Categorie: Block #9

  • Rabobank En Voedselbanken Nederland Slaan De Handen In Elkaar

    Rabobank En Voedselbanken Nederland Slaan De Handen In Elkaar

    Rabobank en Voedselbanken Nederland hebben de krachten gebundeld in een meerjarige samenwerking. Het doel? Het bereik van voedselhulp voor mensen in armoede vergroten en tegelijkertijd voedselverspilling tegengaan. Rabobank ondersteunt de organisatie niet alleen financieel, maar zet ook haar uitgebreide netwerk in de voedsel- en landbouwsector in om een grotere impact te maken.

    In Nederland leven volgens cijfers van het CBS 551.000 mensen onder de armoedegrens. Deze mensen hebben wekelijks niet genoeg middelen om gezond en voldoende te eten. Voedselbanken Nederland helpt jaarlijks ongeveer 150.000 van deze mensen.

    De hulp van Voedselbanken Nederland gaat verder dan alleen het verstrekken van voedselpakketten. De organisatie koppelt ondersteuning aan begeleiding in een zogenaamd ‘pakket met een traject’, gericht op het bevorderen van financiële zelfredzaamheid en het ondersteunen van mensen om weer op eigen benen te staan.

    Onder de Radar

    Met de nieuwe samenwerking ondersteunt Rabobank niet alleen de landelijke organisatie achter 181 lokale voedselbanken en 10 distributiecentra, maar ook twee projecten die de voedselhulp toekomstbestendig moeten maken.

    Eén van die projecten is het programma Onder de Radar. Hiermee zoekt Voedselbanken Nederland actief naar mensen die recht hebben op hulp, maar de weg naar de voedselbank nog niet hebben gevonden. Schaamte en onbekendheid vormen vaak een grote barrière.

    Het programma Onder de Radar omvat onder meer landelijke campagnes, trainingen voor vrijwilligers en een vereenvoudigd aanmeldproces. Sinds de start in 2023 zijn via de eerste landelijke campagne al meer dan 5.000 nieuwe huishoudens bereikt. Dankzij de bijdrage van Rabobank wordt Onder de Radar de komende drie jaar opgeschaald tot een volledig landelijk en geïntegreerd programma.

    Verminderen van voedselverspilling

    Daarnaast ondersteunt Rabobank een initiatief dat zich richt op het verminderen van voedselverspilling. Dit project wordt de komende periode verder uitgewerkt en uitgerold. Door haar netwerk in de agrifoodsector in te zetten, wil de bank bijdragen aan een efficiëntere benutting van beschikbare voedselstromen.

    De samenwerking past binnen de onlangs aangekondigde maatschappelijke koers van Rabobank, waarin de bank de komende jaren extra wil investeren in het thema gezondheid. Hierbij ligt de focus op een gezonde leefstijl, preventie en betere toegang tot hulp, met speciale aandacht voor kinderen en kwetsbare groepen.

    Volgens Maartje Gosselink, hoofd Financieel Gezond Leven bij Rabobank, versterkt de samenwerking met Voedselbanken Nederland zowel de voedselzekerheid als de financiële veerkracht. “Door voedselhulp te koppelen aan begeleiding richting financiële stabiliteit ontstaat ruimte voor mensen om weer perspectief op te bouwen”, aldus Gosselink.

  • Nieuwe Staatsobligatie Op Eén Jaar Rendement: 2%

    Nieuwe Staatsobligatie Op Eén Jaar Rendement: 2%

    De nieuwe staatsobligatie met een looptijd van één jaar, die op 4 maart 2026 wordt uitgegeven, biedt een bruto rendement van 2,00%. Daarnaast biedt de obligatie met een looptijd van acht jaar een rendement van 2,80%.

    Kort Overzicht

    – De éénjarige staatsobligatie biedt een bruto rendement van 2% of 1,40% netto.
    – De achtjarige staatsobligatie biedt een bruto rendement van 2,80% of 1,96% netto.
    – Inschrijving is mogelijk vanaf 23 februari 2026.

    Inschrijvingsprocedure

    Inschrijven op de staatsobligaties kan via de uitgevende banken vanaf maandag 23 februari 2026 tot en met dinsdag 3 maart 2026.

    Daarnaast kunnen geïnteresseerden ook inschrijven via het Grootboek van de Staatsschuld vanaf maandag 23 februari 2026 tot en met maandag 2 maart 2026. Het is belangrijk dat het geld uiterlijk op 3 maart 2026 op de rekening van de overheid staat.

    De rente op de staatsobligaties is bruto. Om het netto rendement van de spaarder te berekenen, dient dit met 30% te worden verminderd.

  • Nieuwe Pensioenregelgeving Van De EU Ontvangt Warm Welkom Van DUFAS

    Nieuwe Pensioenregelgeving Van De EU Ontvangt Warm Welkom Van DUFAS

    DUFAS heeft positief gereageerd op het extra pensioenpakket dat de Europese Commissie afgelopen november heeft voorgesteld. Volgens de Nederlandse brancheorganisatie voor vermogensbeheerders, vormt dit pakket een belangrijke stap in de richting van meer robuuste en toekomstbestendige pensioenstelsels binnen de Europese Unie.

