Tag: Syensqo

  • Datacenters En AI Drijven Vraag Naar PFAS Op, Syensqo Verhoogt Productie

    Datacenters En AI Drijven Vraag Naar PFAS Op, Syensqo Verhoogt Productie

    Het Belgische chemiebedrijf Syensqo, een afsplitsing van Solvay, intensiveert de productie van PFAS-stoffen zoals PVDF en PFPE. Deze ‘forever chemicals’ zijn cruciaal voor de koeling van AI-datacenters en de productie van halfgeleiders en batterijen, ondanks de groeiende milieucontroverse rond deze stoffen.

    De almaar groeiende vraag naar rekenkracht voor artificiële intelligentie (AI) en de uitbreiding van datacenters drijft de productie van bepaalde chemische stoffen op. Het Belgische chemiebedrijf Syensqo, een spin-off van Solvay, verhoogt de productie van PFAS-stoffen zoals PVDF en PFPE, die essentieel zijn voor de koeling van servers, de fabricage van halfgeleiders en de productie van batterijen voor elektrische voertuigen. Daarmee volgt het bedrijf een bredere trend waarin grote PFAS-producenten inspelen op de AI-boom, ondanks de reputatie van PFAS als ‘forever chemicals’ die moeilijk afbreekbaar zijn in het milieu.

    Deze ontwikkeling komt aan het licht via onderzoek van de Zweedse actiegroep ChemSec, die de plannen van de tien grootste PFAS-producenten ter wereld onderzocht. Syensqo, dat zich in 2023 afsplitste van Solvay en een aanzienlijk deel van de PFAS-activiteiten overnam, investeert fors in deze productielijnen. Het bedrijf bouwt onder meer een fabriek in de Amerikaanse staat Georgia die tegen 2027 de grootste in Noord-Amerika moet worden voor de productie van PVDF, een stof die gebruikt wordt in batterijen voor elektrische wagens, maar ook in AI-chips en halfgeleiders.

    PFAS Voor Efficiënte Koeling En Productie

    Syensqo produceert ook PFPE, een PFAS-stof die specifiek ingezet wordt voor de koeling van servers in datacenters. Door servers in PFPE onder te dompelen, kan aanzienlijk bespaard worden op water- en energieverbruik, omdat de stof een lager kookpunt heeft dan water. Het systeem functioneert in een gesloten circuit, waarbij de verdampte PFPE wordt afgevangen en opnieuw afgekoeld voor hergebruik. Dit zou de uitstoot van de stof in het milieu minimaliseren.

    Het bedrijf zelf reageert door te stellen dat het de voorbije jaren ook geïnnoveerd heeft om PFAS in andere productieprocessen uit te faseren, een inspanning die ook door ChemSec wordt erkend. Wij zien vooral dat de noodzaak om te innoveren en tegelijkertijd de groeiende technologische vraag te beantwoorden, een complexe balans creëert voor chemiebedrijven. De focus op efficiëntie in datacenters is begrijpelijk, zeker gezien de kritiek op het enorme waterverbruik van deze faciliteiten.

    Mogelijke Milieuzorgen En Versnelde Goedkeuringen

    Syensqo is niet het enige bedrijf dat inzet op PFAS voor de AI-infrastructuur. Het Japanse Daikin wil zijn PFAS-productie tegen 2027 verdrievoudigen. Het Amerikaanse Chemours, een van de grootste PFAS-producenten, ontwikkelde Opteon 2P50, een nieuwe PFAS die het ‘nieuwe tijdperk van rekenkracht’ moet ondersteunen. Chemours hoopt op een versnelde goedkeuring door de Amerikaanse milieuwaakhond EPA, mede door een decreet van de voormalige president Donald Trump dat dergelijke spoedbehandelingen mogelijk maakt voor chemicaliën die cruciaal zijn voor AI en datacenters.

    Deze versnelde goedkeuringen en de toegenomen productie stuiten echter op weerstand. In juli tekenden zeventien milieuverenigingen bezwaar aan tegen de voorkeursbehandeling van Opteon 2P50. Lenny Siegel van Chips Communities United merkte op dat de datacenterindustrie, die al onder vuur ligt vanwege haar waterverbruik, probeert zichzelf als ‘groen’ voor te stellen met alternatieve koelmethoden, zonder te benoemen dat ze gevaarlijke chemicaliën inzetten. Sommige van deze stoffen zijn toxisch, andere zijn broeikasgassen, of zelfs beide.

