Tag: Stroomnet

  • Wachtlijst Stroomnet In Nederland Groeit Naar Bijna 15.500 Aanvragen

    Wachtlijst Stroomnet In Nederland Groeit Naar Bijna 15.500 Aanvragen

    De problemen met het overvolle stroomnet in Nederland blijven aanhouden, met een verdere toename van de wachtlijst voor aansluitingen. Toch zien netbeheerders ook lichtpunten, zoals een afvlakking van de groei en een stijgend gebruik van flexibele contracten door bedrijven.

    De netbeheerders in Nederland zien zich geconfronteerd met een aanhoudend overbelast elektriciteitsnet, wat resulteert in een groeiende wachtlijst voor bedrijven en organisaties die stroom nodig hebben. In de eerste zes maanden van 2026 nam het aantal aanvragen voor een netaansluiting met ruim 300 toe, waardoor de totale wachtlijst nu bijna 15.500 bedraagt. Deze situatie leidt tot aanzienlijke economische schade, door Boston Consultancy Group in 2024 geschat op jaarlijks 10 tot 35 miljard euro, als gevolg van uitgestelde investeringen en verduurzamingsprojecten.

    Hoewel de cijfers een toenemende druk op het netwerk laten zien, klinken er bij Netbeheer Nederland, de overkoepelende organisatie van de netbeheerders, ook voorzichtige positieve geluiden. Algemeen directeur Hans-Peter Oskam wijst erop dat de groei van de wachtlijst lijkt af te vlakken en dat in bepaalde regio’s zelfs een daling waarneembaar is. Dit is echter niet overal het geval; in de provincie Utrecht, bijvoorbeeld, blijven de problemen zich uitbreiden, met sinds 1 juli een volledige aansluitstop in delen van de provincie en vergelijkbare beperkingen rond Amersfoort en Food Valley.

    Flexibiliteit Biedt Ruimte

    Een opvallende trend die volgens de netbeheerders bijdraagt aan een efficiënter gebruik van het bestaande netwerk, is de toenemende adoptie van flexibele stroomcontracten. Steeds meer bedrijven sluiten overeenkomsten af waarbij ze hun stroomverbruik op bepaalde momenten kunnen aanpassen of verminderen, in ruil voor korting. Ook de mogelijkheid voor netbeheerders om een dag van tevoren aan te geven dat er op specifieke tijdstippen geen ruimte is op het net, wordt vaker benut. Een concreet voorbeeld is Afezo B.V. uit Amsterdam, een familiebedrijf dat overstapt op elektrische machines en door een flexibel contract met Liander toch een laadplein kan uitbreiden, zelfs als een reguliere aansluiting niet mogelijk was. Wij zien hierin een slimme oplossing om de pieken op te vangen, al zal de praktijk moeten uitwijzen of de voordelen opwegen tegen de operationele aanpassingen die bedrijven moeten maken.

    Deze flexibilisering is niet alleen van toepassing op stroomgebruikers. Ook onder bedrijven die stroom leveren aan het net, zoals zonne- en windparken, neemt het aantal wachtenden af, al vragen zij collectief nog steeds veel capaciteit. Zelfs de wachtlijst voor de grootste stroomproducenten en -gebruikers is licht gedaald, deels door een opschoning van de lijst waarbij alleen de meest kansrijke aanvragen overbleven.

    Uitbreiding Netwerk Loopt Achter

    Ondanks deze positieve ontwikkelingen is er nog steeds een dringende noodzaak voor een snellere uitbreiding van het Nederlandse stroomnet. Netbeheerders investeren jaarlijks miljarden euro’s in de infrastructuur, maar de versnelling in de bouw van nieuwe capaciteit blijft achterwege. Vooral de realisatie van middenspanningsstations, cruciale schakels tussen het hoogspanningsnet en de lokale distributie naar huizen en bedrijven, stuit op praktische problemen. Deze stations, hoewel relatief compact (circa 12 bij 4 meter), moeten dicht bij de eindgebruikers worden gebouwd, wat het vinden van geschikte locaties bemoeilijkt. Bovendien variëren de doorlooptijden voor vergunningen sterk per gemeente, en blijft de beschikbaarheid van voldoende gekwalificeerd personeel een knelpunt.

    De uitdagingen zijn complex en veelzijdig, en wij twijfelen of de huidige aanpak voldoende is om de economische schade en de ambities op het gebied van verduurzaming in te halen. De vraag naar elektriciteit blijft immers stijgen, niet in het minst door de groeiende adoptie van elektrische voertuigen en de digitalisering van de economie, die een stabiele en robuuste energievoorziening vereist. Ter vergelijking: Bitcoin, dat voor zijn werking ook veel energie verbruikt, heeft in de afgelopen zeven dagen een koersstijging van 3,0 procent gezien, en staat op 6 oktober om 04:36 genoteerd op 76.353 euro. Dit toont aan dat de druk op energie-infrastructuur niet alleen lokaal is, maar ook wereldwijd toeneemt, gedreven door technologische vooruitgang en economische groei. De Nederlandse situatie illustreert hoe cruciaal het is om de energie-infrastructuur gelijktijdig te laten groeien met de vraag.

