Tag: ING

  • Franse Scholierenprotesten Drukken Op Belgische Begroting, Rentetarief Stijgt Naar Hoogste Niveau In Vijftien Jaar

    Franse Scholierenprotesten Drukken Op Belgische Begroting, Rentetarief Stijgt Naar Hoogste Niveau In Vijftien Jaar

    De onrust in Frankrijk, waar de regering miljarden moet vinden voor concessies aan protesterende scholieren, maakt de financiële markten zenuwachtig. Dat heeft een rechtstreeks effect op België, waar de tienjaarsrente de 4,4 procent nadert.

    De aanhoudende scholierenprotesten in Frankrijk zetten de Franse regering onder zware druk om financiële toegevingen te doen. Dat heeft volgens econoom Peter Vanden Houte van ING directe gevolgen voor de begrotingsonderhandelingen in België. De Franse overheid moet miljarden vinden om aan de eisen van de scholieren tegemoet te komen, wat de financiële markten nerveus maakt en de rentetarieven op staatsobligaties opdrijft, een effect dat ook in België voelbaar is.

    De Franse tienjaarsrente klom de voorbije weken boven de 4,9 procent. Als gevolg daarvan nadert de Belgische tienjaarsrente de 4,4 procent, het hoogste peil in ongeveer vijftien jaar. Dat maakt het voor de Belgische overheid duurder om geld te lenen, wat de noodzaak voor een snel begrotingsakkoord verhoogt.

    Franse Overheid Onder Druk

    De Franse premier Sébastien Lecornu stelde onlangs een begroting voor 2027 voor, waarin hij 43 miljard euro wilde besparen om het tekort op de overheidsfinanciën terug te dringen van 5,4 naar 5 procent van het bruto binnenlands product (BBP). Deze besparingsplannen staan echter onder druk door de grootschalige scholierenprotesten. De Franse minister van Onderwijs, Edouard Geffray, kondigde al aan dat er de komende dagen 3.000 extra leerkrachten worden ingezet op de middelbare scholen waar de situatie het meest kritiek is, een maatregel die dit jaar al tientallen miljoenen euro’s kost.

    Deze extra uitgaven, die mogelijk nog verder oplopen, ondermijnen het signaal van bezuiniging dat de Franse regering naar de markten wilde sturen. Volgens Peter Vanden Houte kan Frankrijk zich deze extra uitgaven eigenlijk niet veroorloven, gezien de toch al grote staatsschuld en het aanhoudende begrotingstekort. De onrust bij de markten wordt verder gevoed door de schaduw van nakende Franse presidentsverkiezingen, waarbij de strijd naar verwachting zal gaan tussen uiterst linkse en uiterst rechtse kandidaten.

    Besmettingseffect Voor België

    De zenuwachtigheid rond de Franse overheidsfinanciën heeft een “besmettingseffect” op andere landen die er financieel minder goed voorstaan, waaronder België. Vanden Houte benadrukt dat de rentestijgingen een wereldwijde trend zijn, mede gedreven door de oorlog in Iran die de olieprijzen en inflatie opdrijft. Centrale banken reageren hierop met renteverhogingen, wat het lenen duurder maakt voor zowel burgers als overheden. Voor landen zoals Frankrijk en België, met een al hoge staatsschuld, is dit extra problematisch.

    De Belgische federale regering moet volgens Vanden Houte snel met een meerjarig begrotingsakkoord komen. Dit zou de eigen positie van België veiligstellen en de afhankelijkheid van de Franse rentes verminderen. Een stabiele meerjarenbegroting zou de markten geruststellen, wat cruciaal is aangezien de goedkope leningen die België in het verleden afsloot aan 0,5 à 1 procent rente binnenkort geherfinancierd moeten worden. Een lagere rente zou dan de impact op de staatsschuld beperken en helpen om de zogenaamde ‘rentesneeuwbal’ te vermijden.

    Wat Betekent Dit Nu?

    De Belgische begrotingsonderhandelingen krijgen extra druk door de financiële onrust in Frankrijk. Als de Franse regering door de aanhoudende scholierenprotesten genoodzaakt is tot verdere financiële toegevingen, zal dit de Franse staatsschuld en het tekort verder doen oplopen. Dit kan leiden tot een nog grotere nervositeit op de obligatiemarkten en verdere rentestijgingen, die ook in België voelbaar zijn. Een snel en geloofwaardig meerjarig begrotingsakkoord in België is daarom cruciaal om de stijgende rentetarieven te temperen en de financiële positie van het land te stabiliseren. Wij zien vooral de noodzaak om de Belgische rentes te ontkoppelen van de Franse, voordat de herfinanciering van oude leningen te duur wordt.

  • Europese Beurzen Zien De Rentevrees En Stijgende Olieprijs Doorwegen

    Europese Beurzen Zien De Rentevrees En Stijgende Olieprijs Doorwegen

    De STOXX Europe 600, DAX en CAC40 leden woensdag verliezen, terwijl de Franse tienjaarsrente opliep en de Brent-olieprijs de grens van 100 dollar per vat opnieuw overschreed. De onzekerheid over de Franse begroting en de aanhoudende spanningen in het Midden-Oosten domineren het sentiment.

    De Europese aandelenmarkten hebben woensdag een uitgesproken negatieve handelsdag gekend. De brede STOXX Europe 600 index sloot de dag af met een daling van 0,7 procent. Ook de nationale graadmeters lieten rode cijfers zien, met de Duitse DAX die 1,2 procent verloor en de Franse CAC40 die 0,9 procent inleverde. Deze neerwaartse beweging volgt op een periode van herstel, waarbij de STOXX Europe 600 nog op dinsdag 0,7 procent wist te winnen, toen de rentes juist daalden.

    De druk op de beurzen komt voornamelijk voort uit twee factoren: oplopende rentes op staatsobligaties en een stijgende olieprijs. De Franse tienjaarsrente steeg met 15 basispunten naar 4,9 procent, terwijl de Duitse variant richting de 3,51 procent bewoog. Deze stijgingen worden deels toegeschreven aan de aanhoudende onzekerheid rondom de Franse begroting, waar de regering vasthoudt aan een tekort van maximaal 5 procent. Oppositieleider Marine Le Pen stelde eerder een drastische verlaging van het begrotingstekort voor, maar ING merkt op dat het “gebrek aan geloofwaardigheid en de onzekerheid over de aanstaande verkiezingen” de risico-opslagen op Frans staatspapier hoog houden.

    Tegelijkertijd veerde de olieprijs op, nadat deze dinsdag nog een daling kende. Een vat Brent-olie werd woensdag ruim een procent duurder en noteerde 101,94 dollar. Dit is een reactie op nieuwe aanvallen van Houthi-rebellen in Jemen op Saoedi-Arabië, wat de regionale spanningen in het Midden-Oosten opnieuw deed oplaaien. De dreiging voor de aanvoer van olie uit deze cruciale regio blijft een belangrijke factor voor de prijsvorming.

    Wij zien vooral dat de markt worstelt met tegenstrijdige signalen. Enerzijds was er positief nieuws uit Duitsland, waar de industriële productie in augustus onverwacht sterk herstelde met een stijging van 2 procent, na een daling van 1,2 procent in juli. Anderzijds blijven de macro-economische vooruitzichten in Europa kwetsbaar, met Frankrijk dat in het tweede kwartaal ternauwernood een recessie ontliep en een Franse industriële productie die in augustus met 0,3 procent afnam. Deze wankele basis, gecombineerd met de hogere financieringskosten, tempert het optimisme.

    De impact van de oplopende rentes was duidelijk voelbaar in de financiële sector. Bankaandelen verloren terrein, met bijvoorbeeld Société Générale die 3,8 procent daalde. Ook halfgeleideraandelen, die de dagen voordien nog profiteerden van optimisme rond artificiële intelligentie, moesten woensdag winsten inleveren. Infineon daalde 5,3 procent en BESI zakte zelfs 9,5 procent. Dat wijst erop dat beleggers momenteel een bredere risico-aversie tonen, ondanks de eerdere positieve vooruitzichten.

    Opvallend is dat de Europese beurzen de neerwaartse trend doorzetten, terwijl de Amerikaanse beurzen dinsdag nog recordstanden noteerden, onder impuls van een techrally. De Nasdaq Composite sloot dinsdag 0,4 procent hoger op 27.599,79 punten. De futures op Wall Street wezen voor woensdag echter ook op een licht lagere opening, wat suggereert dat de mondiale financiële markten voorzichtig reageren op de macro-economische ontwikkelingen en geopolitieke spanningen.

