Auteur: Sven

  • Bitcoin Vertoont Sterkste Correlatie Met Goud In Zes Jaar

    Bitcoin Vertoont Sterkste Correlatie Met Goud In Zes Jaar

    Bitcoin, vaak omschreven als ‘digitaal goud’, vertoont een toenemende correlatie met het edelmetaal. De cryptomunt lijkt zich daarmee los te weken van de brede aandelenmarkt, een ontwikkeling die analisten nauwlettend volgen.

    Waar Bitcoin (BTC) lange tijd een hoge correlatie vertoonde met risicovolle activa zoals technologieaandelen, zien we vandaag een duidelijke verschuiving. De correlatie tussen Bitcoin en goud heeft recent zijn hoogste niveau in zes jaar bereikt, zo stelt The Block op basis van marktgegevens. Dit betekent dat de koers van Bitcoin vaker de bewegingen van goud volgt dan die van de aandelenindexen.

    Deze ontwikkeling is opvallend, omdat Bitcoin in het verleden veelal synchroon liep met de S&P 500. Wij zien vooral dat dit de perceptie van Bitcoin als een ‘safe haven’ activa versterkt, vergelijkbaar met goud in tijden van economische onzekerheid. De introductie van spot Bitcoin ETF’s in de Verenigde Staten heeft hier ongetwijfeld aan bijgedragen, door de munt toegankelijker te maken voor institutionele beleggers die diversificatie zoeken.

    Institutionele Instroom Verandert Het Spel

    De toestroom van institutioneel kapitaal via de nieuwe spot Bitcoin ETF’s speelt een cruciale rol in deze veranderende dynamiek. Sinds hun lancering in januari 2024 hebben deze fondsen miljarden euro’s aangetrokken. BlackRock’s iShares Bitcoin Trust (IBIT) en Fidelity’s Wise Origin Bitcoin Trust (FBTC) behoren tot de grootste en trokken samen al meer dan 30 miljard euro aan, wat de legitimiteit van Bitcoin als beleggingscategorie verstevigt.

    Beleggers die voorheen enkel in goud of traditionele activa investeerden, kunnen nu gemakkelijker blootstelling krijgen aan Bitcoin. Deze verschuiving dwingt hen om Bitcoin serieuzer te overwegen als onderdeel van een gediversifieerde portefeuille, zeker nu de koers van Bitcoin in de afgelopen twaalf maanden met ruim 140 procent steeg.

    De Toekomst Van De Correlatie Is Onzeker

    Ondanks de huidige trend, twijfelen analisten of deze ontkoppeling van aandelen duurzaam is. Historisch gezien is de correlatie van Bitcoin met goud weliswaar gestegen, maar schommelde deze ook sterk. Een analyse van de afgelopen zes jaar toont een gemiddelde correlatie van 0,4, wat nog steeds als gematigd wordt beschouwd. Wij houden het erop dat de langetermijnrelatie pas echt duidelijk wordt na meerdere marktcycli.

    De marktvooruitzichten voor de wereldwijde economie, de inflatie en het rentebeleid van centrale banken zullen ongetwijfeld invloed blijven uitoefenen op zowel goud als Bitcoin. Voor nu zien we dat de cryptomunt meer dan ooit een plaats probeert te veroveren als betrouwbaar waardeopslagmiddel.

  • Stijgende Obligatierendementen Bedreigen Waardering Van ‘Magnificent Seven’ Techbedrijven

    Stijgende Obligatierendementen Bedreigen Waardering Van ‘Magnificent Seven’ Techbedrijven

    De Amerikaanse tienjarige staatslening klom recent naar bijna 4,8 procent, wat een directe impact heeft op de aandelenkoersen van de grootste technologiebedrijven en daarmee mogelijk op de Amerikaanse consumentenbestedingen.

    Op de Amerikaanse obligatiemarkt klommen de rendementen voor tienjarige staatsleningen recent naar bijna 4,8 procent. Dit zet de waardering van de ‘Magnificent Seven’ technologieaandelen onder druk, een ontwikkeling die bredere gevolgen kan hebben voor de Amerikaanse economie en de bestedingen van consumenten.

    Deze zeven bedrijven – waaronder Apple, Microsoft, Amazon, Alphabet, Meta, Nvidia en Tesla – droegen de afgelopen jaren significant bij aan de economische groei en het consumentenvertrouwen in de Verenigde Staten. Hun sterke prestaties hebben niet alleen de aandelenmarkten gestuwd, maar ook indirect de financiële positie van veel Amerikanen verbeterd.

    Hogere Rentevoeten Drukken Aandelenkoersen

    De link tussen obligatierendementen en aandelenwaarderingen is duidelijk: wanneer de rente op obligaties stijgt, worden deze vastrentende waarden aantrekkelijker in vergelijking met aandelen, vooral voor beleggers die op zoek zijn naar een veilige haven. Voor technologiebedrijven, waarvan de waardering vaak sterk afhankelijk is van toekomstige winsten, betekent een hogere rente dat deze toekomstige kasstromen tegen een hogere discontovoet moeten worden gewogen. Dat maakt ze vandaag minder waard.

    Bovendien drijven stijgende obligatierendementen de kapitaalkosten op voor bedrijven die investeren in groei, zoals de ontwikkeling van artificiële intelligentie. Dit kan de winstmarges onder druk zetten en de expansie vertragen. Wij zien hier een rechtstreekse impact op de bedrijfswinsten, wat uiteindelijk ook de aandelenkoersen zal drukken.

    Impact Op Consumenten En Economie

    De ‘Magnificent Seven’ zijn niet alleen bepalend voor de beurs, maar ook voor de algemene economie. De recente sterke groei van deze bedrijven heeft de Amerikaanse beursindices, zoals de S&P 500, aanzienlijk omhoog getrokken. Een daling in de waardering van deze giganten kan een domino-effect hebben, wat mogelijk het consumentenvertrouwen en de bestedingen beïnvloedt.

    De stijgende rente op Amerikaanse staatsleningen is dan ook meer dan alleen een cijfer op een scherm; het is een signaal dat de financieringskosten in de breedte toenemen. Dit kan leiden tot hogere hypotheekrentes en duurdere leningen voor bedrijven en consumenten, wat de economische groei afremt. Het is een delicate balans die de Federal Reserve nauwlettend in de gaten zal moeten houden.

  • Shell Verwerft 30 Procent Belang In BP-Exploratie In Golf Van Mexico

    Shell Verwerft 30 Procent Belang In BP-Exploratie In Golf Van Mexico

    Energiegigant Shell verwerft een belang van 30 procent in het Conifer-exploratieproject van BP in de Golf van Mexico. Daarnaast neemt Shell een belang van 50 procent in het Tupinambá-exploratieblok, gelegen in het Braziliaanse Santos Basin. BP blijft in beide gevallen de operator, met respectievelijk 70 procent en 50 procent van de belangen in handen. De deal voor Tupinambá vereist nog goedkeuring van toezichthouders.