  • Datacenters Houden Hun Energieverbruik Geheim, Ondanks Stijgende Stroomvraag Door AI

    Datacenters Houden Hun Energieverbruik Geheim, Ondanks Stijgende Stroomvraag Door AI

    Een consortium van journalisten heeft bij de Europese Commissie een klacht ingediend tegen de ondoorzichtigheid van datacenters. Ze weigeren details over hun energie- en waterverbruik te delen, terwijl hun stroomvraag door de opkomst van AI explosief stijgt.

    Een consortium van Europese journalisten, waaronder Lighthouse Reports, heeft officieel een klacht ingediend bij de Europese Commissie. De journalisten eisen meer transparantie over het energie- en waterverbruik van datacenters, dat door de opkomst van artificiële intelligentie (AI) fors toeneemt. Datacenters en zelfs overheden houden deze cruciale informatie vaak geheim, onder verwijzing naar bedrijfsgeheimen.

    De klacht baseert zich op het verdrag van Aarhus, dat staten verplicht milieu-informatie openbaar te maken. De actie volgt op een jaar lang onderzoek, waaruit bleek dat het voor veel datacenters onduidelijk blijft hoeveel impact ze precies hebben. Microsoft heeft in Nederland voor het eerst wel cijfers gedeeld: de datacenters van het techbedrijf in Middenmeer zijn verantwoordelijk voor ongeveer 1 procent van het totale Nederlandse stroomverbruik.

    De vraag naar rekenkracht, vooral voor AI, drijft de groei van datacenters aan. Het Planbureau voor de Leefomgeving verwacht dat het energieverbruik van datacenters in Nederland tegen 2030 zelfs kan verdrievoudigen. Alle Nederlandse datacenters samen waren in 2024 al goed voor bijna 5 procent van het totale elektriciteitsverbruik. Wereldwijd zijn de cijfers nog indrukwekkender: techgiganten zullen de komende zeven jaar naar verwachting meer dan 9.000 miljard euro uitgeven aan AI-infrastructuur in de Verenigde Staten alleen al.

    Groene Ambities Onder Druk

    De Europese Commissie streeft ernaar om de datacentercapaciteit in de EU de komende vijf tot zeven jaar te verdrievoudigen, om zo de AI-race met China en de VS bij te benen. Dit strookt echter niet altijd met de klimaatdoelstellingen. Hoewel de Commissie werkt aan verplichte duurzaamheidslabels voor datacenters om meer transparantie te creëren, werd in 2024 juist in de Europese wet vastgelegd dat het energie- en waterverbruik van individuele datacenters geheim mag blijven. Dit wetsartikel werd vrijwel woord voor woord overgenomen van lobbyisten uit de techsector.

    Wij zien hier een duidelijke spanning tussen de digitale ambities van Europa en de noodzakelijke milieutransparantie. Het is opmerkelijk dat beleidsmakers enerzijds de datacentercapaciteit willen opvoeren, maar anderzijds wetgeving invoeren die de controle op de milieu-impact bemoeilijkt. Dit gebrek aan openheid kan de publieke acceptatie van de sector, die nu al te kampen heeft met een negatief imago, verder ondermijnen.

    Stroomnet onder hoogspanning

    De enorme energievraag van datacenters zet het stroomnet zwaar onder druk. In Nederland staan al duizenden bedrijven op een wachtlijst voor een netaansluiting. Ook in andere landen, zoals Ierland en de Verenigde Staten, kampen de netbeheerders met capaciteitsproblemen. Dit leidt ertoe dat datacenters steeds vaker hun eigen elektriciteit opwekken, vaak met gasgestookte installaties, wat de CO2-uitstoot kan verhogen.

    Neem bijvoorbeeld Amazon, dat plannen heeft om in de VS evenveel gascentrales te bouwen voor zijn datacenters als er nu in heel Nederland staan. De sector probeert het negatieve imago wel af te schudden door te wijzen op hun potentieel om het stroomnet te stabiliseren en restwarmte te hergebruiken. Desondanks blijkt uit de klacht van Lighthouse Reports dat de bereidheid om concrete cijfers hierover te delen, tekortschiet.

    Toezichthouders Tasten In Het Duister

    De huidige situatie betekent dat zelfs toezichthouders zoals de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de vinger niet volledig op de pols kunnen houden. Bedrijven kunnen immers bedrijfsgeheimen aanroepen om hun verbruikscijfers niet te delen. Dit maakt handhaving van eventuele milieudoelstellingen, zoals de voorgestelde PUE-normen (Power Usage Effectiveness) van de Europese Commissie, een stuk complexer.

