Tag: vee

  • Nieuwe USDA Oogstramingen Leiden Tot Gemengde Gevoelens Op Agrarische Markten

    Nieuwe USDA Oogstramingen Leiden Tot Gemengde Gevoelens Op Agrarische Markten

    Na de publicatie van de maandelijkse WASDE-rapporten door het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) op 9 oktober 2026, reageerden de markten voor sojabonen, vee en tarwe met een wisselend koersbeeld. Sojabonen en vee vonden steun, terwijl tarwe onder druk kwam te staan door hogere voorraden.

    De agrarische goederenmarkten toonden een verdeeld beeld op 9 oktober 2026, nadat het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA) zijn maandelijkse schattingen voor wereldwijde landbouwproductie en -voorraden (WASDE) publiceerde. Hoewel de USDA een hogere verwachte opbrengst voor sojabonen voorspelde, wat de prijzen normaal zou drukken, wisten sojabonen toch te stijgen. Tarwekoersen daalden echter scherp door een toename van de verwachte voorraden, terwijl de veemarkt een opmerkelijke rally kende.

    De USDA-rapporten worden nauwlettend in de gaten gehouden door handelaars en analisten, aangezien ze een belangrijke graadmeter zijn voor de mondiale vraag- en aanbodverhoudingen. Eerdere rapporten hadden al voor onrust gezorgd op de graanmarkten, met onverwachte cijfers die de handel verrasten. De vraag was dan ook of de USDA nu met aanpassingen zou komen die de markten meer houvast zouden geven. De impact van deze rapporten strekt zich uit tot de bredere economie, inclusief de inflatie en de voedselprijzen, wat ook voor Europese consumenten en beleggers relevant kan zijn.

    Sojabonen Trotseren Hogere Oogstverwachtingen

    De sojaboonprijzen lieten een opmerkelijke veerkracht zien. Hoewel de USDA de Amerikaanse opbrengstraming verhoogde naar 53,1 bushels per acre, een stijging van 0,3 bushels per acre ten opzichte van de vorige schatting, wisten de November-sojabonencontracten de week af te sluiten met een stijging van 13,75 dollarcent. De totale Amerikaanse productie wordt nu geschat op 4,562 miljard bushels, 27 miljoen bushels hoger dan eerder gedacht.

    De eindvoorraden van sojabonen in de VS werden met 5 miljoen bushels verhoogd tot 315 miljoen bushels, wat hoger was dan de markt had verwacht. Toch steeg de exportraming met 10 miljoen bushels, wat mogelijk heeft bijgedragen aan het positieve sentiment. Speculatieve beleggers lijken hierop in te spelen door hun ‘long’-posities met meer dan 10.000 contracten te verhogen in de week die eindigde op 6 oktober, wat wij zien als een teken van toenemend vertrouwen in de toekomstige vraag. Bovendien is bekendgemaakt dat het Chinese staatsbedrijf Sinograin op 13 oktober nog eens 518.000 metrische ton geïmporteerde sojabonen zal veilen.

    Tarweprijzen Onder Druk Door Toenemende Voorraden

    De tarwemarkt reageerde negatief op de nieuwe USDA-cijfers. De Amerikaanse voorraden stegen met 23 miljoen bushels tot 740 miljoen bushels, mede door een neerwaartse bijstelling van de export met 25 miljoen bushels. Dit ‘bearish’ nieuws zorgde ervoor dat de Chicago SRW-tarwecontracten tussen de 10 en 12,5 dollarcent daalden. Ook de KC HRW-futures en MPLS-lentetarwe futures lieten aanzienlijke verliezen optekenen.