    Deze transacties tonen aan dat beide bedrijven hun koers wijzigen. Na enkele jaren van aanzienlijke investeringen in hernieuwbare energie en koolstofarme activiteiten, richten Shell en BP zich nu weer sterker op de uitbreiding van hun olie- en gasportfolio’s. De Golf van Mexico is daarbij een strategisch gebied, goed voor ongeveer 15 procent van de Amerikaanse ruwe olieproductie.

    Strategische Heroriëntatie

    De hernieuwde focus op olie- en gasexploratie is een opvallende beweging. Gordon Birrell, uitvoerend vicepresident Upstream bij BP, benadrukt dat de regio’s Brazilië en de Golf van Mexico belangrijk blijven voor het bedrijf. De samenwerking met een ervaren partner als Shell zou de ontwikkeling van deze projecten kunnen versnellen en de positie van BP in exploratie versterken, zo stelt hij. Wij zien dit als een pragmatische stap om de energievraag op korte tot middellange termijn te blijven invullen, terwijl de transitie naar duurzamere energiebronnen voortduurt.

    Het besluit volgt op recente successen van BP in Brazilië. Eerder dit jaar kondigde het bedrijf aan dat de Bumerangue-ontdekking in Brazilië maar liefst 8 miljard vaten aan vloeistoffen bevat. Vorig jaar beschreef BP deze vondst als de grootste ontdekking in 25 jaar, wat Brazilië tot een essentieel onderdeel van zijn upstream-portfolio maakt. Dat dit nu al leidt tot een strategische samenwerking, wijst op de prioriteit die BP aan deze regio geeft.

    De Waarde Van Partnerschappen

    Door belangen te verkopen, kan BP zijn kapitaal efficiënter inzetten en zich richten op het vereenvoudigen en versterken van het bedrijf. Wij lezen dit als een manier om risico’s te spreiden en de financiële slagkracht te behouden voor andere investeringen. Voor Shell betekent het een uitbreiding van hun exploratieactiviteiten in belangrijke olie- en gasregio’s, zonder zelf de volledige operationele verantwoordelijkheid te dragen. Zulke partnerschappen zijn in de energiesector eerder regel dan uitzondering, zeker bij grootschalige en kapitaalintensieve exploratieprojecten.

    Deze transacties illustreren de complexiteit van de energiemarkt, waar grote spelers voortdurend hun portfolio’s herijken om in te spelen op zowel de huidige vraag als toekomstige duurzaamheidsdoelstellingen. De weg naar een groenere economie is duidelijk ingezet, maar de behoefte aan fossiele brandstoffen blijft voorlopig bestaan, en daar spelen deze bedrijven op in.

  • Europese Commissie Toont Begrip Voor 20 Lidstaten Die Deadline Natuurherstelplan Missen

    Europese Commissie Toont Begrip Voor 20 Lidstaten Die Deadline Natuurherstelplan Missen

    Ongeveer twintig lidstaten, waaronder België, hebben de deadline van 1 september 2026 gemist voor de indiening van hun natuurherstelplannen, maar de Europese Commissie reageert begripvol.

    De indiening van nationale natuurherstelplannen, onderdeel van de Europese Green Deal, had tegen 1 september 2026 moeten gebeuren. Twintig van de 27 lidstaten, waaronder België, hebben deze voorlopige versie echter niet op tijd kunnen indienen. De Europese Commissie heeft nu laten weten dat ze hier begrip voor heeft, gezien de complexe aard van de opdracht.

    Volgens een woordvoerster van de Commissie is het proces van begin af aan een “collaboratieve oefening” geweest en erkent men de aanzienlijke inspanning die van lidstaten gevraagd wordt. Hoewel de Commissie inbreukprocedures kan starten bij het missen van deadlines, is dit nooit het primaire doel, zo klinkt het. De verwachting is dat de komende dagen nog meer plannen zullen binnenkomen.

    België Wacht Op Wallonië En Brussel

    Ook België heeft nog geen concreet plan ingediend over hoe het land actief kwetsbare natuurgebieden zal herstellen. Het kabinet van federaal minister van Klimaat en Ecologische Transitie, Jean-Luc Crucke (Les Engagés), wijt de vertraging aan de versnippering van bevoegdheden binnen de Belgische staatsstructuur. Specifiek is het wachten op de deelstaten Wallonië en Brussel om hun bijdrage te leveren. Milieuorganisaties en meerderheidspartij Vooruit hebben bovendien kritiek geuit op het Vlaamse plan, dat zij als ontoereikend beschouwen.

    De Europese Commissie benadrukt haar rol om lidstaten zoveel mogelijk te ondersteunen in dit proces en moedigt hen aan om “echte inspanningen” te leveren voor hun kladversies. Het uiteindelijke doel van de natuurherstelwet, die in 2024 werd goedgekeurd, is het afremmen en herstellen van de achteruitgang van de Europese natuur. Tegen 2030 moeten minstens 30 procent van de land- en zeegebieden in Europa die in slechte staat verkeren, herstelmaatregelen hebben ondergaan. Dit is een ambitieuze doelstelling die een gecoördineerde aanpak vereist, iets waar de huidige vertragingen een uitdaging voor vormen.

  • Nederlandse Planbureaus Zien Nauwelijks Daling Energiekosten Door Nieuwe EU-Klimaatregels

    Nederlandse Planbureaus Zien Nauwelijks Daling Energiekosten Door Nieuwe EU-Klimaatregels

    De Europese Unie wil de industrie ontlasten door de regels voor CO2-uitstoot te versoepelen, maar een gezamenlijk rapport van het CPB en PBL toont aan dat de impact op energiekosten minimaal is. Wel verwachten de planbureaus een aanzienlijke toename van de CO2-uitstoot.

    De Europese Commissie stelde in juli een versoepeling voor van de klimaatregels om de concurrentiepositie van Europese bedrijven te verbeteren. De belangrijkste aanpassing betreft het systeem van CO2-rechten, waarbij bedrijven langer de tijd en meer hulp krijgen om hun uitstoot te verminderen. Klimaatcommissaris Wopke Hoekstra wil onder meer het tempo verlagen waarmee het aantal beschikbare emissierechten naar nul wordt teruggebracht. Dit moet de prijzen voor die rechten doen dalen, en zo de energiekosten voor de industrie drukken.

    Echter, een gezamenlijk rapport van het Nederlandse Centraal Planbureau (CPB) en het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) laat een ander beeld zien. Volgens hun berekeningen zullen de prijzen van de CO2-rechten inderdaad met ruim een tiende dalen dankzij Hoekstra’s plannen. Dit vertaalt zich echter in een minimale besparing voor bedrijven: slechts 2 euro per megawattuur gas. Een druppel op een hete plaat, als je weet dat de marktprijs voor diezelfde hoeveelheid gas momenteel ruim 70 euro bedraagt. Dit lezen wij als een signaal dat de voorgestelde maatregelen de kern van het energieprobleem niet aanpakken, aangezien de impact op de totale energiefactuur van bedrijven te verwaarlozen is.