    Verfijning van bestaande Europese regels

    Het voorgestelde pakket omvat aanbevelingen voor lidstaten en aanpassingen aan bestaande Europese regelgeving. De herziening van de IORP II-richtlijn, het raamwerk voor pensioenfondsen, en de PEPP-verordening voor een pan-Europees individueel pensioenproduct, zijn hier onderdeel van.

    DUFAS benadrukt het belang van goed functionerende pensioenstelsels voor een passend inkomen na pensionering. Daarnaast spelen deze stelsels een cruciale rol in het mobiliseren van langetermijnkapitaal voor de Europese economie, in lijn met de ambities van de Europese Spaar- en Investeringsunie.

    Ondersteuning voor het Prudent Person Principle

    De organisatie spreekt vooral haar steun uit voor de voorgestelde verduidelijking van het Prudent Person Principle, dat bepaalt hoe pensioenfondsen hun beleggingen moeten beheren. Door uitdrukkelijk ruimte te maken voor langetermijnbeleggingen, zoals aandelen en minder liquide activa, kunnen fondsen beter anticiperen op hun lange horizon. Dit zal zowel de pensioenresultaten als investeringen in de Europese economie ten goede komen.

    Tegelijkertijd waarschuwt DUFAS voor mogelijke neveneffecten. Nieuwe regels moeten geen kortetermijndenken bevorderen, vooral niet in landen met relatief sterke stelsels, zoals Nederland.

    Wijzigingen in PEPP om product aantrekkelijker te maken

    Ook de voorgestelde wijzigingen aan het Pan-Europees Persoonlijk Pensioenproduct (PEPP) worden goed ontvangen. DUFAS geeft aan dat het huidige kader tot nu toe onvoldoende heeft geleid tot brede implementatie. Meer flexibiliteit kan het product aantrekkelijker maken voor aanbieders en deelnemers, vooral in lidstaten met minder ontwikkelde aanvullende pensioenstelsels.

    De plannen zullen binnenkort worden voorgelegd aan het Europees Parlement en de Raad van de EU. DUFAS heeft aangegeven het wetgevingsproces nauwlettend in de gaten te houden en in gesprek te blijven met beleidsmakers op zowel Europees als nationaal niveau.

  • Test-aankoop Daagt Datassur Voor De Rechter Over Controversiële ‘zwarte Lijst’ Van Verzekeraars

    Test-aankoop Daagt Datassur Voor De Rechter Over Controversiële ‘zwarte Lijst’ Van Verzekeraars

    Consumentenorganisatie Test-Aankoop heeft een klacht ingediend bij de Gegevensbeschermingsautoriteit tegen Datassur, het bedrijf dat de zogenaamde ‘zwarte lijst’ van Belgische verzekeraars beheert.

    Een aanzienlijke groei van de ‘zwarte lijst’

    Eind 2024 telde deze zwarte lijst 122.392 personen. De opgenomen individuen lopen het risico geen verzekering meer te kunnen afsluiten, of aanzienlijk meer te moeten betalen voor hun dekking. Test-Aankoop betwist deze praktijk.

    Wat is de RSR of ‘zwarte lijst’?

    De ‘zwarte lijst’, ook bekend als RSR (risques spéciaux, speciale risico’s), bevat de namen van consumenten die als een speciaal risico worden beschouwd. Dit kan te wijten zijn aan het niet betalen van hun verzekeringspremie, een overdaad aan schadeclaims, of gepleegde fraude. Er zijn in totaal dertien redenen die kunnen leiden tot opname op deze lijst.

    Verzekeraars gebruiken deze lijst om elkaar te informeren over deze risico’s, om zo te voorkomen dat de betrokken personen van de ene naar de andere maatschappij overstappen en overal schade veroorzaken.

    Groei van de zwarte lijst en de gevolgen

    Tussen 2022 en 2024 nam het aantal personen op de lijst met meer dan een kwart toe. Personen op deze lijst ondervinden vaak automatische weigering bij het aanvragen van een nieuwe verzekering, of worden geconfronteerd met hoge premies als compensatie voor het verhoogde risico.

    Volgens Test-Aankoop is deze automatische premieverhoging, die geen rekening houdt met specifieke omstandigheden, onrechtmatig. Daarom heeft de organisatie een klacht ingediend bij de Gegevensbeschermingsautoriteit.

  • Nalatenschapsplanning: Financiële Kwesties In Nieuw Samengestelde Gezinnen Onder De Loep

    Nalatenschapsplanning: Financiële Kwesties In Nieuw Samengestelde Gezinnen Onder De Loep

    Als je besluit samen te wonen met een nieuwe partner, mogelijk ook met kinderen uit eerdere relaties, moet je ook financieel enkele zaken in overweging nemen.