    Op wereldwijd niveau zag de USDA de voorraden licht dalen met 0,25 miljoen metrische ton tot 276,04 miljoen metrische ton. Een toename van de Russische voorraden met 3 miljoen metrische ton werd gecompenseerd door dalingen in de EU (1,8 miljoen metrische ton), Argentinië (0,5 miljoen metrische ton) en China (1 miljoen metrische ton). De Franse tarweoogst is overigens slechts voor 4 procent ingezaaid op 5 oktober, wat achterloopt op de 5 procent van vorig jaar, zo meldt FranceAgriMer. Dit kan op termijn de prijzen in Europa beïnvloeden, al is dat nu nog onzeker.

    Veehandel Rijst Dankzij Dalende Graanprijzen

    De veemarkt kende een sterke rally, vooral gedreven door de dalende maïsprijzen. Live veefutures stegen met bedragen variërend van 1,85 tot 3,62 dollar, waarbij de decembercontracten zelfs 5,57 dollar hoger sloten voor de week. De handel in ‘feeder cattle’ (jongvee) futures steeg nog forser, met winsten tussen 5,82 en 7,95 dollar op de sessie, en de novembercontracten sloten 10,80 dollar hoger voor de week.

    De nationale gemiddelde contante prijs voor ‘Cash Bean’ (sojabonen) steeg met 4 dollarcent tot 12,34 dollar, terwijl de CME Feeder Cattle Index op 8 oktober met 34 dollarcent steeg naar 337,07 dollar. Volgens de USDA bedroeg de slacht van federaal geïnspecteerd vee deze week 531.000 stuks, een stijging van 17.000 ten opzichte van de week ervoor, maar nog steeds 20.329 stuks minder dan in dezelfde week vorig jaar. Deze cijfers suggereren een complexe wisselwerking tussen de verschillende agrarische sectoren.

    Technische analyse

    De markt voor agrarische grondstoffen is momenteel technisch gezien volatiel. Sojabonen vertonen een opwaartse trend, waarbij de koers boven het 50-daags en 200-daags voortschrijdend gemiddelde noteert, wat als een bullish signaal kan worden gezien. De Relative Strength Index (RSI) voor sojabonen beweegt zich momenteel rond de 60, wat duidt op een gezonde koopinteresse zonder direct overbought te zijn. Tarwe, daarentegen, bevindt zich in een neerwaartse spiraal, met prijzen onder beide belangrijke voortschrijdende gemiddelden en een RSI die richting oversold beweegt, wat de aanhoudende verkoopdruk bevestigt. De veemarkt toont daarentegen een sterke opwaartse momentum, met de koers die zich duidelijk boven de belangrijkste gemiddelden handhaaft.

    Marktsentiment

    Het sentiment op de agrarische markten is gemengd. Voor sojabonen zien we dat speculatieve beleggers hun long-posities aanzienlijk hebben vergroot, wat duidt op een optimistische kijk op de toekomstige prijsontwikkeling. De veemarkt profiteert van gunstige externe factoren, zoals dalende voederprijzen, wat het sentiment positief beïnvloedt. Tarwe daarentegen wordt geconfronteerd met een bearish sentiment, veroorzaakt door een onverwachte toename van de voorraden en een afname van exportverwachtingen. Het is een markt van contrasten, waarbij elke grondstof zijn eigen dynamiek volgt.

    Fundamentele analyse

    De fundamenten voor sojabonen lijken sterk, ondanks de hogere oogstramingen. De stijging van de exportverwachtingen en de Chinese vraag wijzen op een robuuste afzetmarkt. Voor tarwe zijn de fundamenten momenteel zwakker door de toegenomen Amerikaanse en mondiale voorraden, al wordt een deel hiervan veroorzaakt door lagere export uit Rusland en een lagere verwachte oogst in de EU, wat een tegengewicht kan bieden. De veemarkt wordt fundamenteel ondersteund door een daling van de maïsprijzen, wat de productiekosten verlaagt en de marges voor veehouders verbetert. De algemene correlatie met de bredere grondstoffenmarkt toont aan dat macro-economische factoren zoals inflatie en rentetarieven een aanzienlijke rol blijven spelen, hoewel specifieke vraag- en aanbodfactoren per grondstof domineren.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: De prijzen van sojabonen en vee blijven stijgen als de mondiale vraag de hogere oogstverwachtingen overtreft en de Chinese import verder aantrekt. Voor tarwe zou een onverwachte verstoring van de aanvoerlijnen of een verdere daling van de EU-oogst de prijzen kunnen opdrijven.
    • Bear-scenario: Een verdere toename van de voorraden of een afname van de vraag, bijvoorbeeld door een economische vertraging, kan de prijzen van alle agrarische grondstoffen onder druk zetten. Voor tarwe zou een hogere dan verwachte productie in andere regio’s de neerwaartse trend versterken, terwijl voor vee een stijging van de voederprijzen de winsten kan eroderen.

