Tag: nederland

  • EU Crypto Rapportage Van Start: Nederland Stemt Meteen Over 36% Bitcoin Belasting

    EU Crypto Rapportage Van Start: Nederland Stemt Meteen Over 36% Bitcoin Belasting

    De Tweede Kamer heeft een aanzienlijke hervorming van het Box 3-regime van Nederland goedgekeurd, dat “werkelijke rendementen” op spaargelden en investeringen belast, inclusief de jaarlijkse waardeverandering van liquide activa zoals Bitcoin, tegen een vast belastingtarief van 36%.

    Met een beoogde ingangsdatum van 1 januari 2028, onder voorbehoud van goedkeuring door de Senaat, duidt dit voorstel op een fundamentele verschuiving in de manier waarop Europese overheden digitale activa willen behandelen: van het belasten van de verkoop naar het belasten van het aanhouden.

    Het is gemakkelijk om deze wetgeving samen te vatten als een “36% belasting op niet-gerealiseerde winst”, maar de werkelijke nuance ligt in het feit dat Nederland de overstap maakt van een door de rechtbank betwist systeem van veronderstelde rendementen naar een systeem dat veel financiële activa behandelt alsof ze elk jaar op de markt zijn gewaardeerd.

    Deze verschuiving verandert niet alleen wat er wordt belast, maar ook wanneer Bitcoin-houders de belastingdruk voelen, omdat de beruchte volatiliteit van BTC feitelijk verandert in een cashflowprobleem voor lokale investeerders.

    De huidige werking van Box 3 en de bestaande carry-kosten

    Box 3 is het fiscale regime van Nederland voor het belasten van rendementen op activa, waaronder spaargeld, investeringen, tweede woningen en meer.

    Momenteel wordt een groot deel van Box 3 berekend op basis van veronderstelde rendementen en een vast belastingtarief. Dit systeem betekent dat zelfs in een jaar zonder groei of met daling, er nog steeds belasting te betalen is.

    Volgens de richtlijnen van de Nederlandse belastingautoriteit voor 2026 bedraagt het belastingtarief in Box 3 36% en een verondersteld rendement van 6,00% voor “investeringen en andere activa”, een categorie die onder meer aandelen en obligaties omvat (en in de praktijk ook veel niet-kaskapitaal).

    Zelfs dit alleen kan een aanzienlijke carry-kost met zich meebrengen. Een simpele illustratie verduidelijkt de belastingdruk: als €100.000 aan Bitcoin zich in de categorie “investeringen en andere activa” bevindt, impliceert een verondersteld rendement van 6,00% een belastbaar rendement van €6.000.

    Bij 36% betekent dit een belasting van €2.160, wat neerkomt op ongeveer 2,16% van de positie per jaar voordat drempels en compensaties worden meegerekend.

    Het voorstel voor 2028 draait deze logica volledig om. In plaats van “we veronderstellen dat je X hebt verdiend”, is het belastbaar rendement bedoeld om te weerspiegelen wat een investeerder daadwerkelijk heeft verdiend.

    Voor de meeste liquide financiële activa geldt echter dat de belasting is gebaseerd op “kapitaalgroei” (die het inkomen en de jaarlijkse waardeverandering vastlegt), in plaats van te wachten tot een verkoop plaatsvindt.

    Voor Bitcoin betekent dit effectief dat belasting betaald moet worden over niet-gerealiseerde winsten, zelfs als je geen enkele Satoshi hebt verkocht.

    Het plan omvat verzachtende maatregelen die zijn ontworpen om de scherpste hoeken af te vlakken. Het rapport rondom de hervorming vermeldt een belastingvrije jaarlijkse rendementdrempel van €1.800 en een onbepaalde verliescompensatie, hoewel alleen verliezen boven €500 in aanmerking komen.

    Deze kenmerken helpen, maar elimineren niet de kern van de gedragsverandering: grote houders zouden nog steeds liquiditeit nodig hebben, zelfs in sterke Bitcoin-jaren.

    De unieke impact voor Bitcoin-houders

    Bij een mark-to-market-benadering wordt de grootste troef van Bitcoin (de aanmerkelijke, discontinuële stijging) juist een bron van frictie.

    Als Bitcoin bijvoorbeeld met 60% stijgt in een jaar, dan is het belastbare “rendement” op een positie van €100.000 €60.000. Bij 36% bedraagt de belasting €21.600.

    Dit betekent niet “36% van je totale holdings”, maar het kan er wel toe leiden dat investeerders een aanzienlijk deel van hun bezittingen moeten verkopen (of hier tegen moeten lenen) om de belasting te betalen.

    De impact van dit beleid wordt versterkt doordat Nederlandse investeerders al diep geïntegreerd zijn in de cryptomarkt, wat betekent dat dit geen nichebelasting is voor een handvol hobbyisten.

    Nederland heeft meetbare blootstelling aan crypto via gereguleerde producten. De Nederlandse centrale bank meldde dat huishoudens eind oktober 2025 €182 miljoen in crypto ETF’s en €213 miljoen in crypto ETN’s bezaten.

    Bovendien hielden pensioenfondsen €287 miljoen aan “crypto treasury aandelen”, met een totale indirecte blootstelling aan crypto-effecten die meer dan €1 miljard overschreed.

    Deze substantiële aanwezigheid suggereert dat een verschuiving naar jaarlijkse belasting een wijziging in de wijze van aanhouding van deze activa kan afdwingen.

    Als de compliance jaarlijks en waarderingsgebonden wordt, kunnen broker-gehouden ETP-exposures gemakkelijker te beheren zijn dan zelfbewaring.

    Dit sluit aan bij een wereldwijde trend die wordt opgemerkt in het januari 2026-rapport van Fineqia, waarin wordt vastgesteld dat de wereldwijde activa van digitale activa ETP’s aan het einde van de maand $155,8 miljard bedroegen.

    Deze instrumenten hebben aangetoond “plakkerig” te blijven, zelfs als de bredere cryptomarkt cap in waarde daalt, maar het nieuwe belastingregime kan die veerkracht op de proef stellen.

    Risico op verspreiding van een Bitcoin-contagie in Nederland

    De mogelijkheid van een contagie heeft scherpe kritiek uitgelokt van zwaargewichten uit de sector.

    Rickey Gevers, een cybersecurity-expert, waarschuwde dat deze mechanismen daadwerkelijk hoogrisico’s met zich meebrengen voor de stabiliteit van de markt.

    Volgens hem:

    “De belasting op niet-gerealiseerde winsten kan een bankrun veroorzaken als investeerders in paniek raken. Als iedereen op een bepaalde datum begint te verkopen om contanten te verkrijgen voor de belasting, zal de prijs gigantisch crashen. Die crash zelf kan dan nog meer paniek veroorzaken, waardoor nog meer investeerders verkopen. Iedereen ziet de waarde van zijn portefeuille dalen, terwijl ze tegelijkertijd weten dat het bedrag aan belasting dat ze moeten betalen niet zal dalen.”

    Tegelijkertijd betoogde Balaji Srinivasan, de voormalige CTO van Coinbase, dat de impact van deze belastingmaatregelen niet beperkt is tot lokale markten. Hij stelt het voor als een risico voor contagie, waarbij gedwongen liquidatiedruk zich verspreidt naar de prijsvorming.

