Tag: Verkeersveiligheid

  • Fietsers Lezen Massaal Berichten Op GSM, Politie Controleert Extra Op Afleiding

    Fietsers Lezen Massaal Berichten Op GSM, Politie Controleert Extra Op Afleiding

    Ondanks een hoge pakkans en een boete van 220 euro, blijft één op de tien fietsers en één op de vijf e-steppers in België hun smartphone gebruiken tijdens het rijden, met ernstige veiligheidsrisico’s tot gevolg.

    Het Belgische verkeer kent een opvallende tegenstelling: al rijdend berichten lezen op de fiets of elektrische step is verboden en kan je een boete van 220 euro kosten, en toch doet een aanzienlijk deel van de weggebruikers het. Een recente bevraging van verzekeraar Baloise en Vias institute, uitgevoerd bij 1.542 Belgen, toont aan dat één op de tien fietsers tijdens het rijden naar het scherm van hun gsm kijkt. Bij regelmatige gebruikers van een elektrische step loopt dit aandeel zelfs op tot één op de vijf.

    Deze cijfers komen naar buiten net nu de politie vandaag en morgen extra controles uitvoert op afleiding in het verkeer, zowel bij automobilisten als bij kwetsbare weggebruikers. De studie benadrukt de gevaren: tien procent van de e-stepgebruikers en 3,5 procent van de fietsers raakte het afgelopen jaar betrokken bij een ongeval door gsm-gebruik. Bijna een kwart van de e-steppers week zelfs van de baan af of reed tegen de richting in, wat wij toch wel een alarmerende statistiek vinden. Het risico op ongevallen is reëel, ook al lijken de bestuurders zichzelf minder kwetsbaar te achten.

    Controle-illusie En Lage Boetes

    Opvallend is dat de meeste respondenten, ongeveer tachtig procent, het gevaar van gsm-gebruik achter het stuur erkennen en een verbod steunen. Toch denkt één op de vijf fietsers veilig te kunnen bellen met de telefoon in de hand, een fenomeen dat Vias institute een ‘controle-illusie’ noemt. Mensen kennen de risico’s, maar geloven ten onrechte dat ze die zelf kunnen beheersen. Dit wijst erop dat bewustzijnscampagnes alleen mogelijk niet volstaan om het gedrag te veranderen.

    De handhaving van het verbod lijkt eveneens een zwakke schakel. Driekwart van de fietsers schat de kans op een controle hoog in, maar slechts twee procent van hen heeft het afgelopen jaar daadwerkelijk een boete ontvangen. Deze kloof tussen perceptie en realiteit kan het gedrag in stand houden, omdat de kans op een daadwerkelijke sanctie als laag wordt ervaren. De boete voor gsm-gebruik, die volgens Karin Genoe, CEO van Vias institute, niet min is en voor alle bestuurders geldt, zou in theorie afschrikwekkend moeten werken, maar de praktijk lijkt anders.

    Jongeren En De Altijd-Bereikbaar-Reflex

    Het onderzoek belicht ook de redenen achter het gsm-gebruik en toont generatieverschillen. Bij jongeren tussen achttien en vierentwintig jaar is schermgebruik tijdens verplaatsingen bijna een gewoonte, gedreven door gemak, zoals navigatie of muziek. Eén op de vijf jongeren gebruikt de gsm zelfs uit verveling. Bij oudere leeftijdsgroepen verschuift de motivatie naar de wens om bereikbaar te zijn voor werk of noodgevallen, wat de ‘altijd-bereikbaar-reflex’ van onze moderne samenleving onderstreept.

    Deze constante connectiviteit, hoewel handig, leidt tot visuele, cognitieve en fysieke afleiding. Wie naar een scherm kijkt, mist sneller wat er op de weg gebeurt. De aandacht is niet volledig bij het verkeer, en wie een telefoon vasthoudt, heeft een hand minder vrij om te sturen of te remmen. Dit is cruciaal, want veilig rijden op een fiets of e-step vereist volledige controle met beide handen aan het stuur.

    Wat Betekent Dit Nu?

    De bevindingen van Baloise en Vias institute tonen aan dat het smartphonegebruik in het verkeer een hardnekkig probleem blijft, met aanzienlijke veiligheidsrisico’s voor fietsers en e-steppers. De discrepantie tussen de waargenomen pakkans en de daadwerkelijke boetes, gecombineerd met de psychologische ‘controle-illusie’, bemoeilijkt een effectieve aanpak. Hoewel de politie nu extra controles uitvoert, blijft het de vraag of dit op lange termijn voldoende is om het gedrag te veranderen. Het vraagt om een bredere aanpak die zowel gedragsverandering als strengere handhaving omvat om de veiligheid van kwetsbare weggebruikers te verbeteren.

  • Federale Regering Verhoogt Leeftijd Voor Fietsen Op Voetpad Tot Elf Jaar

    Federale Regering Verhoogt Leeftijd Voor Fietsen Op Voetpad Tot Elf Jaar

    Vanaf juni 2027 mogen kinderen tot hun twaalfde verjaardag legaal op de stoep fietsen, een aanpassing die tegemoetkomt aan de complexiteit van de huidige weginfrastructuur.

    De federale regering heeft beslist de leeftijd op te trekken waarop kinderen op het voetpad mogen fietsen. Vanaf 1 juni 2027 kunnen kinderen tot en met elf jaar, dus tot hun twaalfde verjaardag, legaal op de stoep rijden. Deze wijziging is een reactie op de groeiende bezorgdheid over de veiligheid van jonge fietsers in het vaak onoverzichtelijke Vlaamse verkeer.

    Momenteel geldt de regel dat kinderen tot tien jaar op de stoep mogen fietsen. Deze aanpassing met één jaar toont aan dat de wetgever erkent dat jonge kinderen meer tijd nodig hebben om de verkeerssituatie in te schatten. Radiopresentator Peter Van de Veire, die vaak met zijn zevenjarige zoontje fietst, beschrijft de weginfrastructuur als een ‘jungle’. Hij wijst op de verwarrende mix van voetpaden, fietspaden met verschillende kleuren, autowegen en busstroken, vaak met slecht onderhouden wegdek. Professor ruimtelijke planning en mobiliteit Kobe Boussauw van de VUB bevestigt dit en geeft aan dat het verkeer inderdaad verwarrend kan zijn voor jonge kinderen.

    Deze verhoging van de leeftijdsgrens kan een welkome verandering zijn voor vele ouders. Wij zien hierin vooral een pragmatische oplossing voor een dieperliggend probleem: de verkeersinfrastructuur is niet altijd kindvriendelijk. De mogelijkheid om langer op het voetpad te rijden, biedt een extra veiligheidsbuffer, al blijft het de verantwoordelijkheid van ouders om in te schatten of hun kind hier klaar voor is. Een kind dat te zelfzeker is op het voetpad kan immers voetgangers hinderen of te snel rijden, waardoor het fietspad of de rijbaan dan alsnog een betere optie kan zijn.

    Infrastructuur En Een Vals Gevoel Van Veiligheid

    De complexiteit van de verkeerssituatie wordt niet alleen gevoeld door jonge fietsers, maar ook door volwassenen. Hoewel de huidige regels over de leeftijd van jonge fietsers misschien weinig van doen lijken te hebben met de wereld van geld en markten, staat veiligheid wel aan de basis van een goed functionerende samenleving en economie. Een onveilig verkeer kan leiden tot hogere maatschappelijke kosten en een afname van de mobiliteit, wat op zijn beurt de productiviteit beïnvloedt. Net zoals een stabiele cryptomarkt, waar Bitcoin vandaag 73.505 euro noteert, een solide infrastructuur vereist, geldt dit ook voor onze wegen. De koers van Bitcoin is de afgelopen 24 uur met 5,1 procent gestegen, wat de volatiliteit van de markt benadrukt, vergelijkbaar met de onvoorspelbaarheid van het verkeer voor onervaren deelnemers.

    Professor Boussauw heeft met zijn collega’s richtlijnen opgesteld voor fietsvoorzieningen, waarin onderzocht wordt wanneer het zinvol is om verkeer te mengen. Vooral in binnenstedelijke gebieden en woonwijken met een zone 30 kan dit interessant zijn, omdat het snelheidsverschil tussen auto’s en fietsers daar lager is. Dit maakt de fietser een gelijkwaardige weggebruiker en stimuleert fietsen op een veiligere manier.

    De Nood Aan Heldere Regels En Inzichten

    Hoewel een apart fietspad vaak als de meest veilige optie wordt gezien, is hier in veel gevallen geen ruimte voor. Gebouwen afbreken om wegen te verbreden is immers geen realistische optie. Bovendien kan een fietspad, vooral in complexe binnensteden met veel kruispunten en opritten, een vals gevoel van veiligheid geven. Op een fietspad verliest een fietser soms ook zijn voorrang, wat de verkeerssituatie extra ingewikkeld maakt. In een zone 30, daarentegen, moet een automobilist altijd wachten als een fietser links wil afslaan.

    De discussie over de fietsveiligheid en de infrastructuur toont aan dat er een constante behoefte is aan heldere regels en aanpassingen die rekening houden met de realiteit op de weg. De verhoging van de leeftijd voor fietsen op de stoep is een stap, maar het bredere plaatje van veilige, duidelijke fietsroutes blijft een uitdaging. Hoe zal deze wijziging in de praktijk uitpakken voor zowel jonge fietsers als voetgangers op de Belgische voetpaden?

  • Zeven Op Tien Buitenlandse Bestuurders Betalen Belgische Verkeersboete

    Zeven Op Tien Buitenlandse Bestuurders Betalen Belgische Verkeersboete

    Nederlanders zijn de ‘beste leerling’ met een betalingsgraad van 86 procent, terwijl Franse bestuurders vaker de dans ontspringen.

    Wie in België de verkeersregels overtreedt en uit het buitenland komt, ontsnapt steeds minder vaak aan een boete. Sinds 2021 heeft de Federale Overheidsdienst Justitie (FOD Justitie) ruim 5,3 miljoen verkeersboetes behandeld voor bestuurders uit andere EU-landen. Daarvan is 67 procent, ofwel zo’n 3,6 miljoen boetes, effectief betaald. Dat blijkt uit recente cijfers van de FOD Justitie. Het inningspercentage voor Belgische overtreders ligt ter vergelijking rond de 90 procent.

    Vooral onze buurlanden tonen zich betrouwbare betalers. Nederlanders spannen de kroon: maar liefst 86 procent van hen betaalt de Belgische verkeersboete. Luxemburgers volgen met ongeveer 80 procent en Duitsers met 75 procent. Edward Landtsheere, woordvoerder van de FOD Justitie, benadrukt dat je niet zomaar aan een boete ontsnapt. De cijfers hebben wel enkel betrekking op boetes waarbij de buitenlandse bestuurder kon worden bereikt.

    Fransen Ontspringen Vaker De Dans

    Niet alle landen scoren even goed. Frankrijk springt eruit met een aanzienlijk lager inningspercentage van ongeveer de helft. Een belangrijke reden hiervoor is dat België niet altijd over voldoende gegevens beschikt om Franse overtreders correct te identificeren via de Europese databank. “We zullen verder met onze Franse partners onderzoeken en uitklaren hoe het kan dat we soms geen resultaat krijgen voor een Franse overtreder”, aldus Landtsheere.

    Ook binnen andere Europese landen zijn er grote verschillen. Zo betaalt in Roemenië slechts 37 procent van de bestuurders hun boete, en in Bulgarije zelfs maar 27 procent. Voor overtreders van buiten de Europese Unie liggen de cijfers nog veel lager: van de 145.000 geregistreerde boetes sinds 2021 werd nog geen 20 procent betaald.

    Nieuwe Europese Richtlijn Op Komst

    De Europese wetgeving maakt momenteel de uitwisseling van voertuiggegevens mogelijk voor acht belangrijke verkeersovertredingen. Een nieuwe richtlijn, die deel uitmaakt van de Europese doelstelling ‘Vision Zero’ om het aantal verkeersdoden en zwaargewonden tegen 2030 te halveren, zal dit aantal uitbreiden tot achttien. Dit moet landen helpen om beter samen te werken bij het opsporen van overtreders, het bezorgen van officiële documenten en het innen van verkeersboetes. Wij zien hierin een duidelijk signaal dat de pakkans voor buitenlandse overtreders in de toekomst alleen maar zal toenemen, wat de verkeersveiligheid ten goede moet komen.