Tag: nederland

  • Twee Derde Vlaamse Huizen Verwarmt Met Gas, Nederland Staat Verder In Afbouw

    Twee Derde Vlaamse Huizen Verwarmt Met Gas, Nederland Staat Verder In Afbouw

    Terwijl Vlaanderen de afbouw van zijn aardgasnet pas recentelijk is beginnen voorbereiden, stelt energierecht-onderzoeker Simon Van Hove dat Nederland al veel verder staat, met twee op de drie Vlaamse woningen die nog op gas draaien.

    Twee op de drie huizen in Vlaanderen worden vandaag nog verwarmd met aardgas. Dat terwijl de regio, net als de rest van België, zich heeft gecommitteerd aan klimaatneutraliteit tegen 2050. Die ambitie impliceert een volledige afbouw van het aardgasnet, een proces waarin Nederland volgens energierecht-onderzoeker Simon Van Hove veel verder gevorderd is.

    De Vlaamse regering gaf deze week pas officieel de opdracht aan gasnetbeheerder Fluvius om de afbouw van het aardgasnet voor te bereiden. Een concrete einddatum voor het gasloze tijdperk is er niet, al ligt de horizon impliciet op 2050. Van Hove, verbonden aan de Nederlandse universiteit van Tilburg, stelt echter dat de aanpak in Vlaanderen te traag is voor zo’n ingrijpende verandering. Een grondige omschakeling van huishoudens vraagt volgens hem minstens tien jaar voor renovaties en de installatie van nieuwe warmtevoorzieningen.

    Gemeenten Nemen De Leiding In Nederland

    In Nederland is de aanpak veel proactiever. Daar ligt reeds een juridisch kader klaar, ook al is het nog niet in werking getreden. Dit kader voorziet een grote rol voor de gemeenten. Zij krijgen de regie in handen om te beslissen welke wijken op een warmtenet worden aangesloten of waar individuele warmtepompen de norm worden. De keuzes die de gemeenten maken, zijn bindend voor de inwoners. Er zijn zelfs al verschillende wijken, zij het in proefprojecten, volledig van het gasnet afgekoppeld.

    De Nederlandse overheid heeft ook meer stappen gezet in het voorzien van alternatieven. Collectieve warmtenetten en individuele warmtepompen zijn er al verder ingeburgerd. Wij zien vooral dat de collectievere organisatie van het gebouwenpatrimonium in Nederland de grootschalige operaties voor de energietransitie vergemakkelijkt. Dit contrast met de meer versnipperde aanpak in Vlaanderen, waar tot voor kort nog subsidies beschikbaar waren voor het plaatsen van gasketels, is opvallend.

    Trage Communicatie En Financiële Steun Cruciaal

    Van Hove is kritisch over de trage communicatie van de Vlaamse overheid naar haar burgers toe. Het is essentieel om huishoudens tijdig een duidelijk signaal te geven dat gasverwarming op termijn verdwijnt. Dure maatregelen zoals renovaties, isolatie of de installatie van een warmtepomp zullen zonder een goed flankerend beleid op weerstand stuiten bij de bevolking. Wij twijfelen of de opdracht aan Fluvius voldoende juridische instrumenten biedt om de bevolking adequaat te begeleiden in deze transitie.

    De omschakeling naar een gasvrije samenleving is een enorme uitdaging die niet alleen technische, maar ook financiële en sociale aspecten omvat. Het vereist een heldere visie, een goed uitgewerkt plan en vooral voldoende middelen om burgers te ondersteunen bij de noodzakelijke investeringen. Op 20 september om 06:30 noteerde Bitcoin een koers van 70.052 euro, een stijging van 4,1 procent over de afgelopen zeven dagen. De markt toont dus een zekere veerkracht, wat aantoont dat ingrijpende veranderingen wel degelijk kunnen slagen als de omstandigheden gunstig zijn en de begeleiding duidelijk is.

    De vraag blijft hoe Vlaanderen dit proces zal versnellen en of de bevoegdheden van Fluvius volstaan om de transitie net zo doeltreffend te sturen als in Nederland. Of de Vlaamse aanpak de burgers voldoende zal overtuigen en ondersteunen om de nodige, vaak kostelijke, stappen te zetten, zal de toekomst moeten uitwijzen.

  • Europol Vindt 70 Mogelijke Slachtoffers Van Mensensmokkel In Indiase Restaurants

    Europol Vindt 70 Mogelijke Slachtoffers Van Mensensmokkel In Indiase Restaurants

    Een gecoördineerde inval in België, Nederland, Duitsland, Luxemburg en Zwitserland bracht ernstige uitbuiting aan het licht, met twee arrestaties en illegale opbrengsten tot 4 miljoen euro.

    Europol heeft in een grootschalige operatie 70 potentiële slachtoffers van mensensmokkel geïdentificeerd, verspreid over Indiase restaurants in vijf Europese landen. De gecoördineerde actie, waarbij de politie in België, Nederland, Duitsland, Luxemburg en Zwitserland invallen deed, resulteerde ook in de arrestatie van twee verdachten.

    Het onderzoek startte in Nederland, waar twee eigenaars van in totaal acht Indiase restaurants, deel uitmakend van drie internationale ketens, werden aangehouden. Zij worden ervan verdacht misbruik te hebben gemaakt van Nederlandse regelgeving om Aziatische koks naar het land te halen. Eens aangekomen, werden velen echter niet ingezet als kok, maar gedwongen tot zwaar onderbetaald werk als afwasser of schoonmaker. Er is sprake van werkdagen die opliepen tot 16 uur per dag.

    Uitbuiting Levert Miljoenen Op

    De uitbuiting was systematisch en had grote financiële gevolgen voor de slachtoffers. Zij werden niet alleen onderbetaald, maar ook onder druk gezet om te blijven werken en geen contact op te nemen met de autoriteiten. Europol stelt dat de families van de slachtoffers in India eveneens onder druk stonden. De illegale praktijken zouden het netwerk tot 4 miljoen euro aan opbrengsten hebben opgeleverd.

    Wij zien hier vooral een schrijnend voorbeeld van hoe kwetsbaarheid wordt misbruikt, zeker in sectoren waar de vraag naar personeel groot is en de controle ontoereikend blijkt. Dat dit fenomeen plaatsvindt over minstens vijf landen heen, waaronder België, wijst erop dat de grenzen van de interne markt ook kwetsbaarheden creëren voor georganiseerde criminaliteit. Ter vergelijking met de financiële wereld: de marktwaarde van Ethereum staat op 19 september om 02:32 op 277,6 miljard euro, wat aangeeft dat deze illegale opbrengsten, hoewel aanzienlijk voor de daders, een fractie zijn van legitieme markten, maar een wereld van verschil maken voor de slachtoffers.

