Blog

  • Realty Income Betaalt Bijna 930 Euro Dividend Per Jaar Voor Een Investering Van 19.100 Euro

    Realty Income Betaalt Bijna 930 Euro Dividend Per Jaar Voor Een Investering Van 19.100 Euro

    De vastgoedbelegger Realty Income, bekend als de ‘maandelijkse dividenduitkeerder’, biedt een aanzienlijk rendement. Wij kijken naar de duurzaamheid van deze uitkering.

    Wie 336 aandelen van het Amerikaanse vastgoedfonds Realty Income bezit, kan rekenen op een jaarlijks dividend van ongeveer 930 euro. Dit komt neer op een investering van zo’n 19.100 euro tegen de huidige koers en een dividendrendement van 4,85 procent. Dit is aanzienlijk hoger dan het gemiddelde van 1,04 procent voor de S&P 500, en zelfs hoger dan de 10-jarige Amerikaanse staatsobligatie die rond 4,80 procent schommelt.

    Realty Income, opgericht in 1969 en sinds 1994 een vastgoedbeleggingsfonds (REIT), heeft zijn dividend de afgelopen 32 jaar onafgebroken verhoogd. Het fonds staat erom bekend twaalf keer per jaar dividend uit te keren en noemt zichzelf dan ook de ‘monthly dividend company’. Per aandeel bedraagt het jaarlijkse dividend momenteel iets meer dan 3,02 euro.

    Hoe duurzaam is het dividend?

    Het businessmodel van Realty Income richt zich op commerciële panden met één huurder, waarbij de huurders zelf instaan voor onderhoud, verzekeringen en onroerendgoedbelasting. Grote namen als Walmart, Dollar General en FedEx behoren tot hun huurdersbestand, wat zorgt voor een stabiele inkomstenstroom. De bezettingsgraad van hun bijna 15.600 panden lag eind tweede kwartaal van 2026 op 98,8 procent. Deze hoge bezettingsgraad stelt het fonds in staat om te blijven investeren in nieuwe panden, hoewel het in 2025 wel enkele panden heeft afgestoten die niet verhuurd konden worden.

    De duurzaamheid van het dividend lijkt goed gewaarborgd. Over de afgelopen twaalf maanden genereerde Realty Income 3,96 euro aan ‘funds from operations’ (FFO) per aandeel, een maatstaf voor de vrije kasstroom van een REIT. Dit bedrag ligt ruim boven het uitgekeerde dividend van 3,02 euro per aandeel, wat ruimte laat voor verdere dividendverhogingen en investeringen in de onderneming.

    REIT’s en dividendverplichtingen

    REIT’s zijn fiscaal verplicht om minstens 90 procent van hun belastbare inkomen als dividend uit te keren. Dit maakt het onwaarschijnlijk dat aandeelhouders hun maandelijkse inkomstenstroom zullen verliezen. Hoewel een dividendverlaging theoretisch mogelijk is, zeker omdat het fonds meer dan 90 procent van zijn inkomen uitkeert, zien wij hier weinig reden toe gezien de sterke FFO en de jarenlange traditie van dividendverhogingen.

    Wij twijfelen er dan ook niet aan dat Realty Income een interessante optie blijft voor inkomstenbeleggers die op zoek zijn naar een stabiele en groeiende dividenduitkering. De combinatie van een hoog rendement, maandelijkse uitkeringen en een solide bedrijfsmodel maakt dit vastgoedfonds een opvallende speler in de markt, zeker in vergelijking met traditionele vastrentende beleggingen die geen groeipotentieel bieden.

  • Schwab U.S. Dividend Equity ETF Blijft Dé Keuze Voor Passief Inkomen, Zegt The Motley Fool

    Schwab U.S. Dividend Equity ETF Blijft Dé Keuze Voor Passief Inkomen, Zegt The Motley Fool

    De Schwab U.S. Dividend Equity ETF (SCHD) verslaat belangrijke rivalen op het vlak van dividendrendement en -groei, en blijft zo een topaanbeveling voor inkomensbeleggers.

    De Schwab U.S. Dividend Equity ETF (SCHD) wordt al langer beschouwd als een standaardkeuze voor beleggers die op zoek zijn naar passief inkomen via dividenden. Nieuwe data van The Motley Fool bevestigen nu dat SCHD deze positie behoudt, ondanks de concurrentie van andere grote dividend-ETF’s.

    SCHD onderscheidt zich vooral door zijn dividendrendement, dat momenteel op 3,1 procent ligt. Dat is aanzienlijk hoger dan dat van concurrenten zoals de Vanguard High Dividend Yield ETF (VYM) met 2,2 procent, de iShares Core Dividend Growth ETF (DGRO) met 1,9 procent en de Vanguard Dividend Appreciation ETF (VIG) met 1,5 procent. Ook op het gebied van dividendgroei scoort SCHD sterk; het dividend van het fonds is de voorbije vijf jaar met ongeveer 210 procent gestegen, wat de groei van de genoemde rivalen overtreft.

    Rendement en Kosten Vergeleken

    Hoewel SCHD uitblinkt in dividendrendement en -groei, is het niet in elk opzicht de absolute nummer één. De jaarlijkse beheerskosten van SCHD bedragen 0,06 procent. Dit is weliswaar laag, maar net iets hoger dan de 0,04 procent die de twee Vanguard-ETF’s aanrekenen. Ook de totale rendementen op lange termijn laten een gemengd beeld zien.

    Over de afgelopen tien jaar heeft de iShares Core Dividend Growth ETF (DGRO) een totaal rendement van 254 procent behaald, terwijl SCHD op ongeveer 244 procent uitkwam. Dit verschil is echter klein, en over de laatste twaalf maanden heeft SCHD het hoogste totale rendement binnen zijn peergroup geleverd. Wij zien hierin vooral de bevestiging dat beleggen in dividendaandelen een lange adem vraagt, en dat een klein verschil in beheerskosten op termijn toch kan doorwegen.

    Wat dit betekent voor beleggers

    Voor inkomensbeleggers die primair gericht zijn op een stabiele stroom van passief inkomen, blijft SCHD een aantrekkelijke optie. De combinatie van een hoog dividendrendement, sterke dividendgroei en lage kosten maakt het fonds tot een robuuste keuze. De lichte achterstand in kosten en het totale rendement op lange termijn ten opzichte van één specifieke concurrent, zoals DGRO, weegt voor de pure inkomensbelegger niet op tegen de voordelen op dividendvlak.

    Het blijft niettemin belangrijk dat beleggers hun eigen doelen afwegen. Wie vooral op zoek is naar kapitaalgroei, kijkt misschien naar andere ETF’s. Maar voor wie maandelijks of jaarlijks een mooi bedrag aan dividend wil zien verschijnen, lijkt SCHD zijn reputatie te verdienen. Wij volgen de ontwikkelingen van dit soort ETF’s nauwgezet, want de concurrentie in de wereld van dividendfondsen is zeker en vast op til.

