Tag: ondanks

  • Starters Trekken Zich Terug: Koopbereidheid Daalt Ondanks Recordaanbod Woningen

    Starters Trekken Zich Terug: Koopbereidheid Daalt Ondanks Recordaanbod Woningen

    Uit de meest recente Startersbarometer Q2 2026, samengesteld door Viisi Hypotheken, blijkt dat de zin om te kopen bij maar liefst 42% van de Nederlandse starters op de woningmarkt is verminderd ten opzichte van begin dit jaar. Dit terwijl het aanbod van beschikbare woningen dit kwartaal een hoogtepunt heeft bereikt. Opvallend is dat ongeveer de helft van de ondervraagden blij is dat ze nog geen eigen huis bezitten.

    Het onderzoek, een kwartaalpeiling uitgevoerd door Panelwizard, betrof 1.029 Nederlandse respondenten tussen de 22 en 40 jaar zonder koopwoning. Vooral onder dertigers is de drang om te kopen afgenomen: 43% is minder enthousiast over een eigen huis, de helft is tevreden nog geen huis te hebben gekocht en meer dan twee derde wil zelfs helemaal niet meer kopen.

    Verwachtingen starters op de woningmarkt

    Ondanks het huidige recordaantal aanbod daalde de koopbereidheid onder starters. Dat komt volgens Hergen Dutrieux, medeoprichter van Viisi Hypotheken, doordat starters hun kansen op de woningmarkt realistischer inschatten. Hij merkt op dat een kleine verandering in inkomen, woningaanbod en/of -prijs het verschil kan maken tussen wel of niet kopen.

    Bijna een kwart van de ondervraagden acht meer kans op het kunnen kopen van een woning bij een prijsdaling vanaf 30%. Voor een derde moeten de prijzen met minstens 20% zakken en voor slechts 12% volstaat een meer bescheiden afname tot 10%. Hierdoor vinden veel respondenten huren op dit moment financieel aantrekkelijker dan kopen.

    Ondanks de uitdagingen verwacht Dutrieux niet dat de huizenprijzen op korte termijn zullen dalen. Hij merkt echter op dat de verkoop van voormalige huurwoningen, ook wel het uitponden genoemd, heeft geleid tot enige prijsverlaging in sommige segmenten van de markt, waar koopkrachtige starters van hebben kunnen profiteren.

    Toekomstverwachtingen van starters

    Ongeveer één op de zes Nederlandse starters verwacht in het komende jaar een eerste huis te kopen, een daling ten opzichte van twee jaar geleden. Tegelijkertijd is er een lichte groei in het percentage starters dat verwacht dat hun positie op de woningmarkt op korte termijn zal verbeteren.

  • Hoogste Niveau Van Brede Welvaart Sinds 2003, Ondanks Toenemende Regionale Ongelijkheid

    Hoogste Niveau Van Brede Welvaart Sinds 2003, Ondanks Toenemende Regionale Ongelijkheid

    De brede welvaart in Nederland heeft het hoogste niveau bereikt sinds de metingen begonnen in 2003. Na een dip tijdens de coronajaren, is de groei voornamelijk te danken aan stijgende inkomens en een toename van tevredenheid. Echter, aspecten zoals woontevredenheid, sociale interacties en maatschappelijke betrokkenheid blijven achter. Meer nog, regionale verschillen blijven aanzienlijk en dreigen in sommige gebieden te vergroten. Dit blijkt uit de recente Brede Welvaartindicator van RaboResearch en de Universiteit Utrecht.

    Brede welvaart: meer dan financiële rijkdom

    Brede welvaart betreft de mate waarin mensen het leven leiden dat zij waarderen. “Dit gaat verder dan financiële welvaart, die we gewoonlijk meten met het huishoudinkomen of de relatieve omvang van de economie”, aldus Auke Rijpma, universitair docent Economische en Sociale Geschiedenis aan de Universiteit Utrecht. Daarom combineren RaboResearch en de Universiteit Utrecht sinds 2016 elf dimensies in één indicator, de BWI. Dit omvat alles van inkomen en gezondheid tot veiligheid, huisvesting en sociale contacten.

    Tussen 2020 en 2022 nam de brede welvaart af, voornamelijk door de invloed van de pandemie op sociale aspecten zoals welzijn en contacten. Daarna volgde een herstel, vooral gedragen door economische dimensies, met inkomen als hoofdfactor. Nu bevindt de indicator zich op het hoogste niveau sinds de eerste meting.