    Ter vergelijking, de cryptomarkt toont vandaag eveneens een terugval. Bitcoin (BTC) noteert op 7 oktober om 13:01 74.817 euro, een daling van 2,3 procent in 24 uur, wat in schril contrast staat met de stijging van 5,6 procent over de afgelopen 30 dagen. Ethereum (ETH) verloor zelfs 4,5 procent in dezelfde periode, en staat op 2.305 euro. Dit geeft aan dat het bredere marktsentiment, beïnvloed door rentestanden en geopolitieke factoren, ook impact heeft buiten de traditionele aandelenmarkten.

    Technische analyse

    De STOXX Europe 600 index brak woensdag door een belangrijk steunniveau, wat verdere dalingen niet uitsluit. De index nadert nu het 200-daags voortschrijdend gemiddelde, wat historisch gezien vaak een keerpunt kan zijn. De Relative Strength Index (RSI) beweegt zich richting neutrale waarden, wat suggereert dat er nog ruimte is voor verdere beweging in beide richtingen, afhankelijk van het nieuws. Het verhoogde handelsvolume tijdens de daling duidt op een overtuigende beweging naar beneden.

    Marktsentiment

    De angst-en-hebzuchtmeter voor crypto staat op 7 oktober om 13:01 op 71 van 100 (Greed), wat duidt op een overwegend positief sentiment onder cryptobeleggers ondanks de recente koersdalingen. Dit contrasterende beeld met de dalende aandelenbeurzen kan wijzen op een verschuiving van kapitaal, hoewel een sterke correlatie met de traditionele markten blijft bestaan. De onzekerheid over de rentetarieven en geopolitieke ontwikkelingen tempert echter de algemene risicobereidheid.

    Fundamentele analyse

    De macro-economische context in Europa blijft fragiel. De stijgende rentes maken lenen duurder, wat de economische groei kan afremmen. De Franse begrotingsperikelen en de politieke onzekerheid dragen bij aan een verhoogde risicopremie voor obligaties. De aanhoudende spanningen in het Midden-Oosten houden de energieprijzen hoog, wat de inflatiedruk kan aanwakkeren en de winstgevendheid van bedrijven onder druk kan zetten. Tegelijkertijd zorgt de sterke industriële productie in Duitsland voor een lichtpuntje, maar de algemene trend is er een van voorzichtigheid en afwachting.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een stabilisatie van de rentes en een de-escalatie van de geopolitieke spanningen in het Midden-Oosten kunnen de beurzen weer ondersteunen, vooral als de Duitse industriële productie sterker blijft dan verwacht.
    • Bear-scenario: Verdere stijgingen van de rentes of een verergering van de Franse begrotingscrisis, gecombineerd met een langdurig hoge olieprijs, kunnen leiden tot meer neerwaartse druk op de Europese markten.

    Wat betekent dit nu?

    De recente dalingen op de Europese beurzen, aangewakkerd door hogere rentes en een stijgende olieprijs, tonen aan dat macro-economische en geopolitieke factoren een zware stempel drukken op het marktsentiment. Hoewel de cryptomarkt een zekere veerkracht toont, blijft de bredere financiële omgeving uitdagend. Beleggers kijken nu vooral uit naar de notulen van de Federal Reserve om meer inzicht te krijgen in het toekomstige rentebeleid, wat een belangrijke trigger kan zijn voor de komende periode.

  • Brusselse Beurzen Openen Hoger Terwijl Nasdaq Nieuw Record Vestigt

    Brusselse Beurzen Openen Hoger Terwijl Nasdaq Nieuw Record Vestigt

    De Bel20 volgt de positieve trend van Wall Street, waar technologieaandelen de Nasdaq maandagavond naar een record slotstand van 27.477 punten stuwden. Hogere rentes en geopolitieke spanningen blijven wel op de achtergrond spelen.

    Beleggers op de Brusselse beurs zien de sterindex Bel20 vandaag naar verwachting hoger openen, nadat de Amerikaanse technologiebeurs Nasdaq maandagavond een nieuw record vestigde. Futures op de Euro Stoxx 50, een belangrijke graadmeter voor de Europese markten, duidden op een kleine winst. Dit volgt op een relatief kalme maandag voor de Bel20, die 0,1 procent lager sloot op 5.498,96 punten, grotendeels door aanhoudende zorgen over hoge rentestanden en olieprijzen.

    De positieve impuls voor de Europese markten komt vooral van de overzeese handel. Op Wall Street sloten de beurzen maandag met winst. De Nasdaq, sterk beïnvloed door techaandelen zoals Nvidia en Microsoft, steeg met 1,1 procent en bereikte een nieuwe recordhoogte van 27.477,31 punten. Ook de bredere S&P 500-index klom 0,7 procent en naderde zijn hoogste stand ooit. Investment manager Vincent Juvyns van ING Global Investment Centre verwacht dat aandelen in de technologie- en energiesector in het derde kwartaal de sterkste winstgroei zullen laten zien, wat de impact van de hoge rentes zou moeten verzachten.

    Deze beweging toont aan hoe sterk de Amerikaanse technologiegiganten de wereldwijde sentimenten kunnen sturen. Wij zien vooral dat de veerkracht van de Amerikaanse techsector, ondanks een periode van hogere rentetarieven, een belangrijke motor blijft voor de beurs. Het contrast met de Bel20, die maandag nog nauwelijks bewoog, is opvallend en wijst op een divergentie tussen de Amerikaanse en Europese markten, waar lokale factoren zoals politieke onzekerheid in Europa zwaarder wegen.

    De Aziatische markten volgden de Amerikaanse trend, met een stijging van de Japanse Nikkei-index van 0,8 procent en een winst van 0,6 procent voor de Hang Seng in Hongkong. De Chinese beurzen bleven gesloten vanwege een nationale feestweek. De Zuid-Koreaanse Kospi-index was echter een uitzondering, die na een hogere start toch bijna 2 procent verloor, mede door dalingen bij zwaargewichten zoals Samsung Electronics en SK Hynix.

    De rentemarkten blijven ondertussen de aandacht trekken. De Japanse tienjaarsrente steeg naar 3,103 procent, terwijl de Amerikaanse tienjaarsrente op 5,33 procent noteerde, een niveau dat rond het hoogste punt sinds 2002 ligt. Deze hoge rentes blijven een zorg voor beleggers, aangezien ze de kosten voor leningen verhogen en de aantrekkelijkheid van aandelen kunnen verminderen. De olieprijs van Brent schommelt boven de 100 dollar per vat, deels door risico’s vanuit het conflict tussen de Verenigde Staten en Iran, waarbij de Iraanse president Massoud Pezeshkian stelde dat onderhandelingen met de VS geen zin hebben.

    Op het Europese continent blijven politieke en budgettaire zorgen de euro onder druk zetten; de munt daalde maandag tot circa 1,12 dollar. Vooral de oplopende Franse tienjaarsrente, die die van Italië en Griekenland overtrof, zorgde voor nervositeit. Beleggers wachten nu af op de notulen van de beleidsvergadering van de Amerikaanse centrale bank in september, die woensdag worden gepubliceerd. Volgens de FedWatch-tool van CME Group wordt de kans op een ongewijzigde rente in oktober geschat op bijna 76 procent.

    De focus op de traditionele markten is groot, maar ook de cryptomarkt kent zijn eigen dynamiek. Zo noteerde Bitcoin op 6 oktober om 08:30 76.066 euro, een daling van 0,9 procent over de afgelopen 24 uur, maar met een stijging van 7,1 procent over de afgelopen 30 dagen. Deze bewegingen tonen aan dat zelfs in een breder positief beursklimaat, specifieke markten hun eigen koers varen, gedreven door sectorale factoren en macro-economische verschuivingen.

    Wat betekent dit nu?

    De Brusselse beurs profiteert vandaag van het positieve sentiment dat vanuit de Amerikaanse techmarkt overwaait, wat de eerdere terughoudendheid door hoge rentes en olieprijsdruk deels compenseert. Hoewel de Nasdaq records breekt, blijven de macro-economische onzekerheden, zoals de Amerikaanse rentestanden en geopolitieke spanningen, bepalend voor de langere termijn. De komende publicatie van de Fed-notulen zal mogelijk meer duidelijkheid scheppen over het toekomstige monetaire beleid, en daarmee over de richting van zowel traditionele als cryptomarkten.

  • ING Verwacht Dat Tech- En Energieaandelen 30 Procent Winstgroei Realiseren

    ING Verwacht Dat Tech- En Energieaandelen 30 Procent Winstgroei Realiseren

    De wereldwijde beurzen presteren dit jaar verrassend sterk, ondanks de oplopende rentes. Volgens ING Global Investment Centre zijn vooral technologie- en energiebedrijven de drijvende kracht achter deze groei, met een verwachte winstgroei van 30 procent in het derde kwartaal.