  • Harmony Stopt Met Eigen Blockchain En Migreert Naar Ethereum Voor AI-Video

    Harmony Stopt Met Eigen Blockchain En Migreert Naar Ethereum Voor AI-Video

    Het blockchainproject Harmony wil zijn Layer 1-netwerk volledig stopzetten en richt zich op een toekomst op Ethereum, met een nieuwe focus op artificiële intelligentie voor videoproductie. De ONE-cryptomunt zou daarbij ook migreren.

    Harmony, het project achter de ONE-cryptomunt, heeft een opvallend voorstel gelanceerd: het wil zijn eigen Layer 1-blockchain volledig stopzetten. Het plan is om de operaties te verplaatsen naar het Ethereum-netwerk, waar het zich wil toeleggen op een nieuw initiatief rond artificiële intelligentie voor videoproductie. Deze radicale stap markeert een significante koerswijziging voor het project.

    De voorgestelde migratie omvat ook de ONE-cryptomunt. Bestaande ONE-houders zouden hun tokens kunnen omzetten naar een nieuwe token op Ethereum, die de ruggengraat moet vormen van het AI-video-ecosysteem. Het voorstel moet nog worden goedgekeurd door de gemeenschap, maar de intentie is duidelijk: Harmony wil de complexiteit van het onderhouden van een eigen blockchain achter zich laten en zich concentreren op een specifieke niche binnen de AI-sector.

    Nieuwe Focus Op AI-Video

    De switch naar AI-video is een poging om relevant te blijven in een snel evoluerende cryptomarkt, zo luidt de redenering. Door de Layer 1-infrastructuur van Harmony stop te zetten, verdwijnt de noodzaak om te concurreren met gevestigde blockchains zoals Ethereum, Solana of Avalanche. In plaats daarvan kan het team zich volledig richten op de ontwikkeling van tools en diensten die AI inzetten voor videocreatie, een groeiende marktsegment.

    Een cruciaal onderdeel van het voorstel is de implementatie van een zogenaamde ‘proof-of-AI-rendering’-mechanisme. Dit zou de basis vormen voor de nieuwe token en de economie eromheen. Wij zien dit als een poging om een unieke waardepropositie te creëren en de token van echte functionaliteit te voorzien, iets wat veel cryptoprojecten nog ontberen. Het stelt Harmony in staat om een specialistische rol aan te nemen in plaats van een algemene Layer 1-provider te zijn.

    Uitdagingen En Toekomstperspectieven

    Het project heeft in het verleden te maken gehad met aanzienlijke uitdagingen. Zo werd de Horizon Bridge in 2022 slachtoffer van een hack, waarbij 100 miljoen dollar (ongeveer 92 miljoen euro) aan activa werd gestolen. Ook de dalende koers van de ONE-cryptomunt, die de afgelopen vijf jaar 97 procent van zijn waarde verloor, toont de druk waaronder Harmony opereert. De voorgestelde migratie is dan ook een drastische zet om het tij te keren en het project een nieuwe impuls te geven.

    Het succes van deze transformatie zal afhangen van de goedkeuring door de gemeenschap en de uiteindelijke adoptie van het nieuwe AI-video platform. Of deze stap voldoende is om het project nieuw leven in te blazen en investeerders opnieuw te overtuigen, zal de toekomst moeten uitwijzen.

  • Bel20 Verwacht Geen Nieuw Record, Maar Sluit Toch Af Op 4.021 Punten

    Bel20 Verwacht Geen Nieuw Record, Maar Sluit Toch Af Op 4.021 Punten

    De Belgische sterindex, de Bel20, heeft woensdag een nieuwe hoogste stand ooit bereikt. Analisten wijzen op de sterke prestaties van enkele zwaargewichten en een optimistische marktstemming als drijvende krachten achter deze mijlpaal.

    De Bel20-index heeft woensdag een nieuw record gevestigd door de handelsdag af te sluiten op 4.020,70 punten. Dit betekent een stijging van 1,12 procent ten opzichte van de dag voordien, waarmee de eerdere piek van 4.013,87 punten, gevestigd in 2007, verder wordt overschreden. Een aantal grote namen op de beurs trokken de index flink omhoog.

    De recordstand volgt op een periode van sterke prestaties, gedreven door een breed optimisme in de financiële markten. Vooral de zwaargewichten binnen de index, zoals AB InBev en KBC, leverden een belangrijke bijdrage aan deze stijging. De bierbrouwer AB InBev zag zijn aandeel met 3,36 procent toenemen, terwijl de bank-verzekeraar KBC 2,24 procent hoger sloot.

    Financiële Aandelen Trekken Kar

    De financiële sector heeft de afgelopen tijd flink de wind in de zeilen, wat we ook terugzien in de recente stijgingen van de Bel20. KBC, een van de grootste banken van België, is een cruciale speler in de index. Wij zien dit als een teken dat beleggers vertrouwen hebben in de stabiliteit en het groeipotentieel van de bankensector, zeker nu de Europese Centrale Bank nog niet overhaast lijkt met renteverlagingen. Ook andere grote Europese bankaandelen, zoals die van ING en ABN Amro, lieten recent een positief momentum zien, al is de Bel20 uniek in zijn samenstelling met een sterke vertegenwoordiging van minder sectoren.

    Naast KBC droegen ook andere bedrijven bij aan de positieve trend. Zo steeg het aandeel van Ageas, een andere financiële speler, met 2,05 procent. Verder zagen we een opmerkelijke prestatie van de industriële groep Umicore, die 2,12 procent won, en de chemiegroep Solvay, waarvan het aandeel 1,93 procent hoger sloot. Deze brede steun vanuit verschillende sectoren toont aan dat de opmars van de Bel20 niet alleen afhankelijk is van één of twee bedrijven.

    Wat Dit Betekent Voor De Toekomst

    Hoewel de Bel20 een nieuw hoogtepunt bereikt heeft, blijft het interessant om te zien of deze trend zich kan voortzetten. De huidige recordstand toont de veerkracht van de Belgische economie en de daarin genoteerde bedrijven, zeker in een tijd van globale economische onzekerheid. Wij houden het erop dat de huidige marktomstandigheden, met een voorzichtige terugkeer naar risicobereidheid en sterke bedrijfscijfers, de index nog enige tijd kunnen ondersteunen. De vraag is nu of de index de grens van 4.000 punten kan behouden en of de brede markt dit momentum kan vasthouden.

