Tag: Universiteit Van Michigan

  • Amerikaans Consumentenvertrouwen Daalt Minder Stevig Dan Eerder Gedacht

    Amerikaans Consumentenvertrouwen Daalt Minder Stevig Dan Eerder Gedacht

    De definitieve cijfers van de Universiteit van Michigan tonen een lichte opwaartse herziening van de sentimentindex, terwijl de inflatieverwachtingen voor de korte termijn oplopen.

    De definitieve cijfers van de Universiteit van Michigan laten zien dat het Amerikaanse consumentenvertrouwen in september weliswaar is gedaald, maar minder sterk dan de eerste schattingen suggereerden. De index kwam uit op 48,1, wat een kleine opsteker is vergeleken met de voorlopige stand van 47,8. Desondanks betekent dit een duidelijke verslechtering ten opzichte van de 51,7 die in augustus werd gemeten.

    Deze ontwikkeling wijst op aanhoudende onzekerheid bij de Amerikaanse huishoudens. Hoewel de daling minder hard was dan verwacht, blijft het sentiment negatief. Een afnemend consumentenvertrouwen kan de economische groei afremmen, aangezien consumenten dan minder geneigd zijn om grote aankopen te doen of te investeren, wat de bredere financiële markten kan beïnvloeden. De Bitcoin koers, bijvoorbeeld, noteert op 25 september om 16:33 73.346 euro, een daling van 1,6 procent in 24 uur, maar met een stijging van 7,6 procent over de laatste zeven dagen, wat aantoont dat de crypto-markt voorlopig nog zijn eigen dynamiek volgt.

    Inflatieverwachtingen Nemen Toe

    De bezorgdheid over stijgende prijzen is een belangrijke factor in het dalende vertrouwen. De inflatieverwachting voor de komende twaalf maanden steeg van 4,0 procent naar 4,6 procent. Voor de langere termijn, over de komende vijf jaar, verwachten consumenten een inflatie van 3,4 procent, wat iets hoger is dan de voorgaande maanden. Deze stijgende inflatieverwachtingen kunnen de druk op de Federal Reserve om de rentetarieven hoog te houden verder vergroten.

    Joanne Hsu van de Universiteit van Michigan benadrukte de groeiende zorgen over de koopkracht van consumenten. Zij merkte op dat de vooruitzichten voor de huidige economische omstandigheden verslechterden van 51,9 naar 50,9, en de deelindex voor economische verwachtingen zakte zelfs scherp van 51,5 naar 46,3. Dit wijst erop dat consumenten niet alleen de huidige situatie als minder rooskleurig zien, maar ook pessimistischer zijn over de nabije toekomst.

    Aankopen Om Hogere Prijzen Voor Te Zijn

    Opvallend is dat de aankoopomstandigheden voor duurzame goederen, zoals auto’s en huishoudapparatuur, enigszins verbeterden. Volgens Hsu komt dit deels doordat consumenten de indruk hebben dat ze door nu aankopen te doen, hogere prijzen in de toekomst kunnen vermijden. Dit ‘aankopen om voor te zijn’-gedrag kan tijdelijk de consumptie stuwen, maar is op termijn een teken van inflatiedruk en onzekerheid over toekomstige prijzen.

    De vooruitzichten voor de bedrijfsomstandigheden op korte termijn zijn eveneens fors verslechterd. Hsu linkt dit aan hernieuwde zorgen over hoge brandstofprijzen en oplopende handelsconflicten die de algehele economie kunnen beïnvloeden. Dit drukt op het sentiment van zowel consumenten als bedrijven, en draagt bij aan een bredere economische voorzichtigheid die we ook zien terugkomen in de allocatievisies van vermogensbeheerders, die de nadruk leggen op de effecten van rentestijgingen en geopolitieke onzekerheid.

    Bredere Economische Context

    De daling van het consumentenvertrouwen in de VS past in een breder beeld van economische afkoeling en onzekerheid. Hoewel de winstgroei van bedrijven over de zomer solide was, zoals Van Lanschot Kempen in hun asset allocatie-visie aangeeft, blijven factoren zoals rentestijgingen en geopolitieke spanningen de financiële markten domineren. De oplopende rentes op staatsobligaties, gedreven door inflatieverwachtingen en hogere reële rentes, zorgen voor een herprijzing van kapitaal. Dit heeft invloed op de financieringskosten voor bedrijven en de leenkosten voor consumenten, en kan de economische activiteit verder dempen.