    Hij schetste een hypothetische liquiditeitsneergang om het risico te illustreren.

    Hij beschreef een scenario waarin een activum een totale marktwaarde van $10.000 heeft, met 10 aandelen die worden gehouden door 10 verschillende Nederlandse houders, die elk bijna niets hebben betaald. Als de prijs per aandeel op belastingdag $1.000 bedraagt, dan staan alle houders voor een belastingverplichting van 36% oftewel $360.

    De crypto-ondernemer legde uit:

    “De eerste verkoper verkoopt zijn aandeel, ontvangt $1.000 en betaalt $360 belasting, waardoor hij $640 overhoudt. Maar de verkoop van de eerste verkoper verlaagt de marktprijs naar $960 per aandeel. Dus als de tweede verkoper verkoopt, houdt hij slechts $600 over na het betalen van $360 belasting.”

    Tegen de tijd dat de zevende verkoper verkoopt, kan de prijs zijn gedaald tot $200 per aandeel, een redelijk scenario als 60% van de aandelen wordt verkocht.

    Bij die prijs moet de zevende verkoper zijn hele positie voor $200 verkopen en heeft toch nog $160 aan belasting verschuldigd.

    Hij voegde eraan toe:

    “De achtste, negende en tiende verkopers zijn nog slechter af. Tegen de tijd dat zij verkopen, is de prijs waarschijnlijk gedaald tot $100 per aandeel of minder. Zoals met de zevende verkoper, zal zelfs 100% liquidatie hun belastingplicht niet dekken.”

    Srinivasan, die sympathie betoonde voor wat hij de “voordien Vliegende Hollanders, nu Huilende Hollanders” noemde, suggereerde dat deze dynamiek investeerders zou kunnen dwingen om bewoners van belastingjurisdicties te blokkeren van hun aandelen omdat dit liquidatie-contagie kan voorkomen.

    De exitbelasting en Europese contagie

    Een jaarlijkse benadering van het belasten van prijsbewegingen verhoogt de waarde van een ander beleidsinstrument: exitbelastingen.

    Als belastingbetalers hun toekomstige aansprakelijkheid kunnen verminderen door te verhuizen voordat een belastingperiode begint, reageren overheden vaak door de regels voor vertrek te verstrakken.

    In Nederland is de discussie over exitbelastingen geen abstract onderwerp meer. Een brief van de Nederlandse regering na parlementaire debatten over de belasting van de extreem rijken verwijst expliciet naar voorstellen voor een EU-gewijze exitbelasting en naar de ontwikkeling van nationale exitbelastingmogelijkheden.

    Daarnaast meldt de Nederlandse belastingautoriteit dat ze in bepaalde emigratiesituaties mogelijk een “beschermende beoordeling” kunnen uitgeven, wat aantoont dat het beschermen van de claim bij vertrek al een bekend concept in het systeem is.

    Dit maakt deel uit van een bredere Europese trend. Duitsland heeft van 1 januari 2025 elementen van exitbelastingen uitgebreid naar bepaalde investeringsfondsbeleggingen, waardoor voorheen niet-gerealiseerde “verborgen reserves” kunnen worden belast bij verhuizing.

    Frankrijk heeft al een exitbelasting die van toepassing is op gekwalificeerde niet-gerealiseerde winsten bij vertrek uit het land.

    Alex Recouso, de oprichter van CitizenX, stelt dat dit patroon voorspelbaar is door op te merken dat:

    “Het begint altijd met een belasting op niet-gerealiseerde winsten. Dan komt de exitbelasting. Ten slotte, het is wereldwijde belasting.”

    Recouso verwees naar het voorstel in de nationale begroting van Frankrijk voor 2026 om belasting te heffen op basis van burgerschap, waarbij burgers belasting betalen over het wereldwijde inkomen als ze naar een regio verhuizen met een belastingtarief dat 40% lager is dan dat van Frankrijk.

    Hij wees ook op de uitdagingen in het VK, waar het land meer dan 15.000 hoog-netto-waardepersonen verloor in 2025 na een stijging van de belasting op vermogenswinst, wat resulteerde in een daling van 10% in de netto-inkomsten uit vermogenswinstbelasting.

    Van belastingheffing naar confiscatie?

    De Nederlandse ontwikkeling komt op een moment dat de handhaving van de EU in opschwung is.

    DAC8 (de laatste update van de EU over administratieve samenwerking) breidt de automatische uitwisseling van informatie uit tot crypto-activa transacties, met regels die van kracht worden op 1 januari 2026.

    Deze infrastructuur maakt jaarbelasting op crypto haalbaar door betrouwbare gegevensoverdrachten van dienstverleners te waarborgen.

    Echter, critici zien deze ontwikkelingen als een existentiële bedreiging voor eigendomsrechten.

    Recouso beschouwde de situatie als een overgang “van belasting naar confiscatie”, en waarschuwde dat EU-landen belastingen verhogen en uitgangen blokkeren omdat ze effectief bankroet zijn.

    “Uiteindelijk zullen ze proberen uw activa te veroveren,” zei Recouso en vergeleek de situatie met de Amerikaanse confiscatie van goud onder Executive Order 6102.

    Hij voegde eraan toe:

    “Het recht om te vertrekken is een fundamenteel mensenrecht. Kijk gewoon naar de geschiedenis: alle ergste staten hebben het mensenrecht om te vertrekken ingetrokken.”

    In het licht hiervan adviseerde Recouso om Bitcoin zelf te bewaren en tweede paspoorten van vriendelijke jurisdicties zoals El Salvador aan te vragen, in navolging van Ray Dalio’s uitspraak dat “locatie net zo belangrijk is als uw allocatie.”

    Als het Nederlandse plan voor 2028 wetgeving wordt, zal het een van de duidelijkste voorbeelden in Europa zijn van Bitcoin die van een “verkoop-gebeurtenis belastingverhaal” naar een “houd-gebeurtenis belastingverhaal” verschuift.

    Vraag & Antwoord

    Wat zijn de belangrijkste gevolgen van de veranderingen in Box 3 voor Bitcoin-houders?
    De veranderingen in Box 3 zullen Bitcoin-houders dwingen belasting te betalen over niet-gerealiseerde winsten, wat kan leiden tot een behoefte aan liquiditeit, zelfs als de activa niet zijn verkocht. Dit creëert een spanningsveld tussen de volatiliteit van Bitcoin en de belastingverplichtingen van investeerders.

    Hoe kunnen deze fiscale wijzigingen de bredere Europese markt beïnvloeden?
    De belastingwijzigingen in Nederland kunnen een voorbeeld vormen voor andere Europese landen, wat kan leiden tot een domino-effect waarbij steeds meer staten vergelijkbare maatregelen invoeren. Dit kan leiden tot een bredere discussie over de belasting van digitale activa in heel Europa.

    Wat is het risico van een ‘contagie’ in de bitcoin-markt door deze belastingmaatregelen?
    De risico’s van een contagie zijn aanzienlijk, omdat gedwongen verkopen kunnen leiden tot scherpe prijsdalingen. De vrees voor een massale verkoop op een belastingdatum kan onbedoeld leiden tot een negatieve spiraal, waarbij prijzen verder dalen naarmate meer beleggers hun activa verkopen om hun belastingverplichtingen te dekken.