    Beslissingen die je moet nemen

    Het is belangrijk om enkele cruciale vragen te beantwoorden: wil je een aparte rekening of een gezamenlijke rekening? Het is ook belangrijk om duidelijk te weten wat van wie is: feitelijke en wettelijke samenwonenden hebben immers geen gemeenschappelijk vermogen. Bovendien is het belangrijk om te denken aan successieplanning: je moet actie ondernemen om ervoor te zorgen dat je kinderen en nieuwe partner zoveel mogelijk erven volgens jouw wensen.

    Wat je moet weten over geldzaken in een nieuw samengesteld gezin

    Wanneer je een nieuw samengesteld gezin vormt, is het belangrijk dat jij en je partner goed zicht hebben op de beschikbare middelen en de lopende schulden. Cruciale vragen die je moet beantwoorden zijn: hebben jij en je partner aparte rekeningen, een gezamenlijke rekening of beide? Draagt elke partner evenveel bij aan de gezamenlijke uitgaven of in verhouding tot het inkomen?

    Hoe je eigendommen en inkomsten worden beheerd

    Als je feitelijk samenwoont, blijven jij en je partner elk eigenaar van je eigen bezittingen en inkomsten. Ook jouw schulden blijven van jou. In geval van een relatiebreuk moet je zelf bewijzen welke goederen van jou zijn.

    Wat je moet weten als je in vastgoed investeert

    Ongeacht of je nu getrouwd bent, wettelijk of feitelijk samenwoont, je kunt altijd samen met je partner een hypotheek afsluiten om een woning te kopen. De kredietverstrekker kan elke medelener aansprakelijk stellen om het hele bedrag terug te betalen.

    Hoe je je nalatenschap moet regelen

    Als je feitelijk samenwoont met je nieuwe partner, erft die wettelijk gezien niets van jou. Hetzelfde geldt voor zijn of haar kinderen. Als je je partner of diens kinderen iets wilt nalaten, moet je dat zelf regelen via een testament.

  • De Financiële Implicaties Van Ongelijke Inbreng In Een Woonlening

    De Financiële Implicaties Van Ongelijke Inbreng In Een Woonlening

    Als we het hebben over het kopen van een huis, is de regel in de meeste gevallen dat je maximaal 90% van de aankoopwaarde kunt lenen. De overige 10% moet je zelf bekostigen. Met een gemiddelde woningprijs in België van 348.800 euro, betekent dit dat de eigen inbreng neerkomt op gemiddeld 34.880 euro. Maar wat gebeurt er als jij en je partner samen lenen, maar niet allebei evenveel kunnen bijdragen?

    De Standaard Eigendomsverdeling

    Zonder verdere regelingen, zal het eigendom van de woning gelijk verdeeld worden tussen jou en je partner, ongeacht de eigen bijdrage van ieder. Dit kan leiden tot financiële conflicten als de relatie op een dag eindigt. Om je oorspronkelijke inbreng te beschermen, is het verstandig om bepaalde afspraken te maken.

    Ongelijke Eigendomsverdeling

    Een eenvoudige manier om dit aan te pakken is door de eigendomsverdeling van de woning in lijn te brengen met de financiële bijdrage van elke partner. Als een partner bijvoorbeeld 30% van de eigen inbreng betaalt en de andere 70%, dan kan deze 30-70 verdeling in de aankoopakte worden opgenomen. Als de relatie eindigt en de woning wordt verkocht, krijgen beide partners hun deel van de opbrengst in dezelfde verhouding.

    Gelijke Eigendomsverdeling

    Ondanks een ongelijke financiële bijdrage, kunnen partners ervoor kiezen om een leningsovereenkomst aan te gaan. De partner die meer bijdraagt, leent dan een bedrag aan de andere partner, zodat beiden de helft van de eigen inbreng kunnen betalen. Dit maakt hen beiden voor de helft eigenaar van de woning.

    Een alternatief is dat de partner die minder bijdraagt een schulderkenning opneemt in de notariële akte. Hiermee erkent deze partner een bepaald bedrag verschuldigd te zijn aan de partner die meer heeft bijgedragen. Beide partners zijn dan nog steeds voor 50% eigenaar van het onroerend goed.

    Waarom voor een 50-50 Verhouding Kiezen?

    Een gelijke eigendomsverdeling kan voordelen bieden voor samenwonende partners. Ze kunnen dan een aanwasbeding opnemen in de notariële akte, wat betekent dat de langstlevende partner de volledige eigendom van de woning kan verkrijgen. Dit kan alleen als beide partners een vergelijkbare levensverwachting hebben en evenveel inleggen.

    Bovendien kunnen niet-getrouwde koppels een ‘verklaring van anticipatieve of voorafgaande inbreng’ opnemen in de aankoopakte. Hierdoor komt de gekochte woning automatisch in het gemeenschappelijke vermogen, als de partners later besluiten te trouwen onder het wettelijk stelsel. Ook dit is alleen mogelijk als beide partners voor de helft eigenaar zijn.

