De Amerikaanse wetgevers hebben besloten de productie van de cent te stoppen vanwege de inflatie, die ook de Federal Reserve aanzet tot een verwachte renteverhoging van de federale fondsen tot 3,75 à 4,00 procent.
Het Amerikaanse Huis van Afgevaardigden stemde maandag unaniem in met het definitief stopzetten van de productie van de penny, een maatregel die ingegeven wordt door de aanhoudende inflatie. Deze beslissing komt op een moment dat de Federal Reserve zich voorbereidt op een verwachte renteverhoging van een kwart procentpunt. Economen verwachten dat de federale fondsenrente zal stijgen naar een bandbreedte van 3,75 tot 4,00 procent, na een eerder besluit van de Europese Centrale Bank om haar rentetarieven op 10 september te verhogen.
De productie van de penny kostte recentelijk 3,69 cent per munt, wat de stopzetting economisch noodzakelijk maakte. De laatste munten voor algemene circulatie werden al op 12 november 2025 geslagen. Het Huis pakte met de ‘Common Cents Act’ (H.R. 10167) een probleem aan dat al langer speelde, al was de Senaat hen met een eigen wetsvoorstel (S. 1525) al voor geweest. De maatregel, die de overgebleven 300 miljard penny’s wel als wettig betaalmiddel behoudt, bespaart ongeveer 56 miljoen euro per jaar. Dit bedrag verbleekt echter bij het Amerikaanse begrotingstekort, dat in de eerste elf maanden van het fiscale jaar 2026 uitkwam op een duizelingwekkende 1,97 biljoen dollar (ongeveer 1,81 biljoen euro).
Inflatie en Rentestijgingen
De inflatie, die de penny de das omdeed, is ook de drijvende kracht achter de verwachte rentestijgingen door de Federal Reserve. De consumentenprijsindex (CPI) steeg in augustus met 3,4 procent op jaarbasis. De maandelijkse stijging was zelfs vier keer zo hoog als in juli. Fed-voorzitter Kevin Warsh heeft al aangegeven dat de centrale bank zal ingrijpen tenzij de data een andere koers rechtvaardigen.
De Fed handelt hiermee tegen de historische trend in, die voorschrijft dat rentebewegingen meestal vermeden worden in de weken voor tussentijdse verkiezingen. Toch wordt een verhoging als noodzakelijk gezien om de geloofwaardigheid van de centrale bank te bewaren. De inflatiedruk komt volgens sommige analisten niet alleen door algemene economische factoren, maar wordt ook verergerd door geopolitieke spanningen, zoals de onrust in de Straat van Hormuz en de aanval op de Oost-West pijpleiding van Saoedi-Arabië, die de olieprijzen opdrijven. Brentolie opende maandag op 107,51 dollar per vat, en de dieselprijs bereikte een record van 6 dollar per gallon (ongeveer 5,50 euro per 3,78 liter).
Toekomst van Kleine Munten
Het Huis van Afgevaardigden heeft met de ‘Common Cents Act’ niet alleen de penny aangepakt, maar ook een procedure vastgelegd voor het eventueel uit circulatie nemen van toekomstige munten. De wet voorziet in een kennisgeving van 60 dagen aan de bankcommissies en de uitwerking van een afbouwplan. Dit suggereert dat de beslissing over de penny een voorbode kan zijn voor andere, kleine denominaties.
Dezelfde wet autoriseert de Mint om de nikkel (vijf cent) uit goedkoper materiaal te produceren, met een kern van zink om de kosten te drukken. Het is duidelijk dat de Amerikaanse overheid de structurele problemen van muntproductie door inflatie nu proactief wil aanpakken, in plaats van achter de feiten aan te lopen. Of dit de bredere inflatieproblemen zal oplossen, blijft een open vraag.

Een reactie achterlaten