De prijs van ruwe olie daalt fors, gedreven door een onverwachte prijsverlaging van Saudi-Arabië en een Amerikaanse dollar die de hoogste stand in anderhalf jaar heeft bereikt. De G7-landen dragen ook bij aan de verlaagde inflatieverwachtingen door de vrijgave van strategische reserves.
De mondiale oliemarkt staat onder druk nu de prijs van ruwe olie daalt. Dit komt voornamelijk door een onverwacht grote prijsverlaging van vijf dollar per vat door Saudi-Arabië voor zijn Arab Light-olie bestemd voor Aziatische kopers. Tegelijkertijd bereikte de Amerikaanse dollar zijn hoogste niveau in anderhalf jaar, wat de olieprijzen verder drukt. De prijs van november WTI-ruwe olie sloot daardoor 1,84 procent lager.
Deze daling is opmerkelijk, zeker gezien de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten die de aanvoer onzeker maken. De G7-landen kondigden daarbovenop aan 100 miljoen vaten ruwe olie en diesel uit hun strategische reserves vrij te geven. Deze maatregelen verminderen de inflatieverwachtingen en verbeteren het marktsentiment, wat de aandelenmarkten deels ondersteunt.
Wat Drijft De Daling?
De beslissing van Saudi Aramco, het staatsoliebedrijf van Saudi-Arabië, om de prijs van Arab Light-olie voor novemberleveringen aan Azië met vijf dollar per vat te verlagen, was breder dan de verwachte twee dollar. Dit wijst op een poging om marktaandeel te behouden of te vergroten in een competitieve omgeving. Ook de toegenomen capaciteit van de Oost-West pijpleiding van Saudi-Arabië, die zaterdag al 80 procent bereikte, draagt bij aan het sentiment van ruimere aanvoer. Wij lezen hierin een duidelijke strategie om de mondiale aanbodzijde te beïnvloeden, mogelijk als reactie op de dalende vraag die de Internationale Energie Agentschap (IEA) eerder voorspelde.
De IEA waarschuwde op 11 september dat hoge olieprijzen en een beperkt aanbod dit jaar de grootste daling in de wereldwijde olievraag zullen veroorzaken sinds de coronapandemie. Toch verhoogde de IEA de schatting voor het wereldwijde olietekort dit jaar naar 1,7 miljoen vaten per dag, ten opzichte van 1,3 miljoen vaten per dag vorige maand, als gevolg van het beperkte aanbod door de oorlog tussen de VS en Iran. Ze verwachten nu dat een wereldwijd olieoverschot pas in 2027 zal terugkeren, later dan hun eerdere schatting van eind 2026. Dit toont aan dat de markt volop in beweging is en dat de invloed van geopolitiek op het aanbod van olie groot blijft.
Geopolitieke Spanningen En Productiecijfers
Ondanks de prijsdaling, blijven spanningen in het Midden-Oosten een onzekere factor. Militair optreden van door Saudi-Arabië gesteunde Jemenitische troepen en aanvallen op schepen in de Straat van Hormuz en de Rode Zee creëren volatiliteit. Iran heeft bijvoorbeeld aangegeven de vrije doorvaart door de Straat van Hormuz niet toe te staan zolang sancties en een Amerikaans blokkade van kracht blijven. Dit soort uitspraken, zoals recent door de Iraanse president Pezeshkian, houden de markt scherp.
Wat de productie betreft, meldt JPMorgan Chase dat de olie-exporten uit het Midden-Oosten zijn hersteld tot 17,5 miljoen vaten per dag, wat ongeveer 98 procent van het niveau van voor de oorlog is. Saudi-Arabië’s export van ruwe olie bereikte in september 5,28 miljoen vaten per dag, het hoogste niveau in zeven maanden. Tegelijkertijd viel de Saudische ruwe olieproductie in augustus terug tot 6,238 miljoen vaten per dag, het laagste sinds 1990. Dit soort tegenstrijdige signalen maakt het lastig om een eenduidige richting voor de olieprijzen te bepalen, en wij zien vooral een markt die reageert op zowel fundamentele vraag- en aanbodfactoren als acute geopolitieke ontwikkelingen.
Marktbeeld en Centrale Bankbeleid
De olieprijzen worden niet alleen beïnvloed door het aanbod, maar ook door de bredere economische context. Een sterkere dollar maakt olie duurder voor landen met andere valuta’s, wat de vraag kan dempen. De Amerikaanse dollarindex bereikte een 1,5-jaars hoogtepunt, wat de druk op de olieprijzen verhoogt. Bovendien hebben signalen van prijsdruk in de Amerikaanse dienstensector, met de ‘ISM services prices paid sub-index’ die een 4-jaars hoogtepunt bereikte, de rente op obligaties doen stijgen. De rente op de 10-jarige Amerikaanse schatkistobligaties steeg naar 5,31 procent.
De Europese Centrale Bank (ECB) overweegt een gematigde reactie op de inflatie, aangezien beleidsmakers beoordelen hoe een tweede golf van energieschokken de economie beïnvloedt. De Eurozone zag in augustus een producentenprijsindex (PPI) van 8,2 procent jaar-op-jaar, hoger dan verwacht en de grootste stijging in 3,5 jaar. Dit alles wijst op een aanhoudende strijd tegen inflatie, waarbij de energieprijzen een belangrijke rol spelen. Op de cryptomarkt zien we ondertussen een relatieve kalmte, Bitcoin noteert op 6 oktober om 03:30 76.549 euro, een lichte daling van 1,1 procent in 24 uur, maar met een stijging van 7,5 procent over de afgelopen 30 dagen. Dit laat zien dat de onzekerheid in de traditionele energiemarkten niet direct overslaat naar de cryptosector.
Wat betekent dit nu?
De recente daling van de olieprijzen door Saudische prijsverlagingen en een sterke dollar biedt voorlopig ademruimte voor consumenten en bedrijven. De vrijgave van strategische oliereserves door de G7-landen ondersteunt dit effect en draagt bij aan het temperen van de inflatieverwachtingen. Toch blijven de geopolitieke risico’s in het Midden-Oosten, samen met de aanhoudende strijd van centrale banken tegen inflatie, een belangrijke factor die de oliemarkt onvoorspelbaar maakt. We verwachten dat de markt de komende maanden nauwlettend zal blijven kijken naar zowel de aanbodbeslissingen van OPEC+ als de economische data die het beleid van de centrale banken beïnvloeden.