    Vraag & Antwoord

    Wat gebeurt er als mijn partner en ik ongelijk bijdragen aan de woonlening en we regelen niets?
    Als je niets regelt, zullen jullie beiden voor de helft eigenaar van de woning zijn, ongeacht hoeveel jullie elk hebben bijgedragen. Dit kan leiden tot financiële conflicten als de relatie eindigt.

    Hoe kunnen we een ongelijke bijdrage aan de woonlening regelen?

    Een manier is om de eigendomsverdeling van de woning in lijn te brengen met de financiële bijdrage van elke partner. Je kunt ook een leningsovereenkomst aangaan waarbij de partner die meer bijdraagt, een bedrag leent aan de andere partner.

    Wat zijn de voordelen van een 50-50 eigendomsverdeling?

    Een gelijke eigendomsverdeling kan voordelen bieden zoals het opnemen van een aanwasbeding in de notariële akte, wat betekent dat de langstlevende partner de volledige eigendom van de woning kan verkrijgen. Bovendien kan de gekochte woning automatisch in het gemeenschappelijk vermogen komen, als de partners later besluiten te trouwen onder het wettelijk stelsel.

  • Versterkte Wereldwijde Samenwerking Tussen Adyen En Uber

    Versterkte Wereldwijde Samenwerking Tussen Adyen En Uber

    Adyen en Uber hebben aangekondigd hun wereldwijde partnerschap te hernieuwen en uit te breiden, voortbouwend op hun sinds 2012 bestaande samenwerking. Adyen blijft als belangrijke betalingspartner fungeren voor Uber, dat actief is in meer dan 70 landen verspreid over zes continenten.

    Uitbreiding gericht op groei en internationalisering

    De uitbreiding komt voort uit het toenemende gebruik van Adyen’s betaalplatform door Uber, met als doel betere prestaties, het integreren van lokale betaalmethoden en het bevorderen van internationale expansie. Nieuwe markten omvatten de Verenigde Arabische Emiraten, Hongkong en het Caribisch gebied. Daarbij wordt local acquiring ook uitgebreid in belangrijke markten zoals Japan, Mexico, Nieuw-Zeeland en Australië.

    Introductie van nieuwe lokale betaalmethoden

    Er worden ook nieuwe, snelgroeiende lokale betaalmethoden toegevoegd. Uber zal nu onder andere Pix in Brazilië, AfterPay in Australië en WeChat Pay wereldwijd ondersteunen voor reizigers die een Uber-rit boeken via de WeChat-mini-app.

    Trevor Nies, SVP Global Head of Digital bij Adyen, benadrukt dat de uitbreiding de gezamenlijke ambitie onderstreept om op wereldwijde schaal op te schalen.

    Uber lanceert kiosken met Adyen-technologie

    Een van de nieuwe businesslijnen is de introductie van Uber-kiosken, die werken met Adyen-terminals. Deze kiosken bieden reizigers een nieuwe manier om een Uber-rit te boeken zonder gebruik te maken van een smartphone of mobiele databundel, wat met name voordelig is voor internationale reizigers.

    Gebruikers kunnen bij de kiosk hun bestemming invoeren, een ritoptie selecteren en vervolgens een papieren bon met ritgegevens ontvangen. De eerste Uber-kiosk is reeds in gebruik op LaGuardia Airport in New York, met plannen voor verdere uitrol naar hotels, havens en internationale luchthavens wereldwijd in de komende maanden.

  • Verhoogde Bescherming Tegen Fraude Met Itsme-App Door Extra Verificatie

    Verhoogde Bescherming Tegen Fraude Met Itsme-App Door Extra Verificatie

    Itsme heeft extra beveiligingslagen geïmplementeerd om de gebruikers van de inlogapp beter te beschermen tegen fraudeurs. Een van deze maatregelen is een toegevoegd verificatiescherm.

    Regelmatig worden er verhalen bekend van Belgen die ten prooi vallen aan fraude met hun bankrekening. De slachtoffers worden benaderd door oplichters die zich voordoen als bankmedewerkers. Deze oplichters beweren dat er een probleem is met een betaling en dat deze transactie dringend goedgekeurd moet worden. Onder druk geven consumenten dan vaak de goedkeuring voor de transactie via de Itsme-app, wat leidt tot het leeghalen van hun bankrekening.

    Voorkomen van phishing

    Om consumenten beter te beschermen, heeft Itsme een aantal nieuwe functies geïntroduceerd. Wanneer de app detecteert dat een gebruiker een Itsme-actie ontvangt tijdens een telefoongesprek of via sociale media, wordt er een duidelijke waarschuwing voor mogelijke fraude weergegeven.

    Het is belangrijk om te benadrukken dat het extra verificatiescherm de actie niet blokkeert. Echter, het verleent wel de controle aan de gebruiker om zelf te beslissen de transactie te weigeren of uit te voeren. “Met het nieuwe verificatiescherm waarschuwen we gebruikers voor mogelijke problemen en proberen we te voorkomen dat ze onbewust de instructies van een oplichter volgen”, aldus woordvoerster Hannah Cloetens.