    De verwachting was dat de stijgende rentes een domper zouden zetten op de winstmarges van veel bedrijven. Toch zien de beurzen er wereldwijd rooskleurig uit. Het ING Global Investment Centre voorspelt dat technologie- en energiebedrijven in het derde kwartaal een winstgroei van ongeveer 30 procent zullen boeken. Dat moet voldoende zijn om de impact van de hoge rentes te compenseren, zo stelt investment manager Vincent Juvyns van ING.

    De algemene trend op de wereldwijde markten dit jaar is opvallend positief. De MSCI World Index, die de prestaties van grote en middelgrote bedrijven in ontwikkelde landen volgt, heeft sinds het begin van het jaar al 18 procent koerswinst geboekt. Deze groei komt voornamelijk door de sterke prestaties van techaandelen, die circa 40 procent in de plus staan, en opkomende markten, die ongeveer 30 procent gestegen zijn. Dit gebeurt terwijl de Amerikaanse tienjaarsrente de 5 procent nadert, wat normaal gesproken als een waarschuwingssignaal voor aandelenmarkten wordt gezien.

    “Op dit moment stijgen de winsten zodanig snel dat ze compenseren voor een groot deel van de stijgende rentes,” legt Juvyns uit. Deze snelle winststijging, vooral in de technologiesector, is deels te danken aan de verdere uitrol van kunstmatige intelligentie (AI). De AI-waardeketen omvat niet enkel softwarebedrijven, maar ook de producenten van halfgeleiders en geheugenchips, waarvan een belangrijk deel in Azië gevestigd is. Wij zien vooral dat de enorme vraag naar AI-gerelateerde hardware en software een impuls geeft die de bredere economische tegenwind kan trotseren, al blijft het de vraag hoe lang deze trend in dit tempo kan aanhouden.

    De robuuste winstvooruitzichten in de technologie- en energiesector zijn cruciaal. Waar veel sectoren kampen met hogere financieringskosten, lijken deze twee gebieden voldoende vraag en innovatiekracht te bezitten om hun winsten op te drijven. Dit geldt zowel in de Verenigde Staten als wereldwijd. De energiemarkt profiteert van geopolitieke spanningen en een aanhoudende vraag, terwijl de technologiesector gedragen wordt door de doorbraak van nieuwe technologieën zoals AI.

    Als we dit vergelijken met de bredere markt, merken we dat de winstgroei in deze specifieke sectoren de gemiddelde prestaties van de MSCI World Index aanzienlijk overtreft. Waar de index 18 procent won, tonen tech en energie uitschieters die de algemene markt omhoog trekken. Een cryptomunt als Bitcoin, die vaak als risicovoller wordt beschouwd, staat op 5 oktober om 16:02 op 77.215 euro, een stijging van 8,4 procent over de afgelopen dertig dagen. Dit toont aan dat er een algemene risicobereidheid is in de markten, met een duidelijke voorkeur voor groeisectoren.

    Wij houden het erop dat de huidige marktomstandigheden, met stijgende rentes en een sterke dollar, een selectieve aanpak vereisen. Niet alle sectoren zullen even goed presteren, en de focus op technologie en energie van ING Global Investment Centre is dan ook een logisch gevolg van de huidige dynamiek. Het is niet vanzelfsprekend dat deze sectoren de komende kwartalen even gemakkelijk hun sterke groei kunnen vasthouden, maar voorlopig lijken ze de kar te trekken.

    Technische analyse

    De aandelenmarkten tonen een veerkrachtige opwaartse trend, waarbij de MSCI World Index boven zijn 50- en 200-daags voortschrijdend gemiddelde noteert. Dit duidt op een sterke technische positie. Specifieke technologie- en energieaandelen vertonen vaak nog hogere relatieve sterkte. De Relative Strength Index (RSI) voor veel van deze aandelen bevindt zich in de neutrale tot licht overbought-zone, wat wijst op aanhoudend koopmomentum zonder direct gevaar voor een scherpe correctie. De huidige koersbeweging gaat gepaard met een gezond handelsvolume, wat de stijgingen valideert.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment is overwegend positief, zoals blijkt uit de Fear & Greed Index die op 70 staat (Greed). Dit wijst op een aanzienlijk optimisme onder beleggers, gevoed door de sterke winstverwachtingen in belangrijke sectoren. De institutionele instroom in technologie-gerelateerde ETF’s blijft aanzienlijk, wat het bullish sentiment verder ondersteunt.

    Fundamentele analyse

    De verwachte winstgroei van 30 procent in de technologiesector wordt gedreven door aanhoudende innovatie, vooral in kunstmatige intelligentie, en een sterke vraag naar digitale diensten. Energiebedrijven profiteren van hogere grondstoffenprijzen en een stabiele vraag. Deze sectoren vertonen een sterke correlatie met de bredere economische groei, maar lijken ook in staat om bovengemiddelde prestaties te leveren door specifieke sectorale drijfveren, zelfs in een omgeving van hogere rentes.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Indien de winstgroei in tech en energie de komende kwartalen aanhoudt en de inflatie onder controle blijft, kan de MSCI World Index verder stijgen, met een potentiële doorbraak boven recente pieken.
    • Bear-scenario: Een onverwachte daling van de bedrijfswinsten of een verdere, agressieve renteverhoging door centrale banken kan leiden tot een significante correctie op de aandelenmarkten, vooral als het momentum in tech afneemt.

    Wat betekent dit nu?

    De huidige marktdynamiek wijst op een veerkrachtige aandelenmarkt, aangevoerd door sterke winsten in technologie en energie. Beleggers blijven optimistisch, ondanks de hogere rentes, wat de algemene risicobereidheid ondersteunt. De fundamentele drijfveren in deze sectoren, zoals AI-adoptie en een stabiele energievraag, lijken sterk genoeg om de markt voorlopig te blijven stuwen.

  • Inflatie In De Eurozone Stijgt Naar 3,8 Procent Door Hogere Energieprijzen

    Inflatie In De Eurozone Stijgt Naar 3,8 Procent Door Hogere Energieprijzen

    Het aanhoudende conflict in het Midden-Oosten drijft de energieprijzen op, wat de inflatie in september deed versnellen. Consumenten betalen daardoor nu ook meer voor een breder scala aan producten en diensten.

    De hoge energieprijzen, een direct gevolg van het oplaaiende conflict in het Midden-Oosten, hebben de inflatie in de eurozone in september opgedreven tot 3,8 procent. Ook in Nederland klokte de inflatie af op een stevige 3,4 procent. Deze stijging vertaalt zich nu niet alleen in een hogere energierekening, maar ook in duurdere industriële goederen en diensten voor de consument.

    De spanningen tussen Iran en de Verenigde Staten blokkeren de Straat van Hormuz, een cruciale doorgang voor maar liefst 20 procent van de wereldwijde olieleveranties. Hierdoor staan honderden olietankers al maanden stil en zijn olie- en gasinstallaties in de regio beschadigd. Het is een situatie die de olieprijzen sinds februari gestaag heeft doen oplopen. Een vat Brentolie kostte recent 99,93 dollar, terwijl Amerikaanse olie noteerde aan 89,32 dollar per vat. Dat heeft directe gevolgen aan de pomp, waar een liter benzine momenteel 2,709 euro kost en voor diesel 2,77 euro moet worden neergeteld.

    Hoofdeconoom Bert Colijn van ING ziet dat bedrijven de gestegen energiekosten onvermijdelijk doorberekenen aan hun klanten. Dit betekent dat de inflatie zich verspreidt naar andere sectoren, waaronder voedsel, waar de prijzen naar verwachting eveneens zullen stijgen door een combinatie van hoge energieprijzen en tegenvallende oogsten.

    Econoom Aggie van Huisseling tempert echter de verwachting dat de prijsstijgingen even extreem zullen zijn als tijdens het begin van de oorlog in Oekraïne. Veel huishoudens hebben nog een vast energiecontract, wat een deel van de schok opvangt. Toch blijft de gasprijs stijgen, wat een druk blijft uitoefenen op de portemonnee van de consument. Industriële goederen en diensten, zoals reizen en vliegtickets, zijn volgens Van Huisseling al duurder geworden.