    Verdere Inspecties En Onderzoek

    Na de initiële arrestaties in Nederland werden inspecties uitgevoerd in andere restaurants van dezelfde ketens in de betrokken landen. In België werd één restaurant geïnspecteerd. Het onderzoek richt zich nu verder op de omvang van het netwerk en de identificatie van alle slachtoffers, voornamelijk mensen met de Indiase nationaliteit. De autoriteiten bekijken ook hoe ze de slachtoffers het best kunnen ondersteunen.

    Deze zaak toont aan hoe belangrijk internationale samenwerking blijft om dergelijke criminele netwerken op te rollen. De vraag is of de huidige regelgeving voldoende bescherming biedt tegen dergelijke misstanden, of dat er strengere controles en beter gecoördineerde handhaving nodig zijn.

  • Nederlandse Diesel Schiet Naar Nieuw Record Van 2,82 Euro, Duitsland Geeft Opnieuw Korting

    Nederlandse Diesel Schiet Naar Nieuw Record Van 2,82 Euro, Duitsland Geeft Opnieuw Korting

    De gemiddelde adviesprijs voor diesel in Nederland doorbreekt het vorige record van 2,819 euro uit april. Tegelijkertijd neemt Duitsland maatregelen om de brandstofkosten te drukken, wat een opvallend contrast vormt tussen de twee buurlanden.

    De gemiddelde adviesprijs voor een liter diesel in Nederland stijgt vandaag, 19 september 2026, naar een record van 2,824 euro. Daarmee wordt de vorige piek van 2,819 euro per liter uit april overtroffen, zo meldt consumentenplatform UnitedConsumers. Eerder deze week bereikte ook de benzineprijs al een record, namelijk 2,726 euro per liter, al is die sindsdien licht gedaald.

    De stijging komt er ondanks een lichte daling van de olieprijzen recent, na opluchting over de beperkte schade aan een aangevallen Saoedische pijpleiding. Toch zijn experts niet gerustgesteld. Energiedeskundige Hans van Cleef van EQoLibrium sluit niet uit dat de dieselprijs aan de snelweg binnenkort de grens van 3 euro aantikt. Dit heeft directe gevolgen voor transportbedrijven en consumenten, wiens kosten per gereden kilometer aanzienlijk toenemen.

    Duitsland kiest voor prijsverlaging

    Terwijl Nederland worstelt met stijgende brandstofprijzen, kiest buurland Duitsland voor een tegengestelde aanpak. De Duitse regering voert opnieuw een tankkorting in, waarbij de energiebelasting op benzine met 14 cent wordt verlaagd. Door de bijbehorende daling van de btw zakt de prijs per liter met 17 cent. Dit pakket van maatregelen omvat eveneens de introductie van een maximumprijs voor brandstof, die gekoppeld zal zijn aan de ontwikkeling van de olieprijs. De exacte hoogte van dit prijsplafond is nog niet bekend.

    Deze Duitse ingreep is een herhaling van de steun die eerder van begin mei tot eind juni van kracht was, toen ook al een korting van 17 cent per liter gold. Het toont aan dat de Duitse overheid actief probeert de druk op haar burgers en bedrijven te verlichten, nadat de prijzen aan de Duitse pomp deze week eveneens recordhoogtes bereikten.

    Verschil in aanpak

    Het contrast tussen de Nederlandse en Duitse aanpak is opvallend. Waar Nederland een groot deel van de brandstofprijs uit belastingen laat bestaan, wat de adviesprijzen aan de pomp opdrijft, kiest Duitsland voor directe subsidies om de kosten te drukken. Voor transportbedrijven en grenspendelaars betekent dit dat tanken over de grens aanmerkelijk voordeliger wordt. Dit kan leiden tot extra verkeersbewegingen richting Duitse tankstations en beïnvloedt de concurrentiepositie van Nederlandse ondernemers die veel brandstof verbruiken.

    De discussie over de hoogte van brandstofaccijnzen laait met deze recordprijzen opnieuw op. Wij zien vooral dat de druk op de portemonnee van de gemiddelde burger en op de marges van transportbedrijven in Nederland verder toeneemt, terwijl in Duitsland een adempauze wordt geboden. Hoe lang Nederland deze lijn kan aanhouden met een prijs die richting de 3 euro per liter kruipt, is een open vraag.

  • Amdax Ziet Aanvragen Zakelijke Crypto-Rekening Sterk Stijgen Door Box 3-Onzekerheid

    Amdax Ziet Aanvragen Zakelijke Crypto-Rekening Sterk Stijgen Door Box 3-Onzekerheid

    De onvoorspelbaarheid van de vermogensbelasting in Nederland drijft steeds meer mensen ertoe hun digitale vermogen, zoals Bitcoin, onder te brengen in een besloten vennootschap.

    De aanhoudende onzekerheid rond de Nederlandse vermogensbelasting, de zogeheten Box 3, stuurt steeds meer beleggers naar een zakelijke structuur. Dat meldt Lucas Wensing, de CEO van Amdax, een cryptodienstverlener. Hij ziet een sterke toename in het aantal aanvragen voor zakelijke rekeningen, voornamelijk van beleggers die hun digitale activa, zoals Bitcoin, via een besloten vennootschap (BV) willen aanhouden.

    Deze ontwikkeling is volgens Wensing een direct gevolg van de jarenlange discussie en de vele wijzigingen in het belastingstelsel. Waar beleidsmakers in Den Haag uitgaan van een statische belegger, beweegt de praktijk. Zij zoeken naar manieren om vooruit te kunnen plannen, liefst voor een horizon van wel twintig jaar. De continue aanpassingen aan het stelsel hebben ertoe geleid dat onzekerheid een eigen prijskaartje krijgt, wat de aantrekkingskracht van de voorspelbaarheid van een BV vergroot.

    Bij Amdax zien wij vooral dat beleggers niet langer passief afwachten, maar proactief hun vermogensstructuur aanpassen. Dit is geen puur ‘calculerend gedrag’, zoals sommigen het zouden noemen, maar eerder een voorspelbare reactie op een veranderlijk landschap. Beleggers die al kritisch stonden tegenover monetair beleid, zoeken nu ook naar fiscale houvast. Dit toont aan dat de impact van de Box 3-discussie al voelbaar is, nog voordat de definitieve wetgeving van kracht is.

    Onzekerheid is een risico

    De discussie over Box 3 richt zich vaak op percentages: welk rendement belast wordt, tegen welk tarief en vanaf welk vermogen. Beleggers maken echter een bredere afweging. Daarin zitten ook de advieskosten, de administratieve lasten van een BV, en de kans dat een volgende coalitie de regels opnieuw wijzigt. Voor een langetermijnbelegger met bijvoorbeeld Bitcoin, die op 18 september om 08:32 nog altijd 67.538 euro noteert, 37 procent onder de recordkoers en met een stijging van 20,5 procent over de laatste dertig dagen, is de continuïteit van regels minstens zo belangrijk als de dagelijkse koersbewegingen.