    Forse Toename CO2-uitstoot Verwacht

    De geringe kostendaling staat in schril contrast met de verwachte impact op het klimaat. Het CPB en PBL waarschuwen dat Hoekstra’s voorstellen de CO2-uitstoot in de EU de komende 25 jaar fors zullen doen toenemen. Het rapport raamt een netto toename van de uitstoot die meer dan elf keer de jaarlijkse uitstoot van Nederland bedraagt. Dit cijfer is gebaseerd op een ruwe doorrekening van de maatregelen die direct invloed hebben op de prijs van de emissierechten. Andere plannen van Hoekstra, zoals extra steun voor verduurzaming, zijn hierin niet meegenomen omdat ze de prijs van de rechten niet wezenlijk veranderen.

    Deze bevindingen suggereren dat de Europese Unie een moeilijke afweging maakt tussen economische concurrentiekracht en klimaatambities. Wij zien vooral dat het versoepelen van klimaatregels een dure manier is om een klein verschil te maken op het vlak van energiekosten, met grote ecologische gevolgen. De milieuorganisaties reageerden dan ook fel op de plannen van Hoekstra in juli, en bestempelden ze als een onaanvaardbare afzwakking van de klimaatdoelen. Ook binnen het bedrijfsleven waren de reacties verdeeld; sommigen zagen het als een stap in de goede richting, terwijl de Europese koepel voor de chemische industrie (Cefic) stelde dat de plannen tekortschieten om de oplopende CO2-kosten aan te pakken.

    Effectievere Oplossingen Liggen elders

    CPB-onderzoeker Herman Vollebergh benadrukt dat de plannen de energiekosten wel drukken, maar te weinig om de meeste bedrijven echt te helpen. De daling valt bovendien in het niet bij de gestegen olie- en gasprijzen, mede door geopolitieke spanningen. Om energie goedkoper te maken, zouden andere middelen effectiever zijn. Vollebergh noemt specifiek het verlagen van de energiebelasting, vooral op stroom, als een maatregel die bedrijven meer zou helpen. Dit toont aan dat er wellicht efficiëntere wegen zijn om de industriële energiekosten te beheersen zonder de klimaatdoelstellingen significant te compromitteren.

    De plannen van Hoekstra zullen naar verwachting nog flink onderhandeld worden in Brussel. Gezien de verdeeldheid onder de lidstaten en de kritiek die er nu al is, lijkt het onwaarschijnlijk dat de voorstellen in hun huidige vorm de eindstreep halen. Sommige landen overwegen zelfs om het hele systeem van CO2-rechten te schrappen of te pauzeren, wat de complexiteit van de situatie nog verder onderstreept.

  • Crypto-Markt Ziet Bitcoin Gouden Kruis Naderen Terwijl USDT ‘Death Cross’ Toont

    Crypto-Markt Ziet Bitcoin Gouden Kruis Naderen Terwijl USDT ‘Death Cross’ Toont

    De crypto-markt ziet uit naar een technisch signaal voor Bitcoin dat een opwaartse trend kan inluiden, ondersteund door een verschuiving in de dominantie van de grootste stablecoin.

    Al jarenlang kijken technische analisten naar de ‘golden cross’ als een potentieel baken voor een aanstaande opwaartse trend in de markten. Dit signaal, waarbij het 50-daagse voortschrijdend gemiddelde van een activum boven het 200-daagse gemiddelde stijgt, staat nu voor de deur voor Bitcoin. Historisch gezien heeft dit patroon in de cryptowereld een gemengde reputatie, maar ditmaal lijkt er extra rugwind te komen van Tether (USDT), de grootste stablecoin.

    De Bitcoin-koers, die de laatste tijd rond de 72.000 euro schommelt, staat op het punt om dit klassieke bullish signaal af te geven. Het ‘golden cross’ duidt erop dat de recente prijsmomentum sterker is dan de bredere, langere termijntrend, wat vaak een verschuiving naar een langdurige bullmarkt markeert. Technisch analisten zien de 50- en 200-dagen gemiddelden als belangrijke indicatoren, hoewel ze per definitie achterlopen op de prijsbewegingen zelf.

    Gemengd Verleden Van Het Gouden Kruis

    De geschiedenis van Bitcoin toont aan dat het ‘golden cross’ geen waterdichte garantie is voor succes. Sinds 2012 heeft Bitcoin twaalf keer dit patroon gevormd. Drie van die keren leidden tot aanzienlijke, langdurige koersstijgingen. Denk aan februari 2012, toen een stijging van 306 procent volgde in het jaar daarna, of mei 2020, wat een toename van 312 procent teweegbracht in de twaalf maanden die daarop volgden. Toen bereikte Bitcoin bijna 64.900 dollar (ongeveer 60.000 euro).

    Aan de andere kant waren er ook momenten dat het signaal snel teniet werd gedaan door een tegenovergesteld ‘death cross’, waarbij het 50-daagse gemiddelde onder het 200-daagse dook. Gemiddeld leverden de negen meetbare ‘golden crosses’ een winst op van 24,9 procent over drie maanden. Echter, slechts drie van de twaalf signalen bleven een volledig jaar intact zonder onderbroken te worden door een ‘death cross’. Die drie leverden dan wel weer een gemiddelde jaarwinst van 250 procent op. Dat maakt ons er niet gerust op dat dit signaal op zichzelf voldoende is om een jaar lang koersstijgingen te garanderen.

    USDT-Dominantie Als Extra Signaal

    Wat dit aankomende ‘golden cross’ mogelijk uniek maakt, is de gelijktijdige beweging in de marktdominantie van Tether (USDT). De USDT-dominantie meet de totale waarde van alle Tether in omloop als percentage van de totale cryptomarkt. Een dalende USDT-dominantie wordt vaak geïnterpreteerd als een teken dat beleggers hun ‘veilige haven’ stablecoins verlaten en kapitaal verschuiven naar risicovollere activa zoals Bitcoin en andere cryptocurrencies. Dat lezen wij als een toename van de risicobereidheid in de markt.

    Historisch gezien hebben schommelingen in de USDT-dominantie grote trendveranderingen in Bitcoin voorspeld. Zo vormde de dominantie in november vorig jaar een ‘golden cross’ en steeg vervolgens sterk, net toen Bitcoin begon te dalen. Nu nadert de USDT-dominantie een ‘death cross’, wat betekent dat het 50-daagse gemiddelde onder het 200-daagse gemiddelde dreigt te zakken. Handelaren beschouwen een aanhoudende daling van de USDT-dominantie als een ‘risk-on’-signaal, aangezien een groter deel van de cryptomarktwaarde dan buiten stablecoins zit. De combinatie van Bitcoin’s ‘golden cross’ en een potentiële ‘death cross’ in de USDT-dominantie suggereert dat de recente prijsmomentum van Bitcoin versterkt, terwijl stablecoins een kleiner aandeel van de totale cryptomarkt vertegenwoordigen.