    ABN AMRO voorspelt voor dit jaar een inflatie van 3,2 procent, met een lichte daling naar 3,1 procent in 2027. Wij zien hierin vooral de erkenning dat de aanhoudende geopolitieke onrust en de daaruit voortvloeiende energieprijzen structureel van aard kunnen zijn. De weigering van de Amerikaanse president Donald Trump om een staakt-het-vuren te steunen, voedt de verwachting dat de energieprijzen op lange termijn hoog zullen blijven. Dit toont aan hoe gevoelig de economie blijft voor internationale conflicten, zelfs in tijden van ogenschijnlijk kalmerende inflatie.

    De stijgende energieprijzen en de bredere inflatie hebben ook hun weerslag op de financiële markten. Hoewel cryptomunten zoals Bitcoin en Ethereum niet direct aan olie- of gasprijzen gekoppeld zijn, kunnen hogere inflatiecijfers de algemene risicobereidheid van beleggers beïnvloeden. Op 3 oktober om 06:04 noteerde Bitcoin nog 75.223 euro, een lichte daling van 1,0 procent in 24 uur, maar nog steeds 8,9 procent hoger dan een maand geleden. Ethereum handelde rond 2.382 euro, met een vergelijkbare daling van 1,4 procent in 24 uur, terwijl de munt over de afgelopen 30 dagen 11,5 procent winst boekte. De Fear & Greed Index stond op 67 van 100, wat duidt op ‘hebzucht’ in de cryptomarkt, ondanks de bredere economische zorgen. Het is een teken dat beleggers in digitale activa een zekere mate van veerkracht tonen, al blijven de macro-economische ontwikkelingen een belangrijke factor om in de gaten te houden.

    Wat betekent dit nu?

    De aanhoudende inflatiedruk, gedreven door onrust in het Midden-Oosten en de daaruit voortvloeiende hoge energieprijzen, blijft een constante uitdaging voor consumenten en bedrijven. Hoewel de impact van de huidige crisis mogelijk minder ernstig is dan eerdere schokken, blijft de brede doorberekening van kosten een punt van aandacht. De verwachting dat energieprijzen structureel hoog blijven, dwingt tot aanpassingen in bestedingspatronen en bedrijfsstrategieën. De markt kijkt gespannen toe hoe centrale banken zullen reageren op deze hernieuwde inflatiedruk en hoe dit de economische groei op de langere termijn zal beïnvloeden.

  • Europese Beurzen Zakken Door Rentevrees, Franse Begroting Baart Zorgen

    Europese Beurzen Zakken Door Rentevrees, Franse Begroting Baart Zorgen

    De Europese aandelenmarkten sloten donderdag lager, terwijl de Franse tienjaarsrente het hoogste niveau in zestien jaar bereikte door onzekerheid over de nationale begroting.

    Waar de Europese beurzen de afgelopen weken nog een relatieve stabiliteit kenden, sloot de Stoxx Europe 600 donderdag 1,3 procent lager op 626,65 punten. Deze daling komt nadat hard oplopende rentes beleggers schrik aanjoegen. De Duitse DAX verloor een procent, de Franse CAC 40 ging 1,6 procent lager en de Londense FTSE 100 leverde 1,7 procent in. Vooral de Franse overheidsfinanciën dragen bij aan de onrust op de obligatiemarkten.

    De Franse tienjaarsrente naderde intussen de 5 procent, het hoogste niveau sinds 2008. Dit gebeurt terwijl de Franse premier Sébastien Lecornu de ontwerpbegroting van het land presenteerde, die hij door een verdeeld parlement moet loodsen. Analisten van ING zien de begroting voor 2027 het tekort weliswaar terugdringen tot 5 procent van het bruto binnenlands product (vergeleken met 5,4 procent in 2026), maar verwachten dat de staatsschuld desondanks zal stijgen tot 121,7 procent van het bbp.

    Volgens Allianz Global Investors draait het bij Franse staatsobligaties vooral om de betaalbaarheid van de schuld en de geloofwaardigheid van het begrotingsbeleid. Er is geen acuut risico dat Frankrijk zijn schuld niet kan aflossen, maar de financiële markten willen duidelijkheid over hoe de begroting op orde gebracht kan worden zonder de economische groei te schaden. Wij zien vooral dat deze onzekerheid over de aanpak van het begrotingstekort de obligatiemarkten onder druk houdt.

    De spread tussen de Franse en Duitse tienjaarsrente, die donderdag op 136 basispunten handelde, kan verder oplopen richting de 150 basispunten. De Europese Centrale Bank (ECB) zal waarschijnlijk niet ingrijpen, tenzij de onrust zich buiten Frankrijk verspreidt, zo stellen analisten. De stijgende rentes en onzekerheid over de Franse begroting contrasteren met de licht bemoedigende cijfers over de Europese industrie, die in september iets harder groeide dan verwacht. Ook aan de overkant van de oceaan waren de Amerikaanse economische cijfers positief, wat echter ook de speculatie over een nieuwe renteverhoging door de Federal Reserve aanwakkert.

    Deze bredere rentestijgingen wegen ook op de cryptomarkt, al zien we daar op korte termijn een ander beeld. Bitcoin noteert op 2 oktober om 04:32 uur 75.530 euro, een stijging van 2,4 procent in 24 uur en 10,0 procent over de afgelopen dertig dagen. Dit toont dat ondanks de bredere macro-economische druk, de digitale activa hun eigen dynamiek behouden. De Angst-en-hebzuchtmeter staat intussen op 72 van 100, wat duidt op een ‘Greed’-sentiment in de cryptomarkt, een teken dat beleggers nog steeds optimistisch zijn.

    De onrust in de traditionele markten vertaalde zich donderdag ook in de prestaties van individuele sectoren. Financiële waarden zoals Deutsche Bank, KBC en ING leverden meer dan 2 procent in. Luxe-aandelen als Hermès en LVMH stonden eveneens onder druk, met dalingen tussen de 0,7 en 2,7 procent. Enkel de stijgende olieprijzen zorgden voor een lichtpuntje, met Shell dat 0,8 procent won en BP dat 1,4 procent steeg.

    Wat betekent dit nu?

    De aanhoudende rentevrees en de onzekerheid rondom de Franse begroting creëren een volatiel klimaat voor Europese aandelen. Terwijl de Franse overheid probeert haar financiën op orde te krijgen, blijft de markt zoeken naar duidelijke signalen dat de economische stabiliteit niet verder wordt aangetast. Een verdere uitbreiding van de Frans-Duitse rentespread kan de druk op de eurozone opvoeren, wat de ECB mogelijk dwingt tot actie, al achten analisten dat nu nog niet waarschijnlijk.

  • Brusselse Beurs Stijgt Licht, Agfa-Gevaert Boekt 26 Procent Winnaars Na Fusie-Nieuws

    Brusselse Beurs Stijgt Licht, Agfa-Gevaert Boekt 26 Procent Winnaars Na Fusie-Nieuws

    De Bel20-index wist maandag een kleine winst te boeken, gesteund door enkele zwaargewichten. Opvallend was de sprong van Agfa-Gevaert, dat profiteerde van strategische ontwikkelingen in zijn digitale printdivisie.

    De Brusselse beurs heeft maandag een bescheiden positieve dag gekend. De Bel20-index sloot met een plus van 0,2 procent, wat neerkomt op een slotstand van 5.717,81 punten. Deze lichte stijging werd voornamelijk gedragen door enkele indexzwaargewichten, waaronder Lotus Bakeries, AB InBev en D’Ieteren, die een goede dag kenden. Tegelijkertijd zagen we dat Argenx, een ander belangrijk aandeel, juist wat onder druk stond.

    Een van de meest in het oog springende bewegingen op de Belgische beurs kwam van Agfa-Gevaert. Het aandeel van de beeldvormingsspecialist schoot maar liefst 26 procent omhoog. Deze forse stijging volgde op de aankondiging dat zijn digitale printbedrijf zal fuseren met Electronics for Imaging, een dochteronderneming van de Amerikaanse private-equityfirma Siris. Agfa zal een belang van 40 procent in de nieuwe entiteit behouden, terwijl Siris de overige 60 procent verwerft. In een afzonderlijke transactie neemt Siris ook een belang van 19,1 procent in Agfa zelf over van Active Ownership Capital, de grootste aandeelhouder.

    Wij zien deze fusie van Agfa’s digitale printtak als een strategische zet die de waarde voor aandeelhouders kan ontsluiten. Door deze divisie deels te verzelfstandigen en een sterke partner als Siris aan boord te halen, kan Agfa zich mogelijk beter focussen op zijn kernactiviteiten en tegelijkertijd profiteren van de groeimogelijkheden van de printdivisie. KBC Securities bestempelt de fusie als strategisch positief en heeft Agfa dan ook op de kooplijst gezet.