    Wat betekent dit nu?

    De agrarische grondstoffenmarkten zijn in beweging, gedreven door de meest recente USDA-rapporten. Sojabonen tonen veerkracht, met een positief sentiment gestuwd door een toename van de exportraming. De veemarkt profiteert van lagere voederprijzen, wat de winsten voor veehouders kan ondersteunen. Tarwe staat echter onder druk door een toename van de voorraden, wat een waarschuwing is voor een overschot op de markt. Beleggers doen er goed aan de volgende USDA-update en de ontwikkeling van de Chinese vraag naar sojabonen en de inzaai in Europa nauwlettend in de gaten te houden.

  • Varkensprijzen Stijgen Met Ruim 3 Dollar, Maïs En Vee Zien Daling

    Varkensprijzen Stijgen Met Ruim 3 Dollar, Maïs En Vee Zien Daling

    De termijncontracten voor magere varkensvlees kenden op dinsdag 5 februari 2025 een stevige opleving, met stijgingen van 3 tot 3,40 dollar per contract. Vooral de februari-contracten gingen met 75 dollarcent omhoog. Deze stijging volgt op een eerdere daling, en de nationale gemiddelde basisprijs voor varkens bereikte 85,40 dollar. De CME Lean Hog Index, een belangrijke graadmeter, klom met 29 dollarcent naar 83,77 dollar op 31 januari 2025.

    Tegelijkertijd zagen andere landbouwproducten een minder rooskleurige dag. De termijncontracten voor maïs daalden op 20 november 2024 met 1,25 tot 2 dollarcent, en de gemiddelde contante prijs zakte met 1,75 dollarcent naar 4,0475 dollar per bushel. Ook de levende vee-futures verloren op 22 september 2026 tussen 45 dollarcent en 2,55 dollar, en katoencontracten sloten op 26 februari 2025 50 tot 55 punten lager. Deze uiteenlopende bewegingen weerspiegelen de complexe dynamiek binnen de grondstoffenmarkten, waarbij elk product beïnvloed wordt door zijn eigen specifieke aanbod, vraag en geopolitieke factoren.

    Tariefdreigingen en exportverwachtingen stuwen varkens

    De opwaartse beweging van de varkensprijzen is voornamelijk te danken aan het verminderen van de spanningen rondom importtarieven tussen de Verenigde Staten, Mexico en Canada. Eerdere dreigingen met tarieven, die mogelijk vergeldingsacties van China op varkensvlees hadden kunnen uitlokken, zijn voorlopig van tafel. Dit neemt een belangrijke onzekerheid weg voor varkensvleesexporteurs. Daarnaast steeg de waarde van uitgesneden varkensvlees, met een toename van 95 dollarcent tot 94,76 dollar per honderd pond, volgens het Amerikaanse ministerie van Landbouw (USDA). Enkel de buikprijzen daalden, terwijl andere delen zoals de ham stegen.

    Wij zien vooral dat de internationale handelspolitiek een directe en significante invloed heeft op de prijsvorming van landbouwgrondstoffen. Zeker nu de globale voedselketens zo verweven zijn, kan de afwezigheid van een tariefdreiging de markten al voldoende geruststellen voor een prijsrally.