  • Waarom Brengt Spaargeld In België Minder Op Dan In Nederland?

    Waarom Brengt Spaargeld In België Minder Op Dan In Nederland?

    In de eerste helft van 2025 was er een opmerkelijke winst voor Nederlandse huishoudens: ze ontvingen een recordbedrag aan spaarrente van 5,83 miljard euro. Deze winst was te danken aan de relatief hoge spaarrente die Nederlandse spaarders in januari 2025 ontvingen. Sindsdien is de spaarrente in zowel Nederland als België gedaald. Echter, het rendement op spaargeld in België blijft aanzienlijk lager dan het gemiddelde in de eurozone, inclusief Nederland. Hoe komt dat?

    De verschillen tussen de spaarrekeningen in België en Nederland zijn niet eenvoudig te vergelijken. In Nederland varieert de rente op spaarrekeningen afhankelijk van het saldo. Daarnaast wordt het rendement op spaargeld in Nederland anders belast. Maar zelfs met deze verschillen in het achterhoofd, levert spaargeld in België nog steeds minder op dan het gemiddelde in de eurozone en bij onze buren.

    De invloed van het Europese Centrale Bank beleid op spaarrentes

    Bij het verlagen van haar beleidsrente door de Europese Centrale Bank, zoals herhaaldelijk gebeurde in 2025, wordt typisch de rente die spaarrekeningen opleveren beïnvloed. Spaarboekjes brengen dan minder op. Dit effect is zichtbaar in alle eurolanden.

    Toch verklaart dit niet volledig waarom sparen in België minder oplevert. Twee andere belangrijke factoren spelen hierin een rol. Ten eerste is er de depositogarantiebijdrage die financiële instellingen moeten betalen op de spaargelden die klanten bij hen aanhouden. In 2023 steeg deze bijdrage in België tot 1,80% van het verzekerde bedrag, terwijl deze in andere Europese landen tussen de 0,5 en 0,8% ligt. Om deze hogere bijdrage te kunnen bereiken, moeten Belgische banken systematisch meer bijdragen.

    De invloed van woonleningen met vaste rente in België

    De belangrijkste reden waarom spaargeld in België minder oplevert, heeft te maken met de populariteit van woonleningen met een vaste rente. Tussen 2016 en 2022 hebben banken in België een groot aantal van deze leningen met een lage vaste rente toegekend. Veel Belgen betalen momenteel woonleningen terug die de banken relatief weinig opleveren. Hierdoor houden financiële instellingen minder middelen over om hogere spaarrentes toe te kennen.

    Hoe kun je meer uit je spaargeld halen?

    Een mogelijkheid om je spaargeld meer te laten opbrengen is door een deel ervan geleidelijk te beleggen via een beleggingsplan. Met dit plan beleg je een zelfgekozen bedrag met een zelfgekozen frequentie, afgestemd op je risicoprofiel. De afgelopen vijf jaar heeft het ‘Zeer Offensief’ beleggingsplan van Axento ETF Beleggen bijvoorbeeld gemiddeld 10,61% netto rendement opgeleverd. Dit garandeert echter niets voor de toekomst en brengt ook een aanzienlijk risico met zich mee. Beleg daarom alleen met geld dat je kunt missen.

    Een andere optie is om spaarrekeningen te vergelijken, aangezien het rendement varieert. De huidige rente op gewone spaarrekeningen bij de grote banken varieert bijvoorbeeld van 0,50% totale rente bij BNP Paribas Fortis tot 1,25% totale rente bij de ING Spaarrekening. De best renderende spaarrekening zonder spaarvoorwaarden is momenteel de Vision+ van Santander Consumer Bank, met een totale rente van 1,65% (0,60% basisrente en 1,05% getrouwheidspremie).

  • Onderlinge Nederland Sluit Zich Aan Bij Het Achmea Hypothekenfonds

    Onderlinge Nederland Sluit Zich Aan Bij Het Achmea Hypothekenfonds

    Onderlinge Nederland heeft zich aangesloten bij het PVF Particuliere Hypothekenfonds van Achmea Mortgages. Als levensverzekeraar maakt Onderlinge Nederland een eerste strategische investering van €20 miljoen en heeft plannen om hun positie in de toekomst verder te versterken.

    Wat het PVF Particuliere Hypothekenfonds te bieden heeft

    Het PVF Particuliere Hypothekenfonds verschaft institutionele beleggers toegang tot een gediversifieerde portefeuille van Nederlandse woninghypotheken. Met meer dan vijftig deelnemers en een hypotheekportefeuille van ruim €12 miljard, streeft het fonds naar een stabiel rendement, met een focus op duurzaamheid en schaalvoordelen.

    De motivatie achter de beslissing van Onderlinge Nederland

    Onderlinge Nederland wil een deel van zijn kapitaal beleggen in Nederlandse woninghypotheken via een professioneel beheerd fonds. Het doel hiervan is om op de lange termijn bij te dragen aan een hoger rendement en meer stabiliteit.

    De reacties van Onderlinge Nederland en Achmea

    “Onze keuze voor Achmea is gebaseerd op een sterke inhoudelijke en culturele match tussen beide organisaties”, verklaart Seada van den Herik, algemeen directeur van Onderlinge Nederland. “Onderlinge Nederland herkent zich in de maatschappelijke betrokkenheid, het langetermijnperspectief en de transparante werkwijze van Achmea.”

    Hikmet Sevdican, directeur van Achmea Mortgages, verwelkomt Onderlinge Nederland met open armen. “Wij zijn er trots op dat Onderlinge Nederland voor ons kiest, waarmee opnieuw een gerenommeerde verzekeraar toetreedt. Hun aansluiting onderstreept de kracht van ons platform.”

  • Etoro Introduceert Crypto-Portemonnee In Nederland

    Etoro Introduceert Crypto-Portemonnee In Nederland

    eToro heeft zijn crypto-portemonnee in Nederland geïntroduceerd. Met deze stap wil het handels- en beleggingsplatform zijn gebruikers meer regie geven over hun crypto-bezittingen. Bovendien biedt eToro klanten 1% van hun storting in aandelen terug wanneer zij hun crypto-activa overboeken naar een reguliere eurorekening.

    Crypto-portemonnee voor nieuwe generatie beleggers

    Doron Rosenblum, EVP Business Solutions bij eToro, legt uit dat er een groeiende vraag is naar tools die beleggers in staat stellen soepel te switchen tussen verschillende soorten activa, gezien de nieuwe generatie beleggers die de markt betreedt via crypto. “De crypto-portemonnee en crypto-stortingen bieden onze gebruikers een eenvoudige en veilige manier om winst te genereren en hun portefeuilles te diversifiëren”, aldus Rosenblum.

    De voordelen van de crypto-portemonnee

    Met de crypto-portemonnee kunnen gebruikers veilig crypto ontvangen en bewaren, crypto-activa inwisselen van hun eToro-beleggingsaccount en crypto-activa overdragen van andere beurzen, brokers of blockchain-portemonnees. Daarnaast krijgen gebruikers die ondersteunde crypto-activa vanuit hun portemonnee omzetten naar een reguliere rekening 1% van een door hen gekozen aandeel uit een selectie van vooraanstaande Europese beursgenoteerde bedrijven op hun beleggingsaccount.