    De combinatie van stijgende inflatieverwachtingen, pessimisme over de economische toekomst en de dreiging van hogere brandstofprijzen creëert een complex speelveld voor beleidsmakers. De Federal Reserve zal nauwlettend de ontwikkelingen in het consumentengedrag en de inflatie in de gaten houden om te bepalen hoe zij verder moet omgaan met haar monetaire beleid. De afweging tussen het bestrijden van inflatie en het voorkomen van een recessie blijft een delicate evenwichtsoefening.

  • Goldman Sachs: Lager Geluksgevoel Drijft Consumentenstemming Naar Historisch Dieptepunt

    Goldman Sachs: Lager Geluksgevoel Drijft Consumentenstemming Naar Historisch Dieptepunt

    De Amerikaanse consumentenstemming daalt al geruime tijd, ondanks gunstige economische cijfers. Volgens een analyse van Goldman Sachs ligt de oorzaak hiervan niet bij de economie zelf, maar bij een breder maatschappelijk pessimisme en afnemend vertrouwen.

    De consumentenstemming, zoals gemeten door de Universiteit van Michigan, bereikte dit jaar ongeziene dieptepunten. In september daalde de index met 13 procent op jaarbasis en zelfs met bijna 8 procent ten opzichte van augustus. Deze aanhoudende daling staat in schril contrast met een economie die op papier gezond oogt, met stevige groei van het bruto binnenlands product en positieve prestaties op de aandelenmarkten.

    Economen worstelen al langer met de vraag waarom het sentiment na de pandemie zo somber blijft. Joseph Briggs, econoom bij Goldman Sachs, biedt nu een verklaring. Hij stelt in een analyse dat de lage economische stemming eerder een reflectie is van een fundamenteel negatieve inschatting van de wereld in het algemeen, dan van de economie op zich.

    Briggs wijst op data van de General Social Survey van de Universiteit van Chicago. Hieruit blijkt dat het algemene geluksgevoel nooit volledig is hersteld van de daling tijdens de coronapandemie. Het percentage respondenten dat zich ‘erg gelukkig’ voelde, zakte van 31 procent in 2016 naar slechts 23 procent in 2024. Tegelijkertijd steeg het aandeel mensen dat zich ‘niet al te gelukkig’ voelde van 13 procent naar 20 procent in dezelfde periode.

    Deze verschuiving in algemeen welzijn is opvallend, want de daling van het geluksgevoel was volgens Briggs’ analyse nog sterker dan die van de financiële tevredenheid. Wij zien hierin een cruciaal inzicht: de perceptie van het individu over zijn eigen financiële situatie is mogelijk minder bepalend dan het bredere gevoel van maatschappelijk welzijn.

    Dalend Vertrouwen In Instellingen

    Niet alleen Goldman Sachs ziet een verband tussen geluk en sentiment. Joanne Hsu, directeur van de Michigan-enquête, merkte eerder dit jaar al op dat de dalende consumentenstemming parallel loopt met zowel een afnemend geluksgevoel als een dalend vertrouwen in publieke instellingen. Briggs bevestigt dit en heeft geconstateerd dat minder vertrouwen in deze instanties een ‘disproportioneel’ deel van de daling in netto geluk veroorzaakte in de afgelopen jaren.

    De breuk tussen de economische realiteit en de consumentenperceptie is groot. Terwijl de brede cryptomarkt de voorbije dertig dagen een gezonde stijging liet zien, met Bitcoin (BTC) dat 11,3 procent won en Ethereum (ETH) zelfs 12,9 procent (stand van 20 september om 03:01), blijft het consumentenvertrouwen achter. Dit kan betekenen dat de traditionele economische indicatoren de maatschappelijke stemming onvoldoende capteren.

    Nieuwe Blik Op Economische Voorspellingen

    De bevindingen van Briggs impliceren dat de consumentenstemming, door de sterke verbinding met niet-economische factoren, mogelijk niet zal verbeteren, zelfs als de economie haar gunstige koers voortzet. Dit zou de index van de consumentenstemming potentieel minder bruikbaar maken als voorspeller van toekomstige economische dynamieken. Het benadrukt de noodzaak om verder te kijken dan enkel harde cijfers bij het inschatten van de economische vooruitzichten.

    De analyse van Goldman Sachs wijst op een dieper liggend probleem: de maatschappelijke factoren die bijdragen aan het welzijn van mensen, zoals vertrouwen en geluk, spelen een steeds grotere rol in hoe zij de economie ervaren. Dit roept de vraag op of beleidsmakers en economen hun focus niet breder moeten trekken dan enkel monetair en fiscaal beleid, en meer aandacht moeten besteden aan het herstellen van maatschappelijk vertrouwen en algemeen welzijn.