    Een Paradoxale Situatie In De Chemische Industrie

    De situatie is paradoxaal: terwijl bedrijven zoals het Duitse BASF hun PFAS-productie tegen 2028 volledig uitfaseren en 3M eind 2025 stopt met alle PFAS-productie – mede door rechtszaken wegens milieuvervuiling – zien andere producenten een nieuwe groeimarkt in de AI-revolutie. De vraag is hoe lang deze twee trends naast elkaar kunnen bestaan. De cryptomarkt, die ook veel rekenkracht vereist, heeft al langer te maken met discussies over energieverbruik. Bitcoin noteert bijvoorbeeld op 21 september om 02:01 uur 70.700 euro, en heeft de afgelopen zeven dagen een stijging van 5,8 procent laten zien, wat de noodzaak voor efficiënte koeling in vergelijkbare grootschalige rekenprocessen onderstreept.

    Mocht PFPE in vloeibare vorm in het milieu terechtkomen, bijvoorbeeld door onjuiste ontmanteling van koelsystemen, dan breken de PFAS-stoffen zeer traag af. In gasvorm kunnen ze ook bijdragen aan de klimaatopwarming, vergelijkbaar met HFK-gassen uit koelkasten en airco’s. De druk op chemiebedrijven om duurzamere alternatieven te vinden, of op zijn minst de risico’s van bestaande stoffen strikt te beheersen, zal dan ook verder toenemen naarmate de AI-sector blijft groeien.

  • Syensqo Kan 3 Miljard Euro Krijgen Voor Divisie, Grote Namen Tonen Interesse

    Syensqo Kan 3 Miljard Euro Krijgen Voor Divisie, Grote Namen Tonen Interesse

    De divisie Performance & Care van het Belgische chemiebedrijf Syensqo kan bij een verkoop maar liefst 3 miljard euro opbrengen. Dat hoge bedrag trekt de aandacht van enkele van de grootste private-equitybedrijven ter wereld, waaronder Blackstone en Apollo, die interesse tonen in een overname. Het is een mogelijke deal die de financiële positie van Syensqo aanzienlijk zou kunnen versterken, amper anderhalf jaar na de beursgang van het bedrijf.

    De interesse van dergelijke grote spelers in de private-equitywereld geeft aan dat de markt de divisie hoog inschat. Syensqo, dat pas in december 2023 afsplitste van Solvay en een eigen beursnotering kreeg, heeft met Performance & Care een tak die gespecialiseerd is in hoogwaardige materialen en chemicaliën, vaak met toepassingen in sectoren als persoonlijke verzorging en gezondheidszorg. Wij zien dit als een teken dat de strategie om de divisie meer op zichzelf te laten opereren, nu al vruchten afwerpt in de perceptie van investeerders.

    Afsplitsing van Solvay

    Syensqo ontstond eind vorig jaar uit een afsplitsing van chemiegroep Solvay. Het idee achter die splitsing was om twee afzonderlijke, meer gefocuste bedrijven te creëren: Solvay zou zich concentreren op essentiële chemicaliën, terwijl Syensqo zich zou richten op de meer innovatieve en groei-georiënteerde speciale materialen. De Performance & Care-divisie past perfect in dat laatste profiel. Op papier klinkt zo’n strategische herpositionering altijd mooi, maar de huidige interesse toont aan dat de markt de waarde van de afgesplitste entiteiten ook daadwerkelijk erkent.

    De potentiële verkoop van een deel van dit ‘nieuwe’ Syensqo toont de dynamiek in de chemiesector. Bedrijven zoeken voortdurend naar manieren om waarde te creëren voor hun aandeelhouders, en het afstoten van onderdelen die misschien niet langer als kernactiviteit worden gezien, kan daar een krachtig middel voor zijn. Voor Syensqo zou een verkoop van Performance & Care een aanzienlijke kapitaalinjectie betekenen, die gebruikt kan worden voor schuldafbouw, investeringen in andere groeidomeinen of een terugkoop van eigen aandelen.

    Welke richting kiest Syensqo?

    Met de getoonde interesse van private-equitygiganten zoals Blackstone en Apollo, is de bal nu aan het rollen. Het is echter nog onduidelijk of Syensqo daadwerkelijk tot een verkoop zal overgaan, of dat het de opties enkel exploreert. Een deal van deze omvang, 3 miljard euro is immers geen klein bier, vergt maanden van onderhandelingen en due diligence.