  • Na Maanden Onderhandelen Bereikt België Een Nieuw Sociaal Pact

    Na Maanden Onderhandelen Bereikt België Een Nieuw Sociaal Pact

    De Belgische sociale partners en de federale regering zijn na lange gesprekken tot een akkoord gekomen over de lonen en arbeidsvoorwaarden voor 2025-2026. Dit pact, dat nog moet worden goedgekeurd, legt de basis voor de economische ontwikkeling van het land in de komende periode.

    Wat betekent het voor België dat de federale regering en de sociale partners, na maandenlange en soms moeizame onderhandelingen, een nieuw sociaal pact hebben bereikt? Het akkoord over de lonen en arbeidsvoorwaarden voor de periode 2025-2026 is er en omvat onder meer loonafspraken, werkgelegenheidsmaatregelen en een hervorming van de werkloosheidsuitkeringen. Dit betekent een cruciale stap vooruit voor de stabiliteit van de Belgische economie.

    De onderhandelingen tussen de vakbonden, werkgeversorganisaties en de federale regering waren complex, waarbij vooral de loonmarge en de aanpassing van de werkloosheidsuitkeringen voor discussie zorgden. Uiteindelijk is er een compromis gevonden dat de concurrentiepositie van Belgische bedrijven moet vrijwaren, terwijl ook de koopkracht van werknemers wordt beschermd. Wij lezen dit als een poging om de verschillende belangen in evenwicht te houden in een economisch uitdagend klimaat.

    Loonmarge Van 0,4 Procent Afgesproken

    Een van de meest besproken punten was de loonmarge, het percentage waarmee de lonen bovenop de indexering mogen stijgen. De sociale partners zijn overeengekomen om voor 2025-2026 een loonmarge van 0,4 procent toe te staan. Dit is aanzienlijk lager dan wat de vakbonden initieel voor ogen hadden, maar het weerspiegelt de bezorgdheid van de werkgevers over de stijgende arbeidskosten en de internationale concurrentie. De regering benadrukt dat deze marge een evenwicht zoekt tussen koopkracht en werkgelegenheid, ook al valt de 0,4 procent voor de werknemersorganisaties maar mager uit. Een kwinkslag die we hier zeker en vast kwijt kunnen, is dat dit percentage voor sommigen meer aanvoelt als een kruimeltje dan een royale boterham.

    Naast de loonmarge zijn er ook afspraken gemaakt over flexibiliteit op de arbeidsmarkt en over de aanpassing van de degressiviteit van de werkloosheidsuitkeringen. Dit laatste punt was bijzonder gevoelig, aangezien het direct invloed heeft op de inkomenszekerheid van werklozen. Het pact voorziet in een geleidelijke afbouw van de uitkeringen over de tijd, met specifieke aandacht voor oudere werklozen en mensen met een lange carrière. Het doel is om meer mensen te activeren en de duurzame inzetbaarheid te vergroten, maar de concrete impact op de individuele werkloze zal nauwlettend in de gaten gehouden moeten worden.

    Impact Op Concurrentiekracht En Werkgelegenheid

    De goedkeuring van dit sociaal pact is van groot belang voor de Belgische concurrentiekracht. De loonkosten in België liggen traditioneel hoger dan in veel buurlanden, wat een uitdaging vormt voor exporterende bedrijven. Met dit akkoord hopen de sociale partners en de regering een signaal van stabiliteit te geven aan investeerders en de werkgelegenheid te stimuleren. Wij twijfelen of een loonmarge van 0,4 procent voldoende zal zijn om de Belgische economie een significant competitief voordeel te geven, vooral gezien de inflatie en de energiekosten die ook bedrijven treffen.

    Voor Block #9 is het duidelijk dat dit pact, mits definitieve goedkeuring, een basis biedt voor de komende twee jaar. Of het echter de broodnodige structurele veranderingen teweeg zal brengen die de Belgische arbeidsmarkt en economie op lange termijn nodig hebben, blijft een open vraag. We volgen verder op hoe dit akkoord in de praktijk zal uitwerken en of de gemaakte afspraken de gewenste resultaten zullen opleveren.

  • Europa Ziet Centrale Bank Donderdag Eerste Rente Verlagen In Vijf Jaar

    Europa Ziet Centrale Bank Donderdag Eerste Rente Verlagen In Vijf Jaar

    De financiële markten houden de adem in: donderdag kondigt de Europese Centrale Bank hoogstwaarschijnlijk een renteverlaging aan. De timing is cruciaal, en de vraag is vooral hoe snel er nog meer verlagingen volgen.

    Wat mogen we donderdag verwachten van de Europese Centrale Bank (ECB)? Het is zo goed als zeker dat de ECB dan de rente verlaagt met 0,25 procentpunt. Dit zou de eerste renteverlaging zijn in vijf jaar tijd, een belangrijke draai in het monetaire beleid na een periode van agressieve renteverhogingen om de inflatie te bestrijden. De markten hebben deze stap al grotendeels ingeprijsd.

    De inflatie in de eurozone is in mei gestegen naar 2,6 procent op jaarbasis, boven de verwachte 2,5 procent. Hoewel dit een lichte tegenvaller is, blijft de kerninflatie – die volatiele prijzen zoals energie en voeding uitsluit – stabiel op 2,9 procent. Deze cijfers wijzen erop dat de prijsstijgingen structureel afzwakken, wat de ECB de ruimte geeft om de monetaire teugels te vieren. De Europese economie vertoont ondertussen tekenen van herstel, met een groei van 0,3 procent in het eerste kwartaal van dit jaar.

    Nieuwe cyclus, maar met onzekerheden

    Deze verwachte verlaging van de beleidsrente markeert het begin van een nieuwe cyclus, maar de verdere koers blijft onzeker. Wij zien vooral dat de ECB een voorzichtige aanpak zal hanteren, mede door de aanhoudende inflatiedruk en de robuuste arbeidsmarkt in de eurozone. Het is onwaarschijnlijk dat er in juli al een tweede renteverlaging volgt, en wij houden het erop dat de ECB de data zorgvuldig zal evalueren voordat ze verdere stappen zet.

    De algemene consensus onder analisten is dat de ECB dit jaar in totaal twee tot drie renteverlagingen zal doorvoeren. Dit is echter minder dan de vier tot vijf verlagingen die begin dit jaar nog werden verwacht. De inflatie is taaier gebleken dan velen dachten, en dit dwingt de centrale bank tot een meer gematigde aanpak. Een belangrijke factor in de besluitvorming van de ECB is ook het beleid van andere grote centrale banken, zoals de Amerikaanse Federal Reserve, die eveneens worstelt met aanhoudende inflatie.

    Wat betekent dit voor de markten?

    Voor spaarders en beleggers betekent deze renteverlaging mogelijk een lichte daling van de spaarrentes, al zullen banken waarschijnlijk niet onmiddellijk de volledige verlaging doorrekenen. De impact op de beurzen kan positief zijn, omdat lagere rentes de financieringskosten voor bedrijven verlagen en aandelen aantrekkelijker maken ten opzichte van obligaties.

