Tag: inflatie

  • Inflatie In Amerika Bepaalt De Markt, Banken Openen Kwartaalcijferseizoen

    Inflatie In Amerika Bepaalt De Markt, Banken Openen Kwartaalcijferseizoen

    De Amerikaanse inflatiecijfers, die woensdag verschijnen, zullen de toon zetten voor de financiële markten deze week. Tegelijkertijd trapt een reeks grote Amerikaanse banken het kwartaalcijferseizoen af, wat een bredere blik op de economie biedt.

    Waar het einde van de beursweek rustig was door Columbus Day in de Verenigde Staten, krijgt het financiële landschap vanaf woensdag een boost met de publicatie van cruciale inflatiecijfers. Deze cijfers, zowel uit de VS als uit de eurozone, kunnen de verwachtingen rondom toekomstige rentebesluiten van centrale banken sterk beïnvloeden.

    Vooral de Amerikaanse inflatiedata zijn van groot belang. In augustus zagen we de kerninflatie op jaarbasis licht dalen van 2,5 naar 2,4 procent, maar de maandelijkse prijsstijgingen waren dan weer iets hoger. Fed-bestuurder Christopher Waller waarschuwde recent dat de rente waarschijnlijk verder omhoog zal moeten om de inflatie terug te brengen naar de gewenste 2 procent. Het Beige Book van de Fed, dat woensdagavond verschijnt, zal verdere aanwijzingen geven over het monetaire beleid.

    Tegelijkertijd barst het kwartaalcijferseizoen los, met de Amerikaanse financiële instellingen als eersten aan de beurt. Grote namen als Citigroup, Goldman Sachs, JPMorgan Chase en Wells Fargo publiceren deze week hun resultaten, gevolgd door Bank of America en Morgan Stanley. De resultaten van deze banken bieden een dieper inzicht in de consumentenuitgaven, de kredietvraag en de impact van de hoge rentetarieven op de bredere economie. Het is een cruciaal moment om te zien hoe bedrijven omgaan met de aanhoudende druk van inflatie en hogere rentes.

    Kwartaalcijfers geven een bredere blik op de economie

    Terwijl de inflatiecijfers de ogen op de macro-economie richten, bieden de kwartaalcijfers een blik op de bedrijfsprestaties. De financiële resultaten van de grootbanken geven niet alleen inzicht in hun eigen gezondheid, maar schetsen ook een breder beeld van de consumentenuitgaven en de kredietvraag in de Verenigde Staten. Dit is een belangrijke indicator voor de algehele economische activiteit. Ook BlackRock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, komt met cijfers, wat ons meer vertelt over de beleggingsbereidheid van grote partijen en de bredere marktdynamiek.

    Wat ons betreft, zien wij vooral dat dit cijferseizoen een belangrijke test is voor de veerkracht van bedrijven in een economisch uitdagende omgeving. De consensusverwachting voor Europese bedrijven, een winstgroei van 19 procent voor het derde kwartaal, wordt door Deutsche Bank overtroffen met een eigen prognose van 25 procent winstgroei. Dit verschil van zes procentpunten is significant en kan, als het uitkomt, duiden op een sterkere bedrijfsprestatie dan de markt momenteel inprijst. Dit soort afwijkingen kunnen voor de nodige beweging zorgen op de beurzen.

    Europese inflatie en bedrijfswinsten

    Naast de Amerikaanse ontwikkelingen komen er ook definitieve inflatiecijfers uit verschillende lidstaten van de eurozone. Hoewel deze minder direct de mondiale markten bewegen dan hun Amerikaanse tegenhangers, zijn ze wel degelijk relevant voor de Europese Centrale Bank en de beleidsmakers in Brussel. De economische realiteit van inflatie en de reactie daarop is immers een grensoverschrijdend verhaal, zeker met de aankomende MiCA-regulering die de cryptomarkt in Europa zal structureren.

    De algemene consensus is dat bedrijfswinsten op langere termijn belangrijker zijn dan het dagelijkse marktsentiment. Deze bepalen uiteindelijk de richting van aandelenmarkten. Dat merken we ook in de cryptomarkt: hoewel Bitcoin vandaag, 11 oktober om 13:00, met 0,2 procent steeg en op 74.021 euro noteert, staat de munt over de afgelopen zeven dagen nog steeds 2,7 procent lager. De bredere cryptomarkt beweegt vaak mee met het sentiment op de traditionele markten, en als bedrijfswinsten het goed doen, kan dat ook een positieve uitstraling hebben op risicovollere activa zoals cryptomunten.

    Oliekartel OPEC en het Internationaal Energieagentschap

    Naast inflatie en kwartaalcijfers, blijft ook de energiemarkt een belangrijke factor. Dinsdag publiceert oliekartel OPEC zijn maandrapport, gevolgd door het Internationaal Energieagentschap op woensdag. Gezien de huidige geopolitieke spanningen en zorgen over het mondiale olieaanbod, zijn deze rapporten van belang voor de olieprijs, die op zijn beurt invloed heeft op de inflatie en de bedrijfskosten. Een stijgende olieprijs kan de inflatiedruk verder opvoeren, wat centrale banken kan dwingen tot verdere renteverhogingen. Het is een delicate balans die we de komende dagen nauwlettend in de gaten zullen houden.

    Wat betekent dit nu?

    De komende dagen worden cruciaal voor beleggers. De Amerikaanse inflatiecijfers van woensdag zullen de verwachtingen rondom de rentetarieven bepalen, terwijl de kwartaalcijfers van de grote banken een helder beeld geven van de bedrijfsprestaties. Een positieve verrassing in de winstcijfers kan de markt een impuls geven, zelfs als de inflatiecijfers hoger uitvallen dan gehoopt. Tegelijkertijd houden we de olieprijs en de bredere economische signalen vanuit Europa in de gaten, die allemaal bijdragen aan een complex, maar boeiend weekoverzicht.

  • Bel20 Verliest Fors Door Duik Van Zwaargewicht Argenx

    Bel20 Verliest Fors Door Duik Van Zwaargewicht Argenx

    De Brusselse beurs heeft afgelopen week opnieuw terrein verloren, met de Bel20-index die onder de 5.500 punten dook. Een tegenvaller bij biotechnologiebedrijf Argenx en onrust op de internationale markten droegen bij aan de daling.

    De Brusselse beurs kende een moeilijke week en sloot de handelsdagen af met de Bel20-index op 5.455 punten afgelopen vrijdag. Dat is een significante daling vergeleken met de 5.506 punten een week eerder en de ruim 5.700 punten die de sterindex twee weken geleden nog noteerde. De koersval van biotechnologiebedrijf Argenx, een zwaargewicht binnen de index, speelde hierin een grote rol. Het aandeel leed een weekverlies van bijna 11 procent na het stopzetten van een onderzoeksstudie.

    De algemene markten werden daarnaast geplaagd door een reeks internationale onruststokers. Stijgende spanningen in het Midden-Oosten, met name rond Iran, dreven de olieprijzen boven de 100 dollar per vat, wat de vrees voor inflatie opnieuw aanwakkerde. Ook de politieke situatie in Frankrijk baart zorgen, waar de overheidsschuld oploopt richting 120 procent van het bbp, en de euro/dollar-koers rond de 1,12 schommelde.

    Wij zien vooral dat deze brede onzekerheid in Frankrijk en het Midden-Oosten de basis vormt voor het wankele beurssentiment, waarbij de specifieke tegenvaller van Argenx een extra duw in de rug gaf voor de Belgische index. Hoewel geopolitieke schokken op lange termijn vaak beperkte economische effecten hebben, reageren financiële markten er op korte termijn steevast sterk op, zo merkte ING op.

    De Bel20-index heeft daarmee een flinke stap terug gezet, terwijl de bredere cryptomarkt een gemengd beeld laat zien. De Bitcoin (BTC) noteert momenteel op 74.008 euro, wat een lichte stijging van 0,5 procent is over de laatste 24 uur, maar een daling van 2,2 procent over de afgelopen zeven dagen (stand van 11 oktober om 02:33). Dit toont aan dat ook in andere markten de recente onzekerheid sporen nalaat, al is de daling in de cryptomarkt minder uitgesproken dan bij de Brusselse aandelen.

    Technische analyse

    De Bel20 bevindt zich in een neerwaartse trend, met de recente slotstand van 5.455 punten die duidelijk onder de cruciale niveaus van de afgelopen weken ligt. De snelle daling na het nieuws van Argenx doorbrak meerdere supportniveaus, wat duidt op een verzwakt sentiment. Een verdere daling zou de index richting 5.300 punten kunnen duwen, terwijl een herstel pas echt geloofwaardig wordt boven de 5.500 punten, met een weerstand rond de 5.600 punten.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment is overwegend negatief, gedreven door de geopolitieke spanningen en inflatievrees. De stijgende olieprijzen en de politieke onzekerheid in Frankrijk dragen bij aan de algemene nervositeit. De vrees voor besmettingsgevaar naar andere eurolanden, zoals de eerder geuite zorgen over Spanje, zorgt voor extra voorzichtigheid bij beleggers.

    Fundamentele analyse

    De fundamentele druk op de Bel20 komt van verschillende kanten. De tegenvaller bij Argenx, een belangrijk bedrijf in de index, raakt de biotechsector in het algemeen. Daarnaast is de vrees voor oplopende inflatie door de stijgende olieprijzen een belangrijke factor, die de verwachtingen voor een renteverhoging door de Federal Reserve voedt. Hoewel de Europese Centrale Bank mogelijk voorzichtiger zal zijn, kunnen de Franse begrotingszorgen de financieringskosten opdrijven en de stabiliteit in de eurozone onder druk zetten, wat de bankensector raakt.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een stabilisatie van de geopolitieke situatie en dalende olieprijzen kunnen het inflatiespook bedwingen, waarna sterke bedrijfsresultaten de markt weer kunnen aanjagen.
    • Bear-scenario: Aanhoudende geopolitieke escalatie en een verdere verslechtering van de Franse begrotingssituatie kunnen leiden tot wijdverspreide onrust en een verdere uitstroom uit risicovolle activa.

    Wat betekent dit nu?

    De recente daling van de Bel20 weerspiegelt een combinatie van specifieke bedrijfstegenslag en bredere macro-economische onzekerheid. Beleggers moeten de komende tijd vooral de ontwikkelingen in het Midden-Oosten en de Franse politiek nauwlettend in de gaten houden. Een mogelijke renteverhoging door de Fed in december en het aanstaande rentebesluit van de ECB zijn cruciale triggers die het sentiment verder kunnen beïnvloeden, met name voor Europese aandelen. Wij blijven dit uiteraard volgen.

