat betekent dit nu?

    De huidige hoge obligatierendementen bieden een unieke kans om stabiel inkomen te genereren, maar vereisen een genuanceerde aanpak. Beleggers doen er goed aan om hun portefeuille te spreiden en niet enkel op lange looptijden in te zetten, gezien de aanhoudende onzekerheid over inflatie en toekomstige rentebesluiten. De focus moet liggen op een gebalanceerde strategie die zowel inkomstenzekerheid als bescherming tegen inflatie en liquiditeitsrisico’s biedt, waarbij het wijselijk is om de volgende rentevergaderingen van de centrale banken nauwlettend in de gaten te houden.

  • Beleggers Bepalen Juiste Mix Tussen Aandelen En Obligaties Met Leeftijd Als Richtlijn

    Beleggers Bepalen Juiste Mix Tussen Aandelen En Obligaties Met Leeftijd Als Richtlijn

    De zoektocht naar de ideale portefeuilleverdeling tussen aandelen en obligaties is een constante voor elke belegger. Een veelgebruikte vuistregel stelt dat je leeftijd een belangrijke indicator is voor het aandeel obligaties in je portefeuille.

    De vraag hoe je de juiste balans vindt tussen aandelen en obligaties is cruciaal voor beleggers. Het gaat erom een portefeuille samen te stellen die past bij je persoonlijke situatie en financiële doelen. Een algemeen aanvaarde richtlijn suggereert dat je leeftijd een sleutelrol speelt bij het bepalen van het percentage obligaties in je beleggingsmix. Zo zou je je leeftijd als percentage obligaties kunnen aanhouden, wat betekent dat een dertigjarige belegger ongeveer 30 procent obligaties in zijn portefeuille heeft, en een zestigjarige 60 procent.

    Deze vuistregel, vaak de ‘100 min leeftijd’-regel genoemd voor aandelen, is echter geen ijzeren wet. Wij zien vooral dat het een startpunt is voor discussie, eerder dan een definitief antwoord. De regel gaat ervan uit dat je risicobereidheid afneemt met de leeftijd, wat in veel gevallen klopt. Jongere beleggers hebben doorgaans een langere beleggingshorizon en kunnen daardoor meer risico dragen, omdat ze meer tijd hebben om eventuele verliezen te compenseren. Oudere beleggers daarentegen, die dichter bij hun pensioen staan, hebben vaak minder tijd en willen hun opgebouwde vermogen beschermen, waardoor een groter aandeel obligaties, die doorgaans minder volatiel zijn, logisch is.

    Risicoprofiel En Beleggingshorizon Cruciaal

    Naast leeftijd zijn er nog andere factoren die de verdeling tussen aandelen en obligaties beïnvloeden. Je persoonlijke risicoprofiel is hierin van groot belang. Sommige beleggers zijn van nature voorzichtiger, ongeacht hun leeftijd, en verkiezen een lager risico. Anderen zijn bereid meer risico te nemen voor potentieel hogere rendementen. Wij zouden hier niet blind varen op enkel de leeftijd, maar ook kijken naar je comfortniveau met schommelingen op de markt. Obligaties bieden over het algemeen meer stabiliteit en een voorspelbaar rendement, terwijl aandelen meer groeipotentieel hebben, maar ook grotere prijsschommelingen kennen.

    De beleggingshorizon speelt eveneens een significante rol. Iemand die belegt voor een doel over dertig jaar, zoals pensioen, kan een agressievere portefeuille met meer aandelen aanhouden dan iemand die over vijf jaar een huis wil kopen. De tijd die je hebt om te beleggen, bepaalt hoeveel risico je kunt dragen. Een langere horizon geeft de mogelijkheid om tijdelijke dalingen uit te zitten en te profiteren van het herstel van de markt. Een kortere horizon vraagt om meer voorzichtigheid en een groter aandeel in minder volatiele activa.

    Diversificatie En Periodieke Herweging

    Diversificatie is een ander sleutelwoord. Het spreiden van je beleggingen over verschillende activaklassen, sectoren en regio’s vermindert het totale risico van je portefeuille. Binnen de obligaties kun je bijvoorbeeld kiezen voor staatsleningen, bedrijfsobligaties of obligaties uit opkomende markten, elk met hun eigen risico- en rendementsprofiel. Bij aandelen is spreiding over verschillende sectoren en geografische gebieden eveneens van belang. Een goed gediversifieerde portefeuille kan beter bestand zijn tegen marktschokken.