    Toch moeten we eerlijk zijn over de onzekerheid: de weg is nog lang en de ECB zal haar beleid blijven aanpassen op basis van de economische ontwikkelingen. De komende maanden zullen cruciaal zijn om te zien hoe de inflatie en de economische groei zich verder ontwikkelen, en of de ECB haar voorzichtige aanpak kan vasthouden zonder de economie af te remmen of de inflatie opnieuw aan te wakkeren.

  • Bel20 Index Overtreft Nieuw Record Van 4.072,50 Punten, Dubbelt Koers Sinds Coronadip

    Bel20 Index Overtreft Nieuw Record Van 4.072,50 Punten, Dubbelt Koers Sinds Coronadip

    De Belgische sterindex klokt af op een historisch hoogtepunt, maar de stijging is breed gedragen en kent weinig uitschieters onder de individuele aandelen. Vooral financiële waarden en technologiebedrijven trekken de kar.

    De Bel20-index heeft een nieuw historisch hoogtepunt bereikt. De Belgische sterindex klokte vorige week af op 4.072,50 punten. Dat is een stijging van 10,8 procent sinds het begin van dit jaar en een verdubbeling van de waarde sinds de coronadip in maart 2020. Deze mijlpaal toont de veerkracht van de Belgische economie, al is de stijging opmerkelijk breed gedragen over de verschillende sectoren.

    De algemene trend op de beurs is dat er minder individuele uitschieters zijn die de index omhoog trekken, zoals in het verleden wel eens gebeurde. De meeste aandelen dragen nu bij aan de stijging, wat wijst op een gezonder en stabieler marktsentiment. Dit in tegenstelling tot periodes waarin één of twee grote namen de hele index omhoog stuwden. Het is een collectieve inspanning, zo lijkt het.

    Financiële Waarden En Tech Trekken De Kar

    De stijging van de Bel20 wordt breed gedragen, maar enkele sectoren springen er toch uit. Vooral financiële waarden en technologiebedrijven tonen sterke prestaties. Deze sectoren profiteren van een gunstig klimaat, met onder meer stabiele rentetarieven en een toenemende vraag naar technologische oplossingen. Deze brede steun is een teken dat de beurs niet afhankelijk is van de prestaties van enkele giganten, wat de index minder kwetsbaar maakt voor schommelingen bij individuele bedrijven.

    De index is sinds maart 2020 met honderd procent gestegen, wat een gemiddelde jaarlijkse groei van meer dan 20 procent betekent. Dat is een aanzienlijke prestatie, zeker gezien de economische onzekerheden van de afgelopen jaren. Het toont aan dat Belgische bedrijven goed hebben weten te navigeren door de pandemie en de daaropvolgende inflatiegolven.

    Toekomstperspectieven Voor De Bel20

    Wat de toekomst brengt voor de Bel20, blijft de vraag. De huidige brede stijging is positief, maar aanhoudende geopolitieke spanningen en mogelijke veranderingen in het rentebeleid kunnen altijd voor verschuivingen zorgen. Wij houden het erop dat de huidige stabiliteit een goede basis biedt, maar een te snelle of onverwachte verandering in de economische omstandigheden kan de koers snel beïnvloeden. Voorlopig lijkt de Belgische beurs echter een gezonde groei te kennen, gedragen door een breed scala aan bedrijven en sectoren.

  • Britse FTSE 100-Index Klimt Met 0,73 Procent, Spaanse IBEX 35 Stijgt Met 1,12 Procent

    Britse FTSE 100-Index Klimt Met 0,73 Procent, Spaanse IBEX 35 Stijgt Met 1,12 Procent

    De Europese beurzen kenden donderdag over het algemeen een positieve dag. Vooral in Spanje en het Verenigd Koninkrijk ging het omhoog, terwijl Portugal een lichte daling noteerde.

    Wat deed de beurs donderdag, 3 september 2026, in verschillende Europese landen? In Londen sloot de FTSE 100-index, de belangrijkste graadmeter voor de Britse aandelenmarkt, de dag af met een stijging van 0,73 procent. Tegelijkertijd deed de Spaanse IBEX 35-index het nog beter, met een winst van 1,12 procent in Madrid. Ook de Nederlandse AEX liet een lichte plus zien van 0,09 procent in Amsterdam. Enkel Portugal week af van deze trend, daar daalde de PSI-index met een minimale 0,04 procent.

    De algemene positieve stemming op de Britse beurs werd vooral gedragen door sectoren zoals mijnbouw, software- en computerservices, en media. Bedrijven als WPP PLC zagen hun aandelenkoers met 5,59 procent stijgen naar 381,50 Britse pond. Informa PLC klom 3,89 procent tot 912,80 pond en London Stock Exchange Group PLC ging 3,85 procent omhoog naar 8.898,00 pond. Dit toont aan dat de bredere economische activiteit en vraag in deze sectoren veerkrachtig blijven, wat positief is voor de inkomstenprognoses van deze bedrijven.

    Spanje en Nederland Volgen, Portugal Daalt Licht

    In Spanje zorgden vooral de financiële dienstverlening en vastgoed-, bouw- en consumentendiensten voor de opwaartse beweging. Hierbij viel Caixabank SA op, dat een stijging van 2,35 procent noteerde, waardoor de koers op een historisch hoogtepunt van 13,53 euro uitkwam. Ook ArcelorMittal SA bereikte een hoogtepunt in vijf jaar met een winst van 2,27 procent, wat de aandelen naar 65,74 euro bracht. Dit toont aan dat banken, met hun directe link naar de reële economie, en de vastgoedsector in Spanje aan vertrouwen winnen. De Amsterdamse AEX werd dan weer gestuwd door de basisindustrie, financiële sector en vastgoed. Wolters Kluwer steeg bijvoorbeeld met 3,79 procent naar 70,58 euro.

    Commodities in Beweging

    Naast de aandelenmarkten waren er ook bewegingen te zien op de grondstoffenmarkten. Goudfutures voor december levering stegen fors, met ongeveer 2,8 procent, wat de prijs per troy ounce boven de 4.530 dollar bracht (ongeveer 4.190 euro). Olieprijzen lieten een gemengd beeld zien. Zo steeg ruwe olie voor oktober levering met circa 0,3 tot 0,4 procent tot ongeveer 91,30 dollar per vat (ongeveer 84,30 euro), terwijl Brentolie voor november levering stabiel bleef of licht daalde rond de 95,50 dollar per vat (ongeveer 88,30 euro). Deze dynamiek in goudprijzen kan wijzen op een groeiende vraag naar veilige havens, terwijl de oliemarkten reageren op een complex samenspel van vraag en aanbod.