    Stijgende inkomens, maar sociale banden staan onder druk

    Vanaf 2022 is de stijging voornamelijk te wijten aan hogere inkomens, en zijn Nederlanders gemiddeld gelukkiger en tevredener met hun leven. Echter, in het afgelopen jaar is er weinig verandering geweest in het totale niveau. Volgens Rijpma zijn er wel verbeteringen in inkomen en werk-privébalans, maar hebben mensen minder sociale contacten en zijn ze minder maatschappelijk betrokken. De milieudimensie is zelfs achteruitgegaan door een toename van fijnstof in de lucht.

    Op regionaal niveau zijn er grote verschillen in brede welvaart. De hoogste scores worden gemeten in Oost-Zuid-Holland, Zuidwest-Friesland en de Achterhoek. Deze gebieden scoren bovengemiddeld op meerdere dimensies, waaronder welzijn, veiligheid en inkomen. Daarentegen blijven grootstedelijke gebieden zoals Groot-Amsterdam en Groot-Rijnmond achter, voornamelijk door lagere scores op huisvesting, veiligheid en werk-privébalans.

    Ongelijkheid tussen regio’s neemt toe

    Niet alleen het niveau, maar ook de ontwikkelingen verschillen per regio. Terwijl sommige toonaangevende gebieden zoals Oost-Zuid-Holland en Zuidwest-Friesland sneller groeien, is de groei in achterblijvende gebieden zoals Groot-Amsterdam en Groot-Rijnmond vrijwel tot stilstand gekomen. Daarom nemen de verschillen tussen deze regio’s toe.

  • Generatie Klarna Vormt Grootste Schuldrisico Ondanks Afname Leningen

    Generatie Klarna Vormt Grootste Schuldrisico Ondanks Afname Leningen

    Het Nederlands Krediet Collectief, een bemiddelaar in kredieten, heeft de recente BKR Monitor geanalyseerd en komt tot een opvallende conclusie. De zogenaamde ‘generatie Klarna’ – jongvolwassenen tussen de 25 en 30 jaar – vormt het grootste schuldenrisico in Nederland. Hoewel deze groep in de afgelopen jaren minder is gaan lenen, heeft meer dan 11% van hen met een krediet een betalingsachterstand. Dit percentage is het hoogste van alle leeftijdsgroepen.

    Ondanks dat het aandeel jongvolwassenen met een krediet sinds 2021 is gedaald van 34,4% naar 25,2%, blijven de betalingsproblemen aanhouden. Dit wijst erop dat het probleem niet zozeer de omvang van de schuld is, maar eerder hoe financiële verplichtingen worden aangegaan en beheerd.

    Algeheel dalende trend in kredietverstrekking

    De BKR Monitor, opgesteld door Stichting BKR, toont een algehele daling in kredietverstrekking. Het aantal Nederlanders met een geregistreerd krediet is met 200.000 afgenomen tot 7,1 miljoen en het aantal mensen met een betalingsachterstand is verminderd tot 434.000, ofwel 2,9% van de bevolking.

    In tegenstelling tot de jongvolwassenen, laten bijna alle andere leeftijdsgroepen een daling in achterstanden zien, met uitzondering van de 80-plussers waar een lichte stijging zichtbaar is.

    Volgens het Nederlands Krediet Collectief is de verklaring voor deze paradox te vinden in de versnippering van moderne betaalvormen. Betalen na ontvangst, creditcards, telefoons op afbetaling, private lease en rood staan lijken afzonderlijk beperkt, maar kunnen samen leiden tot onverwacht hoge maandlasten en minder grip. Deze generatie, opgegroeid met nieuwe betaalvormen zoals Klarna en Riverty, heeft vaak meerdere van deze kleine verplichtingen tegelijk lopen.

    Deze betaalvormen vallen momenteel nog buiten de kredietregistratie van BKR, maar daar komt verandering in. Vanaf 20 november 2026 zullen aanbieders van ‘betalen na ontvangst’ onder nieuwe Europese regelgeving een kredietwaardigheidstoets moeten uitvoeren, een AFM-vergunning moeten aanvragen en zich moeten aansluiten bij BKR. In Nederland wordt betalen na ontvangst voor minderjarigen tevens verboden.