    Contextuele informatie delen met banken

    Daarnaast deelt Itsme ook de context waarin een actie plaatsvindt met de banken, uiteraard anoniem. Dit kan bijvoorbeeld zijn wanneer een Itsme-actie wordt uitgevoerd op een nieuw apparaat, met een nieuw telefoonnummer, of door een nieuwe gebruiker die direct meerdere acties onderneemt.

    Op basis van deze informatie kunnen banken automatisch een risicoanalyse uitvoeren en een risicoscore toekennen aan elke Itsme-actie. Als deze score te hoog is, kan de bank besluiten de transactie te vertragen of in uitzonderlijke gevallen te weigeren.

  • Verandering in Pensioenberekening: Werkloosheid Leidt tot Verminderde Pensioenopbouw

    Verandering in Pensioenberekening: Werkloosheid Leidt tot Verminderde Pensioenopbouw

    Sinds kort is een nieuwe regelgeving van kracht die de pensioenopbouw beïnvloedt voor mensen die werkloos zijn, in een Stelsel van Werkloosheid met Toeslag (SWT, vroeger bekend als brugpensioen) zitten, of gebruik maken van bepaalde landingsbanen. Deze nieuwe maatregel verandert de wijze waarop het pensioen wordt berekend: niet meer op basis van het laatst verdiende salaris, maar op basis van een beperkt fictief loon.

    Reden voor de verandering

    Eerder was het mogelijk dat iemand gedurende een periode van werkloosheid meer pensioen kon opbouwen dan iemand die bleef werken. De regering wil hier verandering in brengen en deze ongelijkheid aanpakken. De maatregel, die al sinds vorig jaar bekend was, is van toepassing op pensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2027 en werd vorige maand gepubliceerd in het Staatsblad.

    Uitleg van de oude situatie

    De ongelijkheid kon ontstaan omdat bij werkloosheid het pensioen niet werd berekend op de daadwerkelijke werkloosheidsuitkering die de werkloze persoon ontving, maar op basis van het laatste salaris dat hij of zij verdiende bij de laatste werkgever. Hierdoor kon iemand die werkte tegen een lager salaris minder pensioen opbouwen dan een werkloze wiens laatste salaris hoger was.

    Details van de nieuwe maatregel

    In het regeerakkoord besloot de regering om enkele gelijkgestelde periodes zoals werkloosheid, SWT, pseudo-brugpensioen en landingsbanen niet meer gelijk te stellen met het laatste daadwerkelijke salaris, maar met een beperkt fictief loon. Dit refereert naar het minimum gewaarborgd loonplafond, dat momenteel 32.764 euro op jaarbasis bedraagt.

    Uitzonderingen en impact van de nieuwe maatregel

    De nieuwe maatregel geldt niet voor tijdelijke werkloosheid of voor landingsbanen waarbij een aanvraag vóór 1 februari 2025 werd gedaan, of voor landingsbanen waarbij iemand zijn pensioen opneemt op de wettelijke pensioenleeftijd of later. Onder de nieuwe regelgeving zal het pensioenbedrag in verschillende situaties lager uitvallen. De impact zal echter wellicht beperkt blijven, omdat de regering ook heeft besloten om de werkloosheidsuitkeringen te beperken tot twee jaar.

    Belangrijke aanvullende maatregel

    Een relevante bijkomende maatregel die nog in de maak is voor (langdurig) werklozen is de beperking van de periode dat werkloosheid (of andere gelijkgestelde perioden) kan bijdragen aan de berekening van het pensioen. Als iemands carrière voor meer dan 40 procent uit gelijkgestelde periodes bestaat, zullen deze gelijkgestelde periodes vanaf 2027 slechts voor 40 procent meetellen.

    Vraag en Antwoord

    Wat is de belangrijkste verandering in de pensioenberekening?
    De pensioenberekening wordt niet langer gebaseerd op het laatst verdiende salaris, maar op een beperkt fictief loon. Dit beïnvloedt vooral mensen die werkloos zijn, in een Stelsel van Werkloosheid met Toeslag (SWT) zitten, of gebruik maken van bepaalde landingsbanen.

    Waarom is deze verandering doorgevoerd?
    De verandering is doorgevoerd om een ongelijkheid aan te pakken waarbij iemand tijdens zijn werkloosheid meer pensioen kon opbouwen dan iemand die aan het werk was.

    Voor wie geldt de nieuwe maatregel?
    De maatregel is van toepassing op pensioenen die ingaan vanaf 1 januari 2027. Het geldt echter niet voor tijdelijke werkloosheid of voor landingsbanen waarbij een aanvraag vóór 1 februari 2025 werd gedaan, of waarbij iemand zijn pensioen opneemt op de wettelijke pensioenleeftijd of later.

  • Belfius introduceert speciale Batibouw-tarieven voor renovatieleningen

    Belfius introduceert speciale Batibouw-tarieven voor renovatieleningen

    Tijdens Batibouw stelt Belfius speciale tarieven voor van 2,95% en 3,25% voor respectievelijk de Energie renovatielening en de standaard renovatielening.