    Buiten de Bel20 kende Fagron eveneens een sterke dag, met een winst van 8,1 procent. Dit kwam nadat ING de farmaceutische toeleverancier op zijn favorietenlijst plaatste, met een koopadvies en een licht verhoogd koersdoel van 30 euro. Ook D’Ieteren, een van de stijgers binnen de Bel20, profiteerde van een positief analistenrapport; ING verhoogde het koersdoel voor D’Ieteren van 237 naar 263 euro, met behoud van de koopaanbeveling.

    De bredere financiële markten werden maandag beïnvloed door oplopende geopolitieke spanningen, wat leidde tot een stijging van de olieprijzen. Een vat Brent-olie noteerde ruim 3 procent hoger en kostte 108 dollar. Als gevolg hiervan stegen ook de wereldwijde rentes; de Amerikaanse tienjaarsrente bereikte maandag niveaus die we voor het laatst in 2007 zagen. Dat zet druk op de financieringskosten voor overheden en bedrijven.

    Wat de cryptomarkt betreft, noteren de prijzen relatief stabiel in vergelijking met de voorbije maand. Bitcoin (BTC) noteert op 28 september om 14:36 uur op 73.279 euro, een daling van 1,5 procent over 24 uur, maar nog steeds 7,0 procent hoger over de afgelopen 30 dagen. Ethereum (ETH) staat op 2.356 euro, een daling van 0,8 procent in 24 uur, maar met een stijging van 9,5 procent over 30 dagen. De algemene stemming op de cryptomarkt, gemeten door de Fear & Greed Index, blijft met 74 van de 100 punten in de categorie ‘hebzucht’.

    Technische analyse

    De Bel20-index sluit de dag licht hoger af, maar de opwaartse beweging blijft beperkt. De index beweegt momenteel rond zijn 50-daags voortschrijdend gemiddelde, wat duidt op een evenwicht tussen kopers en verkopers op de korte termijn. Belangrijke supportniveaus liggen rond de 5.680 punten, terwijl weerstand te vinden is bij de 5.750 punten. De Relative Strength Index (RSI) van de Bel20 bevindt zich in een neutrale zone, wat geen duidelijke signalen geeft van overbought of oversold condities. De handelsvolumes waren gemiddeld, wat de bescheiden beweging ondersteunt.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment in Brussel lijkt voorzichtig positief, ondanks de bredere macro-economische onzekerheden. De stijging van individuele aandelen zoals Agfa-Gevaert, gestuwd door specifiek bedrijfsnieuws en analistenadviezen, toont aan dat er kapitaal beschikbaar is voor gerichte beleggingen. Institutionele beleggers tonen interesse in specifieke sectoren, zoals blijkt uit de fusiedeal van Agfa-Gevaert, wat een teken kan zijn van hernieuwde focus op waardegeneratie binnen gevestigde bedrijven.

    Fundamentele analyse

    De bescheiden groei van de Bel20 wordt ondersteund door individuele bedrijfsresultaten en strategische beslissingen. De fusie van Agfa’s digitale printdivisie is een voorbeeld van hoe bedrijven proberen waarde te creëren in een uitdagende economische omgeving. De stijgende olieprijzen en rentes zetten echter een rem op een bredere, algemene marktstijging. Analisten van Kepler Cheuvreux blijven bijvoorbeeld kritisch over de impact van de Agfa-deal op kleinere aandeelhouders, wat aantoont dat niet alle fundamentele analyses een eenduidig positief beeld schetsen. De correlatie met de bredere Europese en Amerikaanse markten blijft sterk, waarbij macro-economische factoren zoals inflatie en rentetarieven de boventoon voeren.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Indien de Bel20 de weerstand van 5.750 punten doorbreekt, met verdere positieve bedrijfsresultaten en een stabilisatie van de rentetarieven, kan een verdere stijging richting de 5.800 punten volgen.
    • Bear-scenario: Een terugval onder de support van 5.680 punten, getriggerd door verslechterende macro-economische data of een toename van geopolitieke risico’s, kan de index terugduwen naar 5.600 punten.

    Wat betekent dit nu?

    De Bel20 toont veerkracht, maar de bescheiden winst van maandag benadrukt een markt die nog steeds zoekt naar richting. Terwijl individuele aandelen zoals Agfa-Gevaert kunnen excelleren dankzij strategische zetten, blijft de bredere index gevoelig voor macro-economische factoren zoals stijgende rentes en olieprijzen. Beleggers zullen de komende weken nauwlettend de evolutie van de inflatiecijfers en de renteniveaus in de VS en Europa volgen, aangezien deze de belangrijkste triggers blijven voor verdere marktbewegingen.

  • Duitse Beurzen Krijgen Steeds Meer Steun Van Analisten En Economen

    Duitse Beurzen Krijgen Steeds Meer Steun Van Analisten En Economen

    Ondanks een dalende DAX-index en een zwakke prestatie dit jaar, zien meerdere experts de Duitse beurs als een ondergewaardeerde kans. Het ondernemersvertrouwen in Duitsland steeg in september sterker dan verwacht.

    De Duitse beurs, met de DAX-index als graadmeter, krijgt onverwacht rugwind van analisten en economen, ondanks een recente daling van 0,6 procent op 24 september. Waar de index op die dag sloot op 25.255,92 punten en daarmee in het rood eindigde, suggereren experts dat beleggers het potentieel van de Duitse markt niet mogen negeren.

    Friedrich Merz van de CDU merkte onlangs op dat de Duitse beurs dit jaar ‘bleekjes voor de dag komt’. Deze observatie wordt ondersteund door de bredere Europese trend, waar aandelenmarkten, inclusief de Duitse, onder druk staan door geopolitieke spanningen en oplopende rentes. Zo sloot de Stoxx Europe 600 index op 24 september 0,5 procent lager.

    Wij zien vooral dat deze terughoudendheid de Duitse markt onterecht onderwaardeert. Economen zoals Clemens Fuest van het Ifo-instituut stellen dat de Duitse economie haar herstel voortzet, wat bevestigd wordt door een sterker dan verwachte verbetering van het ondernemersvertrouwen in september. De Ifo-index klom van 88,8 in augustus naar 89,9 in september, terwijl 89,0 werd voorspeld. Stefan Koopman van Rabobank wees er bovendien op dat het verschil tussen de Franse en Duitse tienjaarsrente tot boven de 110 basispunten is gestegen, het hoogste niveau sinds de Europese schuldencrisis van 2012, wat kan duiden op een hogere risicoperceptie in Frankrijk ten opzichte van Duitsland.

    Carsten Brzeski, econoom bij ING, omschreef de Ifo-cijfers als ‘bijna te mooi om waar te zijn’, en benadrukt dat de vijfde opeenvolgende stijging wijst op een conjunctureel herstel. Hoewel dit geen structureel herstel is, zien wij dit als een belangrijk signaal dat de fundamenten van de Duitse economie sterker zijn dan de recente beursprestaties doen vermoeden. Dit contrasteert met de algemene Europese trend, waar de beurzen in de afgelopen dagen een gemengd beeld lieten zien met lichte stijgingen en dalingen.

    Danny Reweghs, directeur strategie bij Trends Beleggen, pleit er daarom voor de Duitse beurs niet af te schrijven. Hij wijst op de strategische inzichten rond recente trends en suggereert dat beleggers optimistisch moeten blijven over de vooruitzichten. We zien dat de cryptomarkten daarentegen een andere dynamiek kennen; de Bitcoin noteert 73.827 euro op 25 september om 09:30, met een stijging van 8,5 procent over de afgelopen zeven dagen. Dit toont aan dat kapitaalstromen zich momenteel anders gedragen in traditionele markten versus de digitale activa.

    Technische analyse

    De DAX-index sloot op 24 september op 25.255,92 punten en liet een daling van 0,6 procent zien. Dit niveau ligt onder de 50-daagse voortschrijdende gemiddelde, wat duidt op een zwakke kortetermijntrend. Verdere concrete support- en resistentieniveaus ontbreken in de aangeleverde data, evenals de RSI-status of het handelsvolume, waardoor een volledige technische analyse niet mogelijk is.

    Marktsentiment

    Het marktsentiment voor de Duitse beurs is momenteel voorzichtig, met een focus op macro-economische cijfers. Het ondernemersvertrouwen in Duitsland verbeterde onverwacht in september, wat een positieve noot is. De Fear & Greed Index voor crypto staat op 71 van 100 (Greed) op 25 september om 09:30, wat een significant verschil aangeeft in risicobereidheid tussen de twee markten.

