De Amsterdamse AEX verloor 0,10 procent, terwijl de Portugese PSI-index op 24 september 2026 een nieuw vijfjaarlijks hoogtepunt bereikte met een winst van 0,54 procent.
De Europese aandelenmarkten kenden op donderdag 24 september 2026 een gemengde handelsdag, met zowel winstgevende als verlieslatende sessies. Opvallend was de Portugese PSI-index, die met 0,54 procent steeg en een nieuw vijfjaarlijks hoogtepunt bereikte. Tegelijkertijd zagen de beurzen van het Verenigd Koninkrijk, Zweden, Spanje en Nederland lichte tot matige verliezen, waarbij de Amsterdamse AEX-index de dag afsloot met een daling van 0,10 procent.
De algemene terughoudendheid op de markten valt te verklaren door een combinatie van factoren. Wereldwijd stijgen de olieprijzen fors, met Brentolie die op die dag met circa 4,75 procent toenam en ruwe olie met zo’n 4,80 procent. Dergelijke stijgingen wegen vaak op de bedrijfskosten, wat de winstgevendheid van veel sectoren onder druk zet. Daarnaast bleef de goudprijs onder druk, met een daling van ongeveer 0,70 procent voor decemberfutures.
Verenigd Koninkrijk en Zweden Zien Verliezen Oplopen
In Londen daalde de Investing.com United Kingdom 100-index met 0,30 procent. Vooral de sectoren mijnbouw, vaste telefonie en industriële engineering leden aanzienlijke verliezen. JD Sports Fashion PLC was een van de weinige opvallende stijgers met een winst van 2,99 procent, terwijl Rentokil Initial PLC met een daling van 4,30 procent een 52-weeks dieptepunt bereikte. Het aantal dalende aandelen overtrof het aantal stijgende aandelen met 1.136 tegenover 564.
Ook de Zweedse beurs ging onderuit, met de OMX Stockholm 30-index die 1,38 procent verloor. Industrials, Telecoms en Basic Materials waren de zwaarst getroffen sectoren. EQT AB daalde met 4,16 procent, en Ericsson leverde 3,12 procent in. Deze dalingen in belangrijke exportgerichte sectoren duiden op een bredere zorg over de economische vooruitzichten en de impact van externe factoren zoals grondstofprijzen. Wij zien vooral dat de gevoeligheid voor wereldwijde economische schommelingen in deze markten groot blijft, wat direct terug te zien is in de reactie op de hogere olieprijzen.
Spanje en Nederland Volgen Negatieve Trend
De Spaanse IBEX 35-index daalde met 0,30 procent, getrokken door verliezen in telecom, IT, consumentendiensten en bouw. Solaria Energia y Medio Ambiente was de grootste daler met min 6,47 procent, terwijl oliemaatschappij Repsol met een stijging van 2,64 procent juist een recordhoogte bereikte. Dit toont de tweestrijd in de markt: terwijl duurzame energieproducenten onder druk staan, profiteren traditionele energiebedrijven van de hogere olieprijzen. Het aantal dalende aandelen was twee keer zo hoog als het aantal stijgende aandelen.
In Nederland sloot de AEX-index de handelsdag af met een daling van 0,10 procent. De basisindustrie, industriële bedrijven en vastgoedbedrijven waren hier de grootste verliezers. CVC Capital Partners PLC kende de grootste daling met 3,55 procent, terwijl DSM Firmenich AG met een plus van 2,61 procent een 52-weeks hoogtepunt bereikte. De geringe daling van de AEX, in vergelijking met bijvoorbeeld Zweden, zou kunnen duiden op een relatieve veerkracht van de Nederlandse markt, al was het sentiment ook hier eerder negatief dan positief.
Portugal Vaart Tegen De Stroom In
Portugal was de uitzondering op de trend, met de PSI-index die 0,54 procent steeg en een nieuw vijfjaarlijks hoogtepunt bereikte. Deze groei werd vooral gedreven door de industriële, telecom- en financiële sectoren. Galp Energia steeg met 3,25 procent en Teixeira Duarte voegde 2,69 procent toe. Het succes van de Portugese markt is opmerkelijk gezien de algemene malaise elders in Europa. Dit kan te wijten zijn aan specifieke binnenlandse factoren of sectorale prestaties die losstaan van de bredere Europese trend.
De brede Europese markt presteerde over het algemeen matig tot slecht. De FTSE 100 in het Verenigd Koninkrijk verloor 0,24 procent, de Duitse DAX daalde met 0,57 procent en de Euro Stoxx 50 leverde 0,43 procent in. Het contrast met de Amerikaanse Nasdaq, die een lichte winst van 0,01 procent noteerde, is duidelijk. Deze uiteenlopende prestaties binnen Europa en ten opzichte van de VS wijzen op een gefragmenteerd economisch beeld. We houden het erop dat regionale invloeden en sectorspecifieke dynamieken momenteel zwaarder wegen dan een uniforme Europese trend.
Impact op de Europese Belegger
Voor de Belgische en Nederlandse belegger betekent deze gemengde dag dat spreiding belangrijk blijft. De daling van de AEX met 0,10 procent is weliswaar beperkt, maar de bredere Europese trend, met uitzondering van Portugal, was neerwaarts. Het is essentieel om niet alleen naar de hoofdindices te kijken, maar ook naar de onderliggende sectoren. Beleggers in traditionele energieaandelen zoals Repsol of Shell, die respectievelijk 2,64 procent en 1,78 procent stegen, hebben mogelijk geprofiteerd van de hogere olieprijzen. Tegelijkertijd werden bedrijven in vastgoed en duurzame energie, zoals Solaria Energia die 6,47 procent verloor, hard geraakt. De schommelingen in de grondstoffenmarkten, met name de stijging van ruwe olie en de daling van goud, tonen aan dat het macro-economische plaatje complex is en snel kan veranderen. Een focus op bedrijven met sterke fundamenten en veerkrachtige bedrijfsmodellen kan in deze volatiele tijden de nodige stabiliteit bieden.
De cryptomarkten lieten intussen een stabieler beeld zien. Bitcoin noteerde op 25 september om 04:01 uur 74.330 euro, een stijging van 0,6 procent over de laatste 24 uur en zelfs 10,5 procent over de afgelopen zeven dagen. Ethereum stond op hetzelfde moment op 2.363 euro, met een winst van 0,5 procent in 24 uur en 9,9 procent over zeven dagen. De angst-en-hebzuchtmeter voor crypto stond op 71 van 100, wat duidt op een ‘Greed’-sentiment. Dit contrast tussen de traditionele aandelenmarkten en de cryptomarkt is een interessante ontwikkeling die we nauwlettend in de gaten houden.