    Maïs, katoen en vee onder druk

    De maïsmarkt kende op 20 november 2024 een terugval, deels door een verwachte toename van het areaal in Oekraïne. Het Oekraïense landbouwministerie verwacht dat het maïsareaal in 2025 met 500.000 hectare (ongeveer 1,24 miljoen acres) zal toenemen, voornamelijk ten koste van sojabonen. Dit wijst op een verwacht groter aanbod, wat de prijzen onder druk zet. Tegelijkertijd worden de Braziliaanse maïsexporten voor november 2024 geschat op 5,57 miljoen metrische ton door ANEC, wat een lichte stijging is ten opzichte van eerdere schattingen, maar nog steeds fors lager dan de 6,4 miljoen metrische ton in oktober en bijna 2 miljoen metrische ton minder dan in november 2023.

    Bij katoen speelden andere factoren. De daling op 26 februari 2025 van 50 tot 55 punten werd mede veroorzaakt door een daling van de ruwe-oliefutures met 1,66 dollar per vat en een verzwakking van de Amerikaanse dollarindex met 0,314 dollar. De Cotlook A Index, een belangrijke referentieprijs, daalde met 15 punten naar 77,90 dollarcent per pond. De USDA verhoogde weliswaar de Adjusted World Price (AWP) voor katoen met 68 punten naar 54,67 dollarcent per pond, maar dit kon de algemene neerwaartse trend niet keren.

    De veemarkt (levend vee en kalfsvlees) zag op 22 september 2026 ook een daling van 45 dollarcent tot 2,55 dollar voor levend vee en 20 dollarcent tot 3,55 dollar voor kalfsvleesfutures. De CME Feeder Cattle Index daalde met 71 dollarcent naar 338,74 dollar. De slacht van runderen lag met 210.000 dieren in de week tot en met 22 september 2026 lager dan de week ervoor en significant lager dan een jaar eerder (19.195 dieren minder). Hoewel de groothandelsprijzen voor rundvlees stegen, met een toename van 2,54 dollar voor ‘Choice boxes’ tot 378,89 dollar, wijst de dalende futureprijs en de lagere slacht op aanhoudende onzekerheid in de sector.

    Sojabonen: handelsgesprekken en weersinvloeden

    Sojabonen kenden op 22 september 2026 een lichte daling van 2,75 dollarcent, met een gemiddelde prijs van 12,6675 dollar. De sojameel-futures stegen met 1,30 tot 2,40 dollar, terwijl sojaolie daalde met 30 tot 95 punten. Handelaren kijken vooral uit naar een aanstaande ontmoeting tussen de Amerikaanse en Chinese leiders, in de hoop op vooruitgang in de handelsrelaties en het verlengen van het huidige handelsbestand. Wij zouden hier niet te veel van verwachten, aangezien geopolitieke gesprekken vaak lang aanslepen en de effecten op de markten niet altijd direct voelbaar zijn.

    De sojaboonoogst in de VS vordert sneller dan gemiddeld, met 12 procent voltooid tegenover een gemiddelde van 8 procent. De conditiebeoordelingen bleven stabiel op 58 procent ‘goed/uitstekend’. Het weer kan echter roet in het eten gooien: zware regenval wordt verwacht in de westelijke delen van de VS, wat de oogst kan vertragen. In Argentinië schat de Buenos Aires Grain Exchange de sojaboonoogst voor 2026/27 op 53,6 miljoen metrische ton, hoger dan de 50,1 miljoen metrische ton van vorig jaar. Braziliaanse sojaboonexporten voor september worden geschat op 8,02 miljoen metrische ton, een daling van 18,25 procent ten opzichte van augustus, maar wel 9,25 procent hoger dan een jaar eerder.

    Wat betekent dit nu?