    Het is bovendien nog maar de vraag of de leiding van Syensqo de Performance & Care-divisie, die een belangrijke bijdrage levert aan de diversificatie en innovatiekracht van het bedrijf, wel wil afstoten zo kort na de eigenstandige lancering. Wij twijfelen of het bedrijf zo snel al een van zijn kroonjuwelen van de hand doet, tenzij de prijs inderdaad onweerstaanbaar hoog is en de strategische voordelen op lange termijn opwegen tegen het verlies van deze divisie. Wij volgen dit zeker verder op.

  • Bel20 Zet Recordkoers Van 5.834,53 Punten Neer, Gesteund Door Melexis

    Bel20 Zet Recordkoers Van 5.834,53 Punten Neer, Gesteund Door Melexis

    De Brusselse beursindex verbreekt zijn eigen record al na één dag, met chipontwerper Melexis als grootste stijger dankzij een Chinese deal.

    De Bel20-index heeft op 25 augustus 2026 een nieuw record gevestigd. De graadmeter van de twintig belangrijkste aandelen op de Brusselse beurs sloot de handelsdag af op 5.834,53 punten. Dat is een verdere verbetering van het record dat amper een dag eerder werd neergezet. Tijdens de daghandel piekte de index zelfs even op 5.837,52 punten.

    Tien van de twintig aandelen in de index gingen vooruit, terwijl zeven daalden en drie onveranderd bleven. Deze beweging toont aan dat de bredere markt in Brussel een sterke dag kende, waarbij specifieke bedrijven de kar trokken.

    Melexis En Elia Trekken De Kar

    De grootste stijger binnen de Bel20 was de Belgische chipontwerper Melexis. Het aandeel klom met 1,96 procent en sloot op 65,05 euro. Deze stijging kwam er nadat het bedrijf aankondigde dat het sensoren en aandrijfelektronica zal leveren aan de Chinese autobouwer BYD. Het gaat om onderdelen voor onder meer de aandrijflijn, koeling, verlichting, remmen, besturing en batterijen.

    Ook Elia, de beheerder van het Belgische hoogspanningsnet, droeg bij aan de positieve stemming. Het aandeel van Elia steeg met 0,63 procent naar 127 euro. Het bedrijf start op 14 september met de werken voor Ventilus, een nieuwe hoogspanningsverbinding die cruciaal is voor de doorvoer van stroom van geplande windparken op zee naar het binnenland. Wij zien hierin een teken dat investeringen in infrastructuurprojecten de beurskoersen positief kunnen beïnvloeden, zeker wanneer ze strategisch belangrijk zijn voor de energietransitie.

    Beweging Buiten De Hoofdindex

    Buiten de Bel20 waren er ook opvallende bewegingen. Fluxys Belgium, actief op de bredere markt, steeg met 7,46 procent tot 21,60 euro. Vastgoedbedrijf Accentis won 3,92 procent, ondanks een daling van de huurinkomsten in de eerste jaarhelft van 2,9 naar 2,2 miljoen euro. De winst van Accentis steeg in diezelfde periode wel van 980.000 naar 1,2 miljoen euro, en het bedrijf verwacht voor het volledige jaar 4,28 miljoen euro aan huurinkomsten.

    Lakefront BioSciences zag zijn aandeel met 2,75 procent stijgen tot 25,44 euro. De Amerikaanse geneesmiddelenwaakhond FDA kende het kandidaat-medicijn gamgertamig het statuut van weesgeneesmiddel toe. Dit middel is bedoeld voor de behandeling van pemphigus, een zeldzame auto-immuunziekte. Als het medicijn wordt goedgekeurd, mag het voormalige Galapagos het zeven jaar lang exclusief in de VS verkopen en ontvangt het bedrijf financiële voordelen voor verder onderzoek. Dit toont aan hoe belangrijk dergelijke goedkeuringen kunnen zijn voor biotechbedrijven.

    Aan de andere kant van het spectrum daalde Syensqo, een chemiebedrijf, met 2,22 procent tot 79,45 euro. Analistenhuis Kepler Cheuvreux verhoogde weliswaar zijn koersdoel voor Syensqo van 58 naar 66 euro, wat suggereert dat de verwachte daling minder scherp zal zijn dan eerder gedacht. Bij de kleinere aandelen kreeg Banqup een klap van 8,21 procent, tot 1,90 euro, ondanks een stijging van de omzet en een krimp van het nettoverlies in de eerste zes maanden van 2026.