    Koppelen van digitale en traditionele activa

    Rosenblum voegt toe dat eToro als multi-assetplatform met aandelen van meer dan twintig beurzen gebruikers kan belonen met binnenlandse aandelen na crypto-stortingen. “Dit voordeel maakt het mogelijk om digitale activa te koppelen aan traditionele markten.” Volgens Rosenblum biedt dit beleggers gemakkelijk nieuwe mogelijkheden, waardoor zij meer uit hun bezit kunnen halen en tegelijkertijd gevarieerde langetermijnportefeuilles opbouwen.

  • Nederlandse Beleggers Houden Hun Kaarten Dichtbij De Borst

    Nederlandse Beleggers Houden Hun Kaarten Dichtbij De Borst

    Nederlandse Beleggers Houden Hun Kaarten Dichtbij De Borst

    Nederlandse investeerders zijn opvallend terughoudend als het gaat om het delen van hun investeringskeuzes, ongeacht of deze winstgevend zijn of verliezen lijden. Volgens een studie van het beleggingsplatform DEGIRO, houdt meer dan de helft (57%) van de beleggers hun investeringsportfolio privé, tenzij er direct naar wordt gevraagd. Daarnaast kiest meer dan een op de tien investeerders (13%) ervoor om hun investeringen volledig geheim te houden.

    Sociale Factoren als Drijvende Kracht

    Deze terughoudendheid lijkt voornamelijk voort te komen uit sociale overwegingen. De helft van de ondervraagden gaf aan dat ze mogelijke conflicten vrezen, terwijl 43% bang was om jaloezie op te wekken. Bovendien was meer dan een derde bang voor een oordeel over hun investeringskeuzes.

    Investeringen in Controversiële Sectoren Nemen Toe

    Interne data van DEGIRO laat zien dat er een toename is in investeringen in maatschappelijk gevoelige sectoren, ondanks een groeiende publieke focus op ethisch investeren. De defensie-industrie is hier een opvallend voorbeeld van. Sinds de Russische inval in Oekraïne in februari 2022 is het aantal Nederlandse investeerders met aandelen in de luchtvaart- en defensiesector met maar liefst 206% gestegen. Ter vergelijking, het aantal Nederlandse investeerders in de olie- en gasindustrie is in diezelfde periode met slechts 2,3% gestegen.

    Deze trend is in Nederland sterker dan in de rest van Europa, waar de defensiesector met 72% is gegroeid. Of het nu gaat om winst, verlies of sectorkeuze, de meerderheid van de beleggers houdt hun portfolio liever geheim.

  • Nederlands Pensioenstelsel Opnieuw Wereldleider Ondanks Omvangrijke Hervormingen

    Nederlands Pensioenstelsel Opnieuw Wereldleider Ondanks Omvangrijke Hervormingen

    Het pensioenstelsel van Nederland is opnieuw uitgeroepen tot het beste ter wereld, volgens een internationale benchmark uitgevoerd door Mercer en het CFA Institute.

    Al jaren onderzoeken deze twee partijen de effectiviteit van pensioenstelsels wereldwijd. Deze beoordeling wordt gedaan op basis van drie kernaspecten: toereikendheid, duurzaamheid en integriteit.

    Nederland heeft consequent een toppositie in deze ranglijst ingenomen, voornamelijk door de sterke financiële positie van de sector en het relatief sterke overheidsvangnet (de AOW) voor gepensioneerden. Sinds 2017 heeft Nederland slechts in 2021 en 2022 niet de toppositie behaald, toen IJsland beide keren als eerst eindigde. In 2023 heroverde Nederland de koppositie en ook dit jaar staat ons pensioenstelsel bovenaan.

    “Het Nederlandse stelsel biedt uitstekende pensioenuitkeringen, ondersteund door een sterke vermogensbasis en solide regelgeving,” merkt Marc Heemskerk van Mercer op.

    Pensioenhervormingen in Nederland

    Ondanks de aankomende hervorming van het pensioensysteem, heeft Nederland zijn positie in de ranglijst weten te behouden. De overgang naar het nieuwe pensioenstelsel geldt als de grootste uitdaging ooit voor de sector en brengt tal van veranderingen met zich mee voor deelnemers en gepensioneerden.

    Een belangrijke verandering is de verschuiving van een uitkeringsregeling (DB) naar een beschikbare premieregeling (DC). Dit is een verplichte stap voor veel Nederlandse pensioenfondsen en werkgevers onder de Wet toekomst pensioenen (Wtp).

    Heemskerk ziet dat deze transitie op een gestructureerde en eerlijke manier verloopt: “Het Nederlandse pensioenstelsel onderscheidt zich door zijn vermogen om de belangrijkste sterke punten te behouden tijdens de overgang van uitkeringsregelingen naar beschikbare premieregelingen.

    Pensioenstelsels in andere landen

    Andere landen die hoog scoren in de benchmark zijn Denemarken, Singapore en Israël. Aan de onderkant van de lijst van 52 onderzochte pensioenstelsels worden landen als Botswana, Panama, Polen, Italië, China, Brazilië en Peru gevonden.

    Vraag & Antwoord

    Welke plek bekleedt het Nederlandse pensioenstelsel in de wereld?
    Het Nederlandse pensioenstelsel is opnieuw uitgeroepen tot het beste ter wereld, volgens een benchmark uitgevoerd door Mercer en het CFA Institute.

    Wat zijn enkele belangrijke hervormingen in het Nederlandse pensioenstelsel?
    Een belangrijke verandering in het Nederlandse pensioenstelsel is de overgang van een uitkeringsregeling naar een beschikbare premieregeling, in overeenstemming met de Wet toekomst pensioenen.

    Welke andere landen scoren hoog in de pensioenstelsel benchmark?
    Andere landen die hoog scoren in de benchmark zijn Denemarken, Singapore en Israël.

  • Nederlandse Banken In Top Tien Wereldwijde Financiering Ontbossing

    Nederlandse Banken In Top Tien Wereldwijde Financiering Ontbossing

    Nederlandse financiële spelers, met Rabobank en ABN Amro voorop, hebben sinds de ratificatie van het Klimaatakkoord van Parijs omstreeks €1 miljard gegenereerd uit financiering van bedrijven die betrokken zijn bij grootschalige ontbossing. Hierdoor behoort Nederland tot de top tien landen wereldwijd die profiteren van dergelijke praktijken.

    Dit is de conclusie van een recent onderzoek uitgevoerd door mensenrechtenorganisatie Global Witness in samenwerking met het Nederlandse onderzoeksbureau Profundo. De studie onderzocht de financiële banden tussen bijna 4.000 financiële instellingen en 50 grote bedrijven actief in hoge risico-ontbossingssectoren, waaronder palmolie, rundvlees, soja, pulp en papier.

    Wereldwijde inkomsten uit ontbossingsfinanciering

    In de afgelopen tien jaar heeft de wereldwijde financiële sector een alarmerende $26 miljard verdiend aan leningen, investeringen en andere diensten voor deze ontbossingsbedrijven. Amerikaanse financiële instellingen staan bovenaan met een verdienste van $5,4 miljard, gevolgd door Indonesië ($4,9 miljard) en Brazilië ($2,1 miljard).

