ASN Bank heeft in de eerste helft van 2026 een nettowinst van €174 miljoen weten te realiseren. Dit is een stijging van 26% ten opzichte van het jaar ervoor. De bank heeft in maart de fusie van haar vier retailmerken afgerond en heeft daarbij ook 60% van de geplande reductie van 1.600 arbeidsplaatsen weten te realiseren.
Met de integratie van BLG Wonen op 1 maart is de vierde merknaam van de bank verdwenen en opereert de bank nu onder één retailmerk. De ingrijpende reorganisatie, die eind 2024 begon, werpt nu zijn vruchten af. Van de geplande reductie van 1.600 arbeidsplaatsen is zo’n 60% gerealiseerd, wat zich vertaalt naar €41 miljoen aan bespaarde personeelskosten in het eerste halfjaar.
De winststijging van 26% verdient enige nuancering. In het resultaat is €11 miljoen aan incidentele posten opgenomen, voornamelijk een gedeeltelijke vrijval van de voorziening voor het herstelprogramma op het gebied van anti-financial crime. Wanneer we dit corrigeren, komt de nettowinst uit op €163 miljoen, een stijging van 9%.
Het rendement op eigen vermogen bedraagt 8,1%, en gecorrigeerd voor deze posten 7,5%. De netto rentebaten verbeterden met 5%, wat de bank toeschrijft aan de groei van de portefeuilles hypotheken en particulier spaargeld.
Deze groei was zichtbaar aan beide kanten van de balans. De hypotheekportefeuille groeide met €2,9 miljard tot €59,3 miljard, en het marktaandeel in nieuwe hypotheekproductie steeg van 6,7% naar 8,1%. Het particulier spaargeld nam met €1,9 miljard toe tot €49,2 miljard, mede door campagnes om nieuwe spaarklanten binnen te halen.
Tegenover deze groei stonden aanzienlijk lagere kosten. “De resultaten van de transformatie worden inmiddels zichtbaar in onze operationele lasten”, zegt CEO Roland Boekhout over de ‘Versimpel en Groei’-strategie die de bank in november lanceerde. “Gecorrigeerd voor incidentele posten daalden deze met 6%, mede dankzij 15% lagere personeelskosten.”
Ondanks deze transformaties bleef de kapitaalpositie van de bank ruim. De Tier-1-kernkapitaalratio zakte licht tot 19,7% door de groei van de kredietportefeuille; de leverage ratio bleef stabiel op 5,1%.
Boekhout is duidelijk over het uiteindelijke doel van deze transformatie: een bank die klaar is om naar de markt te gaan. “Onze lopende transformatie is noodzakelijk, ongeacht de toekomstige eigendomsstructuur”, stelt hij. “Tegelijkertijd verbeteren onze vooruitzichten op privatisering met elke stap die we zetten om een meer kostenefficiënte bank te worden met een onderscheidend maatschappelijk profiel.”

Een reactie achterlaten