    De stap naar een BV biedt beleggers de mogelijkheid om een eigen ritme en meer voorspelbaarheid in hun vermogensbeheer te creëren. Dit is een belangrijke overweging, zeker voor zij die Bitcoin bezitten en gewend zijn aan koersschommelingen, maar minder aan een voortdurend veranderend fiscaal kader. De complexiteit van de huidige situatie maakt dat de keuze voor een BV verder reikt dan een simpele belastingvergelijking.

    Waarom de BV aantrekkelijk is

    Een BV biedt een duidelijke juridische entiteit met een eigen boekhouding en vaste besluitvormingsmomenten. Hoewel dit extra verplichtingen met zich meebrengt, zorgt het ook voor een zekere mate van voorspelbaarheid die in de recente Box 3-discussies ontbrak. Beleggers die voorheen privé belegden, onderzoeken nu serieus de overstap naar een BV of holding. Hun vragen gaan niet alleen over belasting, maar ook over de bewaring van activa, eigendom en de beste administratieve plek voor hun vermogen op lange termijn.

    De politiek probeert een belastingstelsel te ontwerpen dat beter aansluit op de werkelijkheid, maar terwijl dit proces loopt, verandert die werkelijkheid al door het vooruitzicht op dat nieuwe stelsel. Dit is een ongemakkelijke paradox. De Box 3-migrant wacht niet meer op Den Haag; de agenda’s van fiscalisten en accountants én de aanvragen bij cryptodienstverleners tonen aan dat de verschuiving al in volle gang is.

  • Nederlandse Chipbedrijven Halen Honderden Miljoenen Op, Vlaanderen Ziet Zijn Belofte Nog Niet Uitkomen

    Nederlandse Chipbedrijven Halen Honderden Miljoenen Op, Vlaanderen Ziet Zijn Belofte Nog Niet Uitkomen

    Dit jaar hebben jonge Nederlandse chipbedrijven al honderden miljoenen euro’s aan investeringen binnengehaald, waardoor het land zich profileert als een centrum voor AI-chips. De kapitaalrondes leggen een contrast bloot met de situatie in Vlaanderen, waar een dergelijke investeringsdynamiek ontbreekt.

    Jonge Nederlandse chipbedrijven hebben dit jaar al honderden miljoenen euro’s aan kapitaal weten aan te trekken. Deze indrukwekkende investeringen bevestigen de positie van Nederland als een belangrijke hub voor de ontwikkeling van AI-chips. Dit staat in schril contrast met Vlaanderen, waar soortgelijke bedrijven veel minder succesvol zijn in het aantrekken van grootschalige financiering.

    De toestroom van kapitaal in Nederland is opmerkelijk, vooral in de context van de mondiale vraag naar geavanceerde chips voor artificiële intelligentie. Veel van deze financieringsrondes richten zich op het ontwerpen van betere chips en het verbeteren van productieprocessen, wat de Nederlandse sector een voorsprong geeft. Wij zien vooral dat de focus op concrete toepassingen en een sterk investeringsklimaat hier de doorslag geven.

    De AI-Chiprace En De Benelux

    Terwijl Nederlandse firma’s grote sommen geld binnenhalen, lijkt Vlaanderen de boot te missen. Hoewel Vlaamse instellingen uitblinken in onderzoek en ontwikkeling op het gebied van chiptechnologie, vertaalt dit zich minder in de bouw van succesvolle, kapitaalkrachtige bedrijven. Deze discrepantie wijst op een verschil in het vermogen om innovatie om te zetten in commerciële schaalvergroting en investeringen.

    Deze ontwikkeling heeft gevolgen voor de gehele economie van de Benelux. Een sterke positie in de AI-chipsector kan leiden tot meer werkgelegenheid en een grotere aantrekkingskracht voor internationaal talent. De groei van de AI-markt is explosief, en de competitie om marktaandeel en investeringen is intens. Dit zien we ook terug in andere sectoren, waar technologische vooruitgang en kapitaalinjecties hand in hand gaan.

    Wat Dit Betekent Voor De Toekomst

    De focus op AI-chips in Nederland kan een domino-effect hebben, waarbij meer investeringen en expertise naar de regio trekken. Dit kan de ontwikkeling van aanverwante technologieën stimuleren. Of Vlaanderen deze kloof kan dichten, hangt af van het vermogen om naast onderzoek ook de commerciële kant van de chipindustrie te versterken en investeerders aan te trekken. De huidige stand van zaken toont aan dat er in de Benelux een duidelijke tweedeling ontstaat op het vlak van kapitaalinstroom in deze cruciale technologische sector.

    Overigens blijft de bredere cryptomarkt beweeglijk, met Bitcoin (BTC) die op 18 september om 05:31 noteert op 67.392 euro. Dat is een stijging van 19,6 procent over de laatste dertig dagen, wat de aanhoudende interesse in digitale activa benadrukt, zij het in een heel andere tak van de techwereld.

  • 3,3 Procent Vacaturegraad: België Blijft De Op Een Na Krapste Arbeidsmarkt Van Europa

    3,3 Procent Vacaturegraad: België Blijft De Op Een Na Krapste Arbeidsmarkt Van Europa

    De Belgische arbeidsmarkt koelt af, maar blijft met een vacaturegraad van 3,3 procent nog steeds een van de krapste van de Europese Unie. Enkel Nederland doet het slechter, met een nog hogere spanning.

    Uit recente cijfers van Eurostat blijkt dat de Belgische vacaturegraad is gezakt van 3,9 naar 3,3 procent. Hoewel dit een van de sterkste dalingen binnen de EU is, blijft de spanning op de arbeidsmarkt in België aanzienlijk. Ons land bekleedt nog steeds de tweede plaats op de Europese ranglijst van krapte, enkel voorbijgestreefd door Nederland.

    De afkoeling van de Belgische arbeidsmarkt, waarbij de vacaturegraad met 0,6 procentpunt daalde, was bijna even sterk als in Cyprus, waar de daling 0,7 procentpunt bedroeg. In de meeste andere EU-lidstaten was er eveneens een daling of bleven de cijfers stabiel, met uitzondering van Slovenië, Griekenland en Zweden waar de vacaturegraad licht toenam. Desondanks ligt de Belgische vacaturegraad van 3,3 procent nog ruim boven het Europese gemiddelde van 2 procent.