  • Aandeel Amerikanen Dat Achterloopt Op Leningen Stijgt Naar 20 Procent

    Aandeel Amerikanen Dat Achterloopt Op Leningen Stijgt Naar 20 Procent

    Uit cijfers van de Federal Reserve blijkt dat bijna een op de vijf Amerikaanse huishoudens moeite heeft om aan financiële verplichtingen te voldoen. Tegelijkertijd groeide het vermogen van de welgestelde Amerikanen aanzienlijk.

    De financiële druk op Amerikaanse huishoudens neemt toe. Bijna één op de vijf gezinnen, zo’n 20 procent, loopt inmiddels achter op hun leningbetalingen. Dat is een aanzienlijke stijging ten opzichte van de ongeveer 12 procent die eerder werd gemeten, en het hoogste niveau sinds de nasleep van de kredietcrisis in 2010. Dat blijkt uit de jongste driejaarlijkse Survey of Consumer Finances, een onderzoek van de Federal Reserve.

    Vooral opvallend is dat het aandeel gezinnen dat twee maanden of langer in gebreke blijft, is gestegen van 5 naar ruim 8 procent. Bovendien heeft 8,6 procent van de gezinnen te maken met schuldaflossingen die meer dan 40 procent van hun inkomen opslokken. In 2022 was dat nog 6,5 procent, wat de huidige situatie het hoogste peil maakt sinds 2013.

    Waar de financiële stress bij veel gezinnen toeneemt, ziet een ander deel van de bevolking het vermogen net fors groeien. Het mediane vermogen van de hoogste inkomensgroep nam met maar liefst 31 procent toe. Over alle gezinnen heen steeg het reële gemiddelde vermogen met 7 procent naar omgerekend ongeveer 1,17 miljoen euro (1,24 miljoen dollar). Het mediane vermogen steeg veel minder hard, met slechts 2 procent naar 203.200 euro (215.900 dollar). Dit verschil laat zien hoe de vermogensgroei zich vooral concentreert bij een kleine groep zeer rijke huishoudens, waardoor de gemiddelde cijfers een vertekend beeld geven van de financiële werkelijkheid van de doorsnee Amerikaan.

    De Federal Reserve merkt in haar rapport op dat gezinnen vaker achterlopen op hun financiële verplichtingen dan op enig moment sinds het onderzoek van 2010. De stijgende rentetarieven van de afgelopen tijd, ingegeven door de strijd tegen inflatie, dragen ongetwijfeld bij aan deze situatie. Hogere rentes maken het duurder om geld te lenen en bestaande schulden af te betalen, wat vooral gezinnen met variabele leningen of kortere afbetalingstermijnen treft.

    Wij zien vooral dat deze cijfers een schril contrast vormen met de algemene economische indicatoren die vaak een robuuste Amerikaanse economie schetsen. Hoewel het reële mediane gezinsinkomen met 7 procent steeg, en het gemiddelde inkomen met 6 procent daalde – wat volgens het rapport wijst op een lichte afname van de inkomensongelijkheid – blijft de onderliggende kwetsbaarheid van een aanzienlijk deel van de bevolking zorgwekkend. Het toont aan dat de economische groei niet evenredig verdeeld is en dat de onderste lagen van de maatschappij de lasten van economische schokken het hardst voelen. Deze kloof kan op termijn de binnenlandse consumptie en daarmee de gehele economie onder druk zetten.

    De algemene financiële markten lijken vooralsnog weinig hinder te ondervinden van deze binnenlandse kwetsbaarheden. Zo noteert Bitcoin (BTC) op 10 oktober om 02:06 nog altijd een koers van 73.688 euro, wat een stijging van 5,9 procent over de afgelopen dertig dagen betekent, ondanks de dalende trend van de afgelopen week. Dit toont aan dat macro-economische ontwikkelingen niet altijd direct vertaald worden naar de prestaties van digitale activa, die vaak reageren op een eigen dynamiek van adoptie en regelgeving.

    Wat betekent dit nu?

    De toenemende schuldenlast bij Amerikaanse gezinnen vormt een structureel risico. Terwijl de Federal Reserve de rentes mogelijk langer hoog houdt om de inflatie te beteugelen, blijft de druk op huishoudens met lage inkomens toenemen. Deze situatie kan leiden tot een vertraging van de economische groei en een grotere instabiliteit op de lange termijn, wat ook gevolgen kan hebben voor de mondiale markten. Het is een delicate evenwichtsoefening voor beleidsmakers.

  • Amerikaanse Beurzen Sluiten Hoger, Verwachte Kwartaalgroei Stemt Optimistisch

    Amerikaanse Beurzen Sluiten Hoger, Verwachte Kwartaalgroei Stemt Optimistisch

    De S&P 500, Dow Jones en Nasdaq 100 eindigden de handelsdag in het groen, terwijl analisten een stevige winstgroei voor het derde kwartaal voorspellen. Tegelijkertijd daalde het consumentenvertrouwen en namen de inflatieverwachtingen toe, wat de obligatierentes deed stijgen.

    De Amerikaanse aandelenmarkten sloten op vrijdag 9 oktober 2026 overwegend hoger. Zowel de S&P 500 (+0,59 procent), de Dow Jones Industrial Average (+0,83 procent) als de Nasdaq 100 (+0,51 procent) veerden op, gedreven door optimisme over de aanstaande kwartaalcijfers. Analisten van Bloomberg Intelligence verwachten dat de winsten van de S&P 500-bedrijven in het derde kwartaal met maar liefst 25 procent zullen stijgen ten opzichte van vorig jaar, een opwaartse bijstelling van de eerder geschatte 22 procent in juli. Deze positieve verwachtingen over de bedrijfswinsten lijken de belangrijkste motor achter de huidige marktstijging.

    Toch was er ook een keerzijde. Het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten daalde in oktober naar het laagste punt in vijf maanden, met een index van de Universiteit van Michigan die uitkwam op 46,3, lager dan de verwachte 47,6. Tegelijkertijd namen de inflatieverwachtingen toe, wat de rentes op staatsobligaties deed oplopen. De rente op de tienjarige Amerikaanse staatslening steeg naar 5,24 procent, wat doorgaans een rem zet op de aandelenkoersen omdat obligaties aantrekkelijker worden.

    OpenAI tempert AI-zorgen

    De bezorgdheid over een afnemende vraag naar AI-infrastructuur leek ook te verminderen. Bronnen dicht bij OpenAI lieten weten dat het bedrijf verwacht tegen het einde van het jaar een jaarlijkse omzet van 70 miljard dollar (ongeveer 65 miljard euro) te bereiken of te overtreffen. Dit weerlegt eerdere berichten in de Financial Times die spraken van een omzet van ongeveer 50 miljard dollar. Wij zien hierin vooral een signaal dat de vraag naar geavanceerde AI-technologieën robuust blijft, wat een belangrijke steun is voor de technologiegerelateerde aandelen.

    De markt reageerde ook op specifieke bedrijfsnieuws. Zo zagen optische-apparatuurfabrikanten zoals Lumentum Holdings (+5 procent) hun aandelenkoers stijgen nadat het bedrijf meldde dat de componenten “helemaal uitverkocht” zijn tot 2029 door de hoge vraag van techbedrijven naar snellere AI-datacenters. Dit soort signalen toont aan hoe diep de AI-revolutie al ingebed is in de toeleveringsketen.

    Telecomsector onder druk

    De telecomsector kende een moeilijke dag. Aandelen van bedrijven als T-Mobile US (-13 procent), AT&T (-10 procent) en Verizon Communications (-10 procent) daalden fors. Dit gebeurde nadat SpaceX aankondigde een nationaal portfolio van laagfrequent spectrumlicenties te hebben verworven. Analisten zien dit als een verhoging van de concurrentie van satellietoperatoren, wat de winstgevendheid van traditionele telecombedrijven kan beïnvloeden. Aan de andere kant profiteerden torenbedrijven zoals Crown Castle (+15 procent) van dit nieuws, omdat een grotere netwerkuitrol meer vraag naar hun infrastructuur betekent.

    Ook individuele aandelen lieten sterke bewegingen zien. Moderna steeg met ruim 13 procent na berichten over een publiek-private samenwerking met de National Institutes of Health (NIH) om de ontwikkeling van kankervaccins te versnellen. Apple daalde daarentegen met meer dan 1 procent, en leverancier Skyworks Solutions met ruim 5 procent, na nieuws over verminderde vraag naar de nieuwste iPhone 18 Pro-modellen.

    Europese markten en obligaties

    De Europese beurzen lieten een gemengd beeld zien. De Euro Stoxx 50 sloot 0,76 procent hoger, terwijl Japan met een lichte daling van 0,02 procent eindigde en China met een kleine winst van 0,05 procent herstelde van een dieptepunt in 2,5 maand. De rentes op Europese staatsobligaties bewogen lager; de Duitse tienjarige bundrente daalde met 1,4 basispunten naar 3,481 procent, en de Britse tienjarige giltrente met 3,8 basispunten naar 5,443 procent. De Italiaanse industriële productie daalde in augustus met 1,3 procent op maandbasis, wat de grootste daling in een jaar was.

    Ter vergelijking met de traditionele markten blijft de cryptomarkt een eigen dynamiek volgen. Bitcoin (BTC) noteert op 10 oktober om 04:00 73.745 euro, met een stijging van 1,1 procent in de afgelopen 24 uur. Dit staat in contrast met een daling van 2,4 procent over de afgelopen zeven dagen, wat aantoont hoe snel het sentiment kan omslaan. De algemene “angst- en hebzucht”-index voor crypto staat op 64, wat duidt op een “hebzuchtige” markt, ondanks de recente kleine daling. Ethereum (ETH) noteert op hetzelfde moment 2.226 euro, met een daling van 6,8 procent over de afgelopen week.

    Wat betekent dit nu?

    De Amerikaanse aandelenmarkt navigeert door een complex landschap van sterke bedrijfswinstverwachtingen en een afkoelend consumentenvertrouwen met stijgende inflatieverwachtingen. De techsector, vooral gedreven door AI-gerelateerde groei, blijft een belangrijke aanjager, terwijl traditionele sectoren zoals telecom onder druk staan door nieuwe concurrentie. Beleggers zullen de komende weken de kwartaalcijfers nauwlettend in de gaten houden om te zien of de optimistische vooruitzichten standhouden, terwijl de Federal Reserve en de Europese Centrale Bank hun rentebeleid blijven afwegen tegen de inflatiecijfers.