  • Belgische Banken Verhogen Rentetarieven Na Meer Dan Één Miljard Euro Voor Staatsbon

    Belgische Banken Verhogen Rentetarieven Na Meer Dan Één Miljard Euro Voor Staatsbon

    Wat gebeurt er als de Belgische staat een alternatief aanbiedt voor de klassieke spaarrekening? Binnen amper vijf dagen tijd is er al meer dan 1 miljard euro ingeschreven op de nieuwe staatsbons. Dat blijkt uit een tussentijdse balans van het Federaal Agentschap van de Schuld. Deze snelle instroom dwingt de Belgische banken om hun rentes op termijnrekeningen op te krikken, met MeDirect die nu een nettorente van 2,24 procent aanbiedt op een éénjarige termijnrekening.

    De éénjarige staatsbon, met een brutosrente van 2,75 procent en een nettorente van 1,93 procent na 30 procent roerende voorheffing, blijkt bijzonder populair. Ter vergelijking: bij de vorige uitgifte in juni lag het nettorendement voor een gelijkaardige staatsbon nog op 1,75 procent. Het succes van deze staatsbon volgt op de recordinschrijvingen van 2023, toen een eenmalig verlaagde roerende voorheffing het nettorendement tot 2,81 procent stuwde. De minimale inleg voor de huidige staatsbon bedraagt 100 euro en inschrijven kan nog tot en met 3 september.

    Banken Reageren Met Hogere Rentevoeten

    De snelle inschrijvingen op de staatsbon hebben de Belgische banken wakker geschud. Waar ze in 2023 nog terughoudend waren om de stijgende rentes van de Europese Centrale Bank (ECB) door te rekenen aan spaarders, reageren ze nu alerter. Michaël Van Droogenbroeck, financieel journalist bij VRT NWS, merkt op dat de banken vorig jaar geschrokken waren van de grote geldstromen die van spaarrekeningen naar staatsbons verhuisden. Die geschiedenis speelt nu mee in hun snelle reactie.

    Sinds maandag 24 augustus zagen we een reeks renteverhogingen op termijnrekeningen. Beobank trok bijvoorbeeld de nettorente op een éénjarige termijnrekening op van 1,68 naar 2,10 procent. Bij Argenta steeg die van 1,47 procent naar 1,61 procent. Voor termijnrekeningen met een looptijd van één jaar biedt MeDirect met 2,24 procent nu de hoogste nettorente, gevolgd door Beobank met 2,10 procent. VDK bank en Europabank bieden 1,96 procent, wat nog steeds net boven de nettorente van de éénjarige staatsbon ligt.

    Spaarboekjes Blijven Achter

    Terwijl termijnrekeningen meer competitief worden, blijven de rentes op de klassieke spaarrekeningen bij de grootbanken ver achter. Belfius en KBC bieden op hun standaardspaarrekeningen bijvoorbeeld een rente van 0,6 procent. Dit staat in schril contrast met de 1,93 procent van de staatsbon of de 2,24 procent van de beste termijnrekeningen. Het grote voordeel van een spaarrekening is natuurlijk de onmiddellijke beschikbaarheid van het geld, iets wat bij een staatsbon of termijnrekening niet het geval is.

    Ondanks de hogere rentes op alternatieven, waarschuwt Van Droogenbroeck voor koopkrachtverlies. Met een verwachte inflatie van rond de 5 procent in het komende jaar, blijft zelfs een nettorendement van bijna 2 procent op een staatsbon of termijnrekening onder de inflatie. Dat betekent dat je op het einde van de rit minder kunt kopen dan een jaar eerder, ook al is je kapitaal nominaal gestegen. Dit onderstreept het voortdurende dilemma voor spaarders die op zoek zijn naar een evenwicht tussen veiligheid en rendement.

  • EU Versoepelt Klimaatregels, Maar Industriële Uitstoot Stijgt Onverwacht Fors

    EU Versoepelt Klimaatregels, Maar Industriële Uitstoot Stijgt Onverwacht Fors

    De Europese Unie heeft een van haar belangrijkste klimaatmaatregelen versoepeld, in de hoop de industrie beter te wapenen tegen internationale concurrentie. Het tegendeel lijkt echter te gebeuren. Nieuwe cijfers tonen aan dat de uitstoot door zware industrieën in 2023 met 7 procent is gestegen, ondanks de versoepeling die net de druk moest verlichten. Dat betekent concreet dat de industrie meer broeikasgassen de lucht in stuurde.

    Deze stijging, die het Europees Milieuagentschap (EEA) deze week publiceerde, staat haaks op de verwachtingen. De versoepeling van het emissiehandelssysteem (ETS) moest de kosten voor bedrijven drukken en zo hun concurrentiekracht vergroten. In plaats daarvan zien we dat de uitstoot in sectoren zoals cement, staal en chemie significant toenam. Dat werpt toch vragen op over de effectiviteit van de beleidsaanpassing.

    Vrije rechten blijken dure rekening

    De versoepeling van het ETS-systeem houdt in dat bedrijven minder hoeven te betalen voor de uitstoot van broeikasgassen. Ze krijgen hiervoor gratis emissierechten toegekend. Het idee is dat dit een financieel voordeel oplevert voor bedrijven die gevoelig zijn voor ‘carbon leakage’, het risico dat productie naar landen buiten de EU verhuist met minder strenge klimaatregels. Denk dan aan de cement-, staal- en kunstmestsector. In 2023 kregen deze sectoren 70 procent van de emissierechten gratis, terwijl andere sectoren een groot deel moesten aankopen. Dit had de concurrentiepositie moeten verbeteren, maar de uitstoot stijgt. Wij zien hier vooral een signaal dat het systeem, althans op korte termijn, niet de gewenste prikkel geeft om te verduurzamen, maar eerder de ruimte creëert voor meer uitstoot.

    Concreet steeg de uitstoot in de cementindustrie met 11 procent, in de chemische sector met 8 procent en in de staalproductie met 6 procent. Zelfs in de luchtvaart, die ook onder het ETS valt, nam de uitstoot toe met 8 procent. Dit staat in schril contrast met de energiesector, waar de uitstoot vorig jaar met 15 procent daalde. Die daling komt deels door een toegenomen gebruik van hernieuwbare energiebronnen en minder steenkool.

    Duurzame transitie in gevaar?

    De toegenomen uitstoot in de zware industrie baart zorgen, zeker gezien de ambitieuze klimaatdoelstellingen van de EU. De Unie wil tegen 2030 de uitstoot met 55 procent verminderen ten opzichte van 1990. Als de industrie, die een aanzienlijk deel van de totale uitstoot voor haar rekening neemt, haar uitstoot blijft verhogen, wordt het bijzonder lastig om die doelstellingen te halen. Dit wijst erop dat de balans tussen economische concurrentiekracht en klimaatambities nog moeilijk te vinden is.