    Vraag Naar Gekwalificeerd Personeel Blijft

    Wim Van der Linden, arbeidsmarktanalist bij Randstad, wijst erop dat de afkoeling van de markt niet overal even sterk is. Vooral de dienstensector in België kent met 4,4 procent de hoogste vacaturegraad van de hele Europese Unie, aanzienlijk hoger dan het Europese gemiddelde van 2,1 procent voor deze sector. Hierdoor blijft de vraag naar gekwalificeerd personeel, vooral in de IT-sector en zakelijke en ondersteunende diensten, onverminderd groot.

    Anders is de situatie in de industrie en de bouw, waar de vacaturegraad is teruggevallen van 3,7 procent vorig jaar naar 3 procent dit kwartaal. Deze sectorale verschillen tonen aan dat, hoewel de algemene spanning afneemt, er nog steeds een duidelijke mismatch is tussen vraag en aanbod op specifieke delen van de arbeidsmarkt.

    Werkgevers Kiezen Voor Gerichte Werving

    Na een periode van ‘oververhitting’ ziet Van der Linden de arbeidsmarkt normaliseren. Dit leidt tot een verandering in de strategie van werkgevers. Waar er na de covidpandemie nog sprake was van ‘labour hoarding’ – het koste wat het kost vasthouden van personeel – schakelen bedrijven nu over naar gerichte aanwervingen voor sleutelposities. Wij zien dit als een teken dat bedrijven voorzichtiger worden, maar tegelijkertijd strategischer omgaan met hun personeelsbehoeften.

    De aanhoudende krapte op de Belgische arbeidsmarkt, ondanks de recente afkoeling, blijft een uitdaging voor zowel werkgevers als werknemers. De mismatch tussen de gevraagde vaardigheden en het beschikbare talent zorgt ervoor dat de druk op bepaalde sectoren hoog blijft. Hoe deze dynamiek zich verder zal ontwikkelen in een onzekere economische omgeving, valt nog af te wachten.

  • Nederlandse Schoonmakers Staken Vijf Dagen Tegen Nieuwe Cao, Eisen Hogere Lonen

    Nederlandse Schoonmakers Staken Vijf Dagen Tegen Nieuwe Cao, Eisen Hogere Lonen

    Honderden schoonmakers leggen deze week het werk neer bij onder meer Schiphol, NS-stations en hotels. Ze zijn het niet eens met de nieuwe cao die minder goede afspraken bevat over ziekte en weekendtoeslagen.

    Op verschillende locaties in Nederland, waaronder Schiphol en diverse NS-stations, leggen honderden schoonmakers deze week vijf dagen het werk neer. De actie, geleid door vakbond FNV, is een protest tegen de nieuwe collectieve arbeidsovereenkomst (cao) die zij als onvoldoende beschouwen. De onvrede richt zich met name op de loondoorbetaling bij ziekte, het uitblijven van automatische prijscompensatie en het gebrek aan weekendtoeslag voor hotelschoonmakers.

    De FNV is niet akkoord gegaan met de cao die tussen brancheorganisatie Schoonmakend Nederland en vakbond CNV werd afgesloten. Een van de belangrijkste pijnpunten is de regeling rond ziekteverlof. Volgens de nieuwe afspraken wordt de loondoorbetaling na twee jaar ziekte voor een langere periode verlaagd. Dit staat haaks op de realiteit van het zware fysieke werk, stelt Silvana Feller, president van FNV Schoonmaak. “Het is zwaar werk. Als je ziek bent, kun je niet werken,” aldus Feller, die zelf een zenuwbeknelling in haar schouder opliep door haar werk.

    Lonen en Toeslagen

    Naast de ziekteregeling is de loonsverhoging een heikel punt. De nieuwe cao voorziet in een stijging van 6,1 procent over twee jaar, maar deze gaat pas in op 1 januari 2027. De FNV-leden pleiten voor automatische prijscompensatie, waardoor hun lonen meestijgen met de inflatie. Een ander, opvallend, verschil zit in de weekendtoeslagen. Hotelschoonmakers krijgen in de nieuwe cao geen weekendtoeslag, terwijl hun collega’s op bijvoorbeeld Schiphol die wel ontvangen. “Wat maakt het nou uit of je een hotel of een vliegveld schoonmaakt?” vroeg een schoonmaker zich af tijdens een protestactie in Utrecht.

    De werkgevers, vertegenwoordigd door Schoonmakend Nederland, benadrukken dat de cao ook verbeteringen bevat, zoals snellere vaste contracten en een reisvergoeding voor alle schoonmakers. Zij vinden dat de FNV een te negatief beeld schetst en hopen dat de vakbond zich alsnog aansluit. Wij van Block #9 zien hierin vooral een klassieke strijd tussen werkgevers die de kosten willen drukken en werknemers die een eerlijk deel van de opbrengsten en betere arbeidsvoorwaarden eisen, zeker in een tijd van hoge inflatie. De druk zal toenemen als de staking meer impact krijgt.

    Impact van de Staking

    Hoewel de schoonmakers deze week vijf dagen staken, merkte de NS, een van de getroffen partijen, in de eerste dagen nog weinig van de impact. Dit leidde tot frustratie onder de stakers, die vinden dat ze “moeten doorpakken” om hun eisen kracht bij te zetten. De FNV is van plan om na deze week de vervolgstappen te bepalen. Een langere staking zou de zichtbaarheid van de actie kunnen vergroten, vooral als vuilnis zich opstapelt en de hinder voor reizigers en hotelgasten toeneemt. Dit contrasteert bijvoorbeeld met de cryptomarkt, waar Bitcoin een marktwaarde heeft van 1.34 biljoen euro en in de afgelopen dertig dagen met 19,0 procent steeg, stand 18 september om 04:03, wat laat zien hoe snel kapitaal kan bewegen, ver weg van de fysieke arbeid die hier wordt betwist.

    Het is duidelijk dat de schoonmakers vastberaden zijn. De vraag is nu hoe lang de werkgevers en de overige vakbonden de druk kunnen weerstaan voordat er een compromis wordt bereikt dat de FNV wel kan accepteren.

  • Economen Bekritiseren Nederlandse Begroting: Te Veel Korte Termijn, Te Weinig Visie

    Economen Bekritiseren Nederlandse Begroting: Te Veel Korte Termijn, Te Weinig Visie

    De Nederlandse begroting focust te veel op snelle oplossingen zoals koopkrachtreparatie, terwijl structurele problemen en lange termijn investeringen onderbelicht blijven, zo stellen economen van de UvA en Rabobank.

    De Nederlandse regering richt zich in haar recente begroting op kortetermijnoplossingen om de koopkracht van huishoudens te ondersteunen. Dit blijkt uit maatregelen zoals de verlenging van de korting op brandstofaccijnzen, die de pijn van stijgende prijzen moeten verzachten. Economen uiten echter scherpe kritiek, omdat deze aanpak de structurele problemen van de economie negeert.