    Speciale tarieven

    Belfius biedt een speciaal tarief van 2,95% aan op een groene renovatielening. Daarnaast bedraagt het tarief voor een standaard renovatielening 3,25%.

    Extra voordelen

    Belfius biedt zijn kredietnemers ook een renovatiecheque aan. Klanten die een renovatie uitvoeren bij Belfius hebben recht op een renovatiecheque van 250 euro die ze kunnen besteden via een netwerk van vakmannen aangesloten bij Jaimy.

    Voordelen voor huiseigenaars

    Belfius-klanten die kiezen voor een woonkrediet en bovendien een brandverzekering afsluiten, ontvangen twee maanden korting op de eerste jaarlijkse premie van een nieuwe standaard woonverzekering voor eigenaars.

  • Meerwaardebelasting: Wat Elke Belegger Moet Weten Voor 2026

    Meerwaardebelasting: Wat Elke Belegger Moet Weten Voor 2026

    Actieve beleggers worden vaak geconfronteerd met de complexiteit van de meerwaardebelasting. Voorbereiding is cruciaal om deze administratieve hindernissen te overwinnen. Hoewel de wetsvoorstellen voor de meerwaardebelasting nog goedgekeurd moeten worden, is de regering-De Wever al overeengekomen over de basisprincipes van deze belasting. De ingangsdatum is al vastgesteld op 31 december 2025. Het is nu al duidelijk dat de meerwaardebelasting een extra administratieve last zal betekenen voor actieve beleggers.

    De meerwaardebelasting is een personenbelasting en is dus alleen van toepassing op natuurlijke personen. Dit betekent dat inwoners van België onder deze belasting vallen. Ook bepaalde Belgische fiscaal transparante juridische structuren en rechtspersonen, zoals vzw’s en verenigingen, vallen in principe onder deze belasting. Ondernemingen blijven echter uitgesloten.

    Wanneer valt u onder de meerwaardebelasting?

    Niet alle Belgische inwoners zullen met de meerwaardebelasting te maken krijgen. Als u alleen een zichtrekening, spaarboekje en/of termijnrekening heeft bij uw bank, blijft u buiten schot. U wordt alleen belast wanneer u een meerwaarde realiseert op een van de financiële instrumenten, zoals aandelen, obligaties, beleggingsfondsen, ETF’s, geldmarktinstrumenten en derivaten.

    U wordt alleen belast wanneer u een meerwaarde realiseert op een van de bovengenoemde instrumenten, op het moment van de verkoop. Deze meerwaarde is simpelweg de verkoopprijs min de aankoopprijs.

    De manier waarop u de belasting betaalt, hangt af van of u de verkoop vóór of na 1 juni uitvoert. Bij een verkoop vóór 1 juni zal de bank de belasting niet inhouden en moet u de meerwaarde aangeven in uw belastingaangifte. Bij een verkoop na 1 juni zal de bank de belasting automatisch inhouden.

    Als belegger hebt u recht op een jaarlijkse vrijstelling van 10.000 euro, die jaarlijks kan worden geïndexeerd. De vrijstelling kan jaarlijks met 1.000 euro stijgen als u deze niet gebruikt.

    De vrijstelling geldt per persoon. Als u gehuwd bent onder het wettelijk stelsel of in gemeenschap van goederen, kunt u de vrijstellingen optellen.

    Alleen de verliezen die u na 31 december 2025 realiseert, tellen mee voor de belastingaangifte.

    Kan ik de belasting vermijden?

    Er zijn verschillende strategieën om de meerwaardebelasting te verminderen, zoals het spreiden van uw portefeuille over meerdere jaren of het verkopen van verliesposities.

    Investeerders die minstens 20 procent van een onderneming bezitten en die participatie (gedeeltelijk) verkopen, kunnen gebruikmaken van een gunstigere regeling.

    Erfenissen en schenkingen gelden niet als transacties die aanleiding geven tot een meerwaardebelasting.

    Voor sommige producten of situaties, zoals tak 21- of tak 23-verzekeringen, obligatiefondsen, goud en andere, gelden specifieke regels.

    Vraag en Antwoord

    Wie valt er onder de meerwaardebelasting?
    De meerwaardebelasting is van toepassing op natuurlijke personen, dat wil zeggen inwoners van België. Ook bepaalde Belgische juridische structuren en rechtspersonen vallen hieronder. Bedrijven zijn echter uitgesloten.

    Hoe wordt de meerwaarde berekend?
    De meerwaarde wordt berekend als de verkoopprijs van het financiële instrument min de aankoopprijs.

    Hoe kan ik de meerwaardebelasting vermijden of verminderen?
    Er zijn verschillende strategieën om de meerwaardebelasting te verminderen, zoals uw portefeuille over meerdere jaren spreiden of verliesposities verkopen. Bovendien kan u jaarlijks gebruik maken van een vrijstelling van 10.000 euro, die kan oplopen tot 15.000 euro als u deze vijf jaar lang niet gebruikt.