    De Europese Commissie werkt intussen aan een herziening van het ETS-systeem, met als doel de gratis emissierechten geleidelijk af te bouwen en te vervangen door een koolstofgrensheffing (CBAM). Die heffing moet ervoor zorgen dat importproducten uit landen met minder strenge klimaatregels niet goedkoper zijn. Het is afwachten of deze aanpassing de industrie wel de juiste richting op stuurt, en of de uitstoot dan eindelijk zal dalen.

  • Sinds Oktober 2025 Zagen Cryptofondsen De Grootste Instroom Van 3,2 Miljard Dollar

    Sinds Oktober 2025 Zagen Cryptofondsen De Grootste Instroom Van 3,2 Miljard Dollar

    Cryptofondsen zagen in de week die eindigde op 26 augustus een aanzienlijke kapitaalinstroom van 3,2 miljard dollar (ongeveer 2,95 miljard euro). Dit is de sterkste week voor netto-instroom sinds oktober 2025, zo blijkt uit een rapport van Bank of America, gebaseerd op gegevens van EPFR. De opleving in de laatste week van augustus bracht beleggers opnieuw naar beheerde cryptoproducten, met Amerikaanse spot ETF’s als voornaamste drijfveer.

    De meerderheid van het nieuwe kapitaal, zo’n 2,6 miljard dollar (ongeveer 2,40 miljard euro), vloeide naar Amerikaanse spot Bitcoin en Ether ETF’s. Dat maakt duidelijk dat deze beursgenoteerde fondsen de belangrijkste motor waren achter de kentering in de kapitaalstromen voor cryptofondsen. Wij zien hierin een bevestiging dat institutionele beleggers een duidelijke voorkeur hebben voor grote, liquide producten die aansluiten bij het traditionele financiële systeem.

    BlackRock’s IBIT Trekt Zwaarste Deel

    De instroom in cryptofondsen was niet zomaar een eenmalige piek. De afgelopen vier weken trokken deze fondsen gemiddeld ongeveer 1,3 miljard dollar (ongeveer 1,20 miljard euro) per week aan, eveneens het hoogste niveau sinds oktober 2025. Deze verbetering volgt op een periode van wisselvallige kapitaalstromen, waarin sterke instroomweken vaak snel werden gevolgd door uitstroom.

    BlackRock’s iShares Bitcoin Trust (IBIT), de grootste spot Bitcoin ETF op de markt, was een van de grootste begunstigden. IBIT trok in de bewuste week ongeveer 930 miljoen dollar (ongeveer 857 miljoen euro) aan, wat de concentratie van institutionele stromen op producten met de grootste schaal en liquiditeit onderstreept. Op papier klinkt dit als goed nieuws voor de cryptomarkt, maar we moeten wel opmerken dat de instroom in crypto plaatsvond naast een bredere verschuiving naar alternatieve activa. Zo trokken goudfondsen in dezelfde week 7,3 miljard dollar (ongeveer 6,73 miljard euro) aan, de grootste wekelijkse instroom voor goud sinds oktober 2025. Dit toont aan dat beleggers hun blootstelling aan activa die traditioneel als veilige haven worden beschouwd, vergroten, terwijl zij de inflatie en het rentebeleid van centrale banken nauwlettend in de gaten houden.

    Risico’s Blijven Bestaan

    Hoewel de instroom een positief signaal is, zijn er ook waarschuwingssignalen. De Bitcoin-koers, die eind augustus nog rond de 80.000 dollar (ongeveer 73.700 euro) schommelde, is sindsdien teruggevallen. Ook Ether daalde, omdat beleggers de vooruitzichten voor de rentetarieven opnieuw evalueren. Dit maakt ons voorzichtig: als de verwachtingen voor het monetaire beleid van de Amerikaanse Federal Reserve verder verkrappen, de rendementen stijgen of de markt verschuift naar een ‘risk-off’ houding, kan de vraag naar crypto snel afnemen.

    Bank of America merkt bovendien op dat de bredere markt zich in een relatief oververhitte toestand bevindt. De Bull & Bear Indicator van de bank steeg naar 9,7, een niveau dat wordt beschouwd als extreem bullish. Dat maakt risicovolle activa, waaronder crypto, kwetsbaarder als de macro-economische omstandigheden veranderen. Voor een duurzame opwaartse trend zal de markt verdere weken van stabiele instroom en een rentebeleid nodig hebben dat geen buitensporige druk uitoefent op risicovolle activa.

  • Taiwan Ziet Solvay 300 Miljoen Euro Investeren Voor Essentiële Chipcomponent

    Taiwan Ziet Solvay 300 Miljoen Euro Investeren Voor Essentiële Chipcomponent

    De Belgische chemiereus Solvay heeft besloten om zijn productiecapaciteit voor extreem zuiver waterstofperoxide in Taiwan fors uit te breiden. Het bedrijf trekt hiervoor 300 miljoen euro uit. Deze investering moet de groeiende vraag van de halfgeleiderindustrie naar dit cruciale product beantwoorden, een sector die in Taiwan bijzonder sterk vertegenwoordigd is.

    De uitbreiding komt er op een moment dat de wereldwijde chipmarkt, na een dip in 2023, opnieuw een sterke groei doormaakt. Waterstofperoxide van ultrahoge zuiverheid is onmisbaar in de productie van halfgeleiders, waar het gebruikt wordt voor het reinigen en etsen van wafers. Solvay, dat al 45 jaar een aanwezigheid heeft in de Taiwanese halfgeleidersector, versterkt hiermee zijn positie als belangrijke leverancier voor chipfabrikanten in de regio.

    Uitbreiding in Tainan

    De nieuwe faciliteiten, die in de tweede helft van tweeëntwintig zesentwintig operationeel moeten zijn, komen in Tainan, de thuishaven van de grootste chipproducent ter wereld, TSMC. De uitbreiding zal de capaciteit voor waterstofperoxide met honderdduizend ton per jaar verhogen. Dit betekent een aanzienlijke schaalvergroting die de Belgische groep in staat stelt om aan de technologische eisen van de volgende generatie chips te voldoen, inclusief de verwerking van grotere 300 mm wafers.

    Deze investering toont aan hoe diep de waardeketen van de chipindustrie verankerd is en hoe bedrijven als Solvay een onzichtbare, maar cruciale rol spelen. De Belgische groep heeft ook in Zuid-Korea en de Verenigde Staten al vergelijkbare uitbreidingen gerealiseerd, wat wij zien als een strategische zet om de wereldwijde toeleveringsketens te diversifiëren en te verstevigen. Het vermindert de afhankelijkheid van één enkele regio en vergroot de veerkracht tegen mogelijke geopolitieke spanningen.

    Focus op duurzaamheid en efficiëntie

    Solvay legt in zijn nieuwe faciliteiten ook de nadruk op duurzaamheid. Ze beloven de milieu-impact te minimaliseren door slimme water- en energiezuinige technologieën te integreren. Specifieke details over de CO2-reductie of het waterverbruik zijn nog niet vrijgegeven, maar we houden het erop dat elke investering in efficiëntie een stap in de goede richting is voor een energie-intensieve industrie als deze.