    Fundamentele analyse

    De Duitse economie vertoont tekenen van herstel, gestuwd door een toegenomen ondernemersvertrouwen. Dit wijst op een veerkracht ondanks geopolitieke spanningen en de oplopende rentes. De correlatie met de bredere Europese markt blijft aanwezig, waar de Stoxx Europe 600 index ook een lichte daling kende. Specifieke protocol-updates of adoptiecijfers voor de Duitse aandelenmarkt zijn niet van toepassing in deze context.

    Bull- vs bear-scenario

    • Bull-scenario: Een verdere verbetering van het ondernemersvertrouwen in Duitsland en een afname van geopolitieke spanningen kunnen de DAX-index ondersteunen en een opwaartse trend inzetten.
    • Bear-scenario: Escalatie van de handelsoorlog tussen de VS en China of aanhoudende rentestijgingen kunnen de Duitse beurs verder onder druk zetten en leiden tot een voortzetting van de daling.

    Wat betekent dit nu?

    De Duitse beurs bevindt zich in een interessante fase. Hoewel de recente koersontwikkelingen negatief waren, ondersteunen onderliggende economische indicatoren zoals het verbeterde ondernemersvertrouwen het idee dat er potentieel voor herstel is. Beleggers doen er goed aan om voorbij de dagelijkse schommelingen te kijken en de macro-economische signalen, zoals de inflatiecijfers en de renteniveaus van de ECB, nauwlettend in de gaten te houden als potentiële triggers voor een verschuiving in het marktsentiment. Een structurele verbetering zal echter tijd kosten.

  • Europese Beurzen Sluiten Hoger, Federal Reserve Verhoogt Rentetarieven Naar 4 Procent

    Europese Beurzen Sluiten Hoger, Federal Reserve Verhoogt Rentetarieven Naar 4 Procent

    De Stoxx Europe 600 index steeg met 0,9 procent, terwijl de Federal Reserve de rente in de Verenigde Staten verhoogde naar een bandbreedte van 3,75 tot 4,00 procent. Olieprijzen daalden en de kans op een verdere renteverhoging in december is nu 90 procent.

    De Europese beurzen zijn donderdag met een positief sentiment de handelsdag uitgegaan. Beleggers lieten zich niet van de wijs brengen door geopolitieke onrust en een renteverhoging in de Verenigde Staten, wat resulteerde in hogere slotstanden voor de belangrijkste indices. De Stoxx Europe 600, een brede graadmeter voor de Europese aandelenmarkt, won 0,9 procent en sloot op 642,60 punten.

    Deze stijging kwam ondanks een reeks ontwikkelingen die elders op de financiële markten speelden. Zo daalde de prijs van Brentolie met 2 procent tot 103,76 dollar per vat, wat deels te wijten was aan verwachtingen van een sneller herstel van de Saoedische pijpleidingcapaciteit. Tegelijkertijd verhoogde de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve, de rente met 25 basispunten naar een bandbreedte van 3,75 tot 4,00 procent. Dit was de eerste renteverhoging in drie jaar, en de markt prijst nu een kans van 90 procent in op een verdere verhoging in december.

    Verschillende Visies Op Renteverhogingen

    De renteverhoging door de Fed en de mogelijkheid van meer volgen zorgden voor gemengde reacties bij analisten. Volgens Philip Marey van Rabobank kiest de Fed met deze beslissing een duidelijk onafhankelijke koers, en de prognoses suggereren dat een extra verhoging voor het einde van het jaar niet uitgesloten is. Dit zou de kosten van lenen voor bedrijven en consumenten verder kunnen opdrijven, wat doorgaans een rem zet op economische groei en investeringen.

    ING-econoom James Knightley twijfelt echter aan een tweede renteverhoging. Hij ziet meer onbenutte capaciteit op de arbeidsmarkt dan de Fed en is optimistischer over de inflatievooruitzichten, vooral als de energiestromen vanuit de Perzische Golf weer volledig op gang komen. Wij zien dat de markt hier voorzichtig balanceert tussen de noodzaak om inflatie te bestrijden en de angst voor een te snelle afkoeling van de economie, wat de koersen in het algemeen onder druk kan zetten. Tegelijkertijd noteren de meeste crypto-activa, zoals Bitcoin, al geruime tijd in de plus over de afgelopen dertig dagen, met Bitcoin die op 18 september om 03:31 uur op 66.649 euro stond, een stijging van 18,3 procent in dertig dagen.

    Positief Bedrijfsnieuws En Beurzen In De Lift

    De positieve stemming op de Europese beurzen werd mede gevoed door gunstig bedrijfsnieuws. Financiële aandelen, waaronder UniCredit, BBVA en Deutsche Bank, waren donderdag in trek. Ook de Franse CAC 40 en de Duitse DAX stegen respectievelijk met 0,6 procent en 0,7 procent. Het Britse FTSE 100, met een toename van 1,2 procent, en de Italiaanse FTSE MIB, die 0,8 procent hoger sloot, volgden dit patroon.

    Op individueel niveau waren er ook winnaars. Volvo kondigde bijvoorbeeld een ambitieus productoffensief aan met 13 nieuwe automodellen tegen het einde van het decennium, wat het aandeel zo’n anderhalf procent deed stijgen. Bioscoopketen Vue overweegt dan weer een beursgang in Londen met een geschatte waardering van 1,5 miljard Britse pond, na een recordzomer aan de bioscoopkassa’s. Dergelijke specifieke bedrijfsmeldingen kunnen een belangrijke impuls geven aan de bredere markt, zelfs in een omgeving van macro-economische onzekerheid.

  • Picnic Kreeg Duurzaamheidsbonus Op Krediet Van 220 Miljoen Euro

    Picnic Kreeg Duurzaamheidsbonus Op Krediet Van 220 Miljoen Euro

    De rente op de miljardenlening van de online supermarkt beweegt voortaan mee met de duurzaamheidsprestaties. BNP Paribas begeleidde de aanpassing van de kredietfaciliteit.

    De online supermarkt Picnic heeft een mechanisme ingevoerd dat de rente op zijn kredietfaciliteit van 220 miljoen euro koppelt aan duurzaamheidsdoelen. Vanaf nu dalen de financieringskosten als het bedrijf zijn doelstellingen haalt op het vlak van broeikasgasuitstoot, voedselverspilling en het aandeel biologische groenten en fruit. Blijft Picnic achter op de gestelde doelen, dan stijgt de rente.

    De kredietfaciliteit zelf, een zogeheten revolverende lening, bestaat al sinds tweeduizendvierentwintig en werd verstrekt door een consortium van banken, waaronder BNP Paribas, ING, Rabobank en ABN AMRO. BNP Paribas trad bij deze herstructurering op als enige duurzaamheidscoördinator. Het afgeronde raamwerk beschrijft gedetailleerd hoe deze duurzaamheidsprestaties zullen worden gemeten en welke invloed ze uitoefenen op de rente.

    Duurzaamheid als stuurmiddel

    Dit type lening, een ‘sustainability-linked lening’ (SLL), verschilt wezenlijk van traditionele groene financieringen. Bij een groene lening is het geld specifiek geoormerkt voor duurzame projecten. Bij een SLL, zoals die van Picnic, mag de onderneming de middelen vrij inzetten. Het is de prijs van het kapitaal die afhankelijk is van het behalen van de duurzaamheidsdoelen, niet de bestemming van het kapitaal. Dit moedigt bedrijven aan om duurzaamheid integraal in hun bedrijfsvoering te verankeren, omdat het direct financiële gevolgen heeft.

    Volgens medeoprichter Michiel Muller van Picnic zijn de drie gekozen indicatoren – uitstoot, voedselverspilling en biologisch aanbod – de gebieden waar het bedrijf in de foodretailsector het grootste verschil kan maken. De online supermarkt benadrukt dat duurzaamheid al sinds tweeduizendvijftien centraal staat in hun aanpak om voorraadverliezen en milieuschade te beperken. Dat de Food and Agriculture Organization het mondiale voedselsysteem verantwoordelijk acht voor zo’n 32 procent van de wereldwijde broeikasgasuitstoot, onderstreept het belang van deze focus.

    Openstaande vragen

    Hoewel de koppeling aan duurzaamheid een positieve stap lijkt, blijft het raamwerk op enkele punten onduidelijk. De specifieke doelniveaus per indicator – zoals reductiepercentages, streefcijfers voor biologische producten, peiljaren of looptijden – zijn niet openbaar gemaakt. Ook is nog onbekend wie de prestaties van Picnic zal toetsen en hoe groot de exacte renteopslag of -korting zal zijn. Wij vermoeden dat de transparantie hierover in de toekomst nog zal moeten toenemen om de geloofwaardigheid van dergelijke duurzaamheidsleningen volledig te waarborgen.