  • Dertigers Leiden Hypotheekmarkt Ondanks Stijgende Woningprijzen: Een Diepe Duik In De Cijfers

    Dertigers Leiden Hypotheekmarkt Ondanks Stijgende Woningprijzen: Een Diepe Duik In De Cijfers

    Hoewel de woningprijzen aanzienlijk zijn gestegen, blijven dertigers actief op de vastgoedmarkt. Bij BNP Paribas Fortis, de grootste bank van België, waren ze in 2025 verantwoordelijk voor 30% van alle hypotheekleningen. Als de leeftijdsgrens wordt verhoogd naar 35 jaar, stijgt dit percentage zelfs tot 50%.

    Jongeren en hypotheekleningen

    Ondanks de hoge woningprijzen blijven jongeren huizen kopen en financieren, maar hun leenpatronen zijn wel veranderd. Ze lenen nu gemiddeld hogere bedragen die ze over een langere periode terugbetalen. De gemiddelde geleende som is nu al opgelopen tot 235.300 euro, wat neerkomt op 79% van de waarde van de woning. Hiermee blijven ze net onder de 80% die door veel banken als ‘een goed risico’ wordt beschouwd.

    Een deel van de jongeren kiest ook voor de aankoop van een energie-intensieve woning, die goedkoper is maar wel renovatie vereist. Zo is 20% van de leningen bedoeld voor een combinatie van aankoop en renovatie.

    55-plussers en hypotheekleningen

    Aan de andere kant van het leeftijdsspectrum vertegenwoordigen 55-plussers bij BNP Paribas Fortis in 2025 nog maar 6% van de leningnemers, bijna de helft minder dan in 2024. Zij hebben vaak een groter vermogen en lenen kleinere bedragen die ze in een kortere tijd terugbetalen.

    Gemiddeld leende deze leeftijdsgroep vorig jaar 202.000 euro, wat overeenkomt met 36% van de waarde van de gekochte woning. Ze betalen de lening doorgaans in 111 maanden af.

    Alleenstaanden en hypotheekleningen

    Tussen deze twee leeftijdsgroepen in waren alleenstaanden en eenoudergezinnen goed voor 34% van de verstrekte leningen, een stijging ten opzichte van 2024. Vanwege hun situatie hebben alleenstaanden een grotere terugbetalingslast (39% van hun inkomen), maar ze brengen meer eigen vermogen in dan jongeren onder de 30 jaar. Ze leenden gemiddeld 184.000 euro, wat overeenkomt met 70% van de totale waarde van de woning. Ze betalen het gemiddeld in 258 maanden af.

  • Strakkere ZZP-regels In 2026: Risico’s En Voorbereiding Voor Opdrachtgevers

    Strakkere ZZP-regels In 2026: Risico’s En Voorbereiding Voor Opdrachtgevers

    In 2026 verwacht men een strakkere handhaving van de regels rond het inhuren van zzp’ers door de overheid. Hoewel er sprake zal zijn van een ‘zachte landing’, nemen de risico’s voor opdrachtgevers toe. Maar hoe kunnen zij zich hier het best op voorbereiden? Een recente whitepaper van Compagnon biedt enige verheldering.

    2025 was een keerpunt voor vele bedrijven die zzp’ers inhuurden, aangezien een langdurig moratorium op de handhaving van schijnzelfstandigheid kwam te vervallen. Dit betekent dat opdrachtgevers weer geconfronteerd kunnen worden met naheffingen van belastingen en sociale premies.

    Overgangsjaar 2026: een kans of een risico?

    2025 was bedoeld als een overgangsjaar, een zachte landing, waarbij de overheid minder streng handhaafde op de regels rond het inhuren van zzp’ers. Dit zou in 2026 veranderen, maar in het licht van voortdurende onduidelijkheden en onrust, besloot de Tweede Kamer ook 2026 als een overgangsjaar te beschouwen.

    Hoewel de overheid ook dit jaar de regels rond schijnzelfstandigheid minder streng zal handhaven dan de wet voorschrijft, lopen bedrijven die zzp’ers inhuren in 2026 een groter risico dan in het voorgaande jaar. Het nieuwe kabinet neigt naar een ‘zzp-vriendelijker’ beleid, maar dat verandert de situatie in 2026 nog niet. Het blijft opletten.

    De gevolgen van nieuwe wetgeving

    De grootste risico’s liggen volgens Compagnon niet zozeer in nieuwe wetgeving, maar in het feit dat organisaties hun manier van inhuren vaak nog onvoldoende hebben aangepast aan bestaande regels en recente jurisprudentie.

    Bij de beoordeling of een opdracht door een zzp’er mag worden uitgevoerd, kijkt de Belastingdienst naar de feitelijke situatie. Contracten zijn belangrijk, maar niet doorslaggevend. De praktijk weegt zwaarder. Dat uitgangspunt volgt uit het zogeheten Deliveroo-arrest van de Hoge Raad en vormt momenteel de leidraad bij de handhaving.