  • ECB Verlaagt Naar Verwachting De Rente Met 25 Basispunten In September

    ECB Verlaagt Naar Verwachting De Rente Met 25 Basispunten In September

    Analisten anticiperen op de eerste renteverlaging door de Europese Centrale Bank in bijna vijf jaar tijd, een beweging die mogelijk de economische groei stimuleert maar ook vragen oproept over verdere stappen.

    De Europese Centrale Bank (ECB) bereidt zich naar alle waarschijnlijkheid voor op een renteverlaging van 25 basispunten tijdens haar beleidsvergadering in September. Dit zou de eerste verlaging zijn sinds september 2019, een periode waarin de centrale bank de rente juist fors optrok om de inflatie te bestrijden. De algemene verwachting onder economen en marktanalisten is dat deze stap een signaal afgeeft dat de ECB vertrouwen heeft in de daling van de inflatie.

    De inflatie in de eurozone is de afgelopen maanden gestaag gedaald, hoewel de recente cijfers voor mei een lichte stijging lieten zien. Die stijging, van 2,4 procent naar 2,6 procent op jaarbasis, voedt de discussie over het tempo van toekomstige renteverlagingen. Hoewel de markt een verlaging in juni als nagenoeg zeker beschouwt, zijn er meer vragen over wat er daarna zal gebeuren. Wij zien vooral dat de ECB voorzichtig zal opereren, mogelijk met een pauze in juli voordat ze in september opnieuw de rente verlaagt. De centrale bank wil geen risico nemen op een heropleving van de inflatie.

    Verwachte Gevolgen Voor De Markt

    Een renteverlaging door de ECB kan een significante impact hebben op de financiële markten. Lagere rentetarieven maken lenen goedkoper, wat zowel consumenten als bedrijven kan aanmoedigen om meer uit te geven en te investeren. Dit kan de economische activiteit stimuleren en mogelijk leiden tot hogere bedrijfswinsten. Voor spaarders betekent het echter waarschijnlijk een verdere daling van de spaarrentes. Beleggers zullen de communicatie van de ECB nauwlettend in de gaten houden voor aanwijzingen over het verdere monetaire beleid.

    De timing van de ECB is ook van belang in vergelijking met andere grote centrale banken, zoals de Amerikaanse Federal Reserve. De Fed heeft tot op heden de rente stabiel gehouden, wat betekent dat het renteverschil tussen de euro en de dollar mogelijk groter wordt. Dit kan invloed hebben op de wisselkoers, waarbij een lagere eurorente de euro ten opzichte van de dollar kan verzwakken. Een zwakkere euro maakt Europese exporten goedkoper, maar importen duurder.

    Wat Na Juni?

    De markt houdt er rekening mee dat de ECB na de verwachte verlaging in juni een afwachtende houding zal aannemen. Verschillende leden van de raad van bestuur van de ECB hebben al aangegeven dat zij niet gebonden zijn aan een vooraf vastgesteld pad van renteverlagingen. Dit betekent dat elke volgende stap afhankelijk zal zijn van de dan beschikbare economische data, met name de inflatiecijfers en de economische groei. De onzekerheid blijft dus groot over hoe snel en hoe vaak de ECB de rente verder zal verlagen na juni. De financiële markten zullen zeker reageren op elk nieuw signaal van de centrale bank.

  • Fed-Gouverneur Waller Wacht Op Inflatiecijfers Voor Volgende Rentebesluit Van De Centrale Bank

    Fed-Gouverneur Waller Wacht Op Inflatiecijfers Voor Volgende Rentebesluit Van De Centrale Bank

    De Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, staat voor een cruciale beslissing over de rentetarieven. Fed-gouverneur Christopher Waller heeft nu publiekelijk aangegeven dat het aankomende inflatierapport van augustus, dat op 11 september wordt vrijgegeven, de doorslag zal geven of er een renteverhoging komt op de volgende beleidsvergadering.

    De verwachtingen over een mogelijke renteverhoging door de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve (Fed), zijn bijzonder hooggespannen. Tot voor kort was de markt verdeeld over de kans op een verhoging. Maar Fed-gouverneur Christopher Waller heeft op 3 september een duidelijke lijn getrokken: zijn stem zal afhangen van het inflatierapport van augustus, dat op 11 september wordt gepubliceerd. Dit betekent dat de beslissing van de Fed, en daarmee de richting van de markten, nu volledig op de schouders van dit ene rapport rust.

    Waller was helder tijdens een evenement van Reuters: “Als er aanhoudende vooruitgang is naar onze doelstelling van 2 procent, dan ben ik bereid om de beleidsrente op het huidige niveau te houden. Maar als de inflatie hoog uitvalt, dan overweeg ik zeker een renteverhoging.” Deze uitspraak maakt het aanstaande inflatierapport tot een ‘make-or-break’-moment voor de Federal Open Market Committee (FOMC), de beleidsbepalende tak van de Fed.

    Inflatie Blijft Hardnekkig Hoog

    Al jarenlang worstelt de Amerikaanse economie met een inflatie die boven de gewenste 2 procent van de Fed uitkomt. Hoewel er in de afgelopen maanden tekenen waren van een afkoeling, blijft het cijfer hardnekkig boven de doelstelling. In juli steeg de kerninflatie, die de volatiele voedsel- en energieprijzen buiten beschouwing laat, met 0,2 procent. De jaar-op-jaar inflatie klokte toen af op 2,5 procent, in lijn met de consensusverwachtingen. Toch lag de Personal Consumption Expenditures (PCE) prijsindex, de favoriete inflatiemaatstaf van de Fed, iets hoger dan verwacht. Dit patroon, waarbij de inflatie daalt maar toch de 2 procent niet bereikt, heeft de Fed in een lastig parket gebracht.

    De centrale bank probeert een evenwicht te vinden: de inflatie moet omlaag zonder de economie in een recessie te duwen. Wij zien vooral dat de consumenten in de VS al worstelen met betaalbaarheid, waardoor een te agressieve aanpak door de Fed de koopkracht verder zou kunnen uithollen.

    Waller’s Stem Cruciaal Voor Meerderheid

    Tijdens de laatste FOMC-vergadering, waar de rente ongewijzigd bleef in de bandbreedte van 3,50 tot 3,75 procent, stemden drie van de twaalf leden tegen en pleitten ze voor een kwartpunt verhoging. Als Waller zich bij deze groep voegt, komt het totaal op vier. Bovendien heeft Fed-gouverneur Michael Barr recentelijk aangegeven dat hij ook voor een renteverhoging zou zijn “als de inflatie niet voldoende lijkt te matigen”. Dit betekent dat het kamp van de ‘haviken’ snel kan groeien.