  • NEAR Stijgt 83 Procent In Vier Weken Na Voorstel Tot Uitgiftebeperking

    NEAR Stijgt 83 Procent In Vier Weken Na Voorstel Tot Uitgiftebeperking

    De cryptomunt NEAR presteerde de afgelopen maand significant beter dan Bitcoin en Ethereum, en dat komt mogelijk door een plan om de uitgifte van nieuwe munten te verminderen.

    De cryptomunt NEAR heeft de afgelopen vier weken een opmerkelijke groei doorgemaakt, met een stijging van 83 procent. Daarmee presteerde de munt van het gelijknamige blockchainplatform aanzienlijk beter dan grotere cryptomunten zoals Bitcoin en Ethereum, die in dezelfde periode veel gematigdere resultaten lieten zien. De recente prestatie van NEAR valt samen met een voorstel om de maximale jaarlijkse uitgifte van nieuwe NEAR-munten te verlagen van 2,5 procent naar 1,6 procent.

    Deze voorgestelde wijziging, die nog moet worden goedgekeurd, zou de inflatie van de munt verminderen. Een lagere uitgifte betekent minder nieuwe munten die op de markt komen, wat op zijn beurt de verwatering van de bestaande voorraad tegengaat. Het kan echter ook leiden tot lagere staking-beloningen voor degenen die hun NEAR-munten vastzetten om het netwerk te beveiligen.

    De prestaties van NEAR staan in schril contrast met de bredere cryptomarkt. Bitcoin noteert op 9 oktober om 21:00 op 73.543 euro, wat een stijging van 4,6 procent over de afgelopen dertig dagen betekent. Ethereum staat op 2.214 euro, maar daalde in diezelfde periode met 0,5 procent. Wij zien in deze context dat de voorgestelde aanpassing van de tokenomics van NEAR als een belangrijke katalysator werkt, die de munt loskoppelt van de algemene markttrends.

    De markt reageert doorgaans positief op nieuws dat de schaarste van een cryptomunt vergroot, wat de prijs kan opdrijven. Projecten die hun tokenomics bijsturen om de inflatie te beheersen, trekken vaak de aandacht van beleggers die op zoek zijn naar potentieel hogere rendementen. Hoe deze voorgestelde verandering de staking-beloningen en de aantrekkelijkheid voor validators exact zal beïnvloeden, blijft een open vraag.

    Technische analyse

    De koers van NEAR toont een sterke opwaartse trend, waarbij de munt duidelijk boven zowel het 50-daags als het 200-daags voortschrijdend gemiddelde handelt. Dit duidt op een robuust momentum. De Relative Strength Index (RSI) bevindt zich in de hogere regionen, wat historisch gezien kan wijzen op een overkochte situatie, hoewel een sterke trend dit tijdelijk kan overschrijven. De recente koersbeweging gaat gepaard met een verhoogd handelsvolume, wat de validiteit van de stijging onderstreept.

    Marktsentiment

    Het algemene marktsentiment is voorzichtig optimistisch, met de Angst-en-Hebzuchtmeter die op 9 oktober om 21:00 op 59 van 100 punten staat, wat duidt op ‘Hebzucht’. De sterke prestaties van NEAR, die Bitcoin en Ethereum overtreffen, duiden op een specifiek positief sentiment rondom dit project, mogelijk aangewakkerd door het nieuws over de tokenomics. Er zijn geen concrete gegevens beschikbaar over whale-bewegingen of specifieke institutionele instroom voor NEAR in de bronnen.

    Fundamentele analyse

    De voorgestelde verlaging van de maximale jaarlijkse uitgifte van NEAR van 2,5 procent naar 1,6 procent is een fundamenteel positieve ontwikkeling. Het vermindert de toekomstige inflatie en de verwatering van de munt, wat de langetermijnwaarde kan ondersteunen. Dit nieuws komt op een moment dat de regelgeving voor cryptomunten in Europa, met MiCA, steeds concreter wordt, wat de adoptiecijfers en de stabiliteit van dergelijke projecten kan beïnvloeden. Hoe dit de algemene adoptie van het NEAR-protocol beïnvloedt, is nog afwachten.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Als het voorstel tot inflatievermindering wordt goedgekeurd en de bredere cryptomarkt stabiliteit toont, kan NEAR zijn opwaartse trend voortzetten richting nieuwe weerstandsniveaus.
    • Bear-scenario: Bij afwijzing van het voorstel of een algemene daling van de cryptomarkt kan de koers van NEAR terugvallen naar belangrijke steunniveaus, zeker als de RSI een correctie signaleert.

    Wat betekent dit nu?

    De recente koersstijging van NEAR is duidelijk gevoed door de specifieke fundamentele ontwikkeling rond de voorgestelde tokenomics-wijziging. Hoewel de technische indicatoren wijzen op een sterke trend, is het belangrijk om de uitslag van het voorstel af te wachten. Een positief besluit kan de munt verder ondersteunen, terwijl een afwijzing een correctie kan veroorzaken, ongeacht het algemene sentiment in de markt.

  • Mijnbouwaandelen Stijgen Fors, Edelmetalen Halen De Kop Met Een Plus Van 2,7 Procent

    Mijnbouwaandelen Stijgen Fors, Edelmetalen Halen De Kop Met Een Plus Van 2,7 Procent

    De mijnbouwsector kende een opvallend sterke dag op de beurs, waarbij aandelen in edelmetalen en non-edelmetalen & non-metallische mijnbouw substantieel in waarde toenamen, respectievelijk met 2,7 en 2,2 procent. Bedrijven zoals Aura Minerals en ArcelorMittal leidden de weg met aanzienlijke individuele winsten.

    Vrijdag 9 oktober 2026 was een uitstekende dag voor de mijnbouwsector op de Amerikaanse beurzen. De aandelen van bedrijven die actief zijn in edelmetalen, zoals goud en zilver, stegen gemiddeld met zo’n 2,7 procent. Dit werd gevolgd door de sector van non-edelmetalen en non-metallische mijnbouw, die een groei van ongeveer 2,2 procent liet optekenen. Deze stijgingen waren opvallend in vergelijking met de bredere markt, waar de S&P 500 met 0,59 procent en de Nasdaq 100 met 0,51 procent de dag afsloten. Het toont aan dat er een duidelijke verschuiving van kapitaal plaatsvond richting grondstoffengerelateerde activa.

    De prestaties binnen de edelmetaalsector waren bijzonder sterk. Aura Minerals, een Braziliaans mijnbouwbedrijf met activiteiten in goud en koper, zag zijn aandelenkoers met maar liefst 9,7 procent de hoogte in schieten. Ook SSR Mining, een Canadese goudproducent, presteerde uitzonderlijk goed met een stijging van 6 procent. Deze cijfers suggereren een hernieuwde interesse in waardevaste activa in tijden van economische onzekerheid, een patroon dat we wel vaker zien wanneer de inflatieverwachtingen toenemen of geopolitieke spanningen escaleren.

    Bij de non-edelmetalen en non-metallische mijnbouw waren het Cleveland-Cliffs en ArcelorMittal die de kar trokken. Cleveland-Cliffs, een belangrijke ijzerertsproducent en fabrikant van vlakgewalst staal in Noord-Amerika, zag zijn aandelen met 4,8 procent stijgen. ArcelorMittal, ’s werelds grootste staalproducent, volgde met een plus van 4,7 procent. Deze bedrijven profiteren vaak van een aantrekkende industriële vraag en hogere grondstofprijzen. De brede stijging binnen de mijnbouwsector wijst op een positief onderliggend sentiment voor de grondstoffenmarkten in het algemeen.

    Wij zien in deze cijfers vooral een signaal dat beleggers hun portefeuilles spreiden en op zoek gaan naar veilige havens of sectoren die bescherming bieden tegen inflatie. Hoewel cryptomunten zoals Bitcoin (BTC) ook vaak als ‘digitaal goud’ worden gezien, en op 10 oktober om 04:35 noteert op 73.689 euro met een stijging van 1,0 procent over de afgelopen 24 uur, zagen we tegelijkertijd een daling van 2,4 procent over de afgelopen zeven dagen. Dit toont aan dat de kapitaalstromen volatiel blijven en dat traditionele edelmetalen nog steeds een belangrijke rol spelen in de diversificatiestrategie van veel investeerders.

    De vraag die hierna nog openblijft, is of deze sterke prestatie van de mijnbouwaandelen een kortstondige reactie is op specifieke marktomstandigheden, of dat het de voorbode is van een langere periode van herwaardering voor grondstoffengerelateerde bedrijven. Het is altijd zoeken naar de balans tussen kortetermijnbewegingen en de bredere macro-economische trends die de prijzen van edelmetalen en industriële metalen uiteindelijk bepalen.

    Technische analyse

    De significante stijging in de edelmetaalsector van 2,7 procent en de non-edelmetalen sector van 2,2 procent op vrijdag gebeurde op een aanzienlijk handelsvolume, wat de kracht van de beweging onderstreept. Voor individuele aandelen zoals Aura Minerals en SSR Mining was de stijging zelfs meer dan het dubbele van het sectorgemiddelde, wat duidt op sterke koopdruk rond specifieke namen. De RSI-waarden voor deze aandelen naderen mogelijk overbought-territorium, wat op korte termijn een consolidatie zou kunnen inluiden. De koersen van Aura Minerals en SSR Mining bevinden zich nu duidelijk boven hun 50-daags en 200-daags voortschrijdend gemiddelde, wat technisch gezien een sterke bullish trend bevestigt.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment rond grondstoffen en mijnbouwaandelen lijkt positief, in contrast met de bredere crypto-markt waar de Angst-en-hebzuchtmeter op 10 oktober om 04:35 op 64 van de 100 staat (Greed). Deze score impliceert weliswaar een optimistische stemming binnen crypto, maar de kapitaalverschuiving naar mijnbouwaandelen duidt op een diversificatiebehoefte onder beleggers. De instroom in edelmetalen wijst op een toegenomen risicoaversie of een zoektocht naar inflatiehedges, terwijl de stijging in industriële metalen deels gedreven kan zijn door hernieuwde hoop op economische groei. De recente bewegingen suggereren dat beleggers proactief inspelen op macro-economische indicatoren en hun blootstelling aan verschillende activaklassen herbalanceren.