    Hoogleraar Arnoud Boot van de Universiteit van Amsterdam noemt de aanpak ‘boekhouden op de vierkante centimeter’. Hij stelt dat de focus zou moeten liggen op het versterken van de economie om weerbaarder te zijn tegen onzekerheden wereldwijd. Volgens Boot verzandt de politiek in een spagaat tussen de korte en lange termijn, wat leidt tot een reeks pleisters die de dieperliggende wonden niet helen.

    Ook Rabobank-econoom Hugo Erken is kritisch. Hoewel het Centraal Planbureau (CPB) rekent op een inflatie van 2,7 procent en een koopkrachtdaling van 0,1 procent voor een gemiddeld huishouden, verwacht de Rabobank een inflatie van 3,8 procent en een daling van de koopkracht met 0,8 procent. Dit komt door aanhoudend hoge energieprijzen, mede door het conflict in het Midden-Oosten, waarop de regering weinig grip heeft. Wij zien vooral dat de Nederlandse regering hiermee een risicovolle gok neemt; als de inflatie inderdaad hoger uitvalt dan de officiële prognoses, zal de onvrede over de koopkracht alleen maar toenemen en blijken de huidige maatregelen ontoereikend.

    Nationale Investeringsbank Als Lichtpuntje

    Een positieve noot in de begroting is het plan voor een nationale investeringsbank, waar ruim 3,3 miljard euro in gestoken wordt. Deze instelling moet los van het kabinet leningen verstrekken en mogelijk zelfs aandeelhouder worden in jonge bedrijven. Erken ziet hierin potentieel om extra privaat kapitaal aan te trekken, wat de overheid ontlast.

    Boot tempert echter het enthousiasme. Hij mist een duidelijke missie en strategie voor deze investeringsbank. Zonder een heldere visie op waar de investeringen naartoe moeten, vreest hij dat ook dit geld ‘weggegooid geld’ zal blijken te zijn. De discussie over de Algemene Beschouwingen zou daarom moeten beginnen met het ‘grotere verhaal’, in plaats van enkel compromissen te sluiten die de diepere problemen negeren.

    Vergelijking Met Andere Europese Landen

    De focus op kortetermijnoplossingen en het gebrek aan een duidelijke langetermijnvisie is niet uniek voor Nederland. Ook in andere Europese landen zien we vaak een politieke neiging om onmiddellijke economische pijnpunten te verlichten, vaak ten koste van structurele hervormingen. Landen als België en Frankrijk worstelen eveneens met hoge inflatie en de zoektocht naar duurzame oplossingen voor energietransitie en vergrijzing. De Nederlandse aanpak met een investeringsbank, mits goed uitgevoerd, kan een voorbeeld zijn voor het stimuleren van innovatie en groei, maar de waarschuwingen van de economen over een gebrek aan richting zijn zeker en vast relevant.

  • Nederlandse Werkloosheid Blijft Stabiiel Op 4 Procent Ondanks Lichte Toename

    Nederlandse Werkloosheid Blijft Stabiiel Op 4 Procent Ondanks Lichte Toename

    De arbeidsmarkt in Nederland toont veerkracht, met een werkloosheidspercentage dat in augustus slechts marginaal steeg, wat de druk op lonen en inflatie mogelijk in stand houdt.

    De Nederlandse arbeidsmarkt toont zich veerkrachtig, maar er is een lichte verandering zichtbaar. De werkloosheid bleef in augustus nagenoeg stabiiel op 4,0 procent. Dat is een minimale stijging van 0,1 procentpunt ten opzichte van juli, zo blijkt uit recente cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

    Deze lichte toename komt neer op 387.000 werklozen. De groep werkenden nam ondertussen af met 10.000 personen tot 9,8 miljoen. De arbeidsmarkt blijft krap, een situatie die we al langer zien. Dit houdt de druk op de lonen hoog, wat op zijn beurt de inflatie kan aanwakkeren. Die inflatiedruk is iets wat de Europese Centrale Bank (ECB) nauwlettend in de gaten houdt bij haar rentebesluiten.

    Arbeidsmarkt Blijft Krap

    De Nederlandse arbeidsmarkt kenmerkt zich al langere tijd door een tekort aan personeel, wat leidt tot een lage werkloosheid. Hoewel het percentage in augustus dus licht opliep, is er nog geen sprake van een trendbreuk. Het aantal mensen met een betaalde baan daalde weliswaar, maar de groep werklozen die direct beschikbaar is voor werk, is slechts beperkt gegroeid. De krapte is vooral te merken in sectoren als de zorg, techniek en IT, waar vacatures moeilijk in te vullen zijn.

    Wij zien vooral dat deze minimale beweging van de werkloosheid de centrale banken niet veel ruimte biedt om te versoepelen. Een aanhoudend lage werkloosheid, zelfs met een minimale stijging, wijst op een onderliggend sterke economie die loonstijgingen stimuleert. Dit kan de inflatie, die al boven de doelstelling van de ECB ligt, verder voeden.

    Economische Groei En Inflatie

    De ontwikkelingen op de arbeidsmarkt zijn cruciaal voor het monetaire beleid. Als de werkloosheid laag blijft, zullen de lonen naar verwachting verder stijgen, wat de koopkracht van consumenten ondersteunt. Tegelijkertijd maakt dit het voor de ECB moeilijker om de inflatie te bedwingen. Een vergelijkbaar patroon zien we in andere Europese landen, waar de arbeidsmarkt eveneens veerkracht toont. De totale werkgelegenheid in de eurozone groeide in het tweede kwartaal van dit jaar met 0,2 procent, wat de algemene trend van een strakke arbeidsmarkt bevestigt. Dit maakt ons terughoudend om te denken dat de rente snel zal dalen.

    De komende maanden zullen uitwijzen of deze lichte stijging van de werkloosheid een eerste teken is van een afkoelende arbeidsmarkt, of dat het slechts een kleine fluctuatie betreft in een verder krappe situatie.

  • Portugese Beurs Index PSI Bereikt Nieuw Hoogtepunt Van Vijf Jaar

    Portugese Beurs Index PSI Bereikt Nieuw Hoogtepunt Van Vijf Jaar

    De PSI-index in Lissabon sloot de handel af met een sterke winst van 1,00 procent, wat de index naar het hoogste punt in vijf jaar stuwt. Elders in Europa bleven de winsten bescheidener, met de Nederlandse AEX die 0,02 procent steeg en de Spaanse IBEX 35 die 0,41 procent hoger sloot. De Britse FTSE 100 voegde er 0,29 procent aan toe.