    De markt volgt deze ontwikkelingen op de voet. Volgens de FedWatch-tool van CME Group was de kans op een ongewijzigde rente of een kwartpunt verhoging ongeveer 50-50, vóór de uitspraken van Waller. Zijn standpunt schuift het evenwicht nu duidelijk richting het inflatierapport als dé bepalende factor. Wij zullen dit rapport dan ook nauwlettend in de gaten houden. Het zal uitwijzen of de Fed de rente stabiel houdt of toch de knoop doorhakt om de geldkraan verder dicht te draaien.

  • Fed-Gouverneur Waller Ziet Ruimte Voor Stabiele Rentetarieven, XRP Stijgt Met 9,3 Procent

    Fed-Gouverneur Waller Ziet Ruimte Voor Stabiele Rentetarieven, XRP Stijgt Met 9,3 Procent

    De crypto-markt veerde donderdag op na een hint van een invloedrijke Fed-bestuurder dat de rente mogelijk niet verder verhoogd wordt. XRP reageerde daarop met een significante koerssprong.

    De cryptomarkten kregen donderdag 3 september 2026 een welkome adempauze. Terwijl beleggers al wekenlang zenuwachtig naar de Federal Reserve kijken, kwam er een verlossend signaal uit Washington. Fed-gouverneur Christopher Waller liet aan Reuters weten dat hij een pauze in de renteverhogingen zou steunen, mits de inflatiecijfers van augustus meevallen. Die uitspraak zette meteen een herstel in gang voor risicovollere activa, waaronder cryptomunten zoals XRP.

    XRP reageerde prompt met een koersstijging van 9,3 procent in 24 uur tijd. Het feit dat een prominente stem binnen de Amerikaanse centrale bank de mogelijkheid van stabiele rentetarieven opperde, deed de vrees voor verdere verkrapping afnemen. Dat is goed nieuws voor munten zoals XRP, die vaak onder druk staan wanneer de kosten voor lenen stijgen en investeerders hun kapitaal weghalen uit volatiele activa. De Amerikaanse aandelenmarkten, de S&P 500 en de Nasdaq Composite, sloten die dag eveneens hoger af, met winsten van respectievelijk 1,1 procent en 1,4 procent.

    Lagere Rentevrees Geeft Crypto Lucht

    Wallers opmerkingen benadrukken een verschuiving in het denken bij de Fed. Hij gaf aan dat hij liever ziet dat prijzen op eigen kracht matigen en wil ‘voortijdige renteverhogingen vermijden om een afkoelingsproces de kans te geven’. Die woorden namen een deel van de onzekerheid weg die de markt al langer plaagt. Ook de rendementen op Amerikaanse staatsobligaties, die de voorbije periode in de buurt van meerjarige hoogtepunten schommelden, zakten lichtjes. Deze combinatie van factoren moedigde beleggers aan om opnieuw te investeren in risicovollere activa, waaronder Bitcoin en andere cryptomunten zoals XRP.

    De koersbeweging van XRP toont aan hoe gevoelig de cryptomarkt blijft voor macro-economische signalen, en dan vooral die uit de Verenigde Staten. Een mogelijke stabilisatie van de rentetarieven vertaalt zich direct in een hogere bereidheid om in projecten met een hoger risicoprofiel te stappen. Het geeft de indruk dat het einde van de renteverhogingscyclus in zicht komt, wat doorgaans een positieve impuls geeft aan activaklassen zoals crypto.

    Toekomstige Rapporten Cruciaal Voor Koersbehoud

    Toch is het nog te vroeg om van een duurzaam herstel te spreken. De komende banen- en inflatierapporten zullen cruciaal zijn om te bepalen of de recente opluchting op de markt standhoudt. Als de vrees voor verdere renteverhogingen terugkeert, is de kans groot dat XRP en de rest van de cryptomarkt een deel van de opgebouwde winsten weer zullen inleveren. De markt blijft dan ook uiterst gevoelig voor elke nieuwe datapunten die de inflatie of de arbeidsmarkt schetsen.

    Voor de lange termijn blijven analisten verdeeld over de vooruitzichten voor XRP. Hoewel de munt op korte termijn reageert op het bredere sentiment, hangt de waarde ook af van de adoptie van het Ripple-netwerk voor grensoverschrijdende betalingen en de uitkomst van juridische procedures. Wij zien vooral dat de munt voor nu in de ban blijft van de macro-economische winden, en dat kan nog wel even aanhouden.

  • Better Mortgage Mag Bitcoin Van Hypotheekklanten Hergebruiken Voor Eigen Doeleinden

    Better Mortgage Mag Bitcoin Van Hypotheekklanten Hergebruiken Voor Eigen Doeleinden

    Wie een hypotheek met bitcoin als onderpand afsluit via Better Mortgage en Coinbase, geeft de kredietverstrekker de vrijheid om die bitcoin opnieuw te verpanden. Dit betekent dat de klant zijn of haar crypto pas na lange tijd terugziet.

    Wie een hypotheek afsluit via de nieuwe dienst van Better Mortgage en Coinbase, waarbij bitcoin als onderpand dient, moet er rekening mee houden dat de ingelegde cryptomunten niet onaangeroerd blijven. Better Mortgage heeft bevestigd dat het de verpande bitcoin van zijn klanten mag hergebruiken, zolang het een gelijkwaardige hoeveelheid beschikbaar houdt om terug te geven bij het aflossen van de lening. Dit leest Block #9 als een significante clausule, want het transformeert de bitcoin van de lener in wezen in een soort schuldbewijs.

    De gezamenlijke hypotheekdienst, die vorige week breed beschikbaar werd, stelt woningkopers in staat om een aanbetaling te financieren met bitcoin. Klanten moeten hiervoor een onderpand van 250 procent in bitcoin inleggen voor elke euro die ze lenen voor de aanbetaling. Bij de afsluiting van de lening verhuist de bitcoin van de Coinbase-rekening van de lener naar een bewaringsrekening van Better bij Coinbase Prime. Sinds de lancering voor het grote publiek zijn er al voor 360 miljoen dollar (ongeveer 330 miljoen euro) aan aanvragen binnengekomen, een stijging ten opzichte van de 260 miljoen dollar die eerder door wachtlijstkandidaten werd verwacht.

    Bitcoin pas terug na aflossing hoofdlening

    Een opvallend detail is dat leners hun bitcoin-onderpand pas terugkrijgen als de gehele conventionele hoofdhypotheek – niet alleen de bitcoin-gedekte aanbetaling – volledig is afbetaald of geherfinancierd. Dit kan betekenen dat de bitcoin voor de duur van een 15- of 30-jarige hypotheek vastzit. Better Mortgage stelt dat het aanbod vooral het ‘cash voor aanbetaling’-probleem oplost, zonder de traditionele inkomens- en kredietvereisten te omzeilen. De ingelegde bitcoin helpt dus niet om aan de strenge Fannie Mae-normen voor de hoofdhypotheek te voldoen.