    Fundamentele analyse

    De stijging van mijnbouwaandelen is fundamenteel te verklaren door de wereldwijde vraag naar grondstoffen en de inflatoire druk. Edelmetalen zoals goud en zilver worden traditioneel gezien als een veilige haven en een hedge tegen inflatie, wat hun aantrekkingskracht in onzekere tijden vergroot. Industriële metalen profiteren van een aantrekkende economische activiteit en investeringen in infrastructuur. Recente kwartaalcijfers van enkele mijnbouwbedrijven toonden mogelijk veerkrachtige winsten, wat de stijging verder aanwakkert. De correlatie met de bredere markt is complex; terwijl de S&P 500 en Nasdaq 100 bescheiden stegen, overtroffen de mijnbouwsectoren deze ruimschoots, wat wijst op sectorspecifieke drijfveren.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een verdere escalatie van inflatie of geopolitieke onrust zal de vraag naar edelmetalen als veilige haven stimuleren, terwijl aanhoudende industriële groei de prijzen van non-edelmetalen zal opdrijven, met als gevolg verdere koersstijgingen voor mijnbouwaandelen.
    • Bear-scenario: Een snelle daling van de inflatie of een mondiale economische vertraging zal de vraag naar zowel edel- als non-edelmetalen verminderen, wat de koersen van mijnbouwaandelen onder druk zet.

    Wat betekent dit nu?

    De recente sterke prestaties van mijnbouwaandelen, met name in edelmetalen, suggereren een verschuiving in beleggersvoorkeuren. Terwijl cryptomarkten zoals Bitcoin nog steeds een zekere mate van hebzucht tonen, zoeken sommige beleggers blijkbaar hun toevlucht in traditionele activa die als inflatiebestendig worden beschouwd. Dit kan wijzen op een groeiende onzekerheid over de macro-economische vooruitzichten, waarbij de fundamentele waarde van grondstoffen weer meer op de voorgrond treedt. Het is nu afwachten of deze beweging aanhoudt, mogelijk gestimuleerd door verdere inflatiecijfers of centralebankbesluiten in de komende weken, of dat het slechts een kortstondige rotatie binnen de markt is.

  • Bel20 Opent Toch Hoger Na Forse Daling Door Tegenfallende Bedrijfsresultaten

    Bel20 Opent Toch Hoger Na Forse Daling Door Tegenfallende Bedrijfsresultaten

    De Brusselse sterindex verloor donderdag 2,3 procent van zijn waarde, een duikvlucht die sinds februari niet meer gezien was. Tegenwind van Argenx en EVS speelde de index parten, maar vandaag tekenen analisten voorzichtige winsten op. Het bredere sentiment blijft echter gespannen door geopolitieke onrust en inflatiezorgen.

    De Bel20-index maakte donderdag een opmerkelijke duik en verloor 2,3 procent van zijn waarde. De index sloot de handelsdag af op 5.399,40 punten, wat de scherpste daling betekende sinds februari van dit jaar. Deze terugval volgde op tegenvallend nieuws van biotechreus Argenx en een winstwaarschuwing van tv-technologiebedrijf EVS, twee zwaargewichten die de stemming op de Brusselse beurs flink beïnvloedden. Vandaag lijkt de index echter aan een voorzichtige herstelpoging te beginnen, met een verwachte licht hogere opening.

    De algemene terughoudendheid bij beleggers werd gevoed door aanhoudende geopolitieke spanningen, een oplopende obligatierente en de angst voor aanhoudende inflatie. Ook op Wall Street was het sentiment verdeeld. Terwijl de Dow Jones index een minimale winst boekte, daalde de Nasdaq met 1,3 procent, vooral door een verkoopgolf in chipaandelen. De Aziatische beurzen toonden vrijdagochtend een gemengd beeld, waarbij de Hang Seng in Hongkong wel met bijna anderhalf procent wist te stijgen, terwijl de Japanse Nikkei nagenoeg vlak bleef.

    Tegenwind voor Chipsector

    De chipsector stond wereldwijd onder druk. Dit kwam mede door een bericht in de Financial Times, waarin stond dat de jaarlijkse omzet van OpenAI ongeveer 20 miljard dollar (ongeveer 18,7 miljard euro) lager uitvalt dan eerder door het bedrijf werd voorgespiegeld. Dit nieuws wakkerde de twijfel aan over de duurzaamheid van de enorme investeringen in artificiële intelligentie en de bijbehorende datacenters. Gevolg was dat grote spelers in de chipsector, zoals OpenAI-investeerder SoftBank, Kioxia en Murata, elk bijna 4 procent verloren op de beurs van Tokio.

    Deze bezorgdheid over de AI-markt drukt duidelijk op de aandelenkoersen van bedrijven die sterk afhankelijk zijn van de vraag naar chips en geavanceerde technologie. Wij zien hierin vooral een waarschuwing voor de brede techsector: hoge verwachtingen worden niet altijd ingelost, en dat kan leiden tot snelle correcties. Investeerders lijken nu kritischer te kijken naar de financiële fundamenten achter de AI-hype, wat een gezonde ontwikkeling is, al kan het op korte termijn voor volatiliteit zorgen.

    Argenx En EVS Onder Druk

    Argenx, een van de grootste namen op de Bel20, kreeg een flinke klap te verwerken nadat het bedrijf met teleurstellend nieuws kwam over een onderzoeksstudie. Jefferies verlaagde daarop het koersdoel voor Argenx van 1.235 naar 1.200 dollar. Buiten de sterindex werd ook EVS, gespecialiseerd in live videoproductiesystemen, hard afgestraft. Het bedrijf verlaagde zijn omzetverwachting voor het boekjaar 2026 van 220-240 miljoen euro naar 190-205 miljoen euro. Dit wijst op een vertragende vraag in de sector of problemen met de uitvoering van projecten, en heeft direct gevolgen voor de verwachte kasstromen en marges.

    Dergelijke berichten van individuele bedrijven kunnen een index zoals de Bel20, met zijn relatief beperkte aantal grote spelers, snel beïnvloeden. De Bel20 omvat slechts twintig aandelen, waardoor de prestaties van enkele zwaargewichten zoals Argenx een onevenredig grote impact kunnen hebben op het geheel. In vergelijking met bredere indices, zoals de S&P 500 met 500 bedrijven, is de Belgische index gevoeliger voor bedrijfsspecifiek nieuws, wat we nu duidelijk zien.

    Geopolitieke Spanningen Blijven Voelbaar

    De ontwikkelingen in het Midden-Oosten blijven een belangrijke factor voor de markten. Nieuwe aanvallen op schepen in de Straat van Hormuz en de dreiging van verstoringen van de Amerikaanse olieproductie door een orkaan stuwden de olieprijzen donderdag met circa 4 procent omhoog. Hoewel de olieprijs vrijdagochtend iets terrein prijsgaf, blijft de onzekerheid bestaan. Een opmerkelijke uitspraak van voormalig president Donald Trump, die aangaf Iran niet te zullen aanvallen vóór de tussentijdse verkiezingen in november, biedt mogelijk een tijdelijke adempauze, maar lost de onderliggende spanningen niet op.

    Op de macro-economische agenda staat vanmiddag het voorlopige Amerikaanse consumentenvertrouwen van de Universiteit van Michigan. Ook worden de kwartaalcijfers van Delta Air Lines verwacht. Deze gegevens kunnen verdere aanwijzingen geven over de gezondheid van de Amerikaanse economie en het consumentengedrag, wat op zijn beurt de bredere markten kan beïnvloeden. Het is een drukke dag vol potentiële marktbewegende gebeurtenissen, en wij volgen dit nauwgezet op.

    Bitcoin Blijft Relatief Stabiel

    Terwijl traditionele markten schommelen, blijft Bitcoin (BTC) op 9 oktober om 08:31 uur relatief stabiel noteren rond de 73.429 euro. De digitale munt liet de afgelopen 24 uur een lichte daling van 0,4 procent zien. Op weekbasis staat Bitcoin wel 5,0 procent lager, wat de algemene marktzorgen weerspiegelt. Echter, over de afgelopen 30 dagen wist Bitcoin nog steeds een winst van 4,0 procent te boeken, wat aantoont dat de koers veerkrachtiger is dan die van sommige traditionele activa in deze turbulente periode. De marktwaarde bedraagt 1.48 biljoen euro, wat 32 procent onder de recordkoers ligt. Ethereum (ETH) staat op 2.224 euro, met een daling van 2,6 procent over 24 uur en 9,2 procent over 7 dagen, terwijl de Fear & Greed Index op 59 van 100 staat, wat duidt op ‘Greed’.

    Technische analyse

    De Bel20-index sloot donderdag onder belangrijke steunniveaus, wat een verzwakking van het technische beeld inhoudt. Het 50-daags voortschrijdend gemiddelde ligt nu boven de koers, wat duidt op een neerwaartse trend op korte termijn. Het 200-daags voortschrijdend gemiddelde, een langetermijnindicator, blijft echter nog intact, wat suggereert dat de bredere trend nog niet volledig is gekeerd. De Relative Strength Index (RSI) nadert oversold-condities, wat historisch gezien soms een voorbode is van een technische opleving, maar een duidelijk herstel vereist een toename van het handelsvolume.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment voor de Bel20 is momenteel voorzichtig tot negatief, gedreven door de recente daling en de algemene macro-economische onzekerheid. Hoewel de Fear & Greed Index voor crypto op ‘Greed’ staat (59/100 op 9 oktober om 08:31 uur), wat een positiever beeld schetst voor digitale activa, vertalen deze sentimenten zich niet één op één naar de traditionele aandelenmarkten. Beleggers wachten op nieuwe impulsen en stabilisatie op het geopolitieke front en rond inflatiecijfers voordat er sprake kan zijn van een duurzaam positiever sentiment.

    Fundamentele analyse

    Fundamenteel gezien staat de Bel20 onder druk door bedrijfsspecifiek nieuws van zwaargewichten zoals Argenx en EVS. Deze tegenvallers beïnvloeden de algemene winstverwachtingen voor de index. De bredere macro-economische context, met aanhoudende inflatie en hoge obligatierentes, beperkt ook de groeivooruitzichten voor veel bedrijven. De correlatie met de Amerikaanse markten blijft sterk; wanneer Wall Street beweegt, volgt Brussel vaak, en de recente zorgen over de AI-sector daar hebben ook hun weerslag op de lokale technologiewaarden.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een duurzaam herstel van de Bel20 kan ingezet worden als de index het niveau van 5.450 punten doorbreekt, ondersteund door positief nieuws over de kwartaalcijfers van grote bedrijven en een de-escalatie van geopolitieke spanningen.
    • Bear-scenario: De index kan verder dalen richting 5.300 punten als de inflatiecijfers tegenvallen, de obligatierentes verder oplopen, of als er meer negatief bedrijfsspecifiek nieuws naar buiten komt.

    Wat betekent dit nu?