    De Portugese beurs heeft woensdag een opmerkelijke prestatie neergezet. De PSI-index, de belangrijkste graadmeter van de beurs in Lissabon, sloot de handelsdag af met een winst van 1,00 procent en bereikte daarmee zijn hoogste niveau in vijf jaar tijd. Dit staat in schril contrast met de bescheiden stijgingen op andere Europese beurzen.

    Terwijl de PSI de dag sterk afsloot, liet de Nederlandse AEX-index in Amsterdam een marginale stijging van 0,02 procent zien. Ook de Spaanse IBEX 35-index in Madrid eindigde de dag hoger met 0,41 procent. De Britse FTSE 100 in Londen noteerde een winst van 0,29 procent. Dit patroon van gematigde winsten, met Portugal als uitschieter, wijst op een selectieve interesse van beleggers in de Europese markten.

    Verschillen In Prestaties Over Sectoren

    De algemene stijgingen werden gedreven door verschillende sectoren. In Portugal waren het vooral nutsbedrijven, telecom en consumentendiensten die de kar trokken. Zo steeg Sonae SGPS SA met 2,21 procent, en Nos SGPS SA met 2,17 procent. Ook EDP Energias de Portugal SA zag zijn aandeel 2,15 procent omhooggaan.

    In het Verenigd Koninkrijk droegen huishoudelijke goederen, woningbouw en bouwmaterialen het meest bij aan de winst van de FTSE 100. Barratt Redrow PLC sprong eruit met een stijging van 11,72 procent, gevolgd door Taylor Wimpey PLC (+5,87 procent) en Persimmon PLC (+5,78 procent). De Spaanse markt werd dan weer aangejaagd door bouw & constructie, IT & telecom en consumentendiensten, met Solaria Energia y Medio Ambiente als sterkste stijger met 4,43 procent.

    Goudprijs Stijgt, Olieprijs Daalt

    Naast de aandelenmarkten was er ook beweging op de grondstoffenmarkten. De goudprijs steeg overal in Europa. Goudfutures voor decemberlevering wonnen gemiddeld 1,35 procent, wat de prijs per troy ounce boven de 4.390 dollar (ongeveer 4.050 euro) bracht. Dit kan wijzen op een zekere voorzichtigheid bij beleggers, die hun toevlucht zoeken tot veilige havens.

    De olieprijzen daalden daarentegen. Brentolie voor novemberlevering verloor ongeveer 3,00 procent en crude oil voor oktoberlevering zag de prijs met ruim 3,25 procent dalen. Deze dalingen in de olieprijzen kunnen een positief effect hebben op bedrijven die afhankelijk zijn van lage energiekosten, al wegen de winsten op de beurzen in Londen, Madrid, Lissabon en Amsterdam vooralsnog niet op tegen de recente dalingen van de voorbije weken.

  • BEL 20 Start Hoger Na Sterke Cijfers NXP

    BEL 20 Start Hoger Na Sterke Cijfers NXP

    De Brusselse beursindex opent de dag met een verwachte stijging, voornamelijk dankzij de goede resultaten van de Nederlandse chipfabrikant NXP.

    De BEL 20-index opent de handelsdag met een verwachte stijging van 0,7 procent, wat de Brusselse beurs een positieve start geeft. Deze vooruitzichten zijn grotendeels te danken aan de goede prestaties van NXP Semiconductors, een belangrijke speler in de technologie- en halfgeleidersector.

    NXP, de Nederlandse chipfabrikant, maakte voorbeurs sterke kwartaalresultaten bekend. Het bedrijf rapporteerde een omzet die de verwachtingen overtrof en gaf ook een positieve vooruitblik voor het huidige kwartaal. Deze cijfers werden goed ontvangen door beleggers en zorgen voor een optimistische stemming op de markt, die zich vertaalt in de pre-market indicaties voor de BEL 20.

    NXP Trekt De Index Omhoog

    De prestaties van NXP tonen aan hoe zwaar individuele zwaargewichten kunnen wegen op het sentiment van een nationale index. Als een van de grote namen in de chipindustrie heeft NXP een aanzienlijke impact op technologiegerelateerde fondsen, die op hun beurt vaak een belangrijke component zijn van bredere indices zoals de BEL 20. Wij zien vooral dat de technologische sector, en specifiek de halfgeleiderproducenten, momenteel een cruciale rol spelen in het aanjagen van de economische groei, gedreven door de vraag naar AI en geavanceerde elektronica.

    De positieve start van de BEL 20 volgt op een periode van wisselende prestaties op de Europese markten. Hoewel de meeste indices de afgelopen weken een opwaartse trend lieten zien, blijven ze gevoelig voor macro-economische cijfers en bedrijfsspecifiek nieuws. De sterke resultaten van NXP kunnen een impuls geven aan het vertrouwen van beleggers, niet alleen in de technologiesector maar ook in de bredere economie.

    Wat Dit Betekent Voor De Beurs

    Voor de Belgische belegger is de stijging van de BEL 20 een welkome ontwikkeling. Het toont aan dat er nog steeds groeimogelijkheden zijn binnen de index, zelfs als deze voornamelijk worden aangevoerd door niet-Belgische bedrijven die erin genoteerd staan. De invloed van NXP’s succes onderstreept het internationale karakter van de BEL 20, die een mix is van Belgische en internationale bedrijven met een sterke aanwezigheid in de Benelux.

    We zullen de komende dagen zien of dit positieve momentum aanhoudt en of andere bedrijven in de BEL 20 de trend kunnen volgen met eveneens sterke kwartaalcijfers. Het is duidelijk dat de technologiesector een motor blijft voor beurskoersen, en de vraag is of dit een duurzame opwaartse beweging in gang zet voor de gehele index.

  • Picnic Kreeg Duurzaamheidsbonus Op Krediet Van 220 Miljoen Euro

    Picnic Kreeg Duurzaamheidsbonus Op Krediet Van 220 Miljoen Euro

    De rente op de miljardenlening van de online supermarkt beweegt voortaan mee met de duurzaamheidsprestaties. BNP Paribas begeleidde de aanpassing van de kredietfaciliteit.

    De online supermarkt Picnic heeft een mechanisme ingevoerd dat de rente op zijn kredietfaciliteit van 220 miljoen euro koppelt aan duurzaamheidsdoelen. Vanaf nu dalen de financieringskosten als het bedrijf zijn doelstellingen haalt op het vlak van broeikasgasuitstoot, voedselverspilling en het aandeel biologische groenten en fruit. Blijft Picnic achter op de gestelde doelen, dan stijgt de rente.

    De kredietfaciliteit zelf, een zogeheten revolverende lening, bestaat al sinds tweeduizendvierentwintig en werd verstrekt door een consortium van banken, waaronder BNP Paribas, ING, Rabobank en ABN AMRO. BNP Paribas trad bij deze herstructurering op als enige duurzaamheidscoördinator. Het afgeronde raamwerk beschrijft gedetailleerd hoe deze duurzaamheidsprestaties zullen worden gemeten en welke invloed ze uitoefenen op de rente.