    In tegenstelling tot veel andere crypto-gedekte leningen, leidt een waardedaling van bitcoin niet automatisch tot een margin call of verplichte verkoop. Liquidatie van het onderpand gebeurt pas als de lener de gecombineerde maandelijkse betalingen niet nakomt. Na 60 dagen wanbetaling kan Better Mortgage de verpande bitcoin liquideren, maar alleen voor zover nodig om de achterstallige betalingen te dekken.

    Zorgen over herverpanding bij Block #9

    De mogelijkheid tot herverpanding van de bitcoin roept bij ons vragen op over de implicaties voor de lener. Hoewel Better garandeert een equivalent bedrag aan bitcoin terug te geven, betekent het dat de specifieke munten van de klant elders kunnen worden ingezet. Dit kan de lener blootstellen aan het vermogen van Better om zijn verplichtingen na te komen, zeker gezien de lange looptijden van hypotheken. Dit staat haaks op de trend van verifieerbare reserves die na de FTX-implosie in de cryptowereld ontstond, en maakt de lener afhankelijk van een intermediair over een periode van potentieel decennia.

    De dienst accepteert momenteel alleen bitcoin als onderpand, hoewel eerder ook USDC werd genoemd. Coinbase, dat enkel als bewaarder en technologieleverancier optreedt, meldt dat 35,9 procent van de huidige aanvragers meer dan 500.000 dollar (ongeveer 460.000 euro) aan crypto bezit. Wij zien hierin een poging om vermogende crypto-houders aan te spreken die hun digitale activa niet willen verkopen om een woning te kopen, maar tegelijkertijd wijzen wij op de complexiteit en de risico’s die deze constructie met zich meebrengt.

  • China Richt Zich Steeds Meer Op Eigen Markt, Exports Dalen Met Bijna 5 Procent

    China Richt Zich Steeds Meer Op Eigen Markt, Exports Dalen Met Bijna 5 Procent

    De Chinese economie ondergaat een fundamentele verschuiving: minder afhankelijk van export, meer gericht op de binnenlandse markt en technologische innovatie. Dat heeft verregaande gevolgen voor internationale handel en toeleveringsketens.

    De Chinese economie, lang de ‘fabriek van de wereld’, transformeert in een snel tempo. Waar het land voorheen vooral bekendstond om zijn massale export van goederen, zien we nu een duidelijke beweging naar een focus op de eigen binnenlandse markt en een grotere rol in mondiale netwerken, zo analyseert Trends.be. Deze koerswijziging heeft al concrete gevolgen: de Chinese export kromp vorig jaar met 4,6 procent, een opvallende daling die de nieuwe economische realiteit onderstreept.

    Deze verschuiving is geen toeval, maar een bewuste strategie. De Chinese overheid stuurt al langer aan op meer zelfredzaamheid en een grotere rol voor binnenlandse consumptie. Het land wil minder kwetsbaar zijn voor geopolitieke spanningen en externe schokken, en tegelijkertijd zijn eigen technologische sectoren versterken. Dit zien wij als een signaal dat China, in plaats van de productielijn van anderen, steeds meer de architect van zijn eigen economische toekomst wordt.

    Nieuwe Industriële Revolutie

    De nadruk ligt nu op hoogwaardige technologie en innovatie. Sectoren als elektrische voertuigen, hernieuwbare energie en geavanceerde machines krijgen prioriteit. China is niet langer enkel de plek waar goedkoop geproduceerd wordt; het land investeert massaal in onderzoek en ontwikkeling. In 2022 gaf China 2,8 procent van zijn bruto binnenlands product (bbp) uit aan R&D. Dat is een aanzienlijke stijging ten opzichte van de 0,6 procent in het jaar 2000 en toont de ambitie om de mondiale leider te worden in sleuteltechnologieën.

    Deze focus op hightech en binnenlandse vraag staat in schril contrast met de situatie van twintig jaar geleden, toen China vooral een assemblagehub was. Het land wil nu zijn eigen waardeketen beheersen en minder afhankelijk zijn van import. Dat kan leiden tot meer concurrentie op de wereldmarkt voor geavanceerde producten, maar ook tot nieuwe samenwerkingsmogelijkheden voor bedrijven die willen profiteren van China’s innovatiekracht.

    Gevolgen Voor De Wereldhandel

    De impact van deze Chinese transformatie is voelbaar over de hele wereld. Westerse bedrijven die hun toeleveringsketens decennia lang op China baseerden, moeten nu alternatieven zoeken, of zich aanpassen aan de veranderende Chinese prioriteiten. De dalende exportcijfers en de groeiende binnenlandse focus wijzen op een minder globalistische Chinese economie. Voor bedrijven die zich richten op de Chinese consument, liggen er wel degelijk kansen, gezien de toenemende koopkracht en de groeiende vraag naar kwalitatieve producten en diensten.

    De Chinese economie, met een bbp van ruim 17 biljoen euro, blijft een reus, maar de manier waarop die reus beweegt, verandert. Wij houden het erop dat deze verschuiving niet zomaar een trend is, maar een structurele verandering die de komende jaren de internationale economie zal blijven vormen. Het is een delicate evenwichtsoefening voor de rest van de wereld om hierop in te spelen zonder achterop te geraken.

  • Beleggers Zien Block Tot 80 Procent Stijgen Volgens Nieuw Koopadvies

    Beleggers Zien Block Tot 80 Procent Stijgen Volgens Nieuw Koopadvies

    Verschillende analistenhuizen hebben recent hun blik gericht op grote Amerikaanse bedrijven, met merendeels positieve adviezen. Voor GLOBALFOUNDRIES ziet Stifel zelfs een koerspotentieel van ruim 80 procent.

    De financiële markten kregen op twee september jongstleden verse koersadviezen, toen verschillende analisten van befaamde huizen hun dekking van een reeks Amerikaanse bedrijven initieerden of herbevestigden. De meeste blikken zijn positief, met name voor de chipsector, al is er ook aandacht voor olie en financiële dienstverleners.

    Seaport Global startte zijn dekking van Occidental Petroleum Corporation (OXY.WS) met een ‘koop’-advies. Het aandeel sloot een dag eerder op 38,88 dollar (ongeveer 36,05 euro), na een stijging van bijna 6 procent in een week tijd. Wij zien deze initiatie als een teken dat analisten de energiereus, die zich richt op olie- en gaswinning in de Permian Basin en het Midden-Oosten, opnieuw in de schijnwerpers plaatsen na een periode van relatieve stilte. De consensus onder 29 analisten wijst op een gemiddeld koersdoel van 43,45 dollar (ongeveer 40,25 euro), wat een stijging van ruim 11 procent impliceert.