    De Bel20 staat op een kruispunt. De recente scherpe daling wijst op onderliggende zwakte en een voorzichtig sentiment, vooral door tegenvallende bedrijfsresultaten en bredere macro-economische onzekerheden. Hoewel een technische opleving mogelijk is, wijst de fundamentele analyse op aanhoudende uitdagingen. Beleggers doen er goed aan de komende dagen de inflatiecijfers, rentebesluiten en de ontwikkelingen in het Midden-Oosten nauwlettend in de gaten te houden, aangezien deze de richting voor het slot van het jaar zullen bepalen.

  • Dollar Zakt Licht Na Dalende Rentetarieven En Politieke Onrust

    Dollar Zakt Licht Na Dalende Rentetarieven En Politieke Onrust

    De Amerikaanse dollar leverde woensdag een klein deel van zijn recente winsten in. Dit gebeurde te midden van dalende langetermijnrentes op staatsobligaties en toenemende politieke spanningen rondom een topfiguur bij de centrale bank van de Verenigde Staten.

    De dollarindex (DXY00), die de waarde van de Amerikaanse munt meet ten opzichte van zes andere belangrijke valuta’s, daalde woensdag met 0,05 procent. Eerder op de dag had de dollar nog een weekhoogtepunt bereikt, maar de koers zakte weg onder invloed van dalende rentes op Amerikaanse staatsobligaties en politieke onrust. Voormalig president Trump riep Fed-bestuurder Lisa Cook op om af te treden, te midden van een onderzoek naar vermeende hypotheekfraude. Dit soort politieke druk op de onafhankelijke centrale bank, zelfs al gaat het om persoonlijke kwesties, doet het vertrouwen in de munt geen goed.

    De euro won daarentegen licht en steeg met 0,08 procent tegenover de dollar. Dit gebeurde ondanks de uitlatingen van ECB-voorzitter Lagarde, die waarschuwde voor een tragere groei in de eurozone dit kwartaal, wat de euro aanvankelijk onder druk zette. De dollar zelf had eerder op de dag juist geprofiteerd van de zwakte van de euro. De onzekerheid rondom de Amerikaanse rentetarieven speelde ook een rol. Hoewel de markt een renteverlaging van 25 basispunten door de Fed in september voor 84 procent inprijst, wijzen de notulen van de Federal Open Market Committee (FOMC) van juli erop dat de meeste beleidsmakers inflatierisico’s prioritair achten boven werkgelegenheid. Wij zien vooral dat dit een duidelijke verschuiving is van de focus die er de voorbije jaren was, waar inflatie vaak als een tijdelijk fenomeen werd beschouwd.

    Technische analyse

    De dollarindex (DXY00) bevindt zich na de recente daling nog steeds in een consolidatiefase, met de koers die schommelt tussen belangrijke steun- en weerstandsniveaus. Het 50-daags voortschrijdend gemiddelde fungeert momenteel als lichte weerstand, terwijl het 200-daags gemiddelde een solide basis biedt. De Relative Strength Index (RSI) beweegt rond het midden, wat duidt op een evenwicht tussen koop- en verkoopdruk, zonder dat er sprake is van overbought- of oversoldcondities. Het handelsvolume was woensdag gematigd, wat de bescheiden koersbeweging bevestigt en geen sterke trendbreuk signaleert.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment rond de dollar is gemengd. Enerzijds is er steun door de aanhoudende speculatie over de rentetarieven van de Federal Reserve, waarbij een sterk juli-rapport over producentenprijzen de verwachtingen voor een snelle renteverlaging tempert. Anderzijds creëren de politieke risico’s, zoals de oproep tot ontslag van Fed-bestuurder Cook, onzekerheid en verminderen ze het vertrouwen. Dit zien we ook terug in de Fear & Greed Index, die vandaag, 9 oktober om 02:34, op 59 van 100 staat (Greed), wat een zekere mate van optimisme in de bredere markt weerspiegelt, maar de recente dollarzwakte toont aan dat er onder de oppervlakte nog steeds bezorgdheid sluimert. De onzekerheid over de Amerikaanse rentebesluiten blijft de belangrijkste drijfveer voor de korte termijn.

    Fundamentele analyse

    Fundamenteel wordt de dollar beïnvloed door een combinatie van macro-economische factoren. Hoewel de Amerikaanse export in juli de grootste daling in bijna 4,5 jaar liet zien, stegen de kernorders voor machines onverwacht met 3,0 procent op maandbasis. De jaarlijkse consumentenprijsindex (CPI) steeg in juli met 3,8 procent, de snelste stijging in 1,5 jaar, wat de inflatiedruk onderstreept en de Fed onder druk zet om een strikt monetair beleid te handhaven. In de eurozone daarentegen, waar de ECB-voorzitter waarschuwt voor tragere groei, wordt een renteverlaging van 25 basispunten door de ECB in september slechts voor 8 procent ingeprijsd. Dit contrast in economische vooruitzichten en monetair beleid zal naar wij denken de komende tijd een belangrijke factor zijn voor de wisselkoers EUR/USD.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een verdere verstrakking van de Fed, gedreven door aanhoudend hoge inflatie, zou de dollar kunnen versterken, vooral als de rentes op Amerikaanse staatsobligaties weer stijgen en politieke onrust afneemt.
    • Bear-scenario: Een snellere dan verwachte versoepeling van het monetaire beleid door de Fed, gecombineerd met aanhoudende politieke instabiliteit en zwakke exportcijfers, zou de dollar verder kunnen verzwakken.

    Wat betekent dit nu?

    De lichte daling van de dollarindex wijst op een markt die balanceert tussen macro-economische signalen en politieke ruis. Hoewel de technische indicatoren een neutrale positie suggereren, creëert het wisselende sentiment rond rentebesluiten en de politieke onzekerheid een volatiel klimaat. De aanhoudende inflatiedruk in de VS staat in contrast met de voorzichtige groei in de eurozone, wat beleggers dwingt om de signalen van zowel de Fed als de ECB nauwlettend in de gaten te houden voor de richting van de belangrijkste valuta.

  • Tarieven Trump Drijven Inflatie Consumentenproducten Met Bijna Drie Procentpunten Op

    Tarieven Trump Drijven Inflatie Consumentenproducten Met Bijna Drie Procentpunten Op

    Volgens een studie van de New York Federal Reserve zorgden de importheffingen die oud-president Donald Trump heeft ingevoerd, voor aanzienlijk hogere prijzen voor alledaagse goederen, met een piek van 2,9 procentpunten in februari 2026.

    Een nieuwe studie van de New York Federal Reserve toont aan dat de tarieven die oud-president Donald Trump oplegde, de inflatie op een selectie van dagelijkse consumentenproducten aanzienlijk hebben opgedreven. Tegen februari 2026 leidde dit beleid tot een prijsstijging van maar liefst 2,9 procentpunten voor deze goederen.

    Zonder deze importheffingen zouden de prijzen voor de 67 onderzochte goederencategorieën in diezelfde periode met bijna één procent zijn gedaald, zo stellen de economen Mary Amiti, Sebastian Heise en David Weinstein. Dit staat haaks op de bewering van de toenmalige regering-Trump, die stelde dat buitenlandse exporteurs de kosten van de tarieven zouden dragen. Het rapport suggereert dat de impact op de consumentenportemonnee direct en voelbaar was.

    De studie van de New York Fed geeft de meest concrete inzichten tot nu toe in de gevolgen van Trumps handelspolitiek. Ongeveer twee derde van de prijsstijging kan direct worden toegeschreven aan de tarieven zelf. De overige een derde kwam voort uit neveneffecten, zoals Amerikaanse bedrijven die hun prijzen verhoogden doordat de concurrentie van importgoederen afnam. Wij lezen dit als een duidelijk signaal dat protectionistische maatregelen zelden zonder kosten blijven voor de eigen bevolking.

    De prijsgroei voor de gevolgde goederen bereikte begin 2026 een piek, en consumenten zullen naar verwachting tot ver in 2027 nog hogere prijzen betalen als gevolg van dit beleid. Voor elke procentpunt stijging van het gemiddelde tarief, waren de consumentenprijzen een jaar later ongeveer een kwart procent hoger. Dit effect duurt langer en is breder dan de directe gevolgen op het eerste gezicht doen vermoeden.

    Hoewel het Amerikaanse Hooggerechtshof in februari veel van Trumps tarieven onwettig verklaarde, en retailers miljarden dollars aan terugbetalingen ontvingen, blijft de impact op het prijspeil nazinderen. De huidige tarieven zijn in veel gevallen lager dan voorheen, maar de effecten van eerdere heffingen sijpelen nog steeds door in de economie.

    Wat betekent dit nu?

    Dit rapport onderstreept de complexe relatie tussen handelspolitiek en inflatie, en toont aan dat maatregelen die bedoeld zijn om de binnenlandse industrie te beschermen, een hoge prijs kunnen hebben voor de gewone consument. Het toont ook dat de effecten van dergelijke beleidsbeslissingen nog lang na de implementatie voelbaar blijven. De discussie over de effectiviteit van tarieven zal naar onze inschatting dan ook nog lang niet verstommen.

  • Europese Beurzen Zakken Terwijl De Olieprijs 4 Procent Stijgt Na Geopolitieke Spanningen

    Europese Beurzen Zakken Terwijl De Olieprijs 4 Procent Stijgt Na Geopolitieke Spanningen

    Beleggers in Europa zagen de aandelenmarkten donderdag dalen, mede door de oplopende spanningen in het Midden-Oosten die de olieprijzen fors opdreven. Vooral de techsector en financiële waarden kregen klappen, terwijl oliebedrijven profiteerden.

    De Europese aandelenmarkten sloten donderdag in het rood, gedrukt door een combinatie van factoren. De brede Stoxx Europe 600 index verloor 0,8 procent en kwam uit op 625,51 punten. Tegelijkertijd steeg de prijs van Brent-olie met bijna 4 procent, tot 104 dollar per vat, een direct gevolg van hernieuwde onrust in het Midden-Oosten. Aanvallen op scheepvaart in de Straat van Hormuz en op luchthavens in Saoedi-Arabië door Houthi-rebellen wakkerden de vrees voor verstoringen in de olietoevoer aan.

    De Duitse DAX daalde 1,2 procent tot 24.806,97 punten, en de Franse CAC 40 zakte 0,5 procent naar 7.729,69 punten. Ook in Milaan werd een verlies van 1,4 procent genoteerd voor de FTSE MIB, die op 49.297,88 punten sloot. Deze dalingen kwamen er ondanks positieve bedrijfscijfers van bijvoorbeeld Samsung, dat een recordwinst boekte. De financiële sector en halfgeleiderbedrijven kregen het zwaar te verduren, terwijl de oplopende olieprijzen de aandelen van grote energieconcerns zoals TotalEnergies en Shell juist omhoog duwden, met respectievelijk 2,9 procent en 3,5 procent.

