De Amerikaanse chipmaker Nvidia heeft indrukwekkende kwartaalcijfers gepresenteerd, met een verdubbeling van de omzet en een ambitieuze omzetprognose voor 2028. Dit heeft geleid tot een hernieuwde golf van optimisme rond artificiële intelligentie, die de beurzen fors deed stijgen.
De koersen op de beurzen kregen donderdag een flinke boost dankzij chipmaker Nvidia. Het bedrijf, een belangrijke speler in de infrastructuur voor artificiële intelligentie (AI), maakte bekend dat de kwartaalomzet meer dan verdubbeld is ten opzichte van vorig jaar. Bovendien verwacht Nvidia een omzetgroei van maar liefst 70 procent voor fiscaal 2028, wat de verwachtingen van Wall Street ruimschoots overtrof.
De aandelen van Nvidia stegen donderdag met 7,4 procent en zetten die winst ’s nachts voort, met een cumulatieve stijging van bijna 9 procent. Deze cijfers wakkerden de AI-rally opnieuw aan, waarbij ook andere technologiebedrijven profiteerden. Salesforce bijvoorbeeld steeg met 11,8 procent na het verhogen van de jaarprognoses en de aankondiging van een nieuwe AI-plug-in. Ook CrowdStrike zag zijn aandelen met 8,8 procent stijgen na een sterke omzetprognose.
Toch een kleine kanttekening
Hoewel de euforie groot is, plaatste het management van Nvidia wel een kleine kanttekening. Een tekort aan geheugencomponenten zou de vraaguitbreiding op korte termijn kunnen beperken. Dit is een aandachtspunt dat we zeker verder zullen opvolgen, want het toont aan dat zelfs in een booming sector zoals AI, de toeleveringsketen kwetsbaar blijft.
De brede AI-rally zorgde ervoor dat de Nasdaq-index een stijging van 1,57 procent liet optekenen. De S&P 500 steeg met 0,72 procent en de Dow Jones met 0,20 procent. De stemming op de Aziatische markten was de volgende ochtend iets voorzichtiger, maar Taiwan, met zijn sterke halfgeleidersector, zag de beurs wel met 1,2 procent stijgen.
Blik op de Fed en de oliemarkt
Naast de tech-rally keken beleggers ook met spanning uit naar de toespraak van Federal Reserve-voorzitter Kevin Warsh in Jackson Hole. De inflatie in de Verenigde Staten bedraagt nog steeds 3,7 procent, wat boven de doelstelling van 2 procent van de Fed ligt. De markt prijst een kans van 35 procent in voor een renteverhoging in september, wat de onzekerheid rond het monetaire beleid voedt.
Goed nieuws kwam er dan weer van de oliemarkt. Iran en Oman bereikten een akkoord over het beheer van het scheepvaartverkeer door de Straat van Hormuz en de verdeling van inkomsten. Dit geopolitieke akkoord, dat al maanden een bron van spanning was, zorgde ervoor dat de prijs van Brent-olie met 0,1 procent daalde naar 89,63 dollar (ongeveer 82,50 euro) per vat en op weg is naar een wekelijkse daling van meer dan 5 procent. Een duurzame oplossing hier kan de wereldwijde inflatie aanzienlijk verlichten, wat dan weer de berekeningen van de Fed kan beïnvloeden.

Een reactie achterlaten