    Het rapport komt op een kritiek moment, voorafgaand aan de COP30-klimaattop in Brazilië. Opvallend is dat de Braziliaanse president Lula da Silva een nieuw fonds wil introduceren voor de bescherming van tropische bossen, het ‘Tropical Forests Forever Facility’ (TFFF).

    De paradox van ontbossingsfinanciering

    Het rapport belicht een schrijnende paradox: terwijl overheden discussiëren over bosbescherming, blijft het financiële systeem massaal profiteren van de vernietiging ervan.

    Rabobank en ABN Amro voeren de Nederlandse ranglijst aan. Rabobank is, na het Franse BNP Paribas, de grootste Europese verdiener aan ontbossingsfinanciering met een inkomen van bijna $750 miljoen uit deals met ontbossingsbedrijven. ABN AMRO volgt op de vierde plaats in Europa met $231 miljoen aan inkomsten.

    Professor Nicola Ranger van de London School of Economics plaatst deze cijfers in een breder kader. “Wereldwijd wordt er jaarlijks slechts ongeveer $200 miljard geïnvesteerd in natuurbehoud, terwijl er meer dan $7 biljoen vloeit naar activiteiten die bijdragen aan milieuschade”, merkt ze op in het rapport.

    Rabobank en ABN AMRO hebben gereageerd op het onderzoek. Rabobank onthoudt zich van commentaar over specifieke klantrelaties vanwege ‘vertrouwelijkheid’, terwijl ABN Amro stelt dat een langetermijnanalyse geen recht doet aan de huidige situatie, aangezien de bank haar strategie in 2020 heeft aangepast.

    Vraag & Antwoord

    Hoeveel hebben Nederlandse banken verdiend aan de financiering van ontbossing?
    Nederlandse financiële instellingen, met Rabobank en ABN Amro voorop, hebben sinds het Klimaatakkoord van Parijs ongeveer €1 miljard verdiend aan de financiering van bedrijven die betrokken zijn bij grootschalige ontbossing.

    Hoe verhoudt deze financiering zich op wereldniveau?
    Wereldwijd heeft de financiële sector in de afgelopen tien jaar $26 miljard verdiend aan leningen, investeringen en andere diensten voor bedrijven die betrokken zijn bij ontbossing. Amerikaanse financiële instellingen staan bovenaan met een inkomen van $5,4 miljard.

    Wat is de reactie van de betrokken banken op het onderzoek?
    Rabobank en ABN AMRO hebben gereageerd op het onderzoek. Rabobank weigert commentaar te geven over specifieke klantrelaties vanwege ‘vertrouwelijkheid’, terwijl ABN Amro beweert dat een langetermijnanalyse geen recht doet aan de huidige situatie. Ze gaven aan hun strategie in 2020 te hebben aangepast.

  • Rabobank Beschuldigd Van Financieren Dierenleed: Klacht Ingediend Bij Oeso

    Rabobank Beschuldigd Van Financieren Dierenleed: Klacht Ingediend Bij Oeso

    World Animal Protection, een organisatie voor dierenwelzijn, heeft bij het Nationaal Contactpunt van de OESO een klacht ingediend tegen Rabobank. De organisatie beschuldigt de bank van het bijdragen aan grootschalig dierenleed door haar miljardeninvesteringen in de vee-industrie en het tegelijkertijd afzwakken van haar eigen dierenwelzijnsbeleid.

    Klacht ingediend vlak voor Werelddierendag

    World Animal Protection heeft op 2 oktober, twee dagen voor Werelddierendag, de officiële klacht ingediend. Dit is de eerste keer dat een bank op deze manier wordt aangesproken op de financiering van dierenleed. Volgens de organisatie schendt Rabobank de OESO-richtlijnen voor verantwoord ondernemen, waar sinds 2023 ook uitdrukkelijke dierenwelzijnsregels onder vallen.

    Investeringen in vlees- en zuivelbedrijven

    Volgens berekeningen van onderzoeksbureau Profundo heeft Rabobank tussen 2016 en 2024 ongeveer €23,5 miljard geïnvesteerd in 52 van de grootste vlees- en zuivelbedrijven wereldwijd. Tot deze bedrijven behoren ook vleesgiganten als JBS en Tyson Foods, die volgens World Animal Protection bekendstaan om hun misstanden.

    Kritiek op Rabobank’s dierenwelzijnsbeleid

    De klacht richt zich niet alleen op de investeringen, maar ook op het beleid van Rabobank zelf. World Animal Protection beweert dat Rabobank begin 2025 haar dierenwelzijnsbeleid aanzienlijk heeft verzwakt, waarbij concrete doelen zoals het afbouwen van kooihuisvesting grotendeels zijn geschrapt.

    Rabobank’s reactie op de klacht

    In reactie op de klacht benadrukt Rabobank dat zij de klacht zorgvuldig zal onderzoeken en dat zij het reguliere overleg met World Animal Protection zal voortzetten.

    World Animal Protection hoopt met de klacht bemiddeling af te dwingen en eist dat Rabobank stopt met het financieren van bedrijven die dierenleed veroorzaken.

    Vraag & Antwoord

    Wie heeft de klacht tegen Rabobank ingediend?
    De organisatie voor dierenwelzijn, World Animal Protection, heeft de klacht ingediend.

    Wat is de kern van de klacht tegen Rabobank?
    De klacht stelt dat Rabobank de OESO-richtlijnen voor verantwoord ondernemen schendt door miljarden te investeren in de vee-industrie en tegelijkertijd haar eigen dierenwelzijnsbeleid te verzwakken.

    Hoe reageert Rabobank op de klacht?
    Rabobank heeft laten weten de inhoud van de klacht te zullen bestuderen en benadrukt dat het reguliere overleg met World Animal Protection doorgaat. Ze verdedigen hun dierenwelzijnsbeleid door te stellen dat het openbaar is en gebaseerd op internationale standaarden, waaronder de OESO-richtlijnen.

  • Nederlandse Crypto-sector Krijgt Herwaardering Na Implementatie Europese Micar-verordening

    Nederlandse Crypto-sector Krijgt Herwaardering Na Implementatie Europese Micar-verordening

    De positieve herbeoordeling komt omdat Nederland zijn wetgeving heeft aangepast aan de Europese MiCAR-verordening (Markets in Crypto-Assets). Een belangrijk tekort in het vorige rapport van 2022 was dat de Nederlandse definitie van cryptodienstverleners (Virtual Asset Service Providers, of VASPs) te smal was.

    Met de implementatie van MiCAR is de definitie uitgebreid, waardoor nu alle vijf door de FATF geïdentificeerde crypto-activiteiten onder de anti-witwaswetgeving (Wwft) vallen. De toezichthouders DNB en AFM hebben hierdoor een grotere controle over de sector.

    Internationale impact van de herwaardering

    Deze herwaardering is van cruciaal belang op internationaal niveau. De FATF benadrukt al lang het belang van een wereldwijd gelijk speelveld voor cryptoregulering om te voorkomen dat criminelen misbruik maken van juridische lacunes tussen verschillende landen. Een sterke beoordeling vermindert het risico dat de Nederlandse cryptosector internationaal als ‘hoog risico’ wordt gezien.