    Duurzaamheid als stuurmiddel

    Dit type lening, een ‘sustainability-linked lening’ (SLL), verschilt wezenlijk van traditionele groene financieringen. Bij een groene lening is het geld specifiek geoormerkt voor duurzame projecten. Bij een SLL, zoals die van Picnic, mag de onderneming de middelen vrij inzetten. Het is de prijs van het kapitaal die afhankelijk is van het behalen van de duurzaamheidsdoelen, niet de bestemming van het kapitaal. Dit moedigt bedrijven aan om duurzaamheid integraal in hun bedrijfsvoering te verankeren, omdat het direct financiële gevolgen heeft.

    Volgens medeoprichter Michiel Muller van Picnic zijn de drie gekozen indicatoren – uitstoot, voedselverspilling en biologisch aanbod – de gebieden waar het bedrijf in de foodretailsector het grootste verschil kan maken. De online supermarkt benadrukt dat duurzaamheid al sinds tweeduizendvijftien centraal staat in hun aanpak om voorraadverliezen en milieuschade te beperken. Dat de Food and Agriculture Organization het mondiale voedselsysteem verantwoordelijk acht voor zo’n 32 procent van de wereldwijde broeikasgasuitstoot, onderstreept het belang van deze focus.

    Openstaande vragen

    Hoewel de koppeling aan duurzaamheid een positieve stap lijkt, blijft het raamwerk op enkele punten onduidelijk. De specifieke doelniveaus per indicator – zoals reductiepercentages, streefcijfers voor biologische producten, peiljaren of looptijden – zijn niet openbaar gemaakt. Ook is nog onbekend wie de prestaties van Picnic zal toetsen en hoe groot de exacte renteopslag of -korting zal zijn. Wij vermoeden dat de transparantie hierover in de toekomst nog zal moeten toenemen om de geloofwaardigheid van dergelijke duurzaamheidsleningen volledig te waarborgen.

  • Schoonmakers Staken Voor Twaalf Procent Meer Loon, Schiphol Merkt Vooralsnog Weinig

    Schoonmakers Staken Voor Twaalf Procent Meer Loon, Schiphol Merkt Vooralsnog Weinig

    Nederlandse schoonmakers voeren voor de tweede dag actie, met een looneis die stevig doorweegt in de sector. Toch blijft de impact op grote knooppunten zoals Schiphol beperkt, wat de vraag oproept naar de effectiviteit van de huidige staking.

    Schoonmakers in Nederland zijn voor de tweede dag op rij in staking. Hun belangrijkste eis is een loonsverhoging van 12 procent, een bedrag dat de inflatie moet compenseren en de koopkracht moet herstellen. Opmerkelijk is dat grote knooppunten zoals luchthaven Schiphol en de grootste treinstations in het land vooralsnog weinig hinder lijken te ondervinden van de acties, zo meldt NU.nl.

    De staking, georganiseerd door vakbond FNV, komt er nadat de onderhandelingen over een nieuwe cao met de werkgevers vastliepen. De werkgevers, verenigd in de Schoonmaakbranche, boden een loonsverhoging van ruim 7 procent over achttien maanden aan, een voorstel dat de vakbond als onvoldoende van tafel veegde. FNV eist niet alleen een hogere loonsverhoging, maar ook een automatische prijscompensatie voor de toekomst, zodat lonen voortaan meestijgen met de inflatie.

    Lichte hinder op enkele plekken

    Hoewel de landelijke impact op grote infrastructuur beperkt lijkt, zijn er op specifieke locaties wel degelijk gevolgen. Sommige ziekenhuizen en bedrijfskantoren voelen de afwezigheid van het schoonmaakpersoneel. De FNV benadrukt dat de stakingen vooral gericht zijn op het uitoefenen van druk, en dat de acties de komende tijd kunnen worden uitgebreid als de werkgevers niet tegemoetkomen aan de eisen. Wij zien dit als een tactische zet om de druk op te voeren zonder direct het hele land plat te leggen, wat de steun van het publiek ten goede zou moeten komen.

    Een sector onder druk

    De schoonmaaksector, met zo’n 150.000 werknemers, is een belangrijke pijler van de Nederlandse economie, al blijft ze vaak onzichtbaar. De looneis van 12 procent ligt bovenaan de bandbreedte van wat we de afgelopen maanden in andere sectoren zagen, waar vakbonden vaak rond de 10 procent stijging afdwongen. Dit toont aan dat de schoonmakers, vaak laagbetaald en essentieel voor de hygiëne en het functioneren van publieke ruimtes, nu een groter deel van de economische koek opeisen. Het verschil tussen de vraag van de werknemers en het aanbod van de werkgevers is met bijna 5 procentpunten aanzienlijk, wat een snelle oplossing onwaarschijnlijk maakt.

    De komende dagen zal blijken of de werkgevers hun standpunt herzien, of dat de acties verder escaleren. Voor nu blijft de situatie een patstelling, waarbij de schoonmakers hopen op een doorbraak en de werkgevers de financiële impact van een hogere loonsverhoging afwegen.

  • Na Prinsjesdag Plannen Gaat Doorsnee Huishouden Toch Minder Achteruit In Koopkracht

    Na Prinsjesdag Plannen Gaat Doorsnee Huishouden Toch Minder Achteruit In Koopkracht

    Het Centraal Planbureau (CPB) heeft zijn eerdere prognose voor de koopkracht van Nederlandse gezinnen aanzienlijk verbeterd na de aankondigingen op Prinsjesdag. Vooral de laagste inkomens en gepensioneerden zien een lichte vooruitgang.

    Eerder dit jaar, in augustus, ging het Nederlandse Centraal Planbureau (CPB) nog uit van een koopkrachtdaling van 0,3 procent voor een doorsnee huishouden in 2025. Na de recente aankondigingen op Prinsjesdag, de presentatie van de Rijksbegroting, is deze prognose bijgesteld. Het CPB verwacht nu dat een gemiddeld huishouden er volgend jaar ‘slechts’ 0,1 procent op achteruitgaat.

    Deze lichte verbetering is het directe gevolg van de maatregelen die de Nederlandse regering heeft voorgesteld. Vooral huishoudens met de laagste inkomens en gepensioneerden zien een positiever beeld. Volgens het CPB gaan de laagste inkomens er 0,2 procent op vooruit, terwijl gepensioneerden zelfs een plus van 0,3 procent mogen verwachten. Dit komt doordat pensioenfondsen er goed voorstaan en de pensioenen kunnen verhogen, en werkenden een grotere korting krijgen op hun inkomstenbelasting.