    Geopolitieke Risico’s En Inflatiezorgen

    De stijgende olieprijzen wakkeren de inflatiezorgen aan, wat op zijn beurt de rentestijgingen door centrale banken kan beïnvloeden. Analisten van Tickmill Group merken op dat beleggers momenteel een evenwicht zoeken tussen de enthousiasme rond artificiële intelligentie (AI) en de toenemende kostendruk door hogere energieprijzen. Deze dynamiek raakt vooral de techsector, waar halfgeleiderbedrijven zoals Infineon en STMicroelectronics daalden met respectievelijk 3,4 procent en 3,8 procent.

    De notulen van de meest recente vergadering van de Europese Centrale Bank (ECB) gaven aan dat beleidsmakers in september weinig risico zagen in een nieuwe renteverhoging. ING-econoom Carsten Brzeski verwacht echter dat de ECB voorzichtiger zal zijn bij het volgende rentebesluit, mede door de Franse begrotingszorgen en de impact daarvan op de obligatiemarkten. Dit suggereert een mogelijke vertraging van verdere renteverhogingen tot december.

    Duitse Export En Europese Obligaties

    Economische indicatoren toonden een gemengd beeld. De Duitse export daalde in augustus met 0,8 procent, wat de hoop op een exportgedreven economische groei enigszins tempert. Volgens ING zou de zwakte in de zomermaanden mogelijk zijn beïnvloed door lage waterstanden in grote rivieren, wat de transportcapaciteit en daarmee de economie in Duitsland beperkte.

    Op de Europese obligatiemarkten waren de resultaten verdeeld. De rente op de tienjarige Duitse Bund steeg licht, terwijl de Franse tienjaarsrente stabiliseerde, zij het op een hoog niveau van 4,88 procent. Mark Haefele van UBS Wealth Management stelt dat verbeterende bedrijfsomzetten en winsten Europese aandelen kunnen helpen om de toegenomen volatiliteit op de obligatiemarkten te weerstaan. Wij zien vooral dat de veerkracht van bedrijven onder druk komt te staan wanneer geopolitieke onrust en stijgende energiekosten zich manifesteren, wat de winstmarges kan eroderen, zelfs als de vraag stabiel blijft.

    Wat Betekent Dit Nu?

    De daling van de Europese beurzen, in combinatie met de stijgende olieprijzen, wijst op een groeiende voorzichtigheid onder beleggers. De euro/dollar-wisselkoers noteerde onder de 1,12, wat de onzekerheid verder onderstreept. Deze onzekerheid contrasteert met de cryptomarkt, waar Bitcoin op 8 oktober om 19:02 noteerde op 72.239 euro, een daling van 3,8 procent over de afgelopen zeven dagen, maar nog steeds 2,6 procent hoger dan een maand eerder. Ethereum liet een scherpere daling zien, met 10,0 procent over zeven dagen. De angst- en hebzuchtindex voor crypto stond op ‘Greed’ (64 van 100), wat aangeeft dat er ondanks de recente correctie nog steeds optimisme heerst in de cryptosector, in tegenstelling tot de traditionele markten die nu worstelen met macro-economische en geopolitieke tegenwind.

  • Stijgende Olieprijs Van Meer Dan Vier Procent Doet Amerikaanse Beurzen Zakken

    Stijgende Olieprijs Van Meer Dan Vier Procent Doet Amerikaanse Beurzen Zakken

    De S&P 500, Dow Jones en Nasdaq sloten op 8 oktober 2026 lager, voornamelijk door een scherpe stijging van de olieprijs die inflatievrees aanwakkerde en centrale bankiers tot harde taal dreef.

    De belangrijkste Amerikaanse aandelenindexen, waaronder de S&P 500, Dow Jones Industrial Average en Nasdaq 100, hebben op 8 oktober 2026 de handelsdag met verlies afgesloten. Deze daling van respectievelijk 0,26 procent, 0,31 procent en 0,42 procent was voornamelijk te wijten aan een plotselinge stijging van de ruwe olieprijs met meer dan 4 procent, wat de inflatieverwachtingen deed toenemen.

    De prijs van WTI-ruwe olie schoot omhoog door berichten over een mogelijke escalatie van het conflict tussen de VS en Iran. Dit zette de markt onder druk en deed de obligatierentes stijgen, waarbij de opbrengst op tienjarige Amerikaanse staatsobligaties met 1,9 basispunten naar 5,302 procent klom. De markt reageerde nerveus op deze ontwikkelingen, ondanks positieve signalen over de arbeidsmarkt en de winstverwachtingen van bedrijven.

    De Amerikaanse arbeidsmarkt toonde onverwacht veel veerkracht. Het aantal wekelijkse aanvragen voor een werkloosheidsuitkering daalde met 2.000 tot 197.000, het laagste peil in tweeënhalve maand. Dat is een teken van een sterke economie, maar het kan ook de Federal Reserve aanzetten tot een strenger monetair beleid. Fed-gouverneur Christopher Waller bevestigde dit gevoel door te stellen dat er mogelijk extra renteverhogingen nodig zijn om de inflatie tijdig terug te brengen naar de doelstelling van 2 procent.

    Wij zien vooral dat de markt worstelt met tegenstrijdige signalen. Enerzijds is er de aanhoudende inflatiedruk door de stijgende olieprijzen en de havikachtige retoriek van de Federal Reserve, die wijst op toekomstige renteverhogingen. Anderzijds zijn er de sterke winstverwachtingen voor het derde kwartaal, met een verwachte stijging van de S&P 500-bedrijfswinsten met 25 procent op jaarbasis. Deze tweestrijd zorgt voor een onzeker sentiment onder beleggers.

    De stijgende olieprijzen hebben wel een positief effect gehad op de aandelen van energieproducenten en dienstverleners. Bedrijven zoals APA Corp en Marathon Petroleum zagen hun koers met meer dan 4 procent stijgen, terwijl Chevron en Diamondback Energy ook een stevige groei lieten zien. Tegelijkertijd kwamen chipfabrikanten en AI-gerelateerde aandelen onder druk te staan, met dalingen van meer dan 4 procent voor onder andere ARM Holdings.

    Ook cryptomunten en daaraan blootgestelde aandelen ondervonden hinder van het algemeen negatieve marktsentiment. Bitcoin, dat op 9 oktober om 04:33 uur 72.955 euro noteert, kende een daling van 1,6 procent in vierentwintig uur en 3,4 procent over de afgelopen zeven dagen. Dit toont aan dat de bredere marktbewegingen, vooral die gedreven worden door inflatie- en rentevrees, ook hun weerslag hebben op de digitale activamarkt, zelfs als de onderliggende fundamentals van crypto op langere termijn positief blijven.

    De Europese markten volgden de trend: de Euro Stoxx 50 daalde naar het laagste punt in bijna vier maanden met een verlies van 0,27 procent. Het Duitse ministerie van Economische Zaken verhoogde weliswaar de bbp-voorspelling voor 2026 van 0,5 procent naar 1,3 procent, maar de exportcijfers voor augustus vielen tegen. Deze ontwikkelingen illustreren de wereldwijde onzekerheid die momenteel heerst, waarbij centrale banken, waaronder de ECB, nog steeds verdere actie overwegen om de inflatie te beteugelen. De kans op een renteverhoging door de ECB op 29 oktober wordt door de markten ingeschat op 13 procent.

    Wat betekent dit nu?

    De huidige marktdynamiek wordt sterk beïnvloed door de geopolitieke spanningen rond olie en de reactie van centrale banken op inflatie. Terwijl de arbeidsmarkt in de VS veerkracht toont en de bedrijfswinsten robuust lijken, blijft de dreiging van hogere rentes en stijgende energiekosten een domper zetten op het sentiment. Beleggers doen er goed aan de komende rentebesluiten en de ontwikkelingen rond de olieprijzen nauwlettend in het oog te houden, aangezien deze factoren de koersen de komende tijd sterk kunnen bepalen.

  • Wall Street Opent Lager Door Olieprijs En Geopolitieke Spanningen

    Wall Street Opent Lager Door Olieprijs En Geopolitieke Spanningen

    De Amerikaanse beursindexen starten de handelsdag met verliezen, terwijl beleggers zich zorgen maken over stijgende rentes en onrust in het Midden-Oosten.

    De Amerikaanse beurzen op Wall Street staan woensdag voor een lagere opening. Futures op de toonaangevende S&P 500-index noteren een daling van 0,4 procent, terwijl de Nasdaq-futures 0,7 procent in het rood staan. Ook de Dow Jones-index wijst op een openingsverlies van 0,7 procent, wat een einde maakt aan een recente rally die de indexen nog naar recordhoogtes bracht.

    Deze verwachte daling komt na een periode van opluchting op de obligatiemarkten, die echter snel omsloeg. De rentes op Amerikaanse tienjaars staatsobligaties stegen woensdag met 6 basispunten tot 5,33 procent, wat de druk op de aandelenmarkten weer opvoerde. Beleggers verwerken een mix van factoren, waaronder stijgende olieprijzen, escalerende geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten en aanhoudende onzekerheid over het rentebeleid van de Federal Reserve.

    Olieprijs En Geopolitieke Onrust Drukken Sentiment

    De olieprijzen stegen met meer dan vier procent, met een vat Brent-olie dat 105,02 dollar en een vat Texas Intermediate dat 92,51 dollar kostte. Deze stijging wordt veroorzaakt door Houthi-aanvallen in Saoedi-Arabië en een nieuwe tankeraanval in de Perzische Golf. Bovendien worden offshore-olieproducties in de VS stilgelegd door de nadering van orkaan Isaias aan de noordelijke Golfkust. Analisten van Tickmill Group merken op dat de stijgende ruwe olieprijzen en escalerende spanningen in het Midden-Oosten de zorgen over stagflatie doen herleven, wat het wereldwijde marktsentiment drukt.

    De Amerikaanse president Donald Trump heeft aangegeven geen deal meer te willen sluiten met Iran om de oorlog te beëindigen, en het Pentagon bereidt zich voor op meer militaire aanvallen. Deze ontwikkelingen dragen bij aan de onzekerheid op de markten. Wij zien vooral dat deze geopolitieke spanningen een directe invloed hebben op de energieprijzen, wat op zijn beurt de inflatieverwachtingen aanwakkert en de al nerveuze centrale banken verder onder druk zet.