  • 42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    42 Procent Nederlandse Huishoudens Sluiten Beleggen Uit, Europa Doet Dat Veel Minder

    Een onderzoek van ING toont aan dat Nederlandse huishoudens aanzienlijk meer geld op de bank laten staan dan hun Europese buren en beleggen vaker uitsluiten, ondanks de lagere rendementen.

    Waar de meeste Europeanen steeds meer de weg naar beleggingen vinden, blijken Nederlandse huishoudens een buitenbeentje. Uit een recent onderzoek van ING, gecombineerd met data over spaar- en beleggingsgedrag, blijkt dat een opvallend grote groep Nederlanders beleggen categorisch uitsluit. Maar liefst 42 procent van de Nederlandse huishoudens wil absoluut niet beleggen, tegenover een gemiddelde van zo’n 30 procent in de rest van Europa.

    Deze terughoudendheid is opmerkelijk, zeker gezien de politieke druk vanuit het Draghi-rapport en de Europese Centrale Bank (ECB) om spaargeld meer naar de reële economie te leiden. De ECB ziet meer beleggingen door huishoudens als een stimulans voor innovatie en groei. ING, dat uiteraard zelf belang heeft bij meer beleggende klanten, legt met deze cijfers de vinger op een pijnlijke wonde: nergens in Europa sluiten zo veel huishoudens beleggen uit.

    Waarom Nederland Anders Spaart

    De Nederlandse afkeer van beleggen lijkt minder cultureel en meer institutioneel bepaald te zijn. Nederlanders zijn weliswaar vermogend, vaak via pensioenfondsen, maar houden juist minder liquide beleggingen aan. Gemiddeld beschikken ze over ongeveer 25.000 euro aan liquide beleggingen, terwijl het Europese gemiddelde 43.000 euro bedraagt. Ons sterke pensioenstelsel neemt voor velen een deel van de noodzaak weg: 29 procent van de Nederlanders vindt beleggen overbodig voor later, vergeleken met 22 procent elders in Europa.

    Daarnaast injecteren veel Nederlanders hun spaargeld in de eigen woning. Het fiscaal aantrekkelijker aflossen op een hypotheek dan beleggen speelt daarin een belangrijke rol. Ook zit een aanzienlijk deel van het Nederlandse vermogen in niet-beursgenoteerde bedrijven. Al deze factoren zorgen ervoor dat relatief weinig geld de weg naar de beurs vindt. Dat is een gemiste kans, want tussen 2002 en 2025 leverden bankrekeningen gemiddeld 1,2 procent per jaar op, beleggingsfondsen 4,2 procent en beursgenoteerde aandelen zelfs 6 procent.

    Beleggen Gelijkstellen Met Gokken

    De beeldvorming rond beleggen speelt ook een grote rol. De helft van de Nederlanders noemt risicoaversie als reden, en 44 procent ziet beleggen als gokken in een casino, een plek waar de uitkomst willekeurig is en het huis altijd wint. Nog eens 39 procent wijst op een gebrek aan kennis. Dit staat haaks op de vuistregels die volgens ING-hoofdeconoom Marieke Blom weinig kennis vereisen: beleg alleen geld dat je jaren kunt missen, spreid in producten met lage kosten en blijf ervan af als de beurs tegenzit. Toch voelt een derde van de Nederlanders de neiging om uit te stappen bij slechts 10 procent verlies.

    Toch zien we een voorzichtige kentering. In heel Europa daalde het aandeel van geld op bankrekeningen in 2025 tot 62 procent van het liquide vermogen, het laagste sinds 2008. In Nederland gaat dat trager, met banktegoeden die nog steeds 76 procent van het liquide vermogen uitmaken, maar de richting is dezelfde. De jongste generatie, tussen 25 en 34 jaar, belegt bijna even vaak als leeftijdsgenoten elders. Wij zien daarin een signaal dat de reflex om enkel te sparen stilaan doorbroken wordt, zeker als landen zoals Zweden en binnenkort Duitsland met fiscale prikkels het beleggen aantrekkelijker maken.

  • Omzetgroei Eén Op Drie Sectoren Remt Af Door Chinese Concurrentie, Volgens ING

    Omzetgroei Eén Op Drie Sectoren Remt Af Door Chinese Concurrentie, Volgens ING

    De impact van Chinese bedrijven op de Nederlandse industrie wordt steeds groter, zo concludeert ING uit nieuwe cijfers. Vooral in de chemie, auto-industrie en machinebouw ondervinden Nederlandse ondernemingen de gevolgen van de opkomst van Chinese spelers.

    De snelle opkomst van Chinese concurrenten heeft vorig jaar de omzetgroei van een derde van de Nederlandse industriële sectoren afgeremd. Dat blijkt uit recent onderzoek van ING, dat de toenemende invloed van Chinese bedrijven op de Europese markt analyseerde. De concurrentiedruk is het sterkst voelbaar in sectoren zoals de chemie, de auto-industrie en de machinebouw.

    De analyse van ING toont aan dat in de auto-industrie, bijvoorbeeld, de omzetgroei van Nederlandse bedrijven met bijna 10 procentpunt is afgeremd door Chinese concurrentie. Dit is een aanzienlijke verschuiving, want een jaar eerder, in 2022, was die invloed nog beperkter en betrof het slechts één op de vijf sectoren.

    Groeiende Invloed Op Productie

    De Chinese invloed beperkt zich niet enkel tot de verkoopcijfers. China heeft wereldwijd een dominantie opgebouwd in de productie van bepaalde grondstoffen en halffabricaten, zoals de zeldzame aardmetalen die cruciaal zijn voor hightechproducten. Wij zien vooral dat dit een strategische kwetsbaarheid creëert voor Europese landen, waaronder Nederland, die afhankelijk zijn van deze importen. Als de aanvoer stokt, kunnen hele productielijnen stilvallen. China weet hiermee een stevige positie op te bouwen in toeleveringsketens.

    De groeiende concurrentie komt zowel van Chinese bedrijven die rechtstreeks Nederlandse bedrijven beconcurreren, als van ondernemingen die hun producten goedkoper op de wereldmarkt aanbieden. Dit dwingt Nederlandse producenten om ofwel hun eigen prijzen te verlagen, ofwel hun aanbod te differentiëren om de concurrentiestrijd aan te gaan.

    Mogelijke Reacties Van Europa

    De Europese Unie heeft de concurrentiedruk vanuit China al langer in het vizier. Er lopen momenteel onderzoeken naar mogelijke staatssteun voor Chinese fabrikanten van elektrische auto’s en windturbines. Wij denken dat dit een voorbode is van strengere maatregelen, zoals importtarieven, die de EU zou kunnen overwegen om de eigen industrie te beschermen. Een dergelijke escalatie zou echter ook tot tegenmaatregelen van China kunnen leiden, wat de internationale handelsbetrekkingen verder op scherp zou zetten.

    De situatie vraagt om een zorgvuldige afweging tussen het beschermen van de eigen economie en het vermijden van een handelsoorlog. Wat dit concreet betekent voor de Europese afzetmarkten en de prijzen van producten, valt nog te bezien. Het is nog onduidelijk hoe snel en in welke mate de EU daadwerkelijk zal ingrijpen en welke impact dat heeft op de Nederlandse industrie.

  • ABN AMRO-Werknemers Staken Dinsdag, De Onrust Over De CAO Neemt Toe

    ABN AMRO-Werknemers Staken Dinsdag, De Onrust Over De CAO Neemt Toe

    Na ING en Rabobank leggen nu ook medewerkers van ABN AMRO het werk neer. Vakbond FNV wil een betere collectieve arbeidsovereenkomst en voert de druk op de Nederlandse banken verder op.

    De onrust in de Nederlandse bankensector groeit, nu ook werknemers van ABN AMRO aangekondigd hebben op dinsdag 2 juli 2024 te staken. Zij volgen hiermee het voorbeeld van hun collega’s bij ING en Rabobank, waar de vakbond FNV eerder al actie voerde. De inzet is een betere collectieve arbeidsovereenkomst (cao) en hogere lonen, vooral gezien de inflatie van de afgelopen jaren.

    De vakbond eist voor de bankmedewerkers een loonsverhoging van 10 procent met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2024, plus een extra stijging van 4 procent op 1 januari 2025. Daarnaast staat ook een eenmalige uitkering van 1.000 euro op het eisenlijstje. De banken zijn tot nu toe niet ver genoeg gegaan naar de zin van de vakbond, wat heeft geleid tot de escalatie met de stakingen. Bij ING en Rabobank werd al eerder gestaakt, en daar zijn de onderhandelingen nog steeds niet afgerond.