    Tot slot is periodieke herweging van je portefeuille essentieel. Na verloop van tijd kunnen de waardes van je aandelen en obligaties verschuiven, waardoor de oorspronkelijke verhouding verandert. Door je portefeuille regelmatig te herwegen – bijvoorbeeld jaarlijks – breng je de verdeling terug naar je gewenste mix. Dit betekent dat je winstgevende activa verkoopt en minder goed presterende activa bijkopen, wat ook een vorm van risicobeheer is. Het is een dynamisch proces dat vraagt om regelmatige aandacht, maar wij zien dat dit cruciaal is om op koers te blijven met je financiële doelen.

  • Vanguard Strategist Ziet ‘Complete Mentaliteitsverandering’ Nodig Voor Gepensioneerden

    Vanguard Strategist Ziet ‘Complete Mentaliteitsverandering’ Nodig Voor Gepensioneerden

    Garrett Harbron, strateeg bij Vanguard, benadrukt dat gepensioneerden een nieuwe kijk op hun financiën moeten aannemen. Hij stelt vier principes voor om de angst rondom pensioeninkomen te verminderen.

    De overgang van een carrière vol sparen naar een pensioen waarin je moet uitgeven, blijkt voor velen een bron van stress. Garrett Harbron, hoofd Advised Wealth Management Strategies bij Vanguard, merkt op dat het zien dalen van het bankrekeningsaldo, na decennia van zorgvuldig opbouwen, angst kan opwekken. Volgens een peiling van Gallup in april maakt 62 procent van de Amerikanen zich zorgen over onvoldoende pensioenbesparingen, terwijl 54 procent vreest zijn levensstijl niet te kunnen behouden.

    Deze bezorgdheid leidt er soms toe dat gepensioneerden minder uitgeven dan ze zich kunnen veroorloven, waardoor ze niet ten volle van hun pensioen genieten. Harbron, die de noodzaak van een ‘complete mentaliteitsverandering’ benadrukt, heeft meegeholpen aan het opstellen van Vanguard’s ‘Principles for Retirement Income’. Deze principes bieden een kader voor een bewuste omgang met geld en het verminderen van financiële stress.

    Vier Principes Voor Financiële Rust

    Vanguard’s vier principes zijn ontworpen om gepensioneerden te helpen hun pensioenwensen te definiëren, hun uitgaven te plannen, zekerheid te krijgen over de duurzaamheid van hun geld en zo tijd te creëren om van hun pensioen te genieten. Wij zien hierin een nuchtere benadering die verder gaat dan de vaak gehoorde ‘4%-regel’ of dynamische uitgavenstrategieën.

    • Begin met een doel: Dit principe draait om het stellen van doelen, het opstellen van een uitgavenplan en het inschatten van risico’s die dat plan kunnen ondermijnen. Harbron noemt dit de “fundering van elk succesvol pensioenplan”. Amerikanen schatten gemiddeld 1,46 miljoen dollar (ongeveer 1,35 miljoen euro) nodig te hebben voor een comfortabel pensioen, wat aanzienlijk meer is dan het gemiddelde spaarsaldo van 547.840 dollar (ongeveer 507.000 euro). Een financieel adviseur kan helpen een persoonlijk doel te bepalen en een strategie te ontwikkelen. Een studie van Vanguard toonde aan dat mensen die met een adviseur werken gemiddeld 3 procent hogere rendementen behalen.
    • Dek je basisbehoeften af: Gepensioneerden worden aangemoedigd om inkomsten die ze levenslang ontvangen, zoals sociale zekerheid, pensioenen of annuïteiten, te gebruiken voor essentiële uitgaven zoals voeding, huisvesting en medische zorg. Dit zorgt ervoor dat basisbehoeften gedekt zijn, ongeacht de marktomstandigheden. De timing van het aanvragen van sociale zekerheidsuitkeringen is hierbij cruciaal; vroeg aanvragen kan leiden tot lagere maandelijkse bedragen, terwijl uitstel deze kan verhogen.

    Vermogen Duurzaam Maken

    Het derde principe richt zich op het maximaliseren van de levensduur van het spaargeld. Dit omvat het verminderen van belastingen en flexibel omgaan met uitgaven. Het aflossen van schulden met hoge rente en ongedekte leningen wordt ook genoemd als een manier om het vermogen te vergroten en financiële flexibiliteit te behouden. Wij denken dat dit een vaak onderschatte stap is, die direct impact heeft op de maandelijkse financiële ruimte.