    Projectmatig werken: de oplossing?

    Compagnon benadrukt dat er nog steeds voldoende ruimte is om met zelfstandige interim-professionals te werken, mits opdrachten anders worden ingericht. Een belangrijke verschuiving is die van tijdelijke functies naar concrete opdrachten. Het werken met de juiste freelancecontracten en het vermijden van doorbetaling bij ziekte of verlof zijn ook belangrijke aandachtspunten.

    Blik op de toekomst

    Aanpassen aan de huidige regels en jurisprudentie is de beste manier om voorbereid te zijn op wat komen gaat. 2026 biedt nog steeds mogelijkheden voor bedrijven die zzp’ers inhuren, maar vraagt ook om aandacht. Door hier aandacht aan te geven, kunnen bedrijven ook in de toekomst blijven werken met zelfstandige professionals, zonder tegen onaangename verrassingen aan te lopen, aldus Compagnon.

  • Belgische Beleggers Tonen Forse Interesse In Defensie-Aandelen

    Belgische Beleggers Tonen Forse Interesse In Defensie-Aandelen

    In de eerste negen maanden van 2025 verrichtten Belgische retailbeleggers maar liefst 300.000 transacties in aandelen en beleggingsfondsen gerelateerd aan de defensiesector. Dit aantal is tien keer hoger dan het gemiddelde aantal jaarlijkse transacties in dergelijke financiële instrumenten tussen 2021 en 2023, volgens een rapport van de FSMA.

    Belangrijke trends in defensiebeleggingen

    Er was een sterke interesse in defensie-aandelen in 2025. Het aantal actieve aandelenbeleggers piekte in het derde kwartaal van 2025, een hoogtepunt dat in vijf jaar niet werd bereikt. Ook was er voor het eerst niet meer nieuwe ETF-beleggers dan nieuwe aandelenbeleggers.

    De meeste investeringen in de defensiesector bleven binnen de Europese Unie. In 2024 was meer dan 60% van de transacties gericht op een Europees defensie-aandeel of een ETF die zich specifiek op de Europese defensie concentreert. In de eerste negen maanden van 2025 steeg dit percentage tot 70%. Vooral defensieaandelen waren in trek, mede doordat veel (Europese) defensie-ETF’s pas in 2024 of later gelanceerd werden.

    Oudere beleggers en defensie-investeringen

    Het merendeel van de toename in defensie-gerelateerde investeringen kan worden toegeschreven aan beleggers van boven de 50. In de eerste negen maanden van 2025 was deze groep goed voor bijna 70% van alle transacties. Jongeren onder de 30 voerden in dezelfde periode slechts 5% van alle defensie-gerelateerde transacties uit, wat suggereert dat zij minder geneigd zijn om in defensie te investeren.

    Algemene beursactiviteit

    Uit de gegevens van de FSMA blijkt dat ongeveer 221.000 Belgische retailbeleggers tijdens het derde kwartaal van 2025 actief waren op de beurs. In dezelfde periode handelden respectievelijk 111.000 en 19.000 Belgische retailbeleggers in ETF’s en obligaties. Het aantal transacties in obligaties steeg ten opzichte van het vorige kwartaal, terwijl het aantal ETF-transacties stabiel bleef.

    In totaal voerden Belgische retailbeleggers meer dan 1,6 miljoen aandelentransacties uit in het derde kwartaal van 2025. Daarnaast werden er ongeveer 370.000 ETF-transacties en 29.000 obligatietransacties geregistreerd.

  • Verzekeringsmerk Baloise Maakt Plaats Voor Helvetia

    Verzekeringsmerk Baloise Maakt Plaats Voor Helvetia

    Het verzekeringsmerk Baloise zal in de komende jaren geleidelijk uit het straatbeeld verdwijnen. De naam zal worden vervangen door Helvetia.

    Over de naamswijziging

    De naamswijziging is een direct gevolg van de fusie tussen de twee Zwitserse verzekeringsgroepen Baloise en Helvetia. Vorig jaar besloten ze hun krachten te bundelen om samen onder de nieuwe naam Helvetia Baloise de op één na grootste verzekeringsgroep in Zwitserland te vormen.

    Naar één merknaam

    De nieuw gevormde verzekeringsgroep heeft besloten voortaan onder één merknaam te opereren in alle landen waar ze actief zijn: Helvetia. Deze naam zal worden ondersteund door het huidige logo van Baloise, een donkerblauwe ruit met een opening erin.

    Lancering nieuwe naam

    De lancering van de nieuwe naam zal later dit jaar plaatsvinden in Zwitserland en Duitsland. Daarna zullen ook de andere landen volgen.

    Kosten van de naamswijziging

    Het afschrijven van de waarde van de merknaam Baloise zal het bedrijf dit jaar tussen de 1 miljard en 1,1 miljard Zwitserse frank kosten. Voor de periode 2027 tot 2030 wordt een jaarlijkse afschrijving verwacht tussen de 75 miljoen en 125 miljoen frank na belastingen.