    Deze ontwikkeling onderstreept de voortdurende race in de halfgeleidersector, waarbij niet alleen de chipfabrikanten zelf, maar ook hun toeleveranciers moeten blijven innoveren en opschalen. De vraag blijft of deze capaciteitsuitbreiding voldoende zal zijn om de toekomstige vraagpieken, gedreven door artificiële intelligentie en andere technologieën, op te vangen. De investering van 300 miljoen euro in Taiwan is in ieder geval een duidelijk signaal van vertrouwen in de lange termijn groei van de sector.

  • Beleggers Zien S&P 500 Index 0,46 Procent Stijgen Na Obligatierente Van 4,79 Procent

    Beleggers Zien S&P 500 Index 0,46 Procent Stijgen Na Obligatierente Van 4,79 Procent

    De Amerikaanse beurzen kenden een positieve woensdag, gestimuleerd door een stabiliserende obligatiemarkt en minder angst voor verdere renteverhogingen door de Federal Reserve.

    De S&P 500 Index sloot woensdag 2 september 2026 0,46 procent hoger, terwijl de Dow Jones Industrial Average 0,56 procent steeg en de Nasdaq 100 Index 0,23 procent won. Deze stijgingen kwamen er nadat de 10-jarige Amerikaanse schatkistrente stabiliseerde op 4,79 procent. Dit was een opvallende ommekeer na een eerdere piek van 4,82 procent, die de hoogste was in twee jaar en negen maanden.

    De markten reageerden positief op twee belangrijke signalen. Ten eerste bleek het ADP-banenrapport voor augustus zwakker dan verwacht, met slechts 38.000 nieuwe banen tegenover de verwachte 47.000. Dit verminderde de verwachtingen voor een agressievere renteverhoging door de Federal Reserve. Ten tweede zorgden de ‘dovish’ opmerkingen van New York Fed-voorzitter John Williams voor opluchting. Hij stelde dat de inflatie gestaag blijft dalen, wat de kans op een verdere beleidsverstrakking verkleint. Deze uitspraken hielpen de dollarindex (-0,08 procent) te dalen na een eerdere stijging.

    ECB En BoJ Zien Hogere Rente In Het Verschiet

    Terwijl de Amerikaanse obligatiemarkt tekenen van stabilisatie vertoonde, was de situatie in Europa en Japan anders. De 10-jarige Duitse bundrente klom naar een 15-jaar hoogtepunt van 3,395 procent en de 10-jarige Britse giltrente bereikte een 19-jaar hoogtepunt van 5,289 procent. Joachim Nagel, bestuurslid van de ECB en voorzitter van de Bundesbank, waarschuwde dat de inflatie nog lang niet in de buurt van de middellangetermijndoelstelling is. Hij gaf aan dat de markten voor 95 procent kans rekening houden met een renteverhoging door de ECB in september. Wij zien hier een duidelijke indicatie dat de Europese Centrale Bank haar strijd tegen de inflatie onverminderd voortzet.

    Ook de Bank of Japan lijkt een koerswijziging voor te bereiden. BOJ-bestuurslid Hajime Takata suggereerde dat een renteverhoging van 25 basispunten deze maand niet uitgesloten is en dat zelfs opeenvolgende verhogingen mogelijk zijn. Dit leidde tot een significante stijging van de Japanse yen met 0,76 procent tegenover de dollar, herstellend van een dieptepunt van een maand. Wij merken op dat de Japanse overheid een hogere rente graag ziet om de yen te ondersteunen en inflatiedruk als gevolg van een zwakke yen tegen te gaan.

    Olieprijzen En Bedrijfsresultaten

    De olieprijzen stegen woensdag naar een zes weken hoogste punt door toenemende spanningen tussen de VS en Iran, wat aanvankelijk de angst voor hogere inflatie aanwakkerde. Toch stabiliseerden de crude-prijzen later op de dag, mede doordat de Amerikaanse energieminister Wright aangaf dat ruim 17 miljoen vaten olie door de Straat van Hormuz waren gepasseerd, wat de zorgen over het aanbod enigszins temperde. Die geopolitieke risico’s kunnen de stabilisatie van de obligatierente echter wel onder druk zetten, een element dat beleggers in het oog moeten houden.

    De aandelenmarkten kregen ook steun van sterke kwartaalresultaten. De S&P 500 ligt op koers voor een winstgroei van bijna 32 procent in het tweede kwartaal, wat ruim boven de prognoses van 23 procent ligt. Vooral de uitgaven voor artificiële intelligentie dragen hieraan bij, waarbij AI-infrastructuurbedrijven naar verwachting bijna 60 procent van de winst per aandeel-groei van de S&P 500 in het tweede kwartaal zullen bijdragen. Dit toont aan dat de AI-hype nog steeds een belangrijke motor is voor de Amerikaanse economie, en wij verwachten dat dit nog even zo blijft.

  • ArbitrumDAO Boekt Inkomsten Van 6,19 Miljoen Euro, Maar Robinhood Chain Zorgt Nu Voor Tweederde Van De Groei

    ArbitrumDAO Boekt Inkomsten Van 6,19 Miljoen Euro, Maar Robinhood Chain Zorgt Nu Voor Tweederde Van De Groei

    Waar veel cryptoprojecten worstelen om hun inkomsten te diversifiëren, heeft de ArbitrumDAO in de eerste helft van 2026 een totaal van 6,19 miljoen euro aan inkomsten gerealiseerd. Opvallend is dat de groei niet langer uit de eigen transactiekosten van Arbitrum One komt, maar uit een nieuwe inkomstenstroom: licentievergoedingen van externe blockchains. De Robinhood Chain nam in juli, de eerste volledige maand op het mainnet, al meteen 35 procent van de totale maandelijkse inkomsten van ArbitrumDAO voor haar rekening.

    Deze verschuiving in inkomstenbronnen, benadrukt in het halfjaarlijkse voortgangsrapport van de Arbitrum Foundation, toont aan dat het ecosysteem van Arbitrum financieel breder wordt. Brendan Ma, hoofd investeringsstrategie bij de Arbitrum Foundation, stelt dat Arbitrum zich nu presenteert als een gediversifieerde economische onderneming met vier inkomstenlijnen en een brutomarge van meer dan 97 procent. Hoewel dit een positieve ontwikkeling lijkt, werpt de sterke afhankelijkheid van één enkele partij, met name de Robinhood Chain, wel een vraag op over de duurzaamheid van deze groeidynamiek op lange termijn.

    Robinhood Chain Een Nieuwe Hoofdpijler

    De Arbitrum Expansion Program (AEP) laat toe dat blockchains die elders afwikkelen, zoals Robinhood Chain die direct op Ethereum afwikkelt, 10 procent van hun nettoprotocolinkomsten afdragen aan het Arbitrum-ecosysteem. In juli bedroegen deze AEP-licentiekosten 360.000 euro (360.000 dollar), wat neerkomt op 35 procent van de totale inkomsten van ArbitrumDAO die maand. Dit impliceert dat de totale inkomsten in juli rond de 1,03 miljoen euro lagen.