    Tot slot is er het belang van een noodfonds. Zelfs het best opgestelde pensioenplan kan ontregeld worden door onverwachte uitgaven, zoals grote huisreparaties, medische rekeningen of de vervanging van een auto. Zonder een buffer kan men genoodzaakt zijn om geld op te nemen uit investeringen onder ongunstige marktomstandigheden of schulden aan te gaan. Onderzoek van het Center for Retirement Research van Boston College schat dat gepensioneerden gemiddeld te maken krijgen met onverwachte uitgaven die ongeveer 10 procent van hun jaarinkomen bedragen. Een expert zoals Suze Orman raadt aan om een noodfonds aan te houden dat acht maanden tot een jaar aan levensonderhoud dekt. Zo’n buffer kan je heel wat kopzorgen besparen.

  • MarketWatch-Lezer Twijfelt Of Hij 1.000 Euro Uit Beleggingen Haalt Voor Autolening

    MarketWatch-Lezer Twijfelt Of Hij 1.000 Euro Uit Beleggingen Haalt Voor Autolening

    Nu de aandelenmarkt ‘in vuur en vlam staat’, overweegt een belegger winst te nemen om een schuld af te lossen. De vraag is of dat financieel verstandig is.

    Een lezer van MarketWatch, die zichzelf ‘Working Stiff’ noemt, zit met een dilemma. Hij overweegt 1.000 euro uit zijn beleggingsrekening te halen om zijn autolening af te betalen. De aanleiding? De aandelenmarkt staat volgens hem ‘in vuur en vlam’ en voelt ‘oververhit’. Hij vraagt zich af of het verstandig is om nu winst te nemen.

    De lezer heeft eerder succesvol belegd in Royal Caribbean-aandelen, die hij voor ongeveer 20 euro per stuk kocht tijdens de coronapandemie. Nu staan ze rond de 320 euro. Een deel van die winst zou hij willen gebruiken om zijn autolening af te lossen. Wij zien hierin een herkenbare afweging die veel beleggers op een bepaald moment maken: moet je winst verzilveren om schuld af te bouwen, of laat je het geld verder renderen op de markt?

    De afweging tussen schuld en rendement

    Quentin Fottrell, de ‘Moneyist’ van MarketWatch, benadrukt dat de rentestand van de autolening cruciaal is. Betaal je 10 procent rente, dan is aflossen aantrekkelijk. Bij een rente van 2 of 5 procent ligt de zaak anders. Dan is het argument sterker om het geld geïnvesteerd te houden, zeker als je enige marktvolatiliteit kunt verdragen. Historisch gezien belonen aandelen beleggers die op lange termijn blijven investeren.

    Het aflossen van een lening biedt een gegarandeerd ‘rendement’ in de vorm van vermeden rentekosten. Als je een autolening van 5 procent hebt, bespaar je door af te lossen gegarandeerd 5 procent. Een belegging kan weliswaar meer opleveren, maar dat is onzeker en bovendien potentieel belastbaar. Een belegging van 1.000 euro kan de komende jaren 30 procent stijgen, maar ook 20 procent dalen, zoals in 2022 gebeurde.

    Niet altijd de beste financiële beslissing

    Fottrell stelt ook de vraag of de lezer een noodfonds heeft. Als dat niet het geval is, zou het opbouwen daarvan prioriteit moeten hebben. Het aflossen van 1.000 euro van een autolening is in de meeste gevallen geen noodsituatie. Als de rentestand van de autolening redelijk is en de beleggingen meer opbrengen, is het vaak verstandiger het geld geïnvesteerd te houden.

    De lezer verwijst ook naar het principe van ‘dollar-cost averaging’, waarbij je geleidelijk investeert, ongeacht de marktomstandigheden. Dit principe pleit ervoor om niet te proberen de markt te timen, maar te vertrouwen op de lange termijn. Het verkopen van aandelen omdat de markt ‘oververhit’ aanvoelt, druist hier deels tegenin. Het is een menselijke neiging om winsten te verzilveren en schulden af te lossen, maar dat maakt het niet altijd de beste financiële beslissing op papier. Wij volgen dit soort persoonlijke financiële vraagstukken op de voet, omdat ze een goed beeld geven van de overwegingen die bij veel mensen spelen.

  • Amerikaanse Sociale Zekerheid: Spousal Benefits En De ‘Deemed Filing Rule’ Uitgelegd

    Amerikaanse Sociale Zekerheid: Spousal Benefits En De ‘Deemed Filing Rule’ Uitgelegd

    De regels rond spousal benefits binnen de Amerikaanse Sociale Zekerheid zijn complex en veranderden recent nog. We duiken in wat ‘deemed filing’ betekent en voor wie de oude strategie nog geldt.