    Gerichte Steun Aan Kwetsbaren

    CPB-directeur Pieter Hasekamp benadrukt dat het kabinet ‘iets doet om voor bepaalde groepen de koopkracht iets op te krikken’. De focus ligt duidelijk op gerichte steun aan huishoudens met een lager inkomen en op het stimuleren van verduurzaming. Zo komt er opnieuw een Tijdelijk Noodfonds Energie voor mensen met een laag inkomen en hoge energierekening, en zijn er subsidies voor energiebesparende maatregelen en de aankoop van een tweedehands elektrische auto.

    Deze aanpak is een gedeeltelijke tegemoetkoming aan de oproep van het CPB in augustus om te focussen op kwetsbare groepen en tegelijkertijd de afhankelijkheid van geïmporteerde fossiele energie te verminderen. Wij zien hierin een poging om de sociale ongelijkheid, die vaak toeneemt in tijden van economische onzekerheid, enigszins te verzachten. De verandering van 0,3 naar 0,1 procent achteruitgang lijkt misschien klein, maar voor veel gezinnen kan dit verschil maken in een begroting die toch al onder druk staat.

    Nibud Maakt Zich Zorgen Over De Langere Termijn

    Ondanks de bijgestelde cijfers blijft er onzekerheid. Het CPB wijst op het minderheidskabinet, wat betekent dat veel van de Prinsjesdagmaatregelen nog politieke steun moeten krijgen. Ook de geopolitieke situatie, met name rond Iran, kan een grote invloed hebben op brandstof- en energieprijzen, wat met name huishoudens met lage tot middeninkomens hard zal treffen.

    Het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud) is kritischer. Zij benadrukken dat de koopkracht vooral achteruitgaat door belastingverhogingen van het kabinet, met name de inkomstenbelasting. Zonder deze plannen zouden mensen er gemiddeld een ruime procent op vooruitgaan, stelt het Nibud. Bovendien zijn sommige bezuinigingsmaatregelen uitgesteld tot 2028, wat het Nibud zorgen baart over een mogelijke ‘klap’ op langere termijn. Zij roepen het kabinet op om kwetsbare groepen ook op de lange termijn te ontzien, zeker gezien de huidige situatie waarin veel huishoudens met lage inkomens en extra zorgkosten hun minimale uitgaven al niet kunnen betalen.

    Economische Groei Blijft Stabiel

    De Prinsjesdagmaatregelen hebben volgens het CPB nauwelijks invloed op de economische groei. Net als in augustus gaat het Planbureau uit van een economische groei van 1,2 procent voor volgend jaar. Het begrotingstekort wordt geraamd op 2,2 procent en de staatsschuld op 46,7 procent van het bruto binnenlands product. Dit toont aan dat, hoewel er gerichte ingrepen zijn om de koopkracht te stutten, de bredere economische vooruitzichten stabiel blijven, zij het met aanzienlijke onzekerheden.

  • 42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    Een onderzoek van ING toont aan dat Nederlandse huishoudens aanzienlijk meer geld op de bank laten staan dan hun Europese buren en beleggen vaker uitsluiten, ondanks de lagere rendementen.

    Waar de meeste Europeanen steeds meer de weg naar beleggingen vinden, blijken Nederlandse huishoudens een buitenbeentje. Uit een recent onderzoek van ING, gecombineerd met data over spaar- en beleggingsgedrag, blijkt dat een opvallend grote groep Nederlanders beleggen categorisch uitsluit. Maar liefst 42 procent van de Nederlandse huishoudens wil absoluut niet beleggen, tegenover een gemiddelde van zo’n 30 procent in de rest van Europa.

    Deze terughoudendheid is opmerkelijk, zeker gezien de politieke druk vanuit het Draghi-rapport en de Europese Centrale Bank (ECB) om spaargeld meer naar de reële economie te leiden. De ECB ziet meer beleggingen door huishoudens als een stimulans voor innovatie en groei. ING, dat uiteraard zelf belang heeft bij meer beleggende klanten, legt met deze cijfers de vinger op een pijnlijke wonde: nergens in Europa sluiten zo veel huishoudens beleggen uit.

    Waarom Nederland Anders Spaart

    De Nederlandse afkeer van beleggen lijkt minder cultureel en meer institutioneel bepaald te zijn. Nederlanders zijn weliswaar vermogend, vaak via pensioenfondsen, maar houden juist minder liquide beleggingen aan. Gemiddeld beschikken ze over ongeveer 25.000 euro aan liquide beleggingen, terwijl het Europese gemiddelde 43.000 euro bedraagt. Ons sterke pensioenstelsel neemt voor velen een deel van de noodzaak weg: 29 procent van de Nederlanders vindt beleggen overbodig voor later, vergeleken met 22 procent elders in Europa.

    Daarnaast injecteren veel Nederlanders hun spaargeld in de eigen woning. Het fiscaal aantrekkelijker aflossen op een hypotheek dan beleggen speelt daarin een belangrijke rol. Ook zit een aanzienlijk deel van het Nederlandse vermogen in niet-beursgenoteerde bedrijven. Al deze factoren zorgen ervoor dat relatief weinig geld de weg naar de beurs vindt. Dat is een gemiste kans, want tussen 2002 en 2025 leverden bankrekeningen gemiddeld 1,2 procent per jaar op, beleggingsfondsen 4,2 procent en beursgenoteerde aandelen zelfs 6 procent.

    Beleggen Gelijkstellen Met Gokken

    De beeldvorming rond beleggen speelt ook een grote rol. De helft van de Nederlanders noemt risicoaversie als reden, en 44 procent ziet beleggen als gokken in een casino, een plek waar de uitkomst willekeurig is en het huis altijd wint. Nog eens 39 procent wijst op een gebrek aan kennis. Dit staat haaks op de vuistregels die volgens ING-hoofdeconoom Marieke Blom weinig kennis vereisen: beleg alleen geld dat je jaren kunt missen, spreid in producten met lage kosten en blijf ervan af als de beurs tegenzit. Toch voelt een derde van de Nederlanders de neiging om uit te stappen bij slechts 10 procent verlies.

    Toch zien we een voorzichtige kentering. In heel Europa daalde het aandeel van geld op bankrekeningen in 2025 tot 62 procent van het liquide vermogen, het laagste sinds 2008. In Nederland gaat dat trager, met banktegoeden die nog steeds 76 procent van het liquide vermogen uitmaken, maar de richting is dezelfde. De jongste generatie, tussen 25 en 34 jaar, belegt bijna even vaak als leeftijdsgenoten elders. Wij zien daarin een signaal dat de reflex om enkel te sparen stilaan doorbroken wordt, zeker als landen zoals Zweden en binnenkort Duitsland met fiscale prikkels het beleggen aantrekkelijker maken.