    Federal Reserve Houdt Koers Van Renteverhogingen Aan

    De Federal Reserve heeft in september de benchmarkrente verhoogd naar een bandbreedte van 3,75 tot 4 procent. Hoewel sommigen een pauze in het vooruitzicht stelden, heeft bestuurder Christopher Waller van de Federal Reserve aangegeven dat verdere renteverhogingen waarschijnlijk zijn als de economische cijfers zich blijven ontwikkelen zoals verwacht. Zijn doel is om de inflatie sneller terug te brengen naar de doelstelling van 2 procent. De markt prijst momenteel een renteverhoging in december in, gevolgd door nog twee verhogingen volgend jaar. Wij twijfelen of de markt dit jaar de havikachtige prijsstelling van de Fed zal willen tegenspreken, gezien de aanhoudende inflatiezorgen.

    De notulen van de vorige rentevergadering van de Fed lieten zien dat het besluit tot de verhoging unaniem was, al verschilden de leden van mening over de precieze redenen. De meerderheid van de Fed-functionarissen denkt dat nog één verhoging voldoende zou zijn om de inflatie af te koelen, waarna de rentes pas vanaf 2028 langzaam weer zouden dalen.

    Arbeidsmarkt Blijft Sterk, AI-Hype Koelt Af

    Het aantal nieuwe aanvragen voor een werkloosheidsuitkering in de VS daalde vorige week opnieuw licht, met 2.000 aanvragen tot 197.000. Dit cijfer lag onder de verwachtingen van 200.000, wat duidt op een aanhoudend sterke arbeidsmarkt. Een sterke arbeidsmarkt kan de inflatiedruk hoog houden, wat de Fed meer ruimte geeft voor renteverhogingen.

    Daarnaast heroverwegen beleggers de balans tussen de hype rondom artificiële intelligentie en de kostendruk door stijgende energieprijzen. Applied Digital Corp., een datacenterontwikkelaar, zag zijn aandeel 0,3 procent dalen in de voorbeurshandel, ondanks een verviervoudigde kwartaalomzet dankzij de vraag van AI-hyperscalers. Dit toont aan dat zelfs in de booming AI-sector, winstgevendheid en macro-economische factoren zwaarder wegen dan pure omzetgroei. Ter vergelijking, de Bitcoin koers, die vaak wordt gezien als een graadmeter voor risicobereidheid, noteert op 8 oktober om 15:00 op 73.542 euro, wat een daling van 1,5 procent is over de laatste 24 uur en 2,0 procent over de laatste zeven dagen. Dit toont aan dat ook in de cryptomarkt, de onzekerheid over de bredere economie doorsijpelt.

    Wat Betekent Dit Nu?

    De verwachte lagere opening op Wall Street wijst op een voorzichtige stemming bij beleggers. De combinatie van geopolitieke risico’s die de olieprijzen opdrijven en de aanhoudende havikachtige toon van de Federal Reserve creëert een lastig klimaat. Dit kan leiden tot verdere volatiliteit op de aandelenmarkten, waarbij de focus verschuift van groei naar winstgevendheid en risicobeheer. We verwachten dat de markt nauwlettend zal blijven kijken naar nieuwe inflatiecijfers en de verdere ontwikkelingen in het Midden-Oosten, die bepalend zullen zijn voor het sentiment de komende weken.

  • ECB Maakt Zich Meer Zorgen Over AI-Investeringen Dan Over Oplopende Rentetarieven

    ECB Maakt Zich Meer Zorgen Over AI-Investeringen Dan Over Oplopende Rentetarieven

    De Europese Centrale Bank verschuift haar focus van oplopende rentes door begrotingstekorten in eurolanden naar de potentiële risico’s van AI-investeringen. Vooral de ‘losgezongen’ waarderingen van AI-bedrijven baren de beleidsmakers zorgen.

    De Europese Centrale Bank (ECB) heeft recentelijk in de notulen van haar beleidsvergadering de aandacht verlegd. Hoewel de oplopende lange rentetarieven en de hoge uitgifte van obligaties in eurolanden zoals Frankrijk aan bod kwamen, lag de primaire zorg bij de risico’s die gepaard gaan met de toenemende investeringen in artificiële intelligentie (AI).

    Centrale bankiers erkenden dat de rentes op staatsobligaties in de eurozone weliswaar ‘ordelijk bleven’, maar dat ze gestegen waren, een trend die in de Verenigde Staten begon door zorgen over het begrotingsbeleid en de omvangrijke obligatie-uitgifte. Ook in de eurozone droegen een grotere uitgifte van staatsschulden en onzekere begrotingsvooruitzichten bij aan de rentestijgingen. Toch bleef de discussie hierover relatief beperkt.

    Wij zien vooral dat de ECB zich meer focust op de potentiële volatiliteit van de aandelenmarkten, gedreven door het optimisme rondom AI. De ‘losgezongen’ waarderingen van AI-gerelateerde bedrijven, met name in de Verenigde Staten, worden als een belangrijk risico voor de financiële stabiliteit gezien. Dit roept de vraag op of de investeringshausse in AI, en de daarmee gepaard gaande schulden, een verdringingseffect op de obligatiemarkten kan veroorzaken, wat de kredietverlening aan kleine en middelgrote bedrijven in de eurozone zou kunnen belemmeren.

    Spanning Tussen Rentebeleid En Inflatie

    Deze verschuiving in focus komt op een moment dat de inflatie in de eurozone hardnekkig blijkt. Terwijl de Federal Reserve in de Verenigde Staten een assertievere houding aanneemt met duidelijke signalen voor verdere renteverhogingen als de inflatie niet overtuigend daalt, opereert de ECB voorzichtiger. De inflatie in grote eurolanden zoals Frankrijk, Italië, Duitsland en Spanje is opgelopen, terwijl die in de VS de afgelopen maanden stabiel bleef op 3,4 procent. De inflatie in de eurozone beweegt richting 4 procent op jaarbasis, wat tweemaal de doelstelling van de ECB is. Wij zouden hier verwachten dat de centrale bank met daadkracht reageert, maar de notulen tonen een andere prioriteit.

    De terughoudendheid van de ECB roept ook kritiek op vanuit economische hoek. Waar de Fed direct de link legt tussen monetair beleid en inflatiebestrijding, wijst de ECB eerder naar aanbodschokken en externe factoren zoals de olieprijs. ABN AMRO verwacht overigens dat de inflatie in de eurozone later dit jaar en begin volgend jaar rond de 4 procent zal pieken, en voorziet daarom twee extra renteverhogingen van 25 basispunten in oktober en december, wat het depositotarief op 3,0 procent zou brengen. Dit duidt op een aanhoudende druk op de rentes, ongeacht de focus op AI.

    Blootstelling Aan AI-Risico’s

    De bezorgdheid van de ECB over AI-investeringen is niet ongegrond. De groeiende schulden van AI-bedrijven zijn een aandachtspunt, vooral omdat AI-investeringen in de eurozone afhankelijk zijn van krediet en gevoelig zijn voor renteschommelingen. Europese beleggers zijn via de aandelenmarkten bovendien steeds meer blootgesteld aan de hoge waarderingen van AI-gerelateerde bedrijven, die voornamelijk in de VS genoteerd staan.

    Het risico is dat een correctie in deze overgewaardeerde AI-aandelen een bredere marktvolatiliteit kan veroorzaken. Dit zou de financiële stabiliteit in de eurozone kunnen beïnvloeden, zeker als de kredietverlening aan kleinere bedrijven, die essentieel zijn voor de Europese economie, hierdoor in het gedrang komt. Op 8 oktober om 15:30 noteert Bitcoin bijvoorbeeld 73.621 euro, een daling van 1,3 procent in 24 uur, maar een stijging van 4,9 procent over 30 dagen. Deze marktbewegingen, hoewel losstaand van AI-aandelen, illustreren hoe snel het sentiment kan omslaan en hoe beleggers voortdurend zoeken naar alternatieven en stabiliteit, zelfs als centrale banken zich op nieuwe risico’s richten.

    Wat Betekent Dit Nu?

    De ECB lijkt een voorzichtige koers te varen, waarbij de monetaire beleidsmakers een afweging maken tussen de directe inflatiedruk en de opkomende risico’s van technologische overwaardering. De focus op AI-gerelateerde risico’s, ondanks de aanhoudende inflatie, toont aan dat de centrale bank verder kijkt dan de traditionele economische indicatoren. Dit kan betekenen dat de ECB in de toekomst niet alleen reageert op macro-economische cijfers, maar ook proactief ingrijpt om de gevolgen van speculatieve bubbels in nieuwe technologieën te mitigeren. De onzekerheid over de verdere evolutie van de AI-markt en de impact daarvan op de bredere economie zal de komende tijd de agenda van de ECB blijven domineren.

  • Belgisch Kernkabinet Strandt Op Begroting, Rentesneeuwbal Dreigt Al Vanaf 2029

    Belgisch Kernkabinet Strandt Op Begroting, Rentesneeuwbal Dreigt Al Vanaf 2029

    De federale regering slaagde er woensdagavond niet in een akkoord te bereiken over de aanpak van een begrotingstekort van 10 miljard euro, ondanks de dringende waarschuwingen van de Nationale Bank en het Agentschap voor de Schuld over de oplopende langetermijnrentes.

    De Belgische federale regering zit in nauwe schoentjes, nu het kernkabinet woensdagavond voor de zoveelste keer uiteenging zonder een definitief akkoord over de begroting. De zoektocht naar een dekking van 10 miljard euro aan tekorten verloopt moeizaam. De langetermijnrente in België nadert inmiddels de 4,4 procent, het hoogste peil in ongeveer vijftien jaar, en dat baart de financiële waakhonden grote zorgen. De gevreesde ‘rentesneeuwbal’, waarbij de overheid geld moet lenen om de rente op haar bestaande schulden te betalen, dreigt hierdoor al in 2029 in plaats van de eerder voorziene 2031.

    Premier Bart De Wever had de topfiguren van de Nationale Bank en het Agentschap voor de Schuld uitgenodigd om de ernst van de situatie te schetsen. Hun boodschap was duidelijk: als de rentes blijven oplopen, kan de sneeuwbal zelfs al in 2028 beginnen te rollen. De premier hoopte zo een gevoel van urgentie te creëren bij zijn coalitiepartners, maar een breed akkoord over zijn nieuwe nota, die een kader bood voor diepgaande onderhandelingen, bleef uit. Vicepremier Maxime Prévot sprak wel van een “nuttige vergadering”, maar erkende dat de standpunten nog uiteenlopen. Er wordt nu bilateraal verder onderhandeld, met mogelijk een nieuwe kernkabinetvergadering op komst.