    De Commissie wil dat datacenters in de EU een PUE van onder de 1,5 halen tegen 2030 en dat nieuwe datacenters binnen drie jaar na ingebruikname onder de 1,4 zitten. In Nederland geldt voor nieuwe datacenters zelfs al een PUE van 1,2 of lager. Zonder transparante data wordt het echter lastig om te controleren of deze normen daadwerkelijk gehaald worden, en of de sector echt stappen zet richting duurzaamheid.

    Wat betekent dit nu?

    De recente klacht van journalisten bij de Europese Commissie benadrukt de groeiende spanning tussen de technologische vooruitgang gedreven door AI en de milieu-impact van de benodigde infrastructuur. Het gebrek aan transparantie over het energie- en waterverbruik van datacenters is een belangrijk obstakel voor effectief milieubeleid. Wij zien dat de Commissie met verplichte duurzaamheidslabels een stap in de goede richting zet, maar dat de uitzonderingen voor ‘bedrijfsgeheimen’ de effectiviteit hiervan kunnen ondermijnen. De druk op het stroomnet en de toenemende vraag naar energie zullen de komende jaren onverminderd hoog blijven, wat vraagt om een heldere en afdwingbare aanpak.

  • Vanaf 2027 Betaalt Een Gemiddeld Huishouden 89 Euro Meer Voor Het Nederlandse Stroomnet

    Vanaf 2027 Betaalt Een Gemiddeld Huishouden 89 Euro Meer Voor Het Nederlandse Stroomnet

    De kosten voor het onderhoud en beheer van het stroom- en gasnet in Nederland zullen volgend jaar flink toenemen, vooral door de enorme investeringen in de energietransitie.

    Waar huishoudens tot nu toe de kosten voor het stroomnet gestaag zagen stijgen, komt daar in 2027 een aanzienlijke versnelling in. De Nederlandse toezichthouder ACM heeft een prognose vrijgegeven waaruit blijkt dat de gemiddelde huishoudens volgend jaar 89 euro meer kwijt zullen zijn aan hun energienet dan dit jaar. Dat is een stijging van bijna 20 procent, wat nog bovenop de verwachte hogere kosten voor gas en elektriciteit zelf komt.

    Deze forse toename weerspiegelt de gigantische investeringen die Nederlandse netbeheerders, zoals Liander en Stedin, moeten doen. Nederland wil immers meer huizen bouwen en minder afhankelijk zijn van fossiele brandstoffen, wat betekent dat er extra kabels en transformatorstations nodig zijn voor nieuwe wijken en windparken op zee. Volgens de ACM zijn deze investeringen noodzakelijk, en worden ze via de transporttarieven doorberekend aan zowel huishoudens als bedrijven.

    Investeringen Schieten Omhoog

    De kosten voor de verbouwing van het stroomnet nemen de komende jaren alleen maar toe. In 2023 investeerden de netbeheerders nog iets meer dan 6 miljard euro in het stroomnet. Dit jaar wordt verwacht dat dit bedrag al verdubbeld is, en tegen 2028 zou het zelfs boven de 16 miljard euro per jaar kunnen uitkomen. Dat is een stijging van ruim 160 procent ten opzichte van de investeringen van vorig jaar, wat de schaal van de uitdaging duidelijk maakt.

    Toch verwachten de netbeheerders zelf dat de jaarlijkse stijging na 2027 zal afvlakken tot 5 à 7 procent per jaar. De uitzonderlijk hoge stijging voor volgend jaar komt deels doordat eerdere netuitbreidingen duurder uitvielen dan verwacht. Bovendien hanteert de ACM een nieuwe rekenmethode die netbeheerders sneller vergoedt en hen beter in staat stelt in te spelen op onzekere kosten. Wij zien hierin een poging om de netbeheerders financieel gezond te houden, wat essentieel is voor de broodnodige energietransitie, al komt de rekening wel direct bij de consument terecht.

    Flexibele Tarieven Op Komst

    Niet alle netbeheerders verhogen hun tarieven even sterk. Liander, een van de grootste spelers, verhoogt de kosten met 23 procent, terwijl kleinere partijen zoals Coteq hun tarieven gelijk houden of zelfs licht verlagen. Dit verschil kan te maken hebben met de lokale infrastructuur en de specifieke investeringsbehoeften in hun verzorgingsgebieden.

    Om de pieken op het stroomnet te verminderen en verdere investeringen te beperken, willen de netbeheerders vanaf 2029 werken met een flexibeler tariefsysteem. Dit betekent dat het dan uitmaakt op welk moment van de dag je stroom verbruikt, vergelijkbaar met dal- en piekuren voor stroomlevering. Zo hoopt men de vraag beter te spreiden en de druk op het net te verlichten, wat op termijn de kostenstijging mogelijk kan temperen. Het is een delicate balans tussen noodzakelijke investeringen en de betaalbaarheid voor de burger, een vraagstuk dat uiteindelijk bij de politiek lijkt te landen.