    De activiteiten op de Robinhood Chain zijn indrukwekkend te noemen. De keten verwerkte recent 1,43 miljard dollar (ongeveer 1,31 miljard euro) aan gedecentraliseerd beursvolume binnen 24 uur en genereerde 3,75 miljoen dollar (ongeveer 3,44 miljoen euro) aan ketenkosten. Ter vergelijking: Arbitrum One kwam in dezelfde periode aan 193 miljoen dollar (ongeveer 177 miljoen euro) en slechts 14.746 dollar (ongeveer 13.530 euro) aan kosten. De Robinhood Chain heeft dan wel een totale waarde van 757,1 miljoen dollar (ongeveer 695 miljoen euro) vastgezet, wat minder is dan de 1,38 miljard dollar (ongeveer 1,27 miljard euro) van Arbitrum One, maar de snelle groei en de hoge transactievolumes wijzen op een dominante rol.

    Sterke Groei In Real-World Assets

    Naast de financiële diversificatie boekte Arbitrum ook vooruitgang op het vlak van tokenisatie van real-world assets (RWA’s). Eind juni stond Arbitrum bovenaan de lijst wat betreft het aantal uitgerolde tokenized RWA’s, met meer dan 2.000 activa, volgens rwa.xyz. Dit aantal overtreft Solana (2.688) en Ethereum (2.278), dat op zijn beurt de lijst leidt als het gaat om de totale waarde van de activa. Ethereum heeft 17,57 miljard dollar (ongeveer 16,13 miljard euro) aan RWA-waarde, terwijl Arbitrum op 779,4 miljoen dollar (ongeveer 715 miljoen euro) staat.

    De adoptie door grote bedrijven is ook een positief signaal. LG Electronics testte in juni een op de blockchain gebaseerd advertentienetwerk op Arbitrum, en Mastercard breidde zijn ondersteuning voor stablecoin-afwikkelingen uit naar activa op het netwerk. Ook PayPal’s PYUSD, dat in het eerste kwartaal een piek bereikte van 475 miljoen dollar (ongeveer 436 miljoen euro) op Arbitrum, toont het groeiende vertrouwen van traditionele spelers. Met 92,3 procent van de totale ARB-tokens die al zijn vrijgegeven of in de schatkist van de DAO zitten, en een resterend bedrag van 125 miljoen dollar (ongeveer 115 miljoen euro) aan niet-native activa, staat de DAO er financieel stabiel voor. De sterke prestaties van Robinhood Chain in juli suggereren zelfs dat de totale inkomsten voor het derde kwartaal die van het tweede kwartaal met meer dan 40 procent zullen overtreffen, mits die trend zich doorzet.

  • Kraken Stelt Beursgang Uit Tot Minstens Midden 2027

    Kraken Stelt Beursgang Uit Tot Minstens Midden 2027

    Payward, het moederbedrijf van cryptobeurs Kraken, heeft zijn langverwachte beursgang opnieuw uitgesteld. Het bedrijf mikt nu op het tweede kwartaal van 2027 of later, een verdere verschuiving na eerdere pauzes door moeilijke marktomstandigheden.

    Payward, het moederbedrijf achter de Amerikaanse cryptobeurs Kraken, heeft zijn plannen voor een beursgang (IPO) opgeschoven tot minstens het tweede kwartaal van 2027. Dit meldt CoinDesk op basis van anonieme bronnen. Het is de zoveelste keer dat de beursgang van een van de grootste spelers in de cryptosector wordt uitgesteld.

    De onderneming had in november 2025 al een vertrouwelijke conceptregistratie ingediend bij de Amerikaanse beurswaakhond SEC. Destijds haalde Payward nog 800 miljoen dollar (ongeveer 740 miljoen euro) op bij investeerders, wat het bedrijf een waardering van 20 miljard dollar (ongeveer 18,5 miljard euro) opleverde. In maart van dit jaar zette Payward de IPO-plannen al eens in de koelkast vanwege de moeilijke marktomstandigheden, met dalende cryptoprijzen en tegenvallende handelsvolumes.

    Afkoelende Markt Voor Crypto-Beursgangen

    De vertraging bij Kraken is een teken van de afkoelende markt voor beursintroducties in de cryptowereld. De sector hoopte begin 2026 nog op een golf van beursgangen, na succesvolle debuten zoals die van Circle en Bullish vorig jaar. Maar zwakkere cryptoprijzen en tegenvallende prestaties van recent genoteerde digitale activa hebben de beleggerszin danig getemperd.

    Kraken is zeker niet de enige die op de rem trapt. Ook vermogensbeheerder Grayscale, Ethereum-ontwikkelaar Consensys en hardwarewallet-maker Ledger hebben hun plannen voor een beursgang uitgesteld omwille van de marktomstandigheden. Dit toont aan dat zelfs gevestigde spelers met een solide basis de voorkeur geven aan stabiliteit boven een overhaaste beursgang in een volatiel klimaat.

    Kraken Blijft Zich Ontwikkelen

    Ondanks de uitgestelde beursgang blijft Payward zijn activiteiten uitbreiden. Het bedrijf richt zich niet langer enkel op de kernactiviteiten van een cryptobeurs, maar voegt daar traditionele en crypto-derivaten, tokenized equities en betalingsinfrastructuur aan toe. Dit doet het via een reeks overnames en de lancering van nieuwe producten.

    Zo nam Payward in mei de derivatenbeurs Bitnomial over voor 550 miljoen dollar (ongeveer 508 miljoen euro) in contanten en aandelen, en in juli volgde de overname van het stablecoin-betalingsplatform Reap voor 600 miljoen dollar (ongeveer 555 miljoen euro). Recentelijk stemde het bedrijf ook in met de overname van de wallet-infrastructuuractiviteiten van Magic Labs. Deze reeks overnames wijst op een strategie om Kraken te transformeren van een pure cryptobeurs naar een breder financieel dienstverleningsplatform. Payward rapporteerde een aangepaste omzet van 508 miljoen dollar (ongeveer 469 miljoen euro) voor het tweede kwartaal, een stijging van 17 procent ten opzichte van een jaar eerder, terwijl het aantal gefinancierde accounts met 42 procent toenam tot 6,6 miljoen.

  • Crypto-Token Arbitrum Ziet Open Interest Voor Futures Naar 1,58 Miljard Tokens Stijgen

    Crypto-Token Arbitrum Ziet Open Interest Voor Futures Naar 1,58 Miljard Tokens Stijgen

    Na een eerdere daling veert de cryptomarkt vandaag weer op. Bitcoin stijgt opnieuw richting 78.000 dollar en ook andere munten laten groene cijfers zien. Vooral tokens die aan het Robinhood Chain-platform gelinkt zijn, springen eruit met een flinke waardestijging, waarbij de openstaande posities van Arbitrum op de derivatenmarkt een recordhoogte bereiken.