    De uiteenlopende prestaties op de landbouwgrondstoffenmarkten benadrukken de complexiteit van de factoren die de prijzen beïnvloeden. Terwijl varkensvlees profiteert van afnemende geopolitieke spanningen, zien maïs, katoen en vee zich geconfronteerd met aanbodverwachtingen, macro-economische trends en weersinvloeden. De sojaboonmarkt blijft in afwachting van handelsgesprekken en weersontwikkelingen. Voor Europese beleggers betekent dit dat diversificatie en een grondige analyse van elk specifiek product cruciaal zijn, aangezien de markten niet uniform bewegen. Bitcoin, bijvoorbeeld, toont een andere dynamiek; de koers noteert 75.559 euro op 23 september om 02:31, een stijging van 13,9 procent over zeven dagen, wat een duidelijk contrast vormt met de dalende landbouwgrondstoffen.

  • Rabobank Beschuldigd Van Financieren Dierenleed: Klacht Ingediend Bij Oeso

    Rabobank Beschuldigd Van Financieren Dierenleed: Klacht Ingediend Bij Oeso

    World Animal Protection, een organisatie voor dierenwelzijn, heeft bij het Nationaal Contactpunt van de OESO een klacht ingediend tegen Rabobank. De organisatie beschuldigt de bank van het bijdragen aan grootschalig dierenleed door haar miljardeninvesteringen in de vee-industrie en het tegelijkertijd afzwakken van haar eigen dierenwelzijnsbeleid.

    Klacht ingediend vlak voor Werelddierendag

    World Animal Protection heeft op 2 oktober, twee dagen voor Werelddierendag, de officiële klacht ingediend. Dit is de eerste keer dat een bank op deze manier wordt aangesproken op de financiering van dierenleed. Volgens de organisatie schendt Rabobank de OESO-richtlijnen voor verantwoord ondernemen, waar sinds 2023 ook uitdrukkelijke dierenwelzijnsregels onder vallen.

    Investeringen in vlees- en zuivelbedrijven

    Volgens berekeningen van onderzoeksbureau Profundo heeft Rabobank tussen 2016 en 2024 ongeveer €23,5 miljard geïnvesteerd in 52 van de grootste vlees- en zuivelbedrijven wereldwijd. Tot deze bedrijven behoren ook vleesgiganten als JBS en Tyson Foods, die volgens World Animal Protection bekendstaan om hun misstanden.

    Kritiek op Rabobank’s dierenwelzijnsbeleid

    De klacht richt zich niet alleen op de investeringen, maar ook op het beleid van Rabobank zelf. World Animal Protection beweert dat Rabobank begin 2025 haar dierenwelzijnsbeleid aanzienlijk heeft verzwakt, waarbij concrete doelen zoals het afbouwen van kooihuisvesting grotendeels zijn geschrapt.

    Rabobank’s reactie op de klacht

    In reactie op de klacht benadrukt Rabobank dat zij de klacht zorgvuldig zal onderzoeken en dat zij het reguliere overleg met World Animal Protection zal voortzetten.

    World Animal Protection hoopt met de klacht bemiddeling af te dwingen en eist dat Rabobank stopt met het financieren van bedrijven die dierenleed veroorzaken.

    Vraag & Antwoord

    Wie heeft de klacht tegen Rabobank ingediend?
    De organisatie voor dierenwelzijn, World Animal Protection, heeft de klacht ingediend.

    Wat is de kern van de klacht tegen Rabobank?
    De klacht stelt dat Rabobank de OESO-richtlijnen voor verantwoord ondernemen schendt door miljarden te investeren in de vee-industrie en tegelijkertijd haar eigen dierenwelzijnsbeleid te verzwakken.

    Hoe reageert Rabobank op de klacht?
    Rabobank heeft laten weten de inhoud van de klacht te zullen bestuderen en benadrukt dat het reguliere overleg met World Animal Protection doorgaat. Ze verdedigen hun dierenwelzijnsbeleid door te stellen dat het openbaar is en gebaseerd op internationale standaarden, waaronder de OESO-richtlijnen.