    Nog ruimte voor verbetering

    Ondanks de vooruitgang wijst de FATF nog op enkele tekortkomingen. Er is bijvoorbeeld nog geen specifiek toezichtregime voor cryptodienstverleners op de BES-eilanden (Bonaire, Sint Eustatius en Saba). Bovendien ligt de drempel voor klantonderzoek bij incidentele transacties van €15.000 aanzienlijk hoger dan de door de FATF vereiste €1.000.

    Verwacht wordt dat dit laatste punt in juli 2027 zal worden opgelost met de invoering van nieuwe Europese anti-witwasregels (AMLR). Nederland blijft in het reguliere opvolgtraject van de FATF en zal in de volgende evaluatieronde opnieuw worden beoordeeld. Nederland scoort nu 10 als ‘Nalevend’ en 29 als ‘Grotendeels Nalevend’ van de veertig aanbevelingen.

    Vraag & Antwoord

    Waarom heeft Nederland een betere beoordeling gekregen van de FATF?
    Nederland heeft zijn wetgeving aangepast aan de Europese MiCAR-verordening (Markets in Crypto-Assets), waardoor de definitie van cryptodienstverleners is uitgebreid.

    Wat is de internationale impact van deze herwaardering?
    Een sterke beoordeling vermindert het risico dat de Nederlandse cryptosector internationaal als ‘hoog risico’ wordt gezien.

    Welke verbeterpunten heeft de FATF nog geïdentificeerd voor Nederland?
    De FATF wijst op het gebrek aan een specifiek toezichtregime voor cryptodienstverleners op de BES-eilanden en de hoge drempel voor klantonderzoek bij incidentele transacties.

  • Oud-Burgemeester Van Rotterdam Aangeworven Door Ing Nederland Voor Adviesraad

    Oud-Burgemeester Van Rotterdam Aangeworven Door Ing Nederland Voor Adviesraad

    Ahmed Aboutaleb, vooral geprezen om zijn rol als burgemeester van Rotterdam van 2009 tot 2024, is recentelijk aangesteld in de Raad van Advies van ING Nederland. Voor zijn ambtstermijn als burgemeester heeft Aboutaleb ook als staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en als wethouder in Amsterdam gediend.

    Verheugde reacties op Aboutaleb’s aanstelling

    Peter Jacobs, een vooraanstaande functionaris bij ING, heeft zijn enthousiasme over de nieuwe aanwinst geuit. “Aboutaleb’s uitgebreide bestuurlijke ervaring en scherpe inzicht in sociale kwesties zullen ons ongetwijfeld voorzien van waardevolle inzichten en adviezen voor onze bedrijfsvoering”, aldus Jacobs.

    Aboutaleb zelf heeft aangegeven vereerd te zijn met het vertrouwen dat in hem is gesteld om bij te dragen aan het beleid van ING, dat naar zijn mening “gericht is op het herwinnen van het vertrouwen van de maatschappij in de financiële dienstverlening”.

    De rol van de Adviesraad

    De onafhankelijke Adviesraad speelt een cruciale rol in het ondersteunen van het bestuur van ING Nederland bij het maken van strategische beslissingen. Waar relevant voor de Nederlandse samenleving, geeft de raad ook advies aan de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen van ING Groep.

    De raad richt zich op onderwerpen met een grote maatschappelijke impact, zoals duurzaamheid en inclusieve dienstverlening. In de Adviesraad zitten naast Aboutaleb ook Louise van Deth (voorzitter), Arie van Deursen, Ruud van Dusschoten en Thessa Menssen.

    Vraag & Antwoord

    Wie heeft ING Nederland onlangs aangeworven voor hun Adviesraad?
    Ahmed Aboutaleb, de voormalige burgemeester van Rotterdam, is onlangs aangeworven voor de Adviesraad van ING Nederland.

    Wat is de functie van de Adviesraad bij ING Nederland?
    De Adviesraad ondersteunt het bestuur van ING Nederland bij het maken van strategische beslissingen en geeft, indien relevant, ook advies aan de Raad van Bestuur en de Raad van Commissarissen van ING Groep.

    Op welke maatschappelijke thema’s richt de Adviesraad zich?
    De Adviesraad richt zich op thema’s met een grote maatschappelijke impact, zoals duurzaamheid en inclusieve dienstverlening.

  • Meerderheid Van De Nederlanders Onbewust Van Risico’s Verbonden Aan Het Gebruik Van QR Codes

    Meerderheid Van De Nederlanders Onbewust Van Risico’s Verbonden Aan Het Gebruik Van QR Codes

    Uit recent onderzoek van Ipsos I&O, uitgevoerd in opdracht van ABN AMRO, blijkt dat maar liefst 72% van de Nederlanders onvoldoende kennis bezit om QR-codes veilig te gebruiken. Het onderzoek toont aan dat dit geen theoretisch risico is: een op de tien ondervraagden heeft al te maken gehad met een ongewenste situatie als gevolg van een frauduleuze code. Dit varieert van privacyschade (5%) tot directe financiële schade (4%).

    Explosieve toename van QR-codegebruik en fraude

    “De afgelopen jaren is het gebruik van QR-codes sterk toegenomen”, stelt Marco Hendriks, fraude-expert bij ABN AMRO. “Fraudeurs profiteren hiervan door QR-codes te verspreiden die naar valse betaalwebsites leiden. Omdat het niet altijd direct duidelijk is waar een link naartoe leidt, is het van groot belang alert te zijn bij het scannen van deze codes.”

    Bewustwording en controle als oplossing

    ABN AMRO benadrukt dat bewustwording en een eenvoudige controlemaatregel voor het klikken op de link essentieel zijn. Fraudeurs plaatsen namelijk frauduleuze codes op allerlei plaatsen, van parkeerautomaten tot valse brieven van overheidsinstanties. Waakzaamheid is dus op alle fronten vereist.

    Hendriks legt uit hoe je dit in de praktijk kunt aanpakken: “Controleer altijd of de URL overeenkomt met wat je verwacht. Een QR-code van de Belastingdienst moet bijvoorbeeld leiden naar belastingdienst.nl, en nergens anders naartoe. Twijfel je over een link? Gebruik dan de QR-codescanner in de checkjelinkje-app, aanbevolen door de politie, om te controleren of je veilig zit.”

    Vraag & Antwoord

    Hoeveel Nederlanders hebben onvoldoende kennis om QR-codes veilig te gebruiken?
    Volgens recent onderzoek van Ipsos I&O heeft 72% van de Nederlanders onvoldoende kennis om QR-codes veilig te gebruiken.

    Wat gebeurt er als je niet veilig omgaat met QR-codes?
    Uit het onderzoek blijkt dat één op de tien mensen een ongewenste situatie heeft meegemaakt door een frauduleuze code, variërend van privacyschade tot directe financiële schade.

    Wat is een effectieve manier om veiliger om te gaan met QR-codes?
    Bewustwording en een eenvoudige controlemaatregel voor het klikken zijn cruciaal. Controleer bijvoorbeeld altijd of de URL overeenkomt met wat je verwacht en gebruik een betrouwbare QR-codescanner.