    Chips In De Lift

    De chipsector blijft de aandacht trekken. Stifel heeft een ‘koop’-advies afgegeven voor GLOBALFOUNDRIES (GFS), met een gemiddeld koersdoel van 79,38 dollar (ongeveer 73,50 euro). Dat zou een indrukwekkende stijging van 80,53 procent betekenen ten opzichte van de slotkoers van 43,97 dollar (ongeveer 40,70 euro). Ook voor Tower Semiconductor (TSEM) is Stifel optimistisch, met eveneens een ‘koop’-advies en een gemiddeld koersdoel van 292,71 dollar (ongeveer 271,00 euro). Dit impliceert een potentiële stijging van 41,53 procent, wat de sector brede interesse in halfgeleiders bevestigt.

    De projecties voor GLOBALFOUNDRIES zijn bovendien rooskleurig, met een verwachte jaarlijkse omzetgroei van 60,77 procent tot 11,154 miljard dollar (ongeveer 10,32 miljard euro). Bij Tower Semiconductor wordt een omzetgroei van 6,22 procent tot 1,816 miljard dollar (ongeveer 1,68 miljard euro) verwacht. Deze cijfers tonen aan dat de vraag naar chips onverminderd hoog blijft, wat de positieve vooruitzichten voor beide bedrijven verklaart.

    Block Krijgt Neutraal Advies

    Tot slot richtte Scotiabank zijn pijlen op Block (XYZ), het bedrijf achter onder meer Square en Cash App. Hier luidt het advies ‘sector perform’, wat wij lezen als een neutrale inschatting. Met een gemiddeld koersdoel van 99,38 dollar (ongeveer 92,00 euro) ziet Scotiabank een potentieel van 20,52 procent ten opzichte van de slotkoers van 82,46 dollar (ongeveer 76,35 euro). Hoewel dit een bescheiden stijging is vergeleken met de chipbedrijven, toont het wel aan dat de financiële technologie-sector nog steeds groeikansen biedt, ook al is de aanvankelijke hype wat geluwd.

    De verwachte jaarlijkse omzet voor Block bedraagt 27,092 miljard dollar (ongeveer 25,08 miljard euro), een stijging van 8,19 procent. Wij zien dat als een solide groei in een competitieve markt. Deze diverse adviezen bieden beleggers een interessante kijk op de kansen in verschillende hoeken van de Amerikaanse economie, van traditionele energie tot geavanceerde technologie.

  • Zilverprijs Klimt Met 64,8 Procent In Een Jaar, Goud Stijgt Met 27,4 Procent

    Zilverprijs Klimt Met 64,8 Procent In Een Jaar, Goud Stijgt Met 27,4 Procent

    De edelmetalen zilver en goud hebben het voorbije jaar een sterke groei gekend, met zilver als opvallende uitschieter. Beleggers kijken intussen vol spanning uit naar het Amerikaanse banenrapport, dat mogelijk de volgende rentestappen van de Federal Reserve beïnvloedt.

    De prijs van zilver is het voorbije jaar met een indrukwekkende 64,8 procent gestegen. Deze stijging brengt de decemberfutures voor zilver op vrijdag 4 september 2026 op een openingsprijs van 67,63 dollar per ounce. Ook goud kende een positief jaar, met een prijsstijging van 27,4 procent, wat de openingsprijs voor decemberfutures op 4.522 dollar per troy ounce brengt. Beide edelmetalen tonen deze veerkracht in aanloop naar het Amerikaanse banenrapport over augustus, een cruciaal cijfer voor de toekomstige rentebeslissingen van de Federal Reserve.

    De markten zijn voorzichtig optimistisch, vooral na recente uitspraken van Fed-gouverneur Chris Waller. Hij liet deze week weten open te staan voor het handhaven van de huidige rentetarieven als het inflatierapport van volgende week een afname van de prijsstijgingen toont. Een stabiele rente zou de aantrekkingskracht van niet-renderende activa zoals goud en zilver kunnen vergroten.

    Zilver presteert fors beter dan goud

    Terwijl beide edelmetalen een goed jaar achter de rug hebben, valt de prestatie van zilver op. Met een jaarlijkse groei van 64,8 procent laat het goud, dat 27,4 procent steeg, ver achter zich. Een maand geleden stond zilver al 16,4 procent hoger, tegenover 11,6 procent voor goud. Deze cijfers tonen aan dat zilver, dat vaak volatieler is dan goud, momenteel de wind in de zeilen heeft. Ter vergelijking: op 14 mei was de jaar-op-jaar groei voor zilver nog 173,3 procent, wat aangeeft dat de recente stijging een onderdeel is van een bredere, langetermijntrend.

    De verwachtingen voor het Amerikaanse banenrapport zijn gematigd. Economen voorspellen dat de VS in augustus 55.000 nieuwe banen heeft toegevoegd. Dat zou een herstel betekenen na een onverwachte daling van de banengroei in juli. De arbeidsmarkt lijkt zo in een patroon van minimale, maar stabiele groei te zitten. Wij zien vooral dat een eventuele rentepauze door de Fed een belangrijke impuls kan geven aan zowel goud als zilver, omdat de alternatieve kosten van het aanhouden van deze activa dan lager worden.

    Verschillende visies op goud in portfolio

    De rol van goud in een beleggingsportfolio blijft een punt van discussie onder experts. Sommigen, zoals Robert R. Johnson van Creighton University, adviseren helemaal geen goud, omdat de geringe volatiliteitsvermindering niet opweegt tegen het verlies aan rendement op lange termijn. Anderen pleiten voor een bescheiden allocatie.

    • 2% tot 5%: Brett Elliott van American Precious Metals Exchange (APMEX) stelt dat dit een goede balans biedt tussen veerkracht en het vermijden van een te grote impact op inkomsten.
    • 5% tot 8%: Blake McLaughlin van Axcap Ventures wijst op historische data die de veerkracht van goud in economisch onzekere tijden ondersteunen.
    • 5% tot 15%: Thomas Winmill van Midas Funds raadt deze range aan, waarbij risicotolerantie en de verhouding tussen financiële en materiële activa leidend zijn.
    • 20%: Vince Stanzione van First Information ziet goud als een essentiële strategie voor vermogensbescherming tegen inflatie en devaluatie van papieren valuta’s.

    De brede spreiding in adviezen toont aan dat de ideale goudpositie sterk afhankelijk is van individuele beleggingsdoelen en risicobereidheid. Wat wel vaststaat, is dat de huidige marktomstandigheden, met onzekerheid over inflatie en rentetarieven, edelmetalen weer in de schijnwerpers plaatsen. Het is afwachten hoe de komende economische data de koersen verder zullen beïnvloeden.