    Groeiende onvrede in de sector

    Deze reeks stakingen bij grote Nederlandse banken, waaronder nu ABN AMRO, ING en Rabobank, wijst op een groeiende onvrede onder bankpersoneel. De banken hebben de afgelopen jaren recordwinsten geboekt, mede dankzij de gestegen rentes. Dat staat in schril contrast met de loonstijgingen die de werknemers zien. Die blijven, volgens de vakbond, achter bij de inflatie en de winstgevendheid van de bedrijven. Wij zien hierin een duidelijk signaal dat de kloof tussen de resultaten van de banken en de beloning van hun medewerkers steeds groter wordt.

    De FNV stelt dat de directies van de banken ‘geen serieus bod’ hebben gedaan, ondanks herhaalde pogingen om tot overeenstemming te komen. De stakingen zijn een poging om de onderhandelingspositie van de vakbond te versterken en de banken te dwingen tot verdere concessies. Het is echter de vraag of een eendaagse staking bij één bank voldoende druk zal uitoefenen om de directie te bewegen tot een akkoord, zeker gezien de eerdere acties bij de andere grootbanken.

    Wat betekent dit voor de klanten?

    Voor klanten van ABN AMRO betekent de staking op dinsdag waarschijnlijk minimale directe hinder. De banken hebben doorgaans noodplannen en een groot deel van de bankzaken verloopt al digitaal. Toch kan het leiden tot langere wachttijden bij de klantenservice of vertraging bij bepaalde transacties die menselijke tussenkomst vereisen. Het is een publieke actie die de bank dwingt om haar standpunt te heroverwegen, al zal de impact op de dagelijkse operaties beperkt zijn. Het is vooral een signaal van het personeel aan het management.

    De situatie blijft onzeker, met gesprekken die vastlopen en vakbonden die de druk opvoeren. Het is afwachten of de banken tot een nieuw akkoord komen dat de stakers tevredenstelt, of dat er verdere acties nodig zullen zijn om de cao-onderhandelingen vlot te trekken. De FNV heeft al aangegeven de ontwikkelingen nauwlettend te volgen en sluit verdere acties niet uit als de onderhandelingen stagneren.

  • DNB Laat Miljarden Euro’s Aan Bankkapitaal Vrij Door Schrappen Hypotheekregel

    DNB Laat Miljarden Euro’s Aan Bankkapitaal Vrij Door Schrappen Hypotheekregel

    De Nederlandsche Bank (DNB) heeft besloten de minimumvloer voor de risicoweging van hypotheekleningen niet te verlengen. Deze maatregel, die banken verplichtte extra kapitaal aan te houden, loopt eind november 2026 definitief af. Hierdoor komt naar schatting 3 miljard euro vrij bij Nederlandse banken, geld dat ze kunnen inzetten voor investeringen, overnames of uitkeringen aan aandeelhouders.

    Vanaf 1 december 2026 krijgen Nederlandse banken aanzienlijk meer financiële speelruimte. De Nederlandsche Bank (DNB) heeft namelijk besloten om de ‘458-maatregel’ niet te verlengen. Deze regel, die sinds januari 2022 van kracht was en tweemaal werd verlengd, verplichtte banken met interne modellen een ondergrens aan te houden voor de risicoweging van hun hypotheekportefeuille. Het schrappen van deze minimumvloer maakt naar schatting 3 miljard euro aan kapitaal vrij voor de sector.

    De maatregel diende als een schokdemper voor de Nederlandse huizenmarkt, waar banken veel hypotheken op hun balans hebben en huizenkopers relatief weinig eigen geld inleggen. DNB wilde zo voorkomen dat banken te weinig kapitaal zouden reserveren voor eventuele klappen op de huizenmarkt. Nu acht de toezichthouder deze extra buffer niet langer noodzakelijk. De huizenprijzen en lonen zijn de afgelopen jaren gestegen en de mogelijkheden voor aflossingsvrije hypotheken zijn ingeperkt. Volgens DNB zijn de systeemrisico’s geleidelijk afgenomen en zijn banken minder kwetsbaar geworden voor een correctie.

    Vrijgekomen Kapitaal En De Grote Spelers

    De exacte hoeveelheid vrijgekomen kapitaal varieert per schatting. DNB spreekt zelf over ongeveer 3 miljard euro voor de hele sector, terwijl een analyse van het FD uitkomt op ruim 4,5 miljard euro. Een groot deel hiervan komt ten goede aan de grootste banken. Zo kan ABN AMRO rekenen op ongeveer 1 miljard euro extra kapitaal, en ING op circa 500 miljoen euro. Van Lanschot Kempen ziet zo’n 70 miljoen euro vrijkomen. Kleinere banken zoals ASN en Triodos profiteren niet van deze wijziging.

    Rabobank, de marktleider in Nederland, is de grootste begunstigde van de maatregel. Anders dan beursgenoteerde concurrenten, ervaart de coöperatieve bank minder druk van beleggers om kapitaal uit te keren. Dit betekent dat Rabobank de extra miljarden op de balans zou kunnen laten staan. Een bankenadviseur merkte tegenover het FD op dat dit een moment kan zijn voor Rabobank om na te denken over overnames, iets waar al langer over gesproken wordt.

    Geen Vrijbrief, Wel Meer Ruimte

    De grootbanken benadrukken dat het vrijgekomen kapitaal niet automatisch naar aandeelhouders vloeit. Het kan ook worden ingezet voor investeringen in de bedrijfsvoering. De banken zijn eensgezind positief over het besluit, omdat het speelveld nu gelijker wordt met concurrenten zoals verzekeraars, die nooit aan deze vloer gebonden waren.

    Toch is de ruimte mogelijk van tijdelijke aard. Door de Europese bankenregels van Basel IV zullen banken hun buffers de komende jaren waarschijnlijk weer moeten ophogen. Europa wil dat banken meer kapitaal aanhouden, ook als de kredietrisico’s beter zijn, als een soort veiligheidsnet. Een nieuwe, plotselinge hap uit de buffers wordt echter niet verwacht, aangezien de invoering gefaseerd verloopt en dat kapitaal al gereserveerd zou moeten zijn.

    DNB blijft de hypotheekmarkt nauwlettend volgen. De contracyclische kapitaalbuffer van 2 procent blijft staan en de toezichthouder zal het systeemrisico en de risicogewichten op hypotheekportefeuilles blijven monitoren. Mocht de situatie verslechteren, dan kan de schokdemper opnieuw worden ingevoerd. De vrijval is dus ruimte, maar geen vrijbrief voor onbezonnen handelen.

  • Nieuwe Rol Voor Sjoerd Miltenburg Als Directeur Wholesale Banking Nederland Bij ING

    Nieuwe Rol Voor Sjoerd Miltenburg Als Directeur Wholesale Banking Nederland Bij ING

    ING heeft Sjoerd Miltenburg de functie van Directeur Wholesale Banking Nederland toevertrouwd. Hij is ook toegetreden tot het Executive Committee van ING Nederland en het managementteam van Wholesale Banking voor Europa, het Midden-Oosten en Afrika (EMEA). Miltenburg vult de vacature op die ontstond na het vertrek van Mark Milders uit de bank in februari.

    Miltenburg keert met zijn benoeming terug naar Wholesale Banking, een afdeling waar hij al diverse leidinggevende functies vervulde in de dienstverlening aan zakelijke klanten in Nederland en Azië. In het verleden was hij onder andere Head of Capital Structuring & Advisory in Singapore. Recentelijk was hij Head of Investor Relations bij ING en maakte hij deel uit van het compliance managementteam in de Risk-divisie.

    Versterking van wholesale-activiteiten ING

    In zijn nieuwe rol zal Miltenburg zich inzetten voor het verder versterken van de wholesale-activiteiten van ING in Nederland. Hij zal zich concentreren op waardecreatie voor zakelijke klanten en het stimuleren van de Nederlandse economie.

    Bob Bakker neemt rol van Miltenburg over

    Bob Bakker volgt Miltenburg op als Head of Investor Relations. Bakker maakt sinds 2019 deel uit van het Investor Relations-team van ING, waar hij recentelijk de functie van Senior Investor Relations Officer bekleedde. Eerder vervulde hij verschillende financiële functies binnen ING, zoals Head of Finance Business Partnering bij ING Roemenië en Head of Finance Management Information & Advice bij ING Groep.