  • De Groeiende Populariteit Van Goudbeleggingen In Nederland

    De Groeiende Populariteit Van Goudbeleggingen In Nederland

    In periodes van economische onzekerheid en schommelende aandelenmarkten wenden een toenemend aantal Nederlanders zich tot stabiele investeringen. Goud, een edelmetaal met een al eeuwenlange reputatie van waardevastheid, trekt bijzondere interesse. De aantrekkingskracht van goud als investeringsmiddel groeit, maar wat maakt deze traditionele beleggingsvorm zo aantrekkelijk voor hedendaagse beleggers? En hoe begin je met het samenstellen van een goudportfolio?

    De voordelen van investeren in goud

    Goud heeft zich over de eeuwen heen bewezen als een investering met een relatief stabiele waarde, zelfs wanneer andere investeringen afnemen. In tijden van financiële crises vinden beleggers vaak hun toevlucht in goud, wat de vraag en dus de prijs doet stijgen terwijl andere markten dalen.

    Een belangrijk voordeel van goud is de bescherming tegen inflatie. Terwijl de koopkracht van geld afneemt door inflatie, behoudt goud over het algemeen zijn waarde. Dit maakt investeren in goud een methode om vermogen te beschermen tegen de geldontwaarding die we de afgelopen jaren hebben gezien.

    Bovendien biedt goud uitstekende mogelijkheden voor diversificatie van je investeringsportfolio. Door verschillende soorten beleggingen te combineren, spreid je de risico’s. Goud beweegt vaak tegenovergesteld aan aandelen en obligaties, wat het een stabiliserende factor kan maken in je totale investeringsstrategie.

    Diverse manieren om te investeren in goud

    Er zijn verschillende manieren om in goud te investeren, elk met hun eigen voordelen en nadelen. Je kunt kiezen voor goudfondsen, goudmijnaandelen, goud-ETF’s (exchange-traded funds) of fysiek goud in de vorm van baren of munten.

    De charme van fysiek goud

    Veel beleggers hebben een voorkeur voor fysiek goud omdat ze het daadwerkelijk kunnen aanraken en bezitten. In tegenstelling tot papieren investeringen in goud, ben je bij fysiek goud niet afhankelijk van financiële instellingen. Als je goud wilt kopen, kun je kiezen uit goudstaven van verschillende gewichten, van 1 gram tot meerdere kilo’s. Voor beginnende investeerders zijn kleinere staven vaak toegankelijker vanwege de lagere aankoopprijs.

    Vraag & Antwoord

    Waarom is goud een aantrekkelijke investering?
    Goud is een aantrekkelijke investering vanwege zijn bewezen stabiliteit, bescherming tegen inflatie en mogelijkheid tot diversificatie van een beleggingsportfolio.

    Wat zijn enkele manieren om in goud te investeren?
    Je kunt in goud investeren door middel van goudfondsen, goudmijnaandelen, goud-ETF’s, of door fysiek goud te kopen in de vorm van baren of munten.

    Wat is het voordeel van het investeren in fysiek goud?
    Het voordeel van het investeren in fysiek goud is dat je daadwerkelijk iets tastbaars bezit en niet afhankelijk bent van financiële instellingen. Bovendien kan je goud in verschillende gewichten kopen, wat het toegankelijk maakt voor investeerders met verschillende budgetten.

  • Vrouwen Domineren Topposities In Nederlands Financieel Bedrijfsleven

    Vrouwen Domineren Topposities In Nederlands Financieel Bedrijfsleven

    Steeds meer invloedrijke vrouwen in de top van het Nederlandse bedrijfsleven

    Het Nederlandse bedrijfsleven ziet een toenemend aantal invloedrijke vrouwen in leidinggevende posities, waarbij de financiële sector een aanzienlijk aandeel heeft. Janine Vos, Chief Human Resources Officer bij Rabobank, heeft een gevestigde plek verworven in de Top-100 Corporate Vrouwen 2025 van Management Scope, die de meest invloedrijke vrouwen in het bedrijfsleven erkent.

    Hoe de Top-100 Corporate Vrouwen lijst wordt samengesteld

    Management Scope stelt jaarlijks een lijst samen van de meest invloedrijke vrouwelijke bestuurders en commissarissen in Nederland. De rangschikking op deze lijst is voornamelijk gebaseerd op de omzet en het totale balans van het bedrijf waar de betreffende vrouw een bestuurs- of toezichtsfunctie vervult.

    De invloedrijke rol van Janine Vos bij Rabobank

    Janine Vos’ negende plaats op deze lijst weerspiegelt haar aanzienlijke invloed als CHRO en lid van de groepsdirectie van Rabobank. Ze is eindverantwoordelijk voor het HR-beleid van tienduizenden werknemers wereldwijd en speelt een cruciale rol bij strategische thema’s zoals leiderschap, bedrijfscultuur, talentontwikkeling en de transformatie van de bank. Vos was onlangs een van de sprekers op het Leaders in Finance HR Event.

    Vrouwen in de financiële sector domineren de lijst

    Vos is niet de enige vrouw uit de financiële sector in deze prestigieuze lijst. Miriam van Dongen, commissaris bij onder andere Rabobank en Achmea, voert dit jaar de lijst aan. Andere invloedrijke vrouwen zoals Herna Verhagen (Commissaris ING), Sarah Russell (Commissaris ABN) en Karin Bergstein (Commissaris Van Lanschot Kempen) hebben ook hoge posities op de ranglijst weten te bemachtigen.

    Vraag & Antwoord:

    Wie is Janine Vos bij Rabobank?
    Janine Vos is de Chief Human Resources Officer bij Rabobank en zit in de groepsdirectie van de bank.

    Hoe wordt de Top-100 Corporate Vrouwen lijst samengesteld?
    De Top-100 Corporate Vrouwen lijst wordt samengesteld op basis van de omzet en het totale balans van het bedrijf waar de betreffende vrouw een bestuurs- of toezichtsfunctie vervult.

    Wie voert de Top-100 Corporate Vrouwen 2025 lijst aan?
    De Top-100 Corporate Vrouwen 2025 lijst wordt dit jaar aangevoerd door Miriam van Dongen, die commissaris is bij verschillende bedrijven, waaronder Rabobank en Achmea.

  • Nederland Daalt Naar Tiende Plaats Voor Aantrekkelijkheid Buitenlandse Investeringen Volgens EY Rapport

    Nederland Daalt Naar Tiende Plaats Voor Aantrekkelijkheid Buitenlandse Investeringen Volgens EY Rapport

    Daling van Nederland op de Europese ranglijst voor buitenlandse investeringen

    Nederland is recentelijk verder gedaald op de Europese ranglijst van meest aantrekkelijke landen voor directe buitenlandse investeringen. Volgens de jaarlijkse Attractiveness Survey van EY, waar Nederland tot en met 2017 steevast in de top vijf stond, is het land nu gedaald naar de tiende plaats.

    Het onderzoek registreerde dit jaar slechts 147 nieuwe investeringsprojecten in Nederland, een daling van tien projecten (-6%) vergeleken met vorig jaar. Dit is een scherpe daling in vergelijking met het recordjaar 2016, waarin er 409 projecten werden geregistreerd.

    Factoren die bijdragen aan de afname van het Nederlandse investeringsklimaat

    Er zijn verschillende factoren die hebben bijgedragen aan de afname van het investeringsklimaat in Nederland. Patrick Boertien, partner bij EY-Parthenon, wijst op factoren zoals een aanhoudend lage economische groei, hoge energieprijzen, geopolitieke spanningen en inconsistentie in regelgeving en belastingbeleid.