    De Amerikaanse Sociale Zekerheid kent een complex systeem van uitkeringen, zeker wanneer het aankomt op pensioenen voor gehuwden of ex-gehuwden. Een veelbesproken strategie, waarbij iemand eerst een deel van de uitkering van de partner claimt en later overstapt op een hogere eigen uitkering, is grotendeels verleden tijd. Dit komt door wijzigingen die de Social Security Administration (SSA) in 2015 heeft doorgevoerd.

    Vóór 2015 konden mensen die geboren waren op of vóór 1 januari 1954 nog gebruikmaken van de zogenaamde ‘restricted application’. Dit hield in dat ze op hun 62ste tot 50% van de uitkering van hun partner konden ontvangen, terwijl ze hun eigen, potentieel hogere, pensioenuitkering lieten groeien tot hun 70ste. Vanaf die leeftijd konden ze dan overschakelen naar hun eigen, geoptimaliseerde uitkering. Voor de meeste mensen die na die datum geboren zijn, geldt deze optie echter niet meer.

    De ‘Deemed Filing Rule’ en spousal benefits

    De kern van de huidige regels is de ‘deemed filing rule’. Dit betekent dat wanneer je een aanvraag indient voor je eigen pensioenuitkering, de SSA je automatisch beschouwt als zijnde ook een aanvraag ingediend voor elke spousal benefit waar je recht op hebt. Je ontvangt dan niet beide uitkeringen, maar de hoogste van de twee. Dit wordt uitbetaald als je eigen uitkering, aangevuld met een ‘spousal excess’ als de uitkering van je partner hoger is.

    Stel, je eigen pensioenuitkering zou op je volledige pensioenleeftijd (Full Retirement Age, FRA) 2.000 dollar per maand bedragen, en op je 70ste 2.640 dollar. De spousal benefit, 50% van de uitkering van je partner, zou 1.000 dollar per maand zijn. Onder de huidige regels kan je niet op je 62ste de 1.000 dollar spousal benefit claimen en later overstappen op je eigen 2.640 dollar. Je moet kiezen. Als je op je 62ste al een uitkering aanvraagt, wordt deze permanent verlaagd, ongeacht of het je eigen uitkering of een spousal benefit betreft.

    Hier bij Block #9 kijken we er zo naar: deze regels zijn duidelijk ontworpen om de complexiteit van het systeem te verminderen en ‘strategisch’ claimen te beperken, maar ze vragen wel om een grondige planning van de kant van de gepensioneerde. Het is geen kwestie van zomaar het hoogste bedrag kiezen; de timing van de aanvraag heeft een blijvende impact.

    Veranderingen voor overheidsgepensioneerden

    Een belangrijke recente wijziging vond plaats in 2025, toen de Social Security Fairness Act de Windfall Elimination Provision (WEP) en de Government Pension Offset (GPO) introk. Deze bepalingen verminderden voorheen de Sociale Zekerheidsuitkeringen voor veel gepensioneerden uit de overheidssector, zoals leerkrachten, die ook een overheidspensioen ontvingen. Door de intrekking van de GPO kunnen deze personen nu in aanmerking komen voor de volledige 50% spousal benefit, zonder dat hun overheidspensioen dit bedrag verlaagt of elimineert.

    Dit is een aanzienlijke verbetering voor duizenden gepensioneerden. Echter, de ‘deemed filing rule’ blijft van kracht. Dat betekent dat als een partner op 62-jarige leeftijd al een eigen, verlaagde uitkering heeft aangevraagd, de spousal excess die zij later ontvangen, nog steeds onderhevig zal zijn aan een reductie, zelfs als de hoofdverdiener pas op 70-jarige leeftijd zijn of haar uitkering aanvraagt. De SSA heeft de meeste aanpassingen en terugbetalingen al verwerkt, maar door administratieve achterstanden wachten sommige gepensioneerden nog op hun geld, zo meldt Government Executive.

    Een ander belangrijk punt is dat een partner pas spousal benefits kan ontvangen als de hoofdverdiener zelf al zijn of haar pensioen- of arbeidsongeschiktheidsuitkering heeft aangevraagd. Ook kan hertrouwen de mogelijkheid om spousal benefits te claimen op basis van de gegevens van een voormalige echtgenoot beëindigen, tenzij het gaat om nabestaandenuitkeringen na de leeftijd van 60 jaar.

    De beslissing over wanneer je Sociale Zekerheidsuitkering aan te vragen, blijft dus een complexe afweging. Het hangt af van je levensverwachting, de financiële situatie van je partner en de specifieke regels die op jouw geboortedatum van toepassing zijn.