    De cryptomarkt toont vandaag een herstel, met Bitcoin die sinds middernacht (UTC) met 0,76 procent is gestegen, richting een koers van 77.890 dollar (ongeveer 71.900 euro). Hoewel dit een deel van de daling van gisteren goedmaakt, staat de grootste cryptomunt over de afgelopen week nog steeds 2,89 procent lager. Het herstel volgt op een algemene opwaartse beweging in de bredere financiële markten, mede door een verzwakkende dollar.

    Vooral tokens die gelinkt zijn aan het Robinhood Chain-platform vallen op met aanzienlijke koerswinsten. Pons (PONS) steeg de afgelopen 24 uur met maar liefst 30,85 procent tot 0,50 dollar (ongeveer 0,46 euro), en noteert over de hele week zelfs een stijging van 318,72 procent. Arbitrum (ARB) zette zijn opmars voor de derde sessie op rij voort, met een stijging van 16,77 procent in 24 uur naar 0,13 dollar (ongeveer 0,12 euro). De marktkapitalisatie van Arbitrum overschrijdt daarmee de 916 miljoen dollar (ruim 845 miljoen euro). Het handelsvolume van Arbitrum is met 486 miljoen dollar (ongeveer 448 miljoen euro) negen keer zo hoog als vorige week, toen het gemiddeld rond de 50 miljoen dollar per dag lag.

    Arbitrum-derivaten bereiken nieuw record

    De stijging van Arbitrum wordt op de derivatenmarkt bevestigd. De open interest, de totale waarde van openstaande futurescontracten, voor ARB-derivaten is met bijna 10 procent toegenomen tot een recordhoogte van 1,58 miljard ARB-tokens. Dit duidt erop dat veel handelaren inzetten op verdere koersstijgingen. De positieve beweging van ARB is grotendeels toe te schrijven aan de inkomsten die voortvloeien uit de samenwerking met Robinhood Chain. Pons, de andere uitblinker, is de grootste inkomstenbron voor Robinhood Chain en hanteert een mechanisme waarbij zo’n 80 procent van de protocolinkomsten wordt gebruikt om de eigen tokens terug te kopen en te vernietigen, wat de waarde direct ten goede komt.

    Bitcoin-ETF’s zien lichte uitstroom

    De algemene stemming op de cryptomarkt is verschoven naar neutraal, na een eerder bearish sentiment. De totale open interest voor cryptofutures blijft stabiel rond de 136 miljard dollar (ongeveer 126 miljard euro), terwijl het handelsvolume met 7 procent daalde naar 187 miljard dollar (ongeveer 172 miljard euro). Bij de spot Bitcoin-ETF’s was er gisteren een uitstroom van 9,3 miljoen dollar (ongeveer 8,6 miljoen euro). Dit is de tweede dag op rij met een netto-uitstroom, hoewel het bedrag een fractie is van de 239 miljoen dollar die eerder deze week werd onttrokken.

    De 30-daagse impliciete volatiliteit voor Bitcoin- en Ethereum-opties blijft laag. Dit wijst op weinig angst in de optiemarkt en ondersteunt de bullish trend in de spotmarkten. We zien dat de optiestromen voor Bitcoin bullish blijven, met veel activiteit op call-opties met hogere uitoefenprijzen van 82.000 en 84.000 dollar. Dit weerspiegelt het aanhoudende optimisme over verdere prijsstijgingen, ook al is de zeven-daagse skew, die het prijsverschil tussen calls en puts meet, wat teruggevallen van recente hoogtepunten.

  • Syensqo Kan 3 Miljard Euro Krijgen Voor Divisie, Grote Namen Tonen Interesse

    Syensqo Kan 3 Miljard Euro Krijgen Voor Divisie, Grote Namen Tonen Interesse

    De divisie Performance & Care van het Belgische chemiebedrijf Syensqo kan bij een verkoop maar liefst 3 miljard euro opbrengen. Dat hoge bedrag trekt de aandacht van enkele van de grootste private-equitybedrijven ter wereld, waaronder Blackstone en Apollo, die interesse tonen in een overname. Het is een mogelijke deal die de financiële positie van Syensqo aanzienlijk zou kunnen versterken, amper anderhalf jaar na de beursgang van het bedrijf.

    De interesse van dergelijke grote spelers in de private-equitywereld geeft aan dat de markt de divisie hoog inschat. Syensqo, dat pas in december 2023 afsplitste van Solvay en een eigen beursnotering kreeg, heeft met Performance & Care een tak die gespecialiseerd is in hoogwaardige materialen en chemicaliën, vaak met toepassingen in sectoren als persoonlijke verzorging en gezondheidszorg. Wij zien dit als een teken dat de strategie om de divisie meer op zichzelf te laten opereren, nu al vruchten afwerpt in de perceptie van investeerders.

    Afsplitsing van Solvay

    Syensqo ontstond eind vorig jaar uit een afsplitsing van chemiegroep Solvay. Het idee achter die splitsing was om twee afzonderlijke, meer gefocuste bedrijven te creëren: Solvay zou zich concentreren op essentiële chemicaliën, terwijl Syensqo zich zou richten op de meer innovatieve en groei-georiënteerde speciale materialen. De Performance & Care-divisie past perfect in dat laatste profiel. Op papier klinkt zo’n strategische herpositionering altijd mooi, maar de huidige interesse toont aan dat de markt de waarde van de afgesplitste entiteiten ook daadwerkelijk erkent.

    De potentiële verkoop van een deel van dit ‘nieuwe’ Syensqo toont de dynamiek in de chemiesector. Bedrijven zoeken voortdurend naar manieren om waarde te creëren voor hun aandeelhouders, en het afstoten van onderdelen die misschien niet langer als kernactiviteit worden gezien, kan daar een krachtig middel voor zijn. Voor Syensqo zou een verkoop van Performance & Care een aanzienlijke kapitaalinjectie betekenen, die gebruikt kan worden voor schuldafbouw, investeringen in andere groeidomeinen of een terugkoop van eigen aandelen.

    Welke richting kiest Syensqo?

    Met de getoonde interesse van private-equitygiganten zoals Blackstone en Apollo, is de bal nu aan het rollen. Het is echter nog onduidelijk of Syensqo daadwerkelijk tot een verkoop zal overgaan, of dat het de opties enkel exploreert. Een deal van deze omvang, 3 miljard euro is immers geen klein bier, vergt maanden van onderhandelingen en due diligence.

    Het is bovendien nog maar de vraag of de leiding van Syensqo de Performance & Care-divisie, die een belangrijke bijdrage levert aan de diversificatie en innovatiekracht van het bedrijf, wel wil afstoten zo kort na de eigenstandige lancering. Wij twijfelen of het bedrijf zo snel al een van zijn kroonjuwelen van de hand doet, tenzij de prijs inderdaad onweerstaanbaar hoog is en de strategische voordelen op lange termijn opwegen tegen het verlies van deze divisie. Wij volgen dit zeker verder op.