    Er zijn ook structurele uitdagingen, zoals stikstofbeperkingen, woningtekorten, netwerkcongestie en een krappe arbeidsmarkt die de groei belemmeren. Volgens Boertien is er een dringende noodzaak voor Nederland om zijn aantrekkingskracht als bestemming voor buitenlandse investeringen te heroverwegen en te versterken.

    Leiders in het aantrekken van buitenlandse investeringen

    Ondanks een terugloop in het aantal investeringen blijven landen als Frankrijk, Groot-Brittannië en Duitsland de leiders in het aantrekken van directe buitenlandse investeringen. Deze drie landen zijn samen goed voor bijna de helft (46%) van alle directe buitenlandse investeringen.

    Er werden vorig jaar in totaal 5.383 investeringen gedaan in alle Europese landen, wat leidde tot de creatie van 269.740 nieuwe banen. Dit is een daling van 5% in het aantal projecten vergeleken met het jaar daarvoor en het laagste aantal sinds 2015.

    Toename van buitenlandse investeringen in andere Europese landen

    Opmerkelijk genoeg hebben verschillende Centraal-, Oost- en Zuid-Europese landen wel een stijging gezien in directe buitenlandse investeringen. Spanje is nu de vierde grootste ontvanger van directe buitenlandse investeringen, met een stijging van 15% ten opzichte van het jaar ervoor.

    Vereiste maatregelen voor Nederland

    De onderzoekers van EY maken zich ernstig zorgen over de concurrentiepositie van Nederland. Volgens hen roept het rapport op tot reflectie over wat voor land we willen zijn en welke maatregelen nodig zijn om duurzaam concurrerend te blijven.

    Boertien stelt dat het cruciaal is om de civiele en digitale infrastructuur te verbeteren en te investeren in strategische industrieën. Hierbij speelt de samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen – de zogenaamde ’triple helix’ – een sleutelrol.

    Vraag & Antwoord:

    Waar staat Nederland op de Europese ranglijst voor aantrekkelijkheid voor buitenlandse investeringen?
    Antwoord: Volgens de jaarlijkse Attractiveness Survey van EY is Nederland gedaald naar de tiende plaats.

    Welke factoren hebben bijgedragen aan de daling van Nederland op deze ranglijst?
    Antwoord: Factoren zoals aanhoudend lage economische groei, hoge energieprijzen, geopolitieke spanningen, inconsistentie in regelgeving en belastingbeleid en structurele uitdagingen zoals stikstofbeperkingen, woningtekorten, netwerkcongestie en een krappe arbeidsmarkt hebben bijgedragen aan de afname van het investeringsklimaat in Nederland.

    Wat zijn de mogelijke oplossingen om de concurrentiepositie van Nederland te verbeteren?
    Antwoord: Verbetering van de civiele en digitale infrastructuur, investeren in strategische industrieën, samenwerking tussen overheid, bedrijfsleven en kennisinstellingen, en de oprichting van een nationale investeringsbank zijn enkele van de voorgestelde oplossingen om de concurrentiepositie van Nederland te verbeteren.

  • Thuiswerken Verandert Woonbehoeften: ING Woonbericht Belicht Nieuwe Trends

    Thuiswerken Verandert Woonbehoeften: ING Woonbericht Belicht Nieuwe Trends

    Thuiswerkveranderingen beïnvloeden woonbehoeften

    In de afgelopen vijf jaar zijn de woonbehoeften van Nederlanders significant veranderd, volgens het recentste ING Woonbericht. Het driemaandelijkse onderzoek belicht hoe factoren zoals thuiswerken, de verschuiving in prioriteiten en economische onzekerheid hebben bijgedragen aan de veranderingen in vertrouwen in de woningmarkt en de woonvoorkeuren.

    Met de komst van de coronapandemie is thuiswerken voor veel mensen de standaard geworden. Dit heeft geleid tot een toename van het wooncomfort: 73% van de Nederlanders waardeert hun wooncomfort nu meer en 63% waardeert hun eigen woning meer in vergelijking met vijf jaar geleden. Een kwart van de respondenten ziet hun huis nu meer als werkplek dan als woonplek.

    De trend van meer thuiswerken reflecteert direct in het gedrag van de bewoners. Bijna de helft van de mensen die meer thuiswerken heeft veranderingen aangebracht om hun wooncomfort en/of hun thuiswerkplek te verbeteren.

    Verhuiswensen in het licht van thuiswerken

    Er is een toenemende behoefte aan ruimte, rust en natuur. Met de toenemende populariteit van thuiswerken, is de noodzaak om dichtbij de werkplek te wonen verminderd. 47% van de deelnemers zou graag willen verhuizen naar een rustigere omgeving, hoewel de meesten liever in hun eigen provincie blijven.

    Familie en vrienden blijven een belangrijke factor om niet te ver weg te verhuizen. Slechts 36% zou buiten hun eigen provincie overwegen te zoeken. De beschikbaarheid van een goede thuiswerkmogelijkheid speelt hierbij soms een belangrijke rol: voor 10% van de respondenten is een goede thuiswerkmogelijkheid een van de belangrijkste redenen om te verhuizen.

    Starters positief ondanks woningmarktuitdagingen

    Ondanks uitdagingen op de woningmarkt zoals stijgende prijzen en een tekort aan woningen, zijn starters dit kwartaal iets optimistischer over het aantal verkochte woningen dan in het eerste kwartaal van het jaar.

    De Nederlandse woningmarkt blijft stabiel ondanks de onzekerheden, maar de manier waarop Nederlanders hun huis ervaren en gebruiken, is blijvend veranderd. Comfort, een thuisgevoel en flexibiliteit zijn nu belangrijker, en de woning is meer dan ooit zowel een leef- als werkruimte.

    “De afgelopen vijf jaar hebben we aanzienlijke vooruitgang geboekt in thuiswerken”, zegt Flikweert. “Dit maakt het eigen huis nog belangrijker omdat je er meer tijd, maar ook op een andere manier, doorbrengt. Hierdoor hebben mensen andere eisen aan hun woning.”

    Vraag & Antwoord

    Wat is de invloed van thuiswerken op de woonvoorkeuren van Nederlanders?
    De trend van meer thuiswerken heeft het gedrag van bewoners veranderd. Mensen waarderen hun wooncomfort en hun eigen woning meer dan vijf jaar geleden. Bovendien zien ze hun huis nu vaker als werkplek dan als woonplek.

    Wat zijn de huidige verhuiswensen van Nederlanders in het licht van thuiswerken?
    Er is een groeiende behoefte aan ruimte, rust en natuur. Mensen willen graag verhuizen naar een rustigere omgeving, maar ze blijven het liefst in hun eigen provincie. Een goede thuiswerkmogelijkheid is een belangrijke factor bij het overwegen van een verhuizing.

    Hoe ervaren starters de huidige woningmarkt?
    Ondanks de uitdagingen op de woningmarkt, zoals stijgende prijzen en een tekort aan woningen, zijn starters dit kwartaal iets optimistischer over het aantal verkochte woningen dan in het eerste kwartaal van het jaar.