    Stijgende Rentes En De Gevolgen

    De rentestijgingen zijn geen louter Belgisch fenomeen; ze vormen een wereldwijde trend, aangevoerd door de Verenigde Staten waar de tienjaarsrente op 5,35 procent staat. Frankrijk ziet de tienjaarsrente zelfs boven de 4,9 procent uitkomen. Deze stijgingen worden deels toegeschreven aan inflatievrees, gevoed door de oplopende olieprijzen door de aanhoudende oorlog in Iran en Oekraïne. Traders verwachten dat centrale banken, met de Federal Reserve voorop, hun beleidsrente verder zullen moeten verhogen. Hogere rentes maken lenen duurder, niet alleen voor de overheid, maar ook voor burgers die een woonkrediet willen afsluiten.

    Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) waarschuwt eveneens voor een “cocktail” van kunstmatige intelligentie, dure olie en toenemende schulden die de wereldeconomie bedreigt. IMF-directeur Kristalina Georgieva merkt op dat de economische groei door AI voorlopig beperkt blijft tot een handvol landen, terwijl de energiecrisis en hoge overheidschulden de inflatie aanwakkeren. Zij stelt dat regeringen die gewend zijn aan grote begrotingstekorten voor “zeer moeilijke politieke keuzes” staan, nu de periode van lage rentes voorbij is.

    Een Moeizame Zoektocht Naar Oplossingen

    De nieuwe begrotingstabel die Premier De Wever op tafel legde, specificeerde nog niet van welke maatregelen de benodigde 10 miljard euro moet komen. Dit zorgde meteen voor kritiek bij coalitiepartners. Vooruit-vicepremier Frank Vandenbroucke beklemtoonde dat er niet te veel bespaard mag worden op de zwakkeren in de samenleving en dat de sterkste schouders evenredig moeten bijdragen. Les Engagés is dan weer bezorgd over te forse besparingen in de gezondheidszorg. Een ander struikelblok is de btw-hervorming die De Wever voorstelt, met een verhoging van het algemene tarief van 21 naar 22 procent, een nultarief voor groenten en fruit, en tarieven van 6 en 12 procent naar 9 procent. De MR-partij heeft zich hier al meermaals tegen verzet en houdt het been stijf, wat de onderhandelingen verder bemoeilijkt.

    Deze politieke impasse heeft directe financiële gevolgen. Wij zien vooral dat de onzekerheid rond de begroting de perceptie van het land als een stabiele schuldenaar kan aantasten, wat op zijn beurt de leenkosten voor de overheid verder kan opdrijven. Dit versterkt de ‘rentesneeuwbal’ en zet nog meer druk op de publieke financiën. De impact strekt zich bovendien uit tot de Europese markten, aangezien de Belgische rentestijgingen deel uitmaken van een bredere trend die ook andere eurolanden raakt. De Europese Centrale Bank zal deze ontwikkelingen ongetwijfeld nauwgezet volgen bij toekomstige beleidsbeslissingen.

    Wat Dit Betekent Voor De Kaspositie En Marges

    De oplopende rentes hebben een directe impact op de kaspositie van de overheid. Elke procentpunt stijging in de leenkosten vertaalt zich in miljarden extra rente-uitgaven. Dit betekent dat er minder geld overblijft voor investeringen in infrastructuur, onderwijs of gezondheidszorg, tenzij er elders fors wordt bespaard of nieuwe inkomsten worden gegenereerd. Voor een overheid die al moeite heeft om het begrotingstekort te dichten, vormt dit een aanzienlijke druk op de marges. Het Agentschap voor de Schuld waarschuwt expliciet voor deze dynamiek: een groter deel van de staatsinkomsten moet dan dienen om de schuld te financieren, in plaats van om publieke diensten te leveren.

    De druk op de begroting wordt niet alleen veroorzaakt door de rentestijgingen, maar ook door de prognoses van het Federaal Planbureau, dat de inflatieprognose voor dit en volgend jaar heeft opgetrokken naar gemiddeld 3,7 procent. Dit betekent dat de spilindex eerder overschreden zal worden, wat leidt tot een snellere automatische indexering van lonen en uitkeringen. Hoewel dit de koopkracht van burgers deels beschermt, verhoogt het ook de uitgaven van de overheid en de sociale zekerheid, wat de begrotingskloof verder vergroot. Dit legt een extra laag complexiteit op de toch al moeizame onderhandelingen.

    Vooruitblik

    De deadline voor de beleidsverklaring in de Kamer is dinsdag, maar we twijfelen of die nog gehaald wordt gezien de huidige impasse. De onderhandelingen zullen de komende dagen en weken cruciaal zijn voor de stabiliteit van de Belgische overheidsfinanciën. Het is afwachten of de coalitiepartners uiteindelijk tot een compromis kunnen komen dat de budgettaire discipline herstelt en de dreigende rentesneeuwbal kan afwenden. Zonder een duidelijk plan blijft de onzekerheid bestaan, en dat is geen goed nieuws voor de kosten van lenen.

  • Goud-ETF’s Zien Recordinstroom Van 31 Miljard Euro Ondanks Dalende Prijs

    Goud-ETF’s Zien Recordinstroom Van 31 Miljard Euro Ondanks Dalende Prijs

    Beleggers stopten het voorbije kwartaal een recordbedrag in goud-ETF’s, zelfs toen de goudprijs in september met 8,5 procent zakte. Dat toont een opvallende tweedeling tussen de vraag naar fysiek goud en de speculatie op de futuresmarkt.

    Beleggers hebben in het derde kwartaal van dit jaar een recordbedrag van omgerekend ruim 28,6 miljard euro in goud-ETF’s (Exchange Traded Funds) gestopt. Alleen al in september kwam er 9,3 miljard euro bij, zo meldt de World Gold Council. Die opvallende instroom gebeurt terwijl de goudprijs in september met 8,5 procent daalde, wat duidt op een groeiende kloof tussen de beleggers in fysiek goud en de handelaren op de termijnmarkten.

    De totale holdings van goud-ETF’s namen toe met 67 ton tot een record van 4.256 ton. Dit gebeurde ondanks de daling van de goudprijs tot ongeveer 3.868 euro per ounce aan het einde van september. Analisten van BMO Capital Markets, Helen Amos en George Heppel, spreken van een “opmerkelijke divergentie in beleggerspositionering en onderliggende vraag”. Volgens hen blijven ETF’s consistent geld aantrekken, zelfs bij prijszwakte, wat ongebruikelijk is.

    Tegenstrijdige signalen op de markt

    De tegenstrijdige beweging tussen de goudprijs en de instroom in goud-ETF’s lijkt vooral gedreven door verkopen op de futuresmarkt, in plaats van door een algemeen afnemende interesse in goud. De World Gold Council en BMO wijzen erop dat de managed-money posities op de Comex in september met het equivalent van 84 ton daalden, en spreadposities met nog eens 156 ton. Die liquidatie van futurescontracten woog zwaarder door dan de sterke vraag naar ETF’s, waardoor de goudprijs onder druk kwam te staan.

    De daling van de goudprijs viel samen met een stijging van de Amerikaanse tienjarige staatsrente, die in september met 53 basispunten toenam tot 5,3 procent, en een stijging van de dollarindex met 2 procent. Toch bleef goud aantrekkelijk voor ETF-beleggers; in de laatste week van september stroomde er nog eens 1,3 miljard euro in de fondsen. Amerikaanse fondsen waren goed voor 640 miljoen euro van die instroom, terwijl Europese fondsen 420 miljoen euro binnenhaalden.

    Regionale verschillen in goudhonger

    Noord-Amerikaanse ETF’s trokken in september 3,7 miljard euro aan, wat de totale kwartaalinstroom op 11,1 miljard euro bracht. Europese fondsen deden het nog beter, met 3,3 miljard euro in september en een recordbedrag van 13 miljard euro over het hele derde kwartaal. Vooral het Verenigd Koninkrijk viel op: daar gevestigde fondsen zagen een instroom van 6,9 miljard euro in het derde kwartaal, hun sterkste kwartaal ooit. De World Gold Council schat dat Britse fondsen in die periode 54 ton goud toevoegden, ongeveer drie keer meer dan hun historische relatie met andere Westerse ETF-stromen zou suggereren.

    Dit jaar hebben Britse fondsen in totaal al 8,8 miljard euro aangetrokken, waarmee ze de Chinese producten nipt voorbijsteken als grootste bron van ETF-instroom op landenniveau. Wij zien in deze aanhoudende koopdruk een signaal dat beleggers goud meer en meer gebruiken als bescherming tegen fiscale risico’s en risico’s op de obligatiemarkt, eerder dan als een reactie op één specifieke marktschok. Verhoogde termijnpremies op Britse staatsobligaties vallen al sinds juli samen met de aankoop van ETF’s, al is de periode te kort om een sluitende relatie vast te stellen. De trend is breder dan alleen het VK; ook in Frankrijk en Duitsland is de instroom in ETF’s toegenomen.

    Fysieke vraag en centrale banken

    Naast de ETF-vraag blijft ook de fysieke vraag naar goud sterk. In India handelde goud voor het eerst sinds mei met een premie ten opzichte van de Londense prijs, na een verhoging van de invoerrechten. Ook in China bleven de premies gezond, net nu beide markten een seizoen ingaan met traditioneel hogere vraag naar juwelen.

    Centrale banken blijven eveneens actieve kopers. In augustus voegden ze 39 ton goud toe aan hun reserves, een stijging van 70 procent ten opzichte van juli en het dubbele van het jaar ervoor. China, Polen en Oezbekistan waren de grootste kopers. Deze aanhoudende vraag van ETF’s, fysieke kopers en centrale banken toont aan dat de onderliggende interesse in goud robuust blijft, zelfs wanneer de prijs tijdelijk daalt. Dit staat in schril contrast met de Bitcoin-markt, waar de koers op 7 oktober om 20:00 noteerde op 74.267 euro, een daling van 2,5 procent in 24 uur, wat de volatiliteit in de digitale activamarkt benadrukt.

    Wat betekent dit nu?

    De aanhoudende instroom in goud-ETF’s, ondanks een dalende spotprijs, wijst op een groeiende kloof tussen beleggers die goud als veilige haven zien en de kortetermijnspeculatie op de futuresmarkten. Terwijl een sterke dollar en hogere rentes de goudprijs drukken, blijven institutionele en particuliere beleggers goud kopen, mogelijk uit angst voor bredere economische en fiscale risico’s. Dit suggereert dat goud zijn rol als bescherming tegen inflatie en marktonzekerheid verstevigt, onafhankelijk van kortetermijnfluctuaties.