De oplopende langetermijnrente in België, nu boven 3,8 procent, zet de begrotingsonderhandelingen van de regering-De Wever onder zware druk. Economen waarschuwen voor een rentesneeuwbal als er niet snel wordt ingegrepen.
De Belgische langetermijnrente is op 19 augustus 2026 gestegen tot boven 3,8 procent. Dat is het hoogste niveau sinds 2012 en maakt het lenen van nieuw geld voor de overheid steeds duurder. Deze stijging duwt België verder richting de gevarenzone, zo waarschuwen economen Willem Sas en Selien De Schryder. De regering-De Wever staat voor de uitdaging om dit najaar 10 miljard euro te vinden om de begroting op koers te houden.
Hier bij Block #9 kijken we er zo naar: de stijgende rente is een signaal dat de financiële markten kritischer kijken naar de houdbaarheid van de Belgische overheidsfinanciën. Hoewel er nog geen reden tot paniek is, zoals professor publieke economie Willem Sas (UHasselt, KU Leuven) aangeeft, is dit zeker een waarschuwing die de politiek niet kan negeren.
Oorzaken en Gevolgen van de Rentestijging
De hogere rente is geen puur Belgisch fenomeen; ook in andere landen zoals de Verenigde Staten, Duitsland en Frankrijk zien we een stijging van de rentes op staatsobligaties. Volgens Sas zijn er meerdere oorzaken. De oorlog in het Midden-Oosten wakkert inflatieverwachtingen aan, terwijl ook de enorme investeringen in artificiële intelligentie veel kapitaal aantrekken. Dit verhoogt de concurrentie voor overheden die geld willen lenen. Daarnaast kijken beleggers, zo stelt professor Selien De Schryder (UGent), nadrukkelijker naar overheidsschulden en begrotingstekorten dan enkele jaren geleden.
De impact op de Belgische begroting is niet onmiddellijk catastrofaal, omdat de overheid zich voor lange periodes financiert. Veel uitstaande schuld dateert nog uit de periode van zeer lage rentes. Dit voordeel slinkt echter snel. Oude leningen moeten geleidelijk worden vervangen door nieuwe schulden tegen hogere tarieven. Sas merkt op dat dit proces nu begint en dat de impact op de begroting met vertraging, maar onvermijdelijk, zal komen.
Het Risico van een Rentesneeuwbal
De grootste bezorgdheid van de economen ligt niet in de huidige rentelast, maar in wat er de komende jaren kan gebeuren als de Belgische financiën niet verbeteren. De Schryder wijst op het risico van een zogenoemde rentesneeuwbal. Dit ontstaat wanneer de rente op de staatsschuld langere tijd hoger is dan de economische groei. In zo’n scenario wordt de schuld moeilijk beheersbaar, omdat een steeds groter deel van de begroting naar rentebetalingen gaat, wat de ruimte voor andere uitgaven beperkt.
Sas benadrukt dat België nog niet in zo’n scenario zit, maar er wel bij aanschurkt. Als financiële markten beginnen te twijfelen aan de houdbaarheid van de Belgische financiën, kan dit effect zichzelf versterken, waarbij beleggers steeds hogere rentes eisen. De regering-De Wever wil dit najaar 10 miljard euro vinden. De Schryder stelt dat de afgesproken inspanning ‘vrij licht’ is om de begroting structureel op orde te krijgen. Sas vindt het signaal van een akkoord en politieke stabiliteit belangrijker dan het precieze bedrag, omdat financiële markten negatief reageren op politieke instabiliteit.
De kern van het probleem, zo stelt De Schryder, zijn de aanhoudende begrotingstekorten. Politici moeten beseffen dat ze het schip nog kunnen keren, en dat ze dit liefst zelf doen, voordat de financiële markten hen dwingen. De budgettaire uitdagingen zullen ook na deze begrotingsronde aanhouden, met hogere pensioenuitgaven, investeringen in defensie en de kosten van de klimaattransitie. Er is geen enkele maatregel die dit probleem in één keer oplost; een combinatie van meer economische groei, efficiëntere overheidsuitgaven en structurele hervormingen is noodzakelijk. De uitdaging is vooral om hiervoor een